Samenvatting Cognitive Development

-
ISBN-13 9781784495206
141 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Cognitive Development". De auteur(s) van het boek is/zijn John H Flavell, Patricia H Miller Scott A Miller. Het ISBN van dit boek is 9781784495206. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Cognitive Development

  • 1 Infant Cognition

  • Jonge kinderen kunnen cognitief al veel meer dan Piaget dacht. Het verschilt niet eens zo veel van latere cognitie. Wel is hun cognitie nog veel minder goed ontwikkeld en dus wel degelijk verschillend van oudere kinderen.
  • 1.1.1 Infant Cognition as sensorimotor Intelligence

  • Baby's "weten" in de zin van het herkennen van bekende voorwerpen, en "denken" in de zin van zich naar deze voorwerpen gedragen met handen en mond, op een voorspelbare en onbewuste, niet-symbolische manier.
  • 1.1.2 Sensorimotor Schemes

  • Baby's hebben schema's: een soort volgorde van bepaalde acties in reactie op bepaalde objecten of situaties. Voorbeeld: beginnen te zuigen als er iets zuigbaars in de mond wordt gedaan.
  • De verschillende schema's worden gegeneraliseerd, geautomatiseerd en gecombineerd. Het kind gaat zo steeds meer gedrag vertonen dat wij omschrijven als 'intelligent' of 'cognitief'.
  • 1.1.3 Cognitive Motivation

  • Volgens Piaget is er veelal sprake van intrinsieke motivatie om te leren, al is er ook extrinsieke motivatie. Deze intrinsieke motivatie is het sterkst wanneer de baby iets krijgt wat wel bekend is maar wat hij nog niet helemaal snapt. De motivatie neemt weer af als het kind het eenmaal snapt.
  • 1.1.4 Piaget's Six Stages of Sensorimotor Development

  • De sensomotorische fase van Piaget is onderverdeeld in 6 subfasen. Hierbij geldt dat leeftijd niet exact is, maar het gaat vooral om de volgorde. Een fase wordt niet overgeslagen en een kind gaat ook niet terug naar een eerdere fase als de volgende eenmaal bereikt is.
  • Fase 1 van de sensomotorische ontwikkeling (0-1 maand): aangeboren reflexen die zich langzaam aanpassen aan de omgeving. De eerste schema's ontstaan.
  • Fase 2 van de sensomotorische ontwikkeling (1-4 maand): de schema's worden meer aangepast aan de omgeving en ze worden met elkaar gecombineerd. Groeiende coördinatie van zicht-grijpen, zien-horen en grijpen-zuigen. Gedrag is nog op zichzelf gericht en niet op het object.
  • Fase 3 van de sensomotorische ontwikkeling (4-8 maand): het gedrag wordt meer naar buiten gericht. Meer interesse in de omgeving in combinatie met steeds beter coördinatie van schema's zorgt ervoor dat een kind nu gedragingen kan herhalen die in eerste instantie per ongeluk gebeurden.
  • Fase 4 van de sensomotorische ontwikkeling (8-12 maand): hier zie je echt intentioneel gedrag. Ze kunnen een schema gebruiken als middel om een doel te bereiken.
  • Fase 5 van de sensomotorische ontwikkeling (12-18 maand): kind gaat actief de omgeving ontdekken, door trial-and-error. Ofwel in reactie op een specifiek probleem ofwel om simpelweg te kijken wat er gebeurt.
  • Fase 6 van de sensomotorische ontwikkeling (18-24 maand): kinderen gaan symbolisch denken en vormen representaties. Ze kunnen een voorwerp gebruiken als ander voorwerp. Ze kunnen een oplossing bedenken in hun hoofd en het daarna meteen uitvoeren. Symbolisch spel ontstaat.
  • 1.2.1 Piaget's Studies

  • Piaget heeft de ontwikkeling van objectpermanentie ook verdeeld in 6 substadia.
  • Fase 1 en 2 (0-4 maand): kind volgt object met de ogen tot het ergens achter of onder verdwijnt, is dan meteen de interesse kwijt.
  • Fase 3 (4-8 maand): als een voorwerp achter een object verdwijnt, blijft het kind met zijn ogen volgen in de richting waar het op ging. Ook grijpt het kind een voorwerp dat half zichtbaar is. Als het voorwerp compleet verstopt is, stopt het kind met zoeken. Als het kind een voorwerp in zijn hand heeft en je bedekt het voorwerp en de hand met een doekje, zal het kind het voorwerp blijven vasthouden en om zich heen kijken of het voorwerp loslaten.
  • Fase 4 (8-12 maanden): kind zoekt naar voorwerpen ook als ze helemaal verstopt zijn. Wel zie je nog de A-not-B error. Hierbij stop je een voorwerp onder doekje A, waarna het kind mag zoeken en hij zoekt onder A. Dit herhaal je een paar keer, waarna je het voorwerp duidelijk en langzaam onder B legt. Het kind zal echter opnieuw bij A zoeken. Kan zijn dat een kind baseert op geheugen of een soort 'regel' dat hij zich heeft aangeleerd (als ik onder A kijk, dan...), of hij kan de neiging om onder A te kijken niet onderdrukken.
  • Fase 5 (12-18 maanden): A-not-B error verdwijnt. Gaat zoeken naar een voorwerp waar hij het het laatst heeft gezien. Kinderen in deze fase kunnen dus omgaan met zichtbare verplaatsing maar nog niet met onzichtbare verplaatsing. Dus als je een balletje in een beker doet, de beker onder een doek leeg maakt, zal het kind alleen het balletje zoeken in de beker, want daar is het voor het laatst gezien.
  • Fase 6 (18-24 maand): nu kunnen kinderen ook met onzichtbare verplaatsing omgaan. Het zal op verschillende mogelijke verstopplekken zoeken en het misschien ook zelf nadoen bij jou.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.