Samenvatting Cursus onderzoekspracticum inleiding data-analyse

-
101 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Cursus onderzoekspracticum inleiding data-analyse

  • 1.1 Inleiding en ethiek

  • Waarom wordt de wetenschap beoefend
    Dit is een methode om te leren over de realiteit.  Mensen hebben verstoringen in geheugen en informatieverwerking hierdoor is onze ideeën over de realiteit niet zomaar te vertrouwen zijn.

    Daarom zijn systematische methoden van informatieverzameling en verwerking nodig om de realiteit in kaart te brengen, en de wetenschap biedt die.
  • Beschrijf wat een empirische onderzoek is
    Dit is een onderzoek waarbij data worden verzameld: in de praktijk is bijna al het onderzoek als empirisch onderzoek te beschouwen.
  • Uit welke fasen bestaat de empirische onderzoek cyclus?
    onderzoeksvraag formuleren
    studie ontwerpen
    data verzamelen
    data analyseren
    rapporteren
  • Wat is de achtergrond en rol van ethiek bij wetenschappelijk onderzoek bij mensen?
    Ten eerste zijn de objecten van onderzoek in de psychologie en onderwijswetenschappen meestal mensen. Deelnemers steken tijd en moeite in deelname, maar kunnen bovendien schade ondervinden door deelname aan een studie. Ten tweede wordt wetenschappelijk onderzoek meestal uitgevoerd met publieksgeld.
  • Beschrijf hoe etnische toetsing in Nederland en bij de OU in zijn werk gaat.
    Besluiten worden genomen door ethische commissies. Die maken onder andere een afweging van de kosten van een studie ( zowel mogelijke negatieve gevolgen voor deelnemers als financiële kosten) en van de mogelijke opbrengsten. Daarnaast bescherming van de deelnemers, bijvoorbeeld nazorg. 

    Bij de Open Universiteit wordt deze gedragscode toegepast door de commissie Ethische Toetsing Onderzoek (cETO). Al het mensgebonden onderzoek bij de Open Universiteit wordt door de cETO getoetst. 
  • Wat is het belang, de rol en aard van een Informed Consent en welke onderdelen bevat het?
    Het Informed Consent is een overeenkomst tussen de onderzoekers en de deelnemers aan een studie. Dit is een garantie dat deelnemers volledig vrijwillig meedoen en niets doen dat ze niet willen. In zo’n overeenkomst geven de deelnemers aan dat ze de gelegenheid hebben gehad om de achtergrond-informatie te lezen de gelegenheid hebben gehad om vragen te stellen de gelegenheid hebben gehad om over hun deelname na te denken begrijpen dat ze op elk moment met het onderzoek kunnen stoppen zonder consequenties en zonder opgave van reden. De onderzoeker verplicht zich bovendien tot het volledig anonimiseren van de data. 
  • Wat wordt er in een datamanagement plan beschreven?
    In dit plan wordt onder andere beschreven hoe data tijdens het onderzoek worden opgeslagen; hoe deze worden geanonimiseerd; wie toegang houden tot de niet-geanonimiseerde (versleutelde) data; en hoe deze na afloop van het project langdurig worden opgeslagen.
  • Beschrijf wat Full Disclosure is en waarom het belangrijk is.
    Full Disclosure houdt in dat volledige openheid wordt gegeven over het onderzoeksproces. Dit om Diederik Stapel (wetenschap fraudeur) gebeurtenissen te voorkomen. 
  • Beschrijf hoe uitkomsten van onderzoek worden verspreid onder wetenschappers
    Wetenschappers communiceren op congressen, maar nog meer in de vorm van artikelen, die naar een journal worden gestuurd en dan worden beoordeeld door andere wetenschappers (peer reviewers), voordat ze worden geaccepteerd en gepubliceerd. Dit kan tegenwoordig digitaal.
  • 1.2 Validiteit en betrouwbaarheid

  • Beschrijf wat betrouwbaarheid is en geef een voorbeeld.
    De mate waarin een meting bij herhaling hetzelfde resultaat oplevert heet de betrouwbaarheid van die meting. Een belangrijk aspect is de aanname datgene dat wordt gemeten stabiel is. 
    Wanneer bijvoorbeeld iemands’ humeur wordt gemeten, zal dat over de tijd veranderen; de verschillende uitkomsten die worden gevonden zijn dan geen symptoom van een lage betrouwbaarheid, maar juist een indicatie dat het meetinstrument goed werkt
  • Beschrijf wat een meetfout is en geef een voorbeeld
    Met elk meetinstrument is de uitkomst niet uitsluitend afhankelijk van wat we willen meten, maar ook van externe zaken. Al dit soort invloeden noemen we samen meetfout (ook wel ruis of measurement error in het Engels). De meetfout is dus het complement van de betrouwbaarheid. Naarmate er minder meetfout is, is een meting betrouwbaarder, en vice versa.

    Voorbeeld:  Als we willen meten hoe goed iemand zich kan concentreren, kan een ruzie die die persoon had, minuten voor deelname aan ons onderzoek, een verstorende invloed hebben.
  • Leg uit hoe de meetfout zich verhoudt tot betrouwbaarheid
    De meetfout is aanvulling van de betrouwbaarheid. Naarmate er minder meetfout is, is een meting betrouwbaarder, en vice versa.
  • Leg uit wat validiteit is
    Dit is de mate waarin een meetinstrument meet wat het moet meten.
  • Hoe kom je te weten hoe betrouwbaar een meting is?
    Dit kan door bijvoorbeeld een week later de meting te herhalen. Als wat is gemeten stabiel is gebleven, zou de tweede meting identiek moeten zijn aan de eerste. Hoe meer die tweede meting afwijkt, hoe minder betrouwbaar het meetinstrument dan is.
  • Hoe krijg je een indruk van de validiteit?
    Vaak worden andere meetinstrumenten afgenomen om dezelfde of gerelateerde dingen te meten. .
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Hoe kunnen categorische variabelen worden beschreven?
Modus, mediaan en frequentie verdeling
Benoem de 4 punten waarom hogere meetniveaus de voorkeur verdienen boven lagere meetniveaus
1. Er zijn altijd meer deelnemers nodig naarmate het meetniveau van de betreffende variabelen lager is. Een verband aantonen tussen twee continue variabelen vereist dus minder deelnemers dan als een van de variabelen categorisch is, laat staan als beide variabelen categorisch zijn.


2. Ten tweede is het zo dat de meeste variabelen nu eenmaal simpelweg continu zijn.


3. Het is altijd mogelijk om van een continue variabelen terug te gaan naar lagere niveaus, maar niet andersom. Als een deelnemer ‘35 tot 50’ aankruist, is immers onbekend of de leeftijd 36 is of 47.


4. Tot slot bestaan groepen mensen vaak niet uit duidelijk onderscheidbare subgroepen: elke indeling in categorieën zal dus vaak een vertekening van de werkelijkheid opleveren. 
Leg uit waarom meetniveaus meestal een keuze van de onderzoeker zijn.
Meetniveaus zijn vaak niet zozeer eigenschappen van variabelen ‘in de realiteit’, maar kenmerken van operationalisaties, oftewel van meetinstrumenten of manipulaties, en die worden door de onderzoeker gemaakt. Je kan leeftijd bijvoorbeeld als intervalvariabele meten, maar ook ordinaal (jonger dan 18-tussen 18 en 30 –tussen 30 en 50)
Wat heeft meer power? Continu operationalisaties of categorische operationalisaties .
Operationalisaties op het continue meetniveau hebben meer power dan categorische operationalisaties, die om die reden zoveel mogelijk moeten worden vermeden.
Continu operationalisaties bestaat uit twee twee meetniveaus. Welke twee zijn dit?
Interval en rationiveau.
Categorische operationalisaties bestaat uit twee meetniveaus. Welke twee zijn dit?
Nominaal: wel te benoemen, niet te ordenen bijvoorbeeld haarkleur
Ordinaal: Wel te ordenen. Bijvoorbeeld opleidingsniveau
Welke twee soorten meetniveaus zijn er?
1. Categorische operationalisaties: Waarbij de verschillende meetwaarden die deze variabelen aan kunnen nemen altijd categorieën zijn, zoals ‘vrouw’, ‘MBO’, ‘minderjarig’, ‘40-50 jaar’, of ‘stedelijk'.
2. Continu operationalisaties:  ze liggen op een ononderbroken schaal, en kunnen in de populatie oneindig veel waarden aannemen
Leg uit wat meetniveaus zijn
Het meetniveau van een operationalisatie beschrijft de aard van de data die die operationalisatie oplevert
Leg uit waarom puntschattingen niet erg informatief zijn.
Omdat puntschattingen zo weinig informatie zijn, is het belangrijk om altijd betrouwbaarheidsintervallen te rapporteren naast, of in plaats van, puntschattingen.
Beschrijf wat een puntschattingen zijn
Een puntschatting is een schatting van een populatiewaarde die, in tegenstelling tot een betrouwbaarheidsinterval, is uitgedrukt als enkel getal. Een puntschatting is dus te beschouwen als een 0% betrouwbaarheidsinterval: een interval waar in 0% van de steekproeven de populatiewaarde in ligt