Samenvatting Class notes - Samenvatting Psychology

Vak
- Samenvatting Psychology
- 2020 - 2021
148 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Class notes - Samenvatting Psychology

  • 1606604400 HC 1 gedrag en leren

  • 4 belangrijke perspectieven
    - Socio-cultuur
    - Evolutionair
    - Sociaal leren 
    - Sociaal cognitief
  • 3 kenmerken die behoren tot Socio-cultureel
    - Theoretische perspectief dat zoekt naar oorzaken van sociaal gedrag in de invloed van grotere sociale groepen
    - Sociale normen: Regels voor correct gedrag 
    - Cultuur: bepaald vaak sociale normen
  • Wat is een kernbegrip gezien evolutionair
    - Natuurlijke selectie
  • 2 bronnen van genetische variatie
    - mixen van ouderlijke gene 
    - mutatie bij DNA replicaties
  • 4 componenten van natuurlijke selectie:
    - overproductie
    - variatie
    - erfelijkheid
    - selectie aan de hand van omgevingsfit
  • Geef een voorbeeld van adaptieve problemen
    Probleem = slangen zijn gevaarlijk 
    Adaptatie = bang zijn voor slangen 
    Resultaat = je wordt minder gebeten
  • Wat houd sociaal leren in?
    Hoe ervaringen in verleden het gedrag van nu beinvloeden
  • Verschil in bewust en onbewust sociaal leren
    Bewust; beloning en straf 
    Onbewust: leert sociaal gezien door observatie. 2 vb voor onbewust; klassiek conditioneren en imitatie
  • Conditionering
    Leerproces dat nieuwe reflexen vormt:
    - Reflex; eenvoudige, relatief automatisch, S-R combinatie
    - Habituatie: vermindering van reflex indien Stimulus verschillende keren wordt herhaald
  • Klassiek conditionering procedure
    Neutral stimulus(bel) + unconditioned stimulus (food) --> unconditioned response (honger)

    conditioned stimulus (bell)--> conditioned response (honger)
  • Evaluatief conditioneren
    Veranderingen in mate waarin men een stimulus leuk vindt als gevolg van koppeling met positieve of negatieve stimulus
  • Operant response
    Elk gedrag dat een effect heeft op de omgeving
  • Operant conditionering
    Het proces waar de  operant response de waarschijnlijkheid van de herhaling van de response verandert.
  • Verschil in klassieke en operante conditionering
    Klassiek: een stimuli lokt een reactie uit (hondenbel)
    Operant : gedrag wordt uitgestraald dat een effect heeft op de omgeving  (beloning en straf)
  • Sociaal cognitief
    Het theoretische perspectief wat zich richt op mentale processen --> aandacht, interpreteren en het onthouden van sociale ervaringen
  • 1606777200 Hoofdstuk 5 aanvulling

  • Hoe vullen motivatie en stimulansen elkaar aan?
    Ze bepalen samen het gedrag. Is de ene zwak dan moet de andere groter zijn. Stimulans = heel vies broodje, motivatie = honger.
    bij vieze broodje zal je alleen in de rij gaan staan als je echt honger hebt, was het een lekker broodje geweest had je zelfs zonder honger in de rij gaan staan
  • Hoe beïnvloeden stimulansen en motivatie elkaar?
    Als je heel veel honger hebt kan een stimulus er lekkerder uit zien dan dat het in werkelijkheid is. Maar ook lekkere geur van eten kan je honger vergroten.
  • Hoe zijn homeostatis en motivatie met elkaar gelinkt?
    Wanneer er een onbalans is in de huishouding gaan er prikkels naar het zenuwstelsel om de motivatie, drive, aan te passen
  • Verschil tussen regulatory drive en non-regulatory drive
    Regulatory drive= instandhouding van homeostasis 
    non- regulatory = safety drives, reproductive drives, social drives, educational drives
  • 5 mammalian drives
    - regulatory drives: homeostasis
    -safety drive: fear and anxiety
    -reproductive drive: sex en oudergevoel
    - social drive : vrienden, social geaccepteerd worden 
    - educational drives: leergierig
  • What are two possible explanations of the universal human drives for art, music, and literature?
    The pursuits of art, music, and literature are natural extensions of our drives for play and exploration.
    Art, music, and literature may be vicarious means of satisfying other drives.
  • Welke karaktereigenschappen moet een set of neuronen hebben om te functioneren als "central drive system"?
    Het moet signalen ontvangen an integreren die de aandrijftoestand kunnen verhogen/verlagen, invloed heeft op neurale processen die invloed hebben op motivatie, stimuli mechanisme, cognitive mechanismen en motor mechanismes
  • Welke karaktereigenschappen van de hypothalamus maken hem zo goed om als 'central drive system' te werken
    The hypothalamus is at a prime location (the base of the brain + interconnected with higher areas), has direct connections to the nerves that carry input from and motor output to organs, is sensitive to hormones and other substances due to its many capillaries, and it controls the release of many hormones through its connections to the pituitary gland.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

ACT
Assertive community treatment: sinds 1970 
--> mensen met psychische stoornis helpen maakt niet uit uit welke gemeenschap ze zijn 
- team psychiater, arts, verpleger, social workers 
- iemand altijd bereikbaar en 2x per week bezoek 
- familie contact 
- is duur maar niet zo duur als ziekenhuisopname
Cluster C
Anxious --> vermijdende, afhankelijke en obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornissen
Cluster B
Dramatic --> sociopaat, psychopath(overtreden of negeren van rechten), borderline(instabiliteit in persoonlijkheid) , theatrale(middelpunt), narcisme
Cluster A
Odd -->paranoïde, Schizoïde (weinig emotie), Schizotypische (social awkward)
Persoonlijkheidsstoornissen
Langdurig patroon van gedrag, gedachten en emoties die een persoon zijn zelfwaarde, doelen en capaciteit voor empathie schaadt en geassocieerd is met stress en onvermogen
Wat onderschei duaal theory?
Snelle automatische beslissingen (systeem 1) en weloverwogen langzame beslissingen (systeem 2)
Oplossingen tegen onnodige fouten
Enerzijds: 'debiasing', 'checklists' anderzijds kennis vergroten
In systeem zijn de meeste voorkomende fouten:
Cognitieve biases :
- Representativiteits bias 
- Beschikbaarheidsbias 
- Framing effect 
-Bevestigings bias 
Wat zijn de verschillen in het duaal systeem als we kijken naar systeem 1 en 2
1: snel, onbewust, automatisch, eenvoudige beslissingen, fout gevoelig 
2: langzaam, bewust, inspannend, complexe beslissingen, betrouwbaar 
Hoeveel procent van de diagnoses zijn niet geheel correct
10-15 %