Samenvatting Developmental Psychology The Growth of Mind and Behavior

-
ISBN-10 0393124010 ISBN-13 9780393124019
470 Flashcards en notities
3 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Developmental Psychology The Growth of Mind and Behavior". De auteur(s) van het boek is/zijn Frank Keil. Het ISBN van dit boek is 9780393124019 of 0393124010. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Developmental Psychology The Growth of Mind and Behavior

  • 1 Approaching Psychological Development

  • De menselijke ontwikkeling kan worden verdeeld in perioden gebaseerd op leeftijd
    - prenatale periode: (tot geboorte)
    - kindertijd: periode vanaf geboorte tot 1,5 jaar. 
    - voorschoolse periode: 1,5 tot 4 jaar oud. Taal, denken aan afwezige dingen en geheugenvaardigheden worden beter. 
    - vroege basisschoolleeftijd: 5 tot 7 jaar. Ervaring van het kind strekt uit tot wereld buiten de familie. 
    - late basisschoolleeftijd: 8 tot 12 jaar. Complexe problemen en capaciteiten om gedachten te uiten ontwikkelen in deze periode. Focus leeftijdsgenoten, meer zelfcontrole
    - adolescentie: 13 tot 20 jaar. Gekenmerkt door nemen van risco's, zoeken sensatie, onafhankelijk worden ouders
    - jongvolwassenheid: 21 tot 30 jaar. Bepaalde rol in het leven
    - middenvolwassenheid: periode 31 tot 60 jaar. Carrierepiek en het volwassenen onafhankelijk worden van nageslacht.
    - late volwasssenheid: 60 jaar en ouder. Sterke afname cognitieve en motorische vaardigheden.
  • Verschillende types van ontwikkeling:
    -perceptuele ontwikkeling: ontwikkeling capaciteit om sensorische informatie te ontvangen en verwerken. 
    -ontwikkeling handelingen 
    - cognitieve ontwikkeling: informatie begrijpen en gebruiken
    - morele ontwikkeling: besef van normen en waarden
    - sociale ontwikkeling: veranderingen in de manier waarop relaties worden gevormd.
    - emotionele ontwikkeling: welke emoties aanwezig zijn bij een baby en welke zich later in het leven ontwikkelen
  • Welke perspectieven op development kennen wij?
    - comparatieve 
    - evolutionaire perspectieven
    - cross-culturele perspectief
    - neurowetenschappelijke perspectief
    - empirische perspectief
    - navitische perspectief
  • Wat hebben navitische en empirische perspectieven met elkaar gemeen?
    Het zijn beide filosofische perspectieven
  • Wat is het verschil tussen navitische en empirische perspectief?
    Empirisch: benadrukt dat we vanaf onze geboorte een algemeen, universeel leersysteem bezitten. Geest van een kind is tubula rasa: schone lei. Alle kennis wordt verkregen van informatie van zintuigen en verbindingen daartussen. 'Nurture'  omgeving belangrijk. 
    Nativisme: benadrukt het idee dat er een set van verschillende leersystemen aanwezig is bij geboorte. Gericht op nature
  • Wat houdt het comparatieve perspectief in?
    Gericht op onderzoek dat vergelijkingen maakt tussen soorten.
  • Wat houdt evolutionaire perspectieven in?
    Gericht op redenen waarom bepaalde trekken opduiken in opeenvolgende generaties van een populatie door het proces van natuurlijke selectie.
  • Wat hebben evolutionaire en comparatieve perspectieven met elkaar gemeen?
    Staan ons toe om meer te weten over de oorsprongen van verscheidene psychologische capaciteiten
  • Welke twee hoofdvragen zijn van belang bij cross-cultural perspectief?
    1. Hoe beïnvloeden culturele variaties de patronen van ontwikkeling?
    2. Welke aspecten van gedrag of geest ontwikkelen zich consistent bij alle culturen?
  • Waar richten neurowetenschappelijke perspectieven zich op?
    De manier waarop neurobiologische systemen de psychologische ontwikkeling beïnvloeden en veroorzaken. Bestuderen rijping hersenen
  • Waar richt gedragsperspectief zich op?
    Op de manier waarop geobserveerde gedragingen worden gevormd en beïnvloedt worden door externe factoren.
  • Hoe wordt een observationeel onderzoek uitgevoerd?
    Personen worden geobserveerd in natuurlijke omgeving. Belangrijk voor studie naar ontwikkeling. Zorgen voor spontane ontdekkingen
  • Wat is een nadeel van observationeel onderzoek?
    Dat ze geen causale relaties kunnen aantonen, maar alleen correlaties.
  • Wat zijn de twee voordelen van een experimenteel onderzoek?
    Specifieke effecten op stimuli en gebeurtenissen op personen te bestuderen en dat de onderzoekers gerichte beoordelingen van specifieke variabelen kunnen ontwerpen.
  • Wat is een nadeel van experimenteel onderzoek?
    Lage ecologische validiteit: mate waarin het onderzoek van toepassing is op echte wereld
  • Wat is het verschil tussen within subject design en between subject design
    Within: persoon neemt deel aan alle condities
    between: persoon neemt deel aan een conditie
  • 2.1 DNA - Genen: basis

  • Wat bevat een DNA molecule?
    Genen
  • Welke 2 sequenties bevatten DNA?
    Structurele sequentie en regulatoire sequentie
  • Wat is structurele sequentie?
    Zorgen voor bv een bepaalde lichaamsstructuur/chemische reactie
  • Wat is een regulatoire sequentie?
    Bepalen of en hoeveel bepaalde proteinen actief worden
  • Wat is GENOME?
    Alle chromosomen samen
  • Wat is alellen?
    Genen kunnen verschillende varianten hebben
  • Waar worden DNA moleculen opgeslagen?
    In de cel kernen als chromosomen
  • Homozygoot
    Beide ouders leveren dezelfde allel
  • Heterozygoot
    Beide ouders leveren een andere allel
  • Alellen kunnen 3 eigenschappen hebben:
    Dominant, recessief en codominant
  • Wat is fenotype?
    Genen en omgeving
  • Epigenetische regulatie
    Bepalen in hoeverre een gen aan of uitgezet wordt (door methylatie)
  • Methylatie
    Bepaald laagje over een gen heen, waardoor de gen aan of uitgezet wordt
  • Meiose
    Een speciaal soort celverdeling dat cellen voorbereidt op seksuele recombinatie
  • Mitose
    Wanneer een cel deelt, wordt het genetische materiaal gereproduceerd in een nieuwe cel
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

In welk cultuur is ageism meer uitgesproken?
In individualistische culturen
Wat is ageism?
De inaccurate negatieve biases tegenover ouderen. Stereotype chagrijnige man komt niet overeen met de algemene neiging van ouderen om in overeenstemming met de leeftijd vriendelijker te worden.
Welke stadia heeft Erikson neergezet bij psychosociale ontwikkeling?
1. Vertrouwen vs wantrouwen (0 - 1.5 jaar): moeder/verzorger reageren op behoeften van een kind. 
2. Autonomie vs schaamte/twijfel (1.5 - 3 jaar) enig gevoel van autonomie geven, wanneer ouders te controlerend zijn zullen hun kinderen twijfels krijgen over eigen capaciteiten en schaamte ontwikkelen
3. Initiatief vs schuld (3 - 6 jaar)
4. Ijver vs minderwaardigheid (6 - 12 jaar) bewust van eigen prestaties in vergelijking met anderen. 
5. Identiteit vs rolverwarring (12 -18 jaar) plaats in wereld vinden. 
6. Intimiteit vs isolatie: (18 - 30 jaar) vormen van hechte interpersoonlijke banden. Intimiteit kan een grote uitdaging zijn voor jonge volwassenen.  
7. Generativiteit vs stagnatie (30 - 50 jaar) leveren van bijdragen aan de wereld (generativiteit) maatschappij profiteert van persoon met generativiteit. Stagnatie: niet bezig met anderen, geen bijdrage. 
8. Integriteit vs wanhoop (50 jaar en ouder): integriteit: voelen zich goed over leven dat ze hebben geleid, inclusief fouten. Wanhopige mensen voelen dat ze niet hebben bereikt wat ze gehoopt hadden.
Op neuraal niveau hoe wordt de positivity bias in werking gezet?
Bij ouderen is de amygdala, hersengebied sterk betrokken bij emoties, opvallend minder actief bij vertonen als reactie op negatieve stimuli dan in vergelijking met positieve stimuli.
Wat houdt positivity bias in?
Dat naarmate volwassenen ouder worden, ze ertoe neigen een positievere kijk op realiteit en hun ervaring te hebben. Minder geneigd aandacht te richten op negatieve gebeurtenissen in een verscheidenheid aan experimentele situaties.
Wat zou effect kunnen hebben op de big five?
Herhaaldelijke optreden van stressvolle gebeurtenissen kan effect hebben op persoonlijkheidstrekken tijdens volwassenheid
Welke persoonlijkskenmerken staan bekend om de big five?
Extroversion, neuroticism, openness to experience, agreeableness en conscientiousness.
Wat houdt het circadiaanse ritmes in?
Verschuiving in biologische activiteit en functies gedurende een dagelijkse cyclus- variëren vaak bij studenten en middenvolwassenen. Jongere presteren best later op de dag, ouderen begin van de dag.
Welke verschillende aspecten houden verband met veroudering?
-hayflick limit: menselijke cellen kunnen zich vijftig keer opdelen, wat limiet op levensduur oplevert. 
-telomere: einde op chromosoom dat elke cel splitsing zou verkorten
- telomerase: een enzym dat telomeren verlengt en dat kan worden aangetast door kankercellen om te blijven opsplitsen. 
- psychobiomarker: psychologische staat van een persoon
Waar zorgt slaapgebrek voor?
Cognitieve achteruitgang. Sommige cognitieve gebreken bij ouderen kunnen verminderd worden door hun slaap te verbeteren.