Samenvatting Class notes - Module 5 Thema 5: Hart- en bloedvaten

Vak
- Module 5 Thema 5: Hart- en bloedvaten
- 2021 - 2022
- Hogeschool Utrecht (Hogeschool Utrecht, Utrecht)
- Physician Assistant
223 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Class notes - Module 5 Thema 5: Hart- en bloedvaten

  • 1614121200 RC 5.1 Bloedtransfusies

  • Thoraxwand - spieren
    De eerste spieren die we tegenkomen zijn
    de m. intercostalis externa.

    Een laagje dieper: m. intercostalis interna

    een laagje dieper: m. intercostalis intimus.
    De ribben aan de onderkant hebben een soort van ‘groeve’  (latijn = sulci) → daarin loopt de neurovasculaire bundels.

    de 4e spier is de m. transversus thoracis
    hij loopt over de ribben heen, kun je alleen zien vanaf de binnenkant.
  • thoraxwand - vasculatrisatie/innervatie
    Door de neurovasculaire bundel onder de ribben.
    A.V.N. intercostales (arterie, vene, neuro)
    A. thoracica interna = a. mammaria interna (LIMA/RIMA)
    Het vat dat parallel loopt aan de ribben is de LIMA of de RIMA.
    Deze vaten wordt vaak gebruikt voor een bypass operatie.

    Puncties altijd bóven de rib zetten vanwege die bundel die ónder de rib liggen.
  • Cavitas thoracica - 3 compartimenten
    Ze zijn van elkaar afgesloten door dit sereus vlies.
    Rechts en links is een ruimte met:
    • pleuraholtes
    • longen.
  • In het midden van de cavitas thoracica is het mediastinum
    tussen de longen in met oa:
    • hard
    • oesophagus
    • trachea
    • grote vaten
  • Sereus vlies in de cavitas thoracica
    • pleura visceralis (longvlies)
    • pleura parietalis (borstvlies)
    • cavitas pleuralis (pleuraholte met een beetje vocht in)
  • Pneumothorax
    lucht in pleuraholte via gaatje in pleura visceralis of pleura pariëtalis.
  • Pleura parietalis

    • pleura costalis = aan de ribben
    • pleura mediastinalis = aan het mediastinum.
    • pleura diaphragmatica = aan het diafragma.
    • pleura cervicalis = aan het cervicale = cupula pleurae.
  •  vocht tussen de pleurae
    Het kleine beetje vocht tussen de pleurae zorgt dat de longen vacuüm trekken en ontplooit blijven. Is daar een gaatje in, dan wordt dat vacuüm opgeheven, en krijg je een klaplong. 
  • Cavitas pleuralis - Recessus pleuralis.
    Er is ruimte in de pleura waar geen longweefsel in zit. Wel als je heel diep inademt.
    Latijn voor ruimte = recessus.
  • recessus.
    Latijn voor ruimte = recessus.
    • recessus costodiaphragmaticus tussen het diafragma en de ribben (onderkant?), lever, milt, nieren.
    • recessus costomediastinalis tussen het mediastinum en de ribben
    • geen pleura achter het sternum bij het hard, wel pericard - pericardpunctie.--> je kunt per ongeluk de longen aanprikken bij een pericardpunctie en een pneumothorax veroorzaken, maar achter het sternum is dus wel veilig.
  • Mediastinum superior
    Hierin liggen de:
    • aorta (ascendens, arcus aortae)
    • v. cava superior
    • vv brachiocephalicae
    • trachea
  • Splitsing luchtweg
    De trachea/luchtweg splitst achter de aortaboog, ter hoogte van de aortaboog. In het mediastinum superior
  • Mediastinum - posterieur
    • de oesophagus
    • aorta ligt ietsje meer links
    • n. vagus (zwervende zenuw, hersenzenuw, belangrijk voor de innervatie van alle organen die iets te maken hebben met de spijsvertering) ligt als een plexus om de oesophagus.
    • n. laryngeus recurrens is een takje van de nervus vagus. Die gaat naar de larynx om je stembanden te enerveren.Dus problemen/verwijding van de aortaboog kan voor heesheid zorgen.
    • truncus sympathicus. Truncus = tak. Is een tak met allemaal sympathische zenuwvezels.
  • Mediastinum - posterior
    • v. azygos (op de wervelkolom)
    • v. hemiazygos (meer van de linkerkant op de wervelkolom)
    • ductus thoracicus (verzamelt lymfe van het grootste gedeelte van het lichaam), is echt een super kleine structuur.
  • Mediastinum (lateraal aanzicht)
    • truncus sympathicus
    • n. vagus (achterlangs radix) gaat met de oesophagus richting de buik.
    • n. phrenicus (voorlangs radix) (het woord phrenicus heeft te maken met het diafragma) onderscheid dus door de positie tov de radix.
  • Longen - Hilus:
    • hilus pulmonis hilus is 2D structuur, een poort, waar de structuren naar binnen treden, de poort. 
    • radix pulmonis radix is 3D structuur, een wortel
    • ligamentum pulmonale het punt waar de 2 pleura elkaar weer ontmoeten en richting het diafragma gaan. Is een ophangband van de longen, dus houden de longen op hun plek.
    Van het hart af is arterie
    Naar het hart toe is vene
  • Longen - rechts.
    Fissuren (groeven)
    • fissura obliqua (= schuin)
    • fissura horizontalis

    3 kwabben/lobi (alleen rechterlong)
    • lobus superior (aan de ventrale zijde te beluisteren)
    • lobus medius
    • lobus inferior

    De kwabben worden gevormd door de fissuren.
  • Longen - links
    Fissuur:
    • fissura obliqua

    Lobi:
    • lobus superior (incisura cardiaca (incisie = snede → insnijding van het hard), lingula (= latijn voor ‘tongetje’)
    • lobus inferior
  • Longen - segmentatie
    De longen kunnen ook onderverdeeld worden in segmenten.
    Is niet hetzelfde als de kwabben (die zijn meer uit uitwendige kenmerken)
    Segmenten zijn meer functioneel (op basis van de vertakkingen van de trachea)

    • trachea
    • bronchus principalis li & re → pinda verhaal
    • bronchus lobaris 2 li en 3 re
    • bronchus segmentalis 8 - 10 li en 10 re.
    In welke long zit de ingeslikte pinda hoogstwaarschijnlijk? → eerder rechts dan links (is verticaler, minder grote bocht)
  • Longen - impressie.
    In gebalsemde longen zorgen omliggende structuren voor impressies.

    Hart ligt iets meer naar links
    De longen hebben een hele nauwe relatie met alle omliggende structuren; dit is een impressie.
  • verschillende lagen van het pericard
    • pericardium fibrosum
    • pericardium serosum = sereus vlies = glad
    → lamina parietalis (tegen het hart aan).
    → lamina visceralis = epicard.

    klein laagje vocht in de pericardholte, ligt tussen de 2 lamina in = cabitas pericardiaca.

    Lamina visceralis = epicard
    De overige 3 zijn pericard (fibrosum, serosum en lamina parietalis)
  • Hart.
    = een drietal sulci (meervoud sulcus) sulcus = groeve.
    • sulcus coronarius (vaak opgevuld met vet)
    • sulcus interventricularis anterior (inter = tussen, aan de anterieure zijde)
    • sulcus interventricularis posterior.( aan de posterieure zijde)
  • Hart.
    • auricula ( hartoortje) → onderdeel van linker en rechter atria bij de rode pijlen. dextra en sinistra, is onderdeel?uitsteeksel van het atrium, functie is onduidelijk. naast de aorta en truncus pulmonalis 
    • apex cordis, groene pijl
  • Hart - rechter atrium
    • v. cava superior
    • v. cava inferior
    • sinus coronarius: de opening van het vat dat al het bloed van het atrium opvangt.
  • 2 gedeeltes in het atrium van het hart
    • glad gedeelte
    • mm (musculus) pectinati; recht gerangschikte spieren in het atrium
    • fossa ovalis; restant van de embryologie, van de placenta, opening tussen het re en li atrium, zodat het zuurstofrijke bloed gelijk naar de linkerkant komt en het lichaam rondgepompt kan worden.
  • Hart - rechter ventrikel
    • deel ruw (trabeculae carneae)
    • glad gedeelte (het uitstroomgedeelte)
    • klepgedeelte: valva tricuspidalis
    • chordae tendineae (spiertje)
    • mm. papillares
    • truncus pulmonalis
    • valva trunci pulmonalis. (3 kleppen)
  • Hart - linker atrium
    • vv pulmonalis (4 stuks) naar het hard toe, dus zuurstofrijk
    • met een glad gedeelte
    • en een ruw gedeelte, alleen maar zichtbaar in het hartoortje, de rest is glad
    • en een restant van het foramen ovale/fossa ovalis.
  • hart - linker ventrikel
    • veel dikkere wand dan het rechter ventrikel door de pompfunctie
    • een deel is ruw
    • een deel is glad
    • met 2 kleppen: valva mitralis
    • met die chordae vast aan de papillairspier
    • de aorta met 3 kleppen
    • valva aortae
  • hart - kleppen
    dus 2 typen kleppen:
    atrioventriculaire kleppen: tussen de atria en de ventrikels, de AV kleppen
    • valva tricuspidalis, 3 kleppen = rechts
    • valva bicuspidalis = valva mitralis = 2 kleppen = links
  • arteriële kleppen:
    • valva aortae
    • valva trunci pulmonalis
  • hart - coronairen
    eerste aftakkingen van de aorta zijn de coronairarteriën
    • arterie coronaria sinistra (linker coronairarterie) = maar 3 cm lang, daarna komen de aftakkingen:
    → r. interventricularis anterior
    → r. circumflexus

    • arterie coronaira dextra
    → r. interventricularis posterior
    • sinus coronarius.

  • Hart - geleiding
    • eigen geleidingssysteem
    • wordt beïnvloedt vanuit autonome zenuwstelsel en hormoonstelsel, maar daarzonder zal het hard ook gewoon blijven doorkloppen omdat het een eigen geleidingssysteem heeft die start bij de sinusknoop → de AV knoop → via de bundel van His → naar de bundeltakken.
    • wand van thorax en abdomen hebben vergelijkbare bouw
    • let bij punctie op neurovasculaire bundel onder de rib
    • pleura en pericard zijn sereuze vliezen en belangrijk voor goed functioneren van ademhaling en hart.
    • het mediastinum bevat veel belangrijke structuren
    • long impressies geven een indruk hoe dicht structuren tegen elkaar aan liggen en wat hun topografische relaties zijn.
    • hoewel rechter en linker harthelft verschillen, hebben zij veel overeenkomsten.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Hart - geleiding
  • eigen geleidingssysteem
  • wordt beïnvloedt vanuit autonome zenuwstelsel en hormoonstelsel, maar daarzonder zal het hard ook gewoon blijven doorkloppen omdat het een eigen geleidingssysteem heeft die start bij de sinusknoop → de AV knoop → via de bundel van His → naar de bundeltakken.
hart - coronairen
eerste aftakkingen van de aorta zijn de coronairarteriën
  • arterie coronaria sinistra (linker coronairarterie) = maar 3 cm lang, daarna komen de aftakkingen:
→ r. interventricularis anterior
→ r. circumflexus

  • arterie coronaira dextra
→ r. interventricularis posterior
  • sinus coronarius.
arteriële kleppen:
  • valva aortae
  • valva trunci pulmonalis
hart - kleppen
dus 2 typen kleppen:
atrioventriculaire kleppen: tussen de atria en de ventrikels, de AV kleppen
  • valva tricuspidalis, 3 kleppen = rechts
  • valva bicuspidalis = valva mitralis = 2 kleppen = links
hart - linker ventrikel
  • veel dikkere wand dan het rechter ventrikel door de pompfunctie
  • een deel is ruw
  • een deel is glad
  • met 2 kleppen: valva mitralis
  • met die chordae vast aan de papillairspier
  • de aorta met 3 kleppen
  • valva aortae
Hart - linker atrium
  • vv pulmonalis (4 stuks) naar het hard toe, dus zuurstofrijk
  • met een glad gedeelte
  • en een ruw gedeelte, alleen maar zichtbaar in het hartoortje, de rest is glad
  • en een restant van het foramen ovale/fossa ovalis.
Hart - rechter ventrikel
  • deel ruw (trabeculae carneae)
  • glad gedeelte (het uitstroomgedeelte)
  • klepgedeelte: valva tricuspidalis
  • chordae tendineae (spiertje)
  • mm. papillares
  • truncus pulmonalis
  • valva trunci pulmonalis. (3 kleppen)
2 gedeeltes in het atrium van het hart
  • glad gedeelte
  • mm (musculus) pectinati; recht gerangschikte spieren in het atrium
  • fossa ovalis; restant van de embryologie, van de placenta, opening tussen het re en li atrium, zodat het zuurstofrijke bloed gelijk naar de linkerkant komt en het lichaam rondgepompt kan worden.
Hart - rechter atrium
  • v. cava superior
  • v. cava inferior
  • sinus coronarius: de opening van het vat dat al het bloed van het atrium opvangt.
Hart.
  • auricula ( hartoortje) → onderdeel van linker en rechter atria bij de rode pijlen. dextra en sinistra, is onderdeel?uitsteeksel van het atrium, functie is onduidelijk. naast de aorta en truncus pulmonalis 
  • apex cordis, groene pijl