Samenvatting Class notes - Psychodiagnostiek in de OWP-praktijk

299 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Class notes - Psychodiagnostiek in de OWP-praktijk

  • 1429740000 Handelingsgerichte diagnostiek en diagnostische cyclus

  • Wat zijn drie ontwikkelingen in de diagnostiek?
    1. In verleden: uitgebreid onderzoek, liefst 'zo volledig mogelijk beeld'
    - Gericht op kindfactoren
    - Weinig afgestemd op behoeften, wensen, handelen.
    2. Verschuiving naar hypothesetoetsend model (Pameijer, 1992):
    - Verminderen van besliskundige fouten.
    - Empirisch kaderen.
    3. Uitwerking naar diagnostische cyclus (De Bruijn e.a. 1995)
    - o.a. meer bewust van typen vraagstellingen.
  • Wat zijn vier kernpunten van het hypothesetoetsend model / diagnostische cyclus?
    1. Systematiseren van diagnostisch besluitvormingsproces.
    2. Minimaliseren van (oordeels)fouten.
    3. Gebaseerd op empirische kennisbasis.
    4. Methodische disciplinering.
  • Wat zijn twee doelen van handelingsgerichte diagnostiek?
    1. Samen met cliënt (ouders, kind, leerkracht) informatie verzamelen die van belang is voor het geven van handelingsadviezen.
    2. Komen tot concrete, bruikbare en haalbare handelingsadviezen.
  • Wat zijn zes uitgangspunten van handelingsgerichte diagnostiek?
    1. HGD is doelgericht.
    2. HGD richt zich op de behoeften van kind/jongere en opvoeders.
    3. HGD hanteert een transactioneel referentiekader.
    4. Samenwerken met ouders, kind/jongere en school is essentieel.
    5. Er is aandacht voor positieve kenmerken/beschermende factoren van kind/jongere, ouders en school/leerkrachten.
    6. De werkwijze is systematisch en transparant.
  • Wat zijn de vijf fasen van HGD?
    1. Intakefase.
    2. Strategiefase.
    3. Onderzoeksfase.
    4. Integratie/aanbevelingsfase.
    5. Adviesfase en evaluatie.
  • Wat is het doel van de intakefase? (HGD)
    Afstemming verkrijgen tussen hulpvragers en diagnost, waardoor samenwerking constructief kan verlopen.
  • Wat is een hulpvraag?
    Vraag naar (soort) hulp waar cliënt behoefte aan heeft.
  • Wat is een diagnostische hulpvraag?
    Hulpvraag waar diagnostisch onderzoek antwoord op kan geven.
  • Wat is een vraagstelling?
    Door diagnost ge(her)formuleerde diagnostische hulpvraag, waar diagnostisch onderzoek antwoord op moet geven (afspraak met cliënt).
  • Wat is een onderzoeksvraag?
    Deze komt voor in de strategiefase. Is afgeleid van een hypothese: gebaseerd op expertise/wetenschappelijk kennisbestand diagnost.
  • Wat gebeurt er in de strategiefase? (HGD)
    Alles uit de intakefase wordt op een rijtje gezet, en er wordt een strategie bepaald voor verder onderzoek.
  • Welk criterium kennen handelingsgerichte vragen?
    Als-dan criterium.
  • Met welke fase in de diagnostische cyclus correspondeert de strategiefase van HGD?
    Probleemanalyse/verklaringsanalyse.
  • Welke drie typen onderzoeksvragen kent HGD?
    1. Onderkennende vragen: wat is er aan de hand? (Beschrijvend).
    2. Verklarende vragen: waardoor worden de problemen veroorzaakt/in stand gehouden/versterkt? Welke factoren van kind/gezin/school spelen een rol?
    3. Indicerende vragen: welke aanpak is gewenst?
  • Welk vierde type onderzoeksvraag kent de procesdiagnostiek (naast de typen onderzoeksvragen van HGD)?
    Veranderingsgerichte vragen: wat is het effect van een bepaalde aanpak?
  • Met welke fase in de diagnostische cyclus correspondeert de onderzoeksfase van HGD?
    Probleemanalyse (onderkenning) / verklaringsanalyse.
  • Uit welke twee onderdelen bestaat de integratie- en aanbevelingsfase van HGD?
    1. Integratief beeld.
    2. Indicatiestelling.
  • Wat zijn zes onderdelen van de adviserings- en evaluatiefase van HGD?
    1. Informeren over bevindingen / beantwoorden van vraagstellingen.
    2. Overleg met cliënten over aanbevelingen.
    3. Keuze van een aanbeveling: het advies.
    4. Afspraken over uitvoering van advies / vervolgtraject.
    5. Evaluatie diagnostisch traject en samenwerking.
    6. Afspraken over evaluatie op langere termijn.
  • HGD is een operationalisatie van de diagnostische cyclus.
  • Wat zijn drie algemeen werkzame factoren in het diagnostisch proces?
    1. 'Juiste' bejegening en aandacht voor samenwerken.
    2. Goede gespreksvaardigheden.
    3. Meet, weet en beslis.
  • Wat zijn zes implicaties van de drie algemeen werkzame factoren in het diagnostisch proces voor HGD?
    1. Benut recente wetenschappelijke kennis bij formuleren en toetsen van hypotheses.
    2. Gebruik bij voorkeur instrumenten die voldoende betrouwbaar en valide zijn.
    3. Wees voortdurend alert op je eigen blinde vlekken en valkuilen. Zoek o.a. alternatieve hypotheses en aanbevelingen.
    4. Laat bij kiezen interventie bewezen effectiviteit zwaar wegen.
    5. Investeer in bejegening (communicatie) en samenwerking.
    6. Reflecteer op proces en uitkomsten diagnostisch proces. Vraag feedback van betrokkenen en benut deze.
  • Wat is diagnostiek? (Pameijer & Draaisma)
    Een proces van gericht informatie verzamelen en analyseren met als doel het nemen van een beslissing over de in te zetten hulp.
  • Hoe ligt de noodzaak van diagnostiek vastgelegd in de Wet op de Jeugdzorg (2005)? (Pameijer & Draaisma)
    Hulp moet worden ingezet op grond van een gedegen probleemanalyse.
  • Wat is empowerment? (Pameijer & Draaisma)
    Een oplossingsgerichte benadering met aandacht voor de krachten en kansen van het kind en diens omgeving. Het versterken van deze krachten blijkt een effectieve interventiestrategie.
  • Welke zeven knelpunten komen naar voren uit onderzoek naar diagnostiek in de jeugdzorg? (Pameijer & Draaisma)
    1. Diagnostiek is onvoldoende doelgericht.
    2. De behoeften van cliënten, hoe zij met problemen omgaan en hun beleving van eerdere hulp komen onvoldoende tot hun recht in de diagnostiek.
    3. Diagnostiek heeft te weinig aandacht voor de omgeving van het kind. Hierdoor ontbreken concrete adviezen, afgestemd op en uitvoerbaar in een specifieke situatie.
    4. De jeugdzorg bestaat uit tal van voorzieningen, die nog onvoldoende samenwerken en afstemmen.
    5. In het diagnostisch proces is sprake van een geringe samenwerking met de cliënt.
    6. Het besluitvormingsproces verloopt zelden systematisch en transparant.
    7. Gedragswetenschappers in de jeugdzorg voelen zich onvoldoende zeker en/of zijn onvoldoende bevoegd om diagnostiek te verrichten. Het gevolg is dat zij diagnostische vragen uitbesteden aan de JGGZ. Dit werkt vertragend op de hulpverlening.
  • Wat is een stepped care benadering? (Pameijer & Draaisma)
    Snel en verkort bij een eenvoudige vraag en, indien nodig, uitgebreid bij een complexe vraag.
  • Wat is het motto wat betreft HGD in een multidisciplinair team?
    De fasen van HGD zijn zowel mono- als multidisciplinair toe te passen. Om te zware trajecten te voorkomen, is het moto: mono als het kan, multi als het moet.
  • Wat zijn de twee rollen die de gedragswetenschapper moet combineren bij HGD? (Pameijer & Draaisma)
    Expert enerzijds en samenwerkingspartner anderzijds.
  • Wat zijn vier typen diagnostische vragen die in de praktijk van de jeugdzorg voorkomen? (Pameijer & Draaisma)
    1. Onderkennende vragen: wat is er aan de hand?
    2. Verklarende vragen: waarom zijn deze problemen we?
    3. Adviserende vragen: welke doelen streven we na en wat heeft het cliëntsysteem nodig om deze te bereiken?
    4. Evaluerende vragen: welke doelen zijn behaald en welke nog niet?
  • De combinatie van welke drie 'K's' is de kunst van het implementeren van HGD? (Pameijer & Draaisma)
    De combinatie van kennis, keuze en kunde is de kunst van het implementeren. Hulpverleners verwerven kennis over HGD, zodat zij keuzes kunnen maken. willen zij HGD toepassen, dan is het belangrijk dat zij ermee experimenteren in hun dagelijkse werk om zich de vaardigheden eigen te maken (kunde).
  • Wat zijn drie implicaties van het uitgangspunt: "HGD is doelgericht."? (Pameijer & Draaisma)
    1. Doelgericht informatie verzamelen: informatie die nodig is voor de besluitvorming.
    2. HGD richt zich op aanbevelingen: we verrichten dus in principe geen standaardonderzoek, maar verzamelen relevante informatie met als motto 'weten om te adviseren'.  (als-dan-redenering van onderzoeksvragen)
    3. De relatie tussen diagnostiek en interventie: de integratie/aanbevelingsfase beoogt de kloof tussen de diagnose en uitvoerbaar advies te overbruggen. Dat gebeurt door kennis over effectieve interventies te relateren aan de unieke situatie van dit cliëntsysteem.
  • Wat zijn twee implicaties van het uitgangspunt: "HGD richt zich op de behoeften van kind en opvoeders."? (Pameijer & Draaisma)
    1. Opvoedingsbehoeften van een kind: wat een kind nodig heeft om bepaalde doelen op een ontwikkelingsgebied te bereiken.
    2. Ondersteuningsbehoeften van een opvoeder: wat de opvoeder nodig heeft om dit kind de opvoeding te bieden die het nodig heeft.
  • Wat zijn vier implicaties van het uitgangspunt: "HGD hanteert een transactioneel referentiekader"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Wisselwerking tussen risico- en beschermende factoren.
    2. Integraal en systemisch werken: richt diagnostiek en advisering op zowel risicofactoren als beschermende factoren, en richt niet alleen op het kind maar ook op diens omgeving.
    3. Goodness of fit: afstemming tussen kind en omgeving.
    4. Diagnostisch traject: we richten ons binnen alle fasen op de wisselwerking tussen kind en omgeving: wat is goed afgestemd op de behoeften van het kind en wat kan beter?
  • Wat zijn drie implicaties van het uitgangspunt: "HGD acht samenwerken met cliënten cruciaal"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Het belang van vraaggericht samenwerken: zo dicht mogelijk bij de vraag van de cliënt blijven.
    2. Ontwikkelingen in beleid en maatschappij: de positie van de cliënt is aanzienlijk versterkt door maatschappelijke en beleidsontwikkelingen.
    3. Samenwerken en HGD: gezamenlijk een diagnostisch traject opstellen.
  • Wat zijn positieve kenmerken? (Pameijer & Draaisma)
    Gedragingen of situaties waarvan een cliënt aangeeft deze te waarderen.
  • Wat zijn positieve factoren? (Pameijer & Draaisma)
    Gedragingen of situaties waarvan een gedragswetenschapper of jeugdzorgwerker van mening is dat ze bijdragen aan een positieve ontwikkeling van het kind.
  • Wat zijn beschermende factoren? (Pameijer & Draaisma)
    Factoren waarvan wetenschappelijk aangetoond is dat ze een kind beschermen tegen de negatieve invloed van risicofactoren.
  • Wat zijn twee implicaties van het uitgangspunt: "HGD besteedt aandacht aan positieve en beschermende factoren."? (Pameijer & Draaisma)
    1. Ontwikkelingspsychopathologisch onderzoek: in onderzoek komt men beschermende factoren op het spoor door cliënten te bestuderen die zich goed ontwikkelen ondanks risicofactoren.
    2. De rol van positieve en beschermende factoren in besluitvorming.
  • Wat zijn zeven rollen van positieve en beschermende factoren in besluitvorming? (Pameijer & Draaisma)
    1. De aanwezigheid van deze factoren zegt iets over de mate van ernst.
    2. De aanwezigheid van deze factoren zegt iets over de waarschijnlijkheid van een hypothese.
    3. Door in het diagnostisch beeld niet alleen risicofactoren, maar ook beschermende factoren op te nemen, ontstaat een beeld dat de werkelijkheid meer recht doet.
    4. Het expliciet benoemen van de krachten, interesses en mogelijkheden van kinderen en opvoeders verhoogt hun gevoel van competentie.
    5. Het benoemen van kansen en successen komt de sfeer in een gesprek ten goede.
    6. Hogere interventiedoelen worden geformuleerd wanneer we het positieve daarin meenemen. Een belangstelling, talent of competentie van een kind of ouders is bovendien goed te benutten in een interventie.
    7. Het is beter haalbaar om beschermende factoren te versterken dan om risicofactoren te verminderen.
  • Wat zijn vier implicaties van het uitgangspunt: "HGD verloopt systematisch en transparant"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Systematiek beschermt tegen valkuilen: werk zo evidence-based mogelijk.
    2. Belang van inhoudelijke protocollen: HGD-formuleren en -checklists die op maak gemaakt zijn fungeren als geheugensteun gedurende het diagnostische proces.
    3. HGD benut algemeen werkzame factoren.
    4. Algemeen werkzame factoren in de fasen van HGD: in de vijf fasen zijn werkzame factoren uitgewerkt, toegespitst op de rol van gedragswetenschappers en jeugdzorgwerkers.
  • Wat is evidence-based werken? (Pameijer & Draaisma)
    De integratie van bewijs uit wetenschappelijk onderzoek, gedeelde praktijkkennis en cliëntvoorkeuren. Delen van de kennis met cliënten en deze voor hen betekenisvol maken.
  • Wat zijn drie valkuilen in diagnostische besluitvorming die regelmatig voorkomen? (Pameijer & Draaisma)
    1. Het niet overwegen van alternatieve diagnoses.
    2. Het niet overwegen van alternatieve interventies.
    3. Te weinig aandacht voor de ontwikkelingsfase en de context.
  • Wat zijn algemeen werkzame factoren? (Pameijer & Draaisma)
    Elementen van diagnostiek en interventie die ongeacht de doelgroep en de methodiek bevorderend zijn voor de effectiviteit.
  • Wat zijn 6 componenten van de algemeen werkzame factor "juiste bejegening en aandacht voor samenwerking"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Betrokkenheid.
    2. Sta naast de cliënt.
    3. Wees betrouwbaar.
    4. Sluit aan bij cliënten.
    5. Toon respect.
    6. Zorg voor een goed contact en een goede sfeer.
  • Wat zijn 6 componenten van de algemeen werkzame factor "goede gespreksvaardigheden"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Wees duidelijk en transparant.
    2. Benoem de sterke kanten en mogelijkheden van cliënten.
    3. Geef positieve feedback.
    4. Vraag net zo lang door totdat je begrijpt wat een cliënt bedoelt.
    5. Werk doelgericht.
    6. Wees eerlijk en open over je eigen opvattingen en bedoelingen.
  • Wat zijn vijf componenten van de algemeen werkzame factor "meet, weet en beslis"? (Pameijer & Draaisma)
    1. Monitoring.
    2. Kritisch blijven over je eigen functioneren.
    3. Regelmatig feedback aan collega's en cliënten vragen.
    4. Gebruik maken van recente kennis in het vakgebied en toepassen van richtlijnen, protocollen en erkende interventies.
    5. Een duidelijke structuur in het diagnostisch proces.
  • Wat zijn twee algemeen werkzame factoren in de instelling? (Pameijer & Draaisma)
    1. Goede werkomstandigheden.
    2. Zorgvuldige implementatie van de methodiek.
  • Welke drie nauw samenhangende processen beginnen met het aanhoren van de hulpvraag? (Tak et al. H1)
    1. Het diagnostisch onderzoek.
    2. De hulpverlening.
    3. De opbouw van de professionele relatie die deze activiteiten mogelijk maakt.
  • Diagnostisch onderzoek volgt de empirische cyclus (De Groot, 1961). Uit welke vijf fasen bestaat deze?  (Tak et al. H1)
    1. Observatie: het verzamelen en groeperen van gegevens.
    2. Inductie: het formuleren van hypothesen op basis van waarnemingen.
    3. a. Deductie: het afleiden van toetsbare voorspellingen uit die hypothesen.
    b. Operationalisering: bij iedere voorspelling worden nu adequate onderzoeksmiddelen gezocht om de voorspellingen toetsbaar te maken.
    4. Toetsing: na gaan of de voorspellingen uitkomen door nieuwe gegevens te verzamelen.
    5. Evaluatie: het terugkoppelen van de uitkomsten van het onderzoek naar de hypothesen: kunnen zij de toetsing doorstaan of worden ze verworpen?
    Na de evaluatie kunnen weer nieuwe hypothesen worden opgesteld en is een volgende ronde van toetsing mogelijk.
  • Hoe wordt de werkwijze waarbij diagnostisch onderzoek de empirische cyclus volgt ook wel genoemd?
    Hypothesetoetsend model.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

Wat zijn drie ontwikkelingen in de diagnostiek?
1
Wat zijn vier kernpunten van het hypothesetoetsend model / diagnostische cyclus?
1
Wat zijn twee doelen van handelingsgerichte diagnostiek?
1
Wat zijn zes uitgangspunten van handelingsgerichte diagnostiek?
1
Pagina 1 van 74