Samenvatting de Geo / Havo Leefomgeving Wonen in Nederland / deel Werkboek

-
ISBN-10 9006436135 ISBN-13 9789006436136
368 Flashcards en notities
27 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "de Geo / Havo Leefomgeving Wonen in Nederland / deel Werkboek ". De auteur(s) van het boek is/zijn J H Bulthuis. Het ISBN van dit boek is 9789006436136 of 9006436135. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - de Geo / Havo Leefomgeving Wonen in Nederland / deel Werkboek

  • 1 Nederland rivierenland

  •   Aardrijkskunde - Wonen in Nederland - H1 Paragraaf 1

    De Rijn:
    - stroomgebied --> 185.000 vierkante km
    - Waar gaat de Rijn doorheen: Italië, Zwitserland, Liechtenstein, Oostenrijk, Luxemburg, Duitsland, Frankrijk, België en Nederland.
    - Ontstaat uit twee bergriviertjes waarvan het water uit de Zwitserse  Alpen komt.
    - Vanaf Basel is de Rijn bevaarbaar voor grote schepen.
    - In Nederland splits de Rijn in het Pannerdens kanaal en de Waal.
    - De Waal is de belangrijkste vaarroute tussen Rotterdam en Duitsland.
    - Zijtakken Rijn: De Ijssel en de Neder - Rijn (Lek). De Waal en de Lek komen later samen en samen met de Maas worden ze via de nieuwe waterweg afgevoerd naar de zee.
    - De Ijsel komt via het Ketelmeer in het Ijsselmeer.
    Bij de Neder - Rijn zijn er drie stuwdammen. Nummer een heeft de functie om de watervoorzieningen in de Ijssel veilig te stellen.
    De andere twee hebben de functie om de scheepvaart te garanderen en om de watertoevoer naar het Ijselmeer te regelen
  • Aardrijkskunde - Wonen in Nederland - H1 Paragraaf 1

    De Maas:
    - De Maas is kleiner dan de Rijn.
    - De Maas kan snel overstromen als het lange tijd niet heeft geregend en het dan ineens een paar dagen hard gaat regenen. Het water kan 7 meter stijgen, dit is erg gevaarlijk.
    - De maas ontspringt in Frankrijk ( Plateau van Langres).
    - Ontspringt op een hoogte van 409 meter. Vanuit daar naar België en Nederland.
    - De Maas legt een afstand af van 935 km.
    - Maasbracht --> Maastricht heet hij de grens Maas omdat hij de grens tussen België  en Nederland vormt daar.
    - Grens Maas te ondiep voor scheepvaart --> Julianakanaal.
    - Mondt uit in de zee bij het Hollands Diep en dan via Haringvliet de zee in.
  • Aardrijkskunde - Wonen in Nederland - H1 Paragraaf 2
    Debiet:
    hoeveel kubieke meter water er per seconde door een rivier stroomt.
    - De gegevens die hierover worden verzameld worden gebruikt voor de scheepvaart, vaststellen overstromingskans, hoeveelheid koelwater, en water als drinkwater.
    - In 1995 sneeuwde het erg in het stroomgebied van de Rijn. Het dooide en dagen later begon het ook nog eens flink te regenen. De piekafvoer van de zijrivieren ging samen met die van de Rijn en dit zorgde voor een hoogwatergolf.
    - Regenrivier: Rivier alleen afhankelijk van regen.
    - In de zomer staat het water in de Maas erg laag. Om het bevaarbaar te maken worden er stuwen gebouwd.
    - regiem: de verdeling van de waterafvoer binnen een jaar.
    - Het regiem is afhankelijk van:
    1. klimaatomstandigheden (neerslag, vegetatie, windsnelheid).
    2. aan- en afvoer van regen- en smeltwater ( regenrivier onregelmatig debiet).
    3. de eigenschappen van het stroomgebied ( harde grond neemt geen water op).
    4. de invloeden van de mens ( vertragingstijd neemt af).

    -Dijken zijn er al vanaf de vroege middeleeuwen.
    -Als je een dwarsprofiel van een rivier maakt zie je de Zomer- en winterdijk, de een uiterwaard.
    -  De benedenloop van de Maas is bedijkt, omdat hier al het water van het hele stroomgebied wordt opgevangen.
    - In de zomer blijft het water in het zomerbed. In de winter stromen de uiterwaarden over en blijft het water binnen de winterdijken.
    - Buitendijks land: het land tussen de twee winterdijken.
    - Binnendijks land: het land buiten de winterdijken (het bebouwde land).

    - lengteprofiel: Een doorsnede van een rivier over een bepaald traject.
    - Verval: hoogteverschil tussen twee plaatsen.
    - verhang: verval per km ( Dit kan erg verschillen).
  • Aardrijkskunde - Wonen in Nederland - H1 Paragraaf 3
    - De waterhuishouding van Nederland is erg Ingewikkeld. De overheid moet een beleid maken om alles goed te laten verlopen. Dit beleid kan alleen gemaakt worden op basis van gegevens van bijvoorbeeld het KNMI en het IPCC.
    - Door klimaatveranderingen kan het neerslagregiem erg veranderen.  
    - De klimaatveranderingen algemeen:
    1. Het wordt warmer.
    2. Er valt meer neerslag.   (zomerse regenbuien, en natuurlijk in de winter).
    - Vanaf de ijstijd stond de Noordzee droog. Daarna smolt het ijs van de gletsjers en werd de zeespiegel steeds hoger. Met uitzondering van de late middeleeuwen waar de zeespiegel daalde (kleine ijstijd).
    - Opwarming van de oceaan is een groot probleem. (thermische expansie).
    - Dammen houden tegen dat er veel water snel de Noordzee in stroomt.
    - De snelheid en de hoogte van de zeespiegel is niet overal op aarde gelijk. Aantal factoren:
    -  bodemstijging/daling, oceaancirculatie, zoutgehalte, plaatselijke temperatuur en wind.
    - Behalve de zeespiegelstijging is er ook bodemdaling in Nederland.Een oorzaak hiervan is dat er vroeger een continentale plaat onder Antarctica schoof. Hierdoor kwam Nederland omhoog, later is dit evenwicht verschoven en Nederland zakt weer langzaam omlaag.
    - Vroeger werd sediment neergelegd naast de rivieren , dit compenseerde voor de bodemdaling. Nu kan dit niet meer door dijken.
    - inklinking: de bodem zakt in, door weghalen van water.
    Ook kan de bodem dalen/inklinken door gas onder de bodem weg te halen.
  • Welke klimaatomstandigheden verwachten klimaatwetenschappers?
    - warmere en drogere zomers
    - nattere en zachtere winters
  • wat zijn de drie oorzaken van verdroging?
    - door kanalisatie wordt het grondwater niet aangevuld en droogt het sneller uit.

    - Verdamping zal toenemen door de verwachte temperatuursverhoging.

    - In de droge zomers valt er minder regen om in de grond te zakken.
  • Waarom biedt minder vorst voordelen?
    De bodem wordt niet belemmerd door ijs waardoor regen en natte sneeuw in de grond kan trekken.
  • Wat is de drietrapsstrategie?
    - vasthouden (ter plekke)
    -bergen ( in bekkens)
    -afvoeren   ( Als het water niet geborgen kan worden)
  • Waar wordt waterbeheer zowel mee gekoppeld?
    - recreatie
    - historie
    - horeca en winkels
  • Wat zijn Waldi's ?
    Poreuze waterdoorlatende greppels. Door de Waldi's kan dit 'schone' water gescheiden worden van het afvalwater.
  • Wat is de groene berging?
    Een meer waar water wordt geborgen. (retentie)
  • Wat is er belangrijk tijdens een watertoets?
    - veiligheid
    - wateroverlast
    - waterkwaliteit
    - verdroging
  • Wat is het normaliseren van een rivier?
    De bochten worden uit de rivier gehaald zodat de rivier regelmatiger loopt.
  • Waar dienen kribben voor?
    - De rivier dieper maken voor scheepvaart. (door erosie)
    - De stroomsnelheid vergroten (door smaller oppervlak)
  • Wat houd ruimte voor de rivier in?
    - de veiligheid en aantrekkelijkheid van de Nederlandse rivieren veranderen.
    - Maar ook: nieuwe natuur, versterken landbouw, nieuwe recreatiemogelijkheden ontwikkelen en de verbindingen verbeteren.
  • Wat zijn de manieren om aan rivierbedverruiming te doen?
    - Verdiepingen maken door de uiterwaarden te vergraven. 
    - Een nevengeul(buitendijks) of hoogwatergeul(binnendijks)graven. 
    - Het verdiepen van het zomerbed.
    - Het verlagen van kribben.
    - verbreding (dijkverlegging) (De dijk wordt meer landinwaards gelegd).
    - Obstakel verwijdering.
  • Wat is een retentiebekken?
    Een binnendijks omdijkt gebied waar met hoogwater tijdelijk water kan worden opgeslagen
    - Is het meest effectief als ze stroomopwaarts  worden aangelegd.
  • Wat is een noodoverloopgebied
    Hetzelfde als een retentiebekken maar deze zijn pas nodig als er een noodsituatie kan ontstaan.
  • De drie belangrijke doelstellingen van de maaswerken
    - overstromingen verminderen (uiterwaarden aangepast, hoogwatergeulen, retentiegebied.)

    - Betere bevaarbaarheid ( voor industriegebieden in duitsland enz.)

    - Een natuurlijke Maas (meer nieuwe natuur).
  • Wat is de taak van een waterschap?
    Deze zorgt ervoor dat er altijd en overal voldoende water is van goede kwaliteit
  • Nederland moet goed samenwerken met de andere landen uit het stroomgebied van een bepaalde rivier. Om problemen aan te pakken.
  • Wat zijn NGO's ?
    NGO's zijn niet - commerciële organisaties die een politiek of maatschappelijk doel nastreven en niet onder een overheid vallen.
  • Welke gehalten zijn te hoog in de Rijn?
    Het fenol- en zoutgehalte (organismen in de zee gaan dood).
  • De slechte stoffen die van de fabrieken uit het water in worden gedumpt, hechten zich makkelijk aan de slibdeeltjes aangezien de Rijn in de benedenloop (Nederland) niet zo snel stroomt.
  • ICBR (De internationale Commissie ter bescherming van de Rijn)
    -werd in 1950 opgericht
    - ook wel Rijnconferentie genoemd
    - Zwitserland, Frankrijk, Luxemburg, Duitsland en Nederland.
    - Proberen problemen Rijn op te lossen.
    - Zalm terugbrengen.
  • Wat is het Rijnchemieverdrag?
    - Een  verdrag wat de chemische vervuiling van de Rijn terug moet dringen. 

    - voor elk bedrijf en voor elke stof werd er bepaald hoeveel er geloodst mocht worden.   

    - Dit heet gewerkt.
  • Nog meer verdragen:
    - Het Rijnzoutverdrag:   Bepaald het chloridegehalte in de Rijn. 
    - Thermische vervuiling:  Koelwater mag niet te warm worden. Als dit wel gebeurd raakt het ecosysteem van slag. Organismen krijgen minder zuurstof en gaan op den duur dood.
  • Mircoverontreininging is tegenwoordig een groter probleem, deze kleine deeltjes zitten in cosmetica, en huishoudelijke chemicaliën . Deze stoffen zijn moeilijk uit het water te krijgen.
  • De algemene doelen van het Actieplan Hoogwater
    - vermindering van de risico's op schade met 10% in 2005 en 25% in 2010. 
    - vermindering extreme hoogwaterstanden.
    - bewustwording hoogwaterstanden
    - verbeteren van  voorspellings en waarschuwingssystemen voor hoogwater.
  • H3- DE WERELD VAN DE STAD
  • Kenmerken die een plaats een stad maken
    - zichtbare uiterlijk
    - de bewonerskenmerken
    - de functie
  • vormkenmerken
    - adressendichtheid ( aantal adressen per vierkante kilometer).
    -   de mate van een agglomeratie ( hoe groter het stedelijk gebied hoe aannemelijker het is dat het een stad is.) 
    - dichtheid van de bebouwing
    - maaswijdte wegennet
  • bewonerskenmerken
    - minder sociale controle. (mensen worden er minder op aangekeken als ze op een manier leven die niet 'normaal'zou zijn). 
    - Veel en gevarieerde woonruimtes beschikbaar, voor alle burgers( Arm of rijk.)
  • functiekenmerken
    - in de stad is de tertiaire sector sterk ontwikkeld(veel diensten en gericht op beroep). 
    - Er komt geen agrarische functie voor.
    - Een economische, culturele en politieke functie komt wel voor.
    - Veel belangenorganisaties vestigen zich in de stad. Ze face- to-facecontact met andere bedrijven en contacten. Zo kunnen er snel besluiten worden genomen.
    - Steden zijn van ouds handelsplaatsen , banken trekken dit aan en zo ook dienstverleningen. 
    - non - profitsector?
  • functionele organisatie van de grote vier
    - Amsterdam: financiële hart,veel culturen, onderwijs, onderzoek.
    - Den Haag: overheid
    - Groot- Rotterdam: Havenfunctie , industrie , wetenschappelijk onderwijs.
    - Utrecht: verkeersknooppunt , binnenstad dient als vergadercentrum en winkelstad.
  • Reikwijdte: De maximumafstand die een klant bereidt is om a te leggen om van een bepaalde functie gebruik te maken.
  • voorzieningenniveau van Christaller
    - centrale voorziening: plaats je winkel op een plek waar je veel mensen bereikt.
    - meerdere voorzieningen in een groot gebied, grotere voorzieningen liggen verder van het centrum.
    - hoe groter de maaswijdte hoe hoger op de dienstenladder en hoe groter centraliteit.
  • Wat is clustering?
    het zo dicht mogelijk bij elkaar zitten van soortgelijke winkels.
  • digitalisering is slecht voor goederendistributie, winkels gaan hierdoor failliet.
  • Wat is een stadgewest ?
    Een gebied met een hecht netwerk met hun verzorgingsgebied
  • Wat is een stedelijke zone?
    Een gebied met een netwerk van meerdere steden en hun verzorgingsgebieden.
  • Een stad die niet goed bereikbaar is verliest zijn centrale functie.
  • Waarom vertrokken mensen in de negentiende eeuw naar de stad?
    Boeren verloren hun werk door schaalvergroting en mechanisering. Ze gingen in de stad werken in een fabriek of in havens enz.
  • Waarom gingen mensen in de jaren zestig terug wonen op het platteland?
    - Meer welvaart , dus meer geld voor een groter huis
    - Meer vrije tijd , meer aandacht aan 'thuis'.
    - Toename autobezit.   
    - uitbreiding wegennet.
  • nadelen wonen in het groen
    - grote verkeersstromen dus files.
    - luchtvervuiling
    -geluidsoverlast
  • gebundelde deconcentratie zorgt voor nog meer files omdat er geen werk is in de meer afgelegen gebieden.
  • compacte verstedelijking
    - inbreidingslocaties 
    - uitleglocaties --> dicht bij de stad bouwen
  • compact bouwen voordelen
    - zuiger met dure grond
    - de afstand wordt beperkt gehouden.
    - ov is makkelijker
    - draagvlak wordt vergroot.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

compact bouwen voordelen
- zuiger met dure grond
- de afstand wordt beperkt gehouden.
- ov is makkelijker
- draagvlak wordt vergroot.
compacte verstedelijking
- inbreidingslocaties 
- uitleglocaties --> dicht bij de stad bouwen
nadelen wonen in het groen
- grote verkeersstromen dus files.
- luchtvervuiling
-geluidsoverlast
Waarom gingen mensen in de jaren zestig terug wonen op het platteland?
- Meer welvaart , dus meer geld voor een groter huis
- Meer vrije tijd , meer aandacht aan 'thuis'.
- Toename autobezit.   
- uitbreiding wegennet.
Waarom vertrokken mensen in de negentiende eeuw naar de stad?
Boeren verloren hun werk door schaalvergroting en mechanisering. Ze gingen in de stad werken in een fabriek of in havens enz.
Wat is een stedelijke zone?
Een gebied met een netwerk van meerdere steden en hun verzorgingsgebieden.
Wat is een stadgewest ?
Een gebied met een hecht netwerk met hun verzorgingsgebied
Wat is clustering?
het zo dicht mogelijk bij elkaar zitten van soortgelijke winkels.
voorzieningenniveau van Christaller
- centrale voorziening: plaats je winkel op een plek waar je veel mensen bereikt.
- meerdere voorzieningen in een groot gebied, grotere voorzieningen liggen verder van het centrum.
- hoe groter de maaswijdte hoe hoger op de dienstenladder en hoe groter centraliteit.
functionele organisatie van de grote vier
- Amsterdam: financiële hart,veel culturen, onderwijs, onderzoek.
- Den Haag: overheid
- Groot- Rotterdam: Havenfunctie , industrie , wetenschappelijk onderwijs.
- Utrecht: verkeersknooppunt , binnenstad dient als vergadercentrum en winkelstad.