Samenvatting Class notes - Leeftsijl en Gezondheid

Vak
- Leeftsijl en Gezondheid
- 2020 - 2021
121 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Class notes - Leeftsijl en Gezondheid

  • 1606086000 Verslaving

    • Experimenteren met middelen en risicogedrag wordt vooral bepaald door omgevingsfactoren
    • Afhankelijkheid wordt bepaald door genetische factoren
  • Vormen van preventie
    • Universele preventie: richt zich op alle jongeren of alle puders ter voorkoming van elk gebruik
    • Selectieve preventie: rich zich op niet-gebruikende jongeren of gezinnen met een vergroot risico of drugsverslaving en andere gedragsstoornissen
    • Geindiceerde preventie: richt zich op het voorkomen van probleemgebruik bij jongeren die al gebruiken of al te veel gebruiken
    • Meest effectief: beleid dat zich richt op de prijs en de verkrijgbaarheid van alcohol
    • Klein effect: massamediale campagnes 
    • Uitstel van middelengebruik: schoolprogramma's 
  • Wat valt er onder selectieve preventie?
    Interventies die gericht zijn op:
    • Kinderen van verslaade ouders (KVO)
    • Kinderen van ouders met psychiatrische problemen (KOPP)
    • Begeleiding van spijbelaars
    • Vroegtijdige behandeling van kinderen met psychiatrische problemen 
    • Het voorkomen van experimenteren kan zich het best richtten op ouders en andere factoren in de omgeving
    • Het voorkomen van verslaving zou zich vooral moeten richten op kwetsbare kinderen met probleemgedrag
    • Er kan het best worden gekozen voor selectieve en geindiceerde preventie
  • AHOJGI-criteria verkoop softdrugs
    • Geen reclame (A)
    • Geen harddrugs (H)
    • Geen overlast (O)
    • Geen verkoop aan jongeren (J)
    • Geen verkoop van grotere hoeveelheden dan voor eigen gebruik (G)
    • Geen verkoop aan buitenlanders (I)
  • Welke behandelingen zijn het meest effectief bij jongeren met een verslaving?
    • Cognitieve gedragstherapie
    • Gezinstherapie
    • Adolescent Community Reinforcement Approach (A-CRA)
  • 1606258800 Bovenste extemiteiten

  • In welke vier gebieden zijn de bovenste extremiteiten in op te delen?
    • Schouder (schoudergordel en bijbehorende spieren)
    • Brachium (bovenarm)
    • Antebrachium (onderarm)
    • Manus (hand)
  • Wat zijn de functies van de clavicula?
    • Bescherming van de achtergelegen neurovasculaire structuren
    • In positie houden van de extremiteit en de scapula
    • Energie geleiding naar de romp bij een trauma
  • Scapula
  • Bovenste extremiteit:
    • Distale deel ulna: caput ulnae en processus styloideus ulnae 
    • Proximale raddii: caput radii 
  • Botstructuren in de hand
    -
  • Welke spieren omvatten de fascia?
    • Fascia pectoralis: m.pectoralis major
    • Fascia clavi-pectoralis: m.subclavius en de m.pectoralis minor
    • Fascia deltoidea: schouderspieren
    • Fascia brachii: bovenarm spieren 
  • Veneuze drainage
    • De grootste oppervlakkig venen van de arm, de v.cephalica en de v.basilica, beginnen in de dorsale veneuze plexus van de hand. 
    • Perforerende venen maken verbinding met het diepe systeem.
      - Het diepe veneuze systeem ligt onder de fascie
    • De venen vormen veel anastomosen met elkaar
  • Lymfatische drainage
    • De oppervlakkige lymfevaten komen vanaf de lymfe plexus
    • De oppervlakkige lymfevaen die parallel aan de v.basicilca (pink) lopen, monden uit in de lymfeklieren van de elleboog
      • Hiervandaan lopen lymfevaten naar de laterale, axillaire lymfeklieren
    • De lymfevaten die met de v.cephalica (duim) meegaan, monden meestal uit in de apicale, axiullaire lymfevaten en soms in de deltopectorale lymfeklieren. 
    • Het diepe lymfatische systeem mond uit in de laterale, axillaire lymfeklieren 
    • Er zijn meer oppervlakkige dan diepe lymfevaten 
  • 1606431600 Kwaliteit van zorg

  • Inspectie voor Gezondheiszorg en Jeugdzorg (IGJ) houdt het toezicht over de kwaliteit van de zorg. 
    • Door de combinatie van regelgeveing en eigen verantwoordelijkheid van de bereospbeoefenaren zorgen zijn dat kwaliteit van zorg kan worden onderhouden en gegarandeerd. 
  • Patienten hebben vanuit de Nederlandse Grondwet het recht op gezondheidszorg en op een goede kwaliteit van zorg.
    • Hiervoor is de overheid verantwoordeljk
    • wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (WKKGZ): iedere beroepsbeoefenaar moet een goede hulpverlener zijn, waarbij hij of zij rekening houdt met de voor hem of haar geldende professionele standaard (state of the art) 
  • Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG): zorgt dat beroepsbeoefenaren toegang hebben tot hun werkveld
    • artikel-3-beroepen: streng wettelijk regime (medische tuchtrecht)
    • Artikel-34-beroepen: minder strenge eisen
    • Voorbehouden handelingen: mogen alleen door bepaalde groepen zorgverleners gedaan worden
      - alleen arts (en niet bv verpleegkundigen of orthodontisten) mogen iv uitvoere 
  • Artikel-3-beropen
    • Wettelijke titelbescherming: dit houdt in dat beroepsbeoefenaars uit de artikel-3-beroepen na afronding van hun opleiding geregistreerd moeten worden in het landelijke BIG-register.
      • Arts, tandarts, apotheker, gezondheidspsycholoog, psychotherapeut, fysiotherapeut, verloskundige en verpleegkundige
      • Alleen wanneer een beroepsbeofenaar in het BIG-register is opgenomen, mag deze daadwerkelijk de titel dragen die bij zijn beroep hoort
    • Geldt ook voor specialistentitels 
    • De beroepen vallen onder het medisch tuchtrecht van de Wet BIG
    • Beroepsbeofenaars moeten zich om de zoveel tijd herregisteren
      • Hierbij moet voldaan worden aan kwaliteitscriteria (aantal werkzame uren en bij- en nascholing)
      • Specialisten moeten zich ieder 5 jaar opnieuw registeren
  • Artikel-34-beroepen
    • Artikel-34-beroepen hebben minder grote risico's bij handelen en omgaan met patienten
      • ergotherapeut, logopedist, optometrist, verzorgende en radiodiagnostisch laborant 
    • Regels omtrent het BIG-register en het medisch tuchtrecht gelden niet voor deze groep: zijn worden niet opgenomen in het BIG-register
  • Voorbehoudende handelingen
    • 14 handelingen
      • operaties, endoscopieen, katherisaties, injecties, puncties, onder narcose brengen en voorschrijven van geneesmiddelen die slechts per recept te verkrijgen zijn
      • Ook risicovolle handelingen (laserbehandelingen) worden steeds meer toegevoed
    • Beroepsbeoefenaar met wettelijk bevoegd als bekwaam zijn
    • Het is wel toegstaan voor een bevoegde beroepsbeoefenaar om toestemming te geven aan een onbevoegde beroepsbeoefenaar om een voorbehoudende handeling uit te voeren
      • Toezicht en tussenkomst (geldt niet voor alle situaties, bv bij functionele zelfstadigheid)
  • Alternatieve geneeskunde
    • Was eerst gedoogd
    • Sinds wijziging in het uitgangspunt dat 'iedereen gezondheidszorg mag beofenen' is het een legale praktijk
    • Er zijn wel 3 grenzen/regels:
      • Ze hebben geen wettelijk beschermde titels
      • Mogen geen voorbehoudende handelingen uitvoeren
      • Mogen geen (kans op) schade veroorzaken
  • Eisen goede zorg
    • Veilig
    • Doeltreffend
    • Doelmatig
    • Patientgericht 
    • Tijdig zorg
    • Voldaan aan reele behoeften van de patient


    Zorgethische uitgangspunten: veilig, doeltreffend, doelmatig, patientgericht
    Zorgethische deugden: tijdig zorg, voldoen aan reele behoeften patient
    • Verenigingen: maken richtlijnen over medisch-inhoudelijke onderwerpen
    • KNMG: richt zich op richtlijnen van maatschappelijk-ethische aard (social media)
      • worden opgesteld dmv deliberatie: gestructureerde gesprekken met de beroepsgroep(en) waarin essenties voor richtlijnen naar voren komen
  • De WKKGZ stelt het hebben van een monitorende kwaliteitssysteem verplicht, maar stelt niet vast wat voor systeem het moet zijn.
  • Kwaliteitsvisitaties
    • Kwaliteitsvisitaties: kwaliteitssysteem ontwikkeld door wetenschappelijke verenigingen voor medische beroepsgroepen
      • Elke 5 jaar gaat een vakgroep of maatschap op systematische wijze de kwaliteit van de zorg langs in een instelling
      • Bij ernstige dingen kan de vereniging naar IGJ stappen
      • Deelname aan kwaliteitsvisitatie is ook onderdeel van de herregistratie van specialisten
      • Sinds 2016 geldt het ook voor huisartse
  • Individueel functioneren medische specialisten (IFMS)
    Eens in het jaar of eens in de 2 jaar wordt een functioneringsgesprek gevoerd met iedere individuele specialist.
    • Dit gesprek vindt plaats volgens het peer-to-peer gesprek, met een daartoe opgeleide collega
  • Complicatieregistratie
    Betreft het registreren en analyseren van complicaties die zijn opgetreden bij medische ingrepen.
    • Soms door vereniging soms door zorginstelling 
  • Artsen en andere zorgverleners zijn niet wettelijk verplicht incidenten te melden, maar het niet melden van incidenten leidt tot tuchtrechtelijke aansprakelijkheid.
    • De meldingen mogen niet worden gebruikt in een juridische procedure tegen de melder, tenzij er sprake is van een zeer ernstig strafbaar feit (veilig melden) 
  • Moreel beraad
    Hierin wordt systematisch en stapsgewijs toegewerkt naar het uitgangspunt, verkenning ven relevante waarden en normen in de casus. 
    • Regelmatige moreel beraad leidt tot een grotere overlegbereidheid en nuancering van het personeel; verlaging drempels tussen de verschillende disciplines; makkelijker aanspreken van collega's 
  • De Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) houdt toezicht over de kwaliteit van zorg.
    • Meldingen worden gedaan via het Landelijk Meldpunt Zorg (LMZ) 
    • Calamiteiten, situaties van geweld in de zorgrelatie en het ontslag wegens difunctioneren zijn zaken die door een zorgverlener moeten worden gemeld aan de IGJ
    • Als een zorgaanbieder niet (voldoende) zijn beleid aanpast, mag de IGJ ook zonder toestemming de patientendossiers inzien
  • Wat gebeurt er als de IGJ er niet in slaagt op de zorgaanbieder tot aanpassing van zijn kwaliteitsbeleid te brengen?
    1. Verscherpt toezicht: binnen een bepaalde periode wordt de zorgaanbieder extra gecontroleerd en wordt de zorgaanbieder op de website van de IGJ vermeld (incl gebreken en eisen)
      - Naming and schaming
    2. Bevel: sluiting van het ziekenhuis of instelling 
    3. Dwangmaatregel bij langdurige maatregelen 


    * Bij een solopraktijk kan de IGJ ook een tuchtklacht indienen
  • War kan de IGJ doen bij het disfunctioneren van een beroepsbeoefenaar?
    • Het geven van een beval
    • (via de minister) een aanwijzing aan de instelling met de opdracht het probleem met deze beroepsbeoefenaar te verhelpen
    • Indienen van een tuchtklacht
    • Combinatie van interventies 
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is de meest geschikte behandeling voor een graad 2 acuut lateraal enkelletsel?
Functionele behandeling

Er zijn geen verschillen in behandeluitkomst tussen conservatieve behandeling en een chirurgische ingreep, maar chirurgie leidt wel tot langdurige afwezigheid van werk/sport en een toename in direct en indirecte ksten. Daarom wordt de conservatieve behandeling internationaal gezien als de standaard beschouwd. Functionele behandeling met vroege mobilisatie is te verkiezen boven immobilisatie.
Welke diagnostische methodiek kan het beste gebruikt worden om de ernst en prognose van een acuut lateraal enkelletsel te bepalen?
Ankle function score

De betrouwbaarheid en validiteit van manuele stress testen zoals de talar tilt en schuifladetest, is pas acceptabel 4-7 dagen nadat het enkelletsel is opgelopen. De Ankle function score is een betere methode om, binnen 5 dagen na het oplopen van het letsek, minder ernstige (graad 1) van ernstigere (graad 2 en 3) te onderscheiden.
Welk ligament is meestal aangedaan bij een acuut lateraal enkelletsel?
Ligamentum talofibulare anterius

Omdat bij verzwikking de enkelbanden van voor naar achteren (van anterior naar posterior) beschadigen zal het ligamentum talofibulare anterius als eerste beschadigd raken.
Welke gradatie van acuut lateraal enkelletsel komt het meeste voor?
Graad 2

  • Graad I: Gedeeltelijke ruptuur van ligamentum talofibulare anterius en/of ligamentum calcaneofibulare
  • Graad II: Ruptuur van ligamentum talofibulare anterieus met ligamentum calcaneofibulare intact
  • Graad III: ruptuur van ligamentum talofibulare anterius en het ligamentum calcaneofibulare
      
Hoe groot is de geschatte prevalentie van een enkelfractuur na een inversie trauma?
10-25%
Welke diagnose is het meest aannemelijk bij een positief testresultaat op de Ottawa ankle rules?
Fractuur van de enkel

De Ottawa ankle rules is een betrouwbare en valide diagnostische methode om een fractuur aan de enkel en middenvoetsbeentjes uit te sluiten. Als de test wordt uitgevoerd binnen 48 uur nadat het letsel is opgetreden, dan is de sensitiviteit bijna 100%. Als de uitkomst van de test positief is dan is het raadzaam om een foto van de enkel te maken.
Palpatie enkel/voet
  • Benige delen en ligamenten
    • tendo calcaneus (achilles pees)
    • malleolus lateralis
    • tuberositas metatarsalis V
    • malleolus medialis
    • tuberositas os naviculare
    • ligamentum deltoideum
    • ligamenten laterale
  • Pijnlijke delen (Ottowa Ankle Rules)
  • Fibulakopje
  • Achillespees
Welke weerstandtesten doe je bij de voet/enkel?
  • Dorsoflexie, plantairflexie
  • Eversie, inversie
Welke bewegingen voor je uit bij actief en passief bewegingsonderzoek?
  • Bovenste spronggewricht:
    • dorsoflexie: voet heffen richting het hoofd (20)
    • Plantairflexie: voet naar beneden (50)
  • MTP-I gewricht:
    • flexie van de tenen 45
    • extensie van de tenen
  • Alleen passief:
    • Eversie: voetzool naar buiten draaien 20
    • Inversie: voetzool naar binnen draaien 40
Waar let je op bij de inspectie van de voet/enkel?
  • Zwelling
  • Hematoom
  • Stand (varus- of valgusstand calcaneus, inversie-/eversiestand voet, maar ook bijvoorbeeld stand van middenvoet en voorvoet; holvoet/platvoet, vergroeiingen, hamertenen)