Samenvatting De democratische rechtsstaat in de gelaagde rechtsorde

-
ISBN-13 9789067043632
120 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "De democratische rechtsstaat in de gelaagde rechtsorde". De auteur(s) van het boek is/zijn Ronald Janse. Het ISBN van dit boek is 9789067043632. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - De democratische rechtsstaat in de gelaagde rechtsorde

  • 1 Het Nederlandse juridische landschap

  • Het woord rechtsbron heeft verschillende betekenissen. In welke betekenis van het woord hanteert het handboek het begrip?
    Feiten, procedures of gebeurtenissen waaruit rechtsnormen voortkomen
  • De EU Commissie stelt vast dat de reglementering van energiedrankjes voor minderjarigen verschilt per Lidstaat en in sommige Lidstaten zelfs afwezig is. Met welk instrument kan de EU zo snel mogelijk voor een eenduidige reglementering in de EU zorgen?
    Verordening
  • Jurisprudentie geldt in Nederland als formele rechtsbron. Op grond waarvan?
    Rechtsautoriteiten gebruiken jurisprudentie in de rechtspraktijk als rechtsbron
  • Een nieuwe rechtsregel die de rechter formuleert in moeilijke gevallen, krijgt vaak algemene werking. Hoe wordt dit verschijnsel genoemd?
    Mild precedentenstelsel
  • 1.1 Inleiding

  • Hoe worden de feiten, procedures of gebeurtenissen waaruit rechtsnormen voortkomen genoemd?
    Rechtsbronnen
  • Noem de verschillende typen rechtsbronnen
    • Wet
    • Jurisprudentie
    • Gewoonte
    • Verdragen
    • Rechtsbeginselen
    • Besluiten internationale organisaties
    • Soft law
  • 1.2 Wetgeving

  • Wat zijn de twee kenmerken van een wet?

    Zij is algemeen

    Algemeen wil zeggen dat een wet van toepassing is op een onbepaald aantal natuurlijke en rechtspersonen en situaties.


    Én

    Zij is afkomstig van een instantie die bevoegd is wetten te maken.

    Art. 288 e.v. VWEU (Europese wetgever)
    Art. 81 e.v. Grondwet (Formele wetgever)
    Art. 89 Grondwet (regering)
    O.b.v. Delegatie (minister)
    Art. 127 Grondwet (gemeente, provincie)
  • Wat zijn de Nederlandse overheidsinstanties met wetgevende bevoegdheden?
    Formele wetgever(regering + Staten-Generaal): Wetten in formele zin

    Rijksoverheid

    Regering: Algemene Maatregelen van Bestuur
    Minister: Ministeriële regelingen

    Decentraal niveau

    Provincie: Provinciale verordeningen
    Gemeente: Algemene plaatselijke verordeningen
  • Welke wetgeving is afkomstig van de Europese Unie?

    Van de Europese Wetgever (Europees Parlement en de Raad) zijn verordeningen afkomstig.

    Verordeningen werken direct, dat wil zeggen: precies zoals ze door de Europese wetgever zijn vastgesteld. De Nederlandse wetgever moet - en mag - verordeningen dan ook NIET omzetten in bv: een wet in formele zin.

    Wel zijn dikwijls regels nodig om verordeningen uit te kunnen voeren in de lidstaten. Deze uitvoeringsregels worden WEL door nationale wetgevers gemaakt.
  • 1.3 Jurisprudentie

  • Welke twee factoren leiden tot rechterlijke rechtsvorming?

    Interpretatie en belangenafweging. Deze factoren kunnen in combinatie met elkaar voorkomen, maar dat hoeft niet.

    Interpretatie is noodzakelijk wanneer de betekenis onduidelijk is van één of meer woorden in een wet.

    Het komt regelmatig voor dat de rechter in een geschil botsende belangen of beginselen tegen elkaar afweegt.

    Soms geeft de wet de opdracht tot belangenafweging. De rechter kan ook tot belangenafweging overgaan bij de invulling van open normen.

    De rechter is vrijwel altijd tot belangenafweging genoodzaakt wanneer fundamentele rechten in het geding zijn. Typerend voor vrijwel al deze rechten is dat zij moeten worden afgewogen tegen onder andere maatschappelijke belangen als de openbare veiligheid en de volksgezondheid.
  • Hoe moet de rechter botsende belangen tegen elkaar afwegen?

    Er zijn vaak geen wettelijke regels over hoe een rechter botsende belangen tegen elkaar moet afwegen. In de rechtspraak zijn daarom zogenaamde gezichtspuntencatalogi ontwikkeld: lijsten van factoren waar een rechter - gelet op alle omstandigheden van het geval - rekening mee moet houden bij het bepalen welk belang voorgaat.
  • Wat is precedentwerking?

    De nieuwe regel die de rechter heeft geformuleerd om een voorliggend geschil op te lossen, wordt in vergelijkbare gevallen overgenomen door andere rechters. Hierdoor krijgt de nieuwe regel algemene werking.

    Precedentwerking is geen verplichting in de Nederlandse rechtsorde. De rechter hoeft een door een andere rechter geformuleerde regel niet als uitgangspunt te nemen in een vergelijkbare zaak. In de praktijk gebeurt dit doorgaans wel.

    In Nederland geld een mild precedentenstelsel: de rechter volgt in beginsel een eigen eerdere uitspraak.
  • Waarom ligt rechterlijke rechtsvorming niet voor de hand?
    • Geschilbeslechting, geen algemene regels (art. 12 Wet algemene bepalingen)
    • Ondemocratisch
  • Waarom is rechterlijke rechtsvorming onvermijdelijk?
    • Noodzaak interpretatie en belangenafweging
    • Rechter moet beslissen (art. 13 Wet Algemene Bepalingen)
    • Precedentwerking (geen juridische plicht maar wel gebruikelijk = mild precedentstelsel)
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat wordt er bedoelt met het beginsel van wederzijds vertrouwen?
Hoewel rechtsstelsel van de lidstaten van de Unie niet identiek zijn aan elkaar en verschillende regels van materieel en formeel recht hebben, bieden zij een gelijkwaardig niveau van rechtsstatelijkheid en bescherming van fundamentele rechten. Alle lidstaten beschermen de rechtsstaat en fundamentele rechten op het hoge niveau dat in de Unie verondersteld mag worden.
Wat benadrukte het HvJEU met betrekking tot het EAB in de zaken Advocaten van de Wereld (2007), Radu (2013), en Melloni (2013)?
Het HvJEU benadrukte het belang van het principe van de wederzijdse erkenning van juridische beslissingen voor een snelle en effectieve rechtshandhaving binnen de Unie. Het was niet bereid de medewerkingsplicht aan het EAB afhankelijk te maken van het recht op een eerlijk proces van art. 47 HGEU.
Versterkt of verzwakt de gelaagde rechtsorde de Nederlandse rechtsstaat?

Er zijn duidelijke aanwijzingen dat gelaagdheid de rechtsstaat versterkt. Het eerste element van de rechtstaat, het recht regeert, vereist een moeilijk wijzigbare constitutie, in de ruime zin van het woord, en onafhankelijke (rechterlijke) toetsing of met name de overheid zich houdt aan het recht. Daarin wordt deels voorzien door transnationaal en internationaal recht, onder andere door mensenrechtenverdragen en door de rechtspraak van het EVRM en het HvJEU.

Het tweede element, kwaliteitseisen aan het recht, is deels verankerd in internationale mensenrechtenverdragen, hetzelfde geldt voor het derde element, het recht op een eerlijk proces, dat in Nederland grotendeels de neerslag is van de rechtspraak van het EHRM over art. 6 EVRM.
Waarom bestaat er latente spanning tussen rechterlijke rechtsvorming en de rechtstaat?

De rechter vormt niet proactief recht, maar in reactie op een rechtsvraag in een geschil. De procespartijen worden dus aan een rechtsregel gehouden die zij strikt genomen niet kenden, en konden kennen, tot het geschil ontstond.

Rechterlijke rechtsvorming is enerzijds noodzakelijk voor zekerheid en voorspelbaarheid en is anderzijds inconsistent met deze rechtsstatelijke waarden. Deze inconsistentie verdwijnt, volgens vaste rechtspraak van het EHRM, wanneer de nieuwe rechtsregel 'redelijkerwijs voorzienbaar' was: ieder burger had op zijn vingers kunnen natellen dat dit de regel is.
Het EHRM heeft onderscheid gemaakt tussen subjectieve en objectieve onpartijdigheid. Wat betekent dit?

Subjectieve onpartijdigheid betekent dat de rechter daadwerkelijk vooringenomen is en zijn persoonlijke voorkeuren en belangen laat meewegen in zijn oordeel.

Met objectieve partijdigheid wordt de schijn van partijdigheid bedoelt.
Aan welke algemene eisen dient rechtspraak te voldoen?
  • Onafhankelijkheid van de rechter
  • Onpartijdigheid van de rechter
  • Beslissing binnen een redelijke termijn
  • Openbaarheid van de zitting
  • Motivering van de beslissing
  • Recht op hoor en wederhoor
  • Toegang tot de rechter en de rechtsbijstand
Om welke drie redenen is rechtspraak onmisbaar is een rechtsstaat?

De rechtspraak:
  1. controleert of de wetgever en het bestuur zich aan het recht houden;
  2. verduidelijkt de betekenis van het recht en vult deze aan;
  3. zorgt voor geschilbeslechting.
Wat zijn de kwaliteitseisen van Fuller? (The Morality of Law)
  1. De wet is algemeen.
  2. De wet is afdoende bekend gemaakt aan burgers, bedrijven en overheden.
  3. De wet geldt niet met terugwerkende kracht.
  4. De wet is duidelijk en begrijpelijk.
  5. De wet is intern consistent.
  6. De wet kan worden nageleefd.
  7. De wet is bestending, dat wil zeggen, verandert zo min mogelijk.
  8. Rechtspraak vindt plaats op basis van de wet.
Wat onderstreept de gang van zaken in Hongarije en Polen met betrekking tot de rechtstaat?

De rechtstaat berust op de wil tot zelfbinding: als een politieke partij met de meerderheid in het parlement niet langer gebonden wil zijn aan het recht dan kan zij die binding ongedaan maken.

De zelfbinding van de macht door het recht krijgt gestalte door een constitutie en een stelsel van checks and balances, in het bijzonder een onafhankelijke rechterlijke macht.
Op welke manieren is zelfbinding duurzaam verankerd?
  • Constitutionalisme (inclusief relevante verdragen en jurisprudentie)

  • Checks and balances