Samenvatting Financieel Management en financiering

-
ISBN-13 9789001867164
139 Flashcards en notities
8 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Financieel Management en financiering". De auteur(s) van het boek is/zijn Keijzer Renaud. Het ISBN van dit boek is 9789001867164. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Financieel Management en financiering

  • 1 H9 Kostenvoet eigen vermogen

  • Aandelenmarktlijn
    Grafisch verband tussen het risico van een aandeel (bèta) en het verwacht rendement van het aandeel
  • Diversificatie
    Spreiding van de totaal beschikbare geldmiddelen over verschillende aandelen
  • Efficiënte markthypothese
    De opvatting dat de koersen op financiële markten tot stand komen op basis van informatie en daardoor onvoorspelbaar zijn.
    Er zijn verschillende varianten: zwakke vorm, semisterke vorm en sterke vorm.
  • Marktportefeuille
    Een beleggingsportefeuille waarin alle risicodragende beleggingsvormen naar hun beurswaarde zijn ondergebracht.
  • Rendement op aandelen: gewogen gemiddelde
    Het rendement op aandelen berekend door het gemiddelde te berekenen van het jaarlijkse rendement op aandelen
  • Rendement op aandelen: meetkundige gemiddelde
    Het rendement op aandelen berekend door het jaarlijks rendement te berekenen, en wel door de jaarlijkse waardegroei van een portefeuille te bereken uit de begin- en eindwaarde van de portefeuille waarbij tussendoor ontvangen dividend verondersteld wordt te worden herbelegd
  • Risico van een portefeuille
    De mogelijkheid dat de werkelijke uitkomst afwijkt van de verwachte uitkomst
  • Standaarddeviatie
    Risicomaatstaf die de omvang van de spreiding rondom het verwachte rendement aangeeft.
  • Systematische risico/marktrisico
    Risico dat aandelenbeleggers altijd lopen
  • Uniek risico/specifieke risico
    Het specifieke risico dat verbonden is aan het aanhouden van het aandeel zelf. Het unieke en het systematische risico samen vormen het totale risico
  • Waardemanagement
    Doelstelling -> waardemaximalisatie
    Waarde -> contante waarde  van de toekomstige (vrije) kasstroom
    Risico -> Bedrijfsrisico - investeringsstructuur
                                                    Optimalisatie bij een gegeven vermogensstructuur:                                                          maximale vrije kasstromen
                 ->  Financieringsrisico - financieringsstructuur
                                                    Optimalisatie bij een gegeven investeringsstructuur:                                                        minimale vermogenskostenvoet
  • Kasstroombepaling indirecte methode
    Bedrijfsresultaat (EBIT)                           €
    Belasting over EBIT                         -/-     €
    Afschrijving                                         +    €
    Dotatie/onttrekking voorziening   +/-    €                        
    Kasstroom op winstbasis                       €
    Invest in geÏnduc kapitaal              -/-     €                        
    (voorr+deb-cred+overig) 
    Kasstroom op operatiebasis                  €
    Invest in vaste activa                      -/-     €                       
    (desinv tegen boekwaarde)      
    Vrije kasstroom (FCF)                             €
  • Vermogenskostenvoet
    VKV : (EV/TV) x Kev + (VV/TV) x Kvv x (1-tax)
  • Effectief rendement

    Effectief rendement op aandelen : koersrendement + dividendrendement
    Effectief rendement op obligaties : koersrendement + couponrendement
    Koersrendement : (slotkoers-openingskoers)/openingskoers
    Dividendrendement : uitgekeerd dividend/openingskoers
    Couponrendement : uitbetaalde rente/openingskoers
  • CAPM (Capital Asset Pricing Model)

    Belegger in aandelen eist een risicovrij rendement (Rf) en een vergoeding voor risico bestaande uit verwacht of geëist rendement x bèta wegens bedrijfsrisico en financieel risico (VV/EV)

    Bèta : conjunctuurgevoeligheid, Systematisch risico
    1 : gemiddeld cyclisch
    < 1 : zwak cyclisch
    >1 : sterk cyclisch       

    CAPM
    E(Ri) = Rf+(Rm-Rf)xBètai

    Small Firm Effect
    MKB heeft hogere Kev dan grote bedrijven

    E(Ri) = Rf+(Rm-Rf)xBèta+SFP
  • 2 H10 Vermogensstructuur en vermogenskosten

  • Optimale vermogensstructuur
    Een vermogensstructuur waarbij de waarde van de onderneming maximaal is, dus de gemiddelde vermogenskostenvoet minimaal,
  • Agencytheorie
    Theorie die het gedrag tussen bestuurders (agenten) en aandeelhouders (principalen) onderzoekt.
  • Dividendstabilisatiepolitiek
    Een dividendpolitiek waarbij het bestuur van de organisatie streeft naar een stabiel dividend per jaar (ieder jaar hetzelfde bedrag aan dividend)
  • Faillissementsrisico
    Het risico dat de verstrekker van middelen aan de onderneming als gevolg van een faillissement zijn vordering in het geheel niet of gedeeltelijk nier krijgt terugbetaald.
  • Hefboomeffect
    Het verschijnsel dat het rendement op EV toeneemt als de onderneming EV vervangt door VV waarvan de kostenvoet lager is dan de rentabiliteit op het totale vermogen.
  • Hefboomfactor (leverage)
    De hoeveelheid VV t.o.v. EV  (VV/TV)
  • Informatieasymmetrie
    Het verschijnsel dat niet iedereen over dezelfde informatie beschikt, wordt vaak in het kader van het agencyvraagstuk gebruikt als verklaring voor het gedrag van bestuurders en aandeelhouders. Het idee is dat bestuurders een informatievoorsprong hebben t.o.v. De aandeelhouders en daarvan kunnen profiteren.
  • Insolventierisico (kredietrisico)
    Het risico dat de verstrekker van VV de verstrekte middelen niet of niet tijdig krijgt terugbetaald.
  • Law of the conservation of value
    De totale waarde van het geheel is gelijk aan de som van de delen.
  • Levenscyclus onderneming
    De weg die iedere organisatie vanaf de start tot faillissement of bedrijfsovername aflegt.
    Start - ontwikkelfase, groei - groeifase - volwassenheid - neergang of doorstart
  • Marktimperfecties
    Voorbeelden van belemmeringen of extra kosten die gemaakt moeten worden in een marktgeoriënteerde economie waardoor het ideaalbeeld niet of tegen hogere kosten kan worden bereikt.
  • Signaaltheorie
    De veronderstelling dat bedrijven door te handelen informatie geven over de organisatie.
  • Tax-shield
    De extra waarde  van de onderneming die ontstaat doordat een gedeelte van de onderneming met VV wordt gefinancierd waarop de rentebetaling fiscaal aftrekbaar is.
  • Value Levered
    De waarde van de onderneming die met zowel EV als VV is gefinancierd.
  • Value Unlevered
    De waarde van de onderneming als die geheel met EV zou zijn gefinancierd.
  • Vermogensstructuur
    De verhouding EV t.o.v. Het TV
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Werkzaamheden treasurer?
1. Corporate Finance (lang)
- Investeringsbeslissingen
- Beschrijving van de vermogensvormen
- Bepaling van de optimale vermogenssctructuur
2. Werkkapitaal beheer en cashmanagement (kort)
- Financiële overzichten en Financiële planning
- Voorraad- en debiteurenbeheer
- Cashamangement
3. Risicomanagement
Aandachtsgebieden treasury management?
- Zorg dragen voor verkrijging en handhaving van toegang tot de vermogensmarkt (Investor Relations en Corporate Finance)
- Optimaliseren van de financiële logistiek (Cashmanagement)
- Beschermen van vermogen en resultaat tegen financiële risico's (Valuta- en Renterisicobeheer)
Definitie treasury management?
Het creëren en n stand houden van financiële randvoorwaarden voor de ontwikkeling van het kernbedrijf en de doelstelling van ondernemingen.
Zero-coupon obligatie
Een obligatielening die tussentijds geen rentevergoeding uitkeert. De obligatie wordt uitgegeven tegen de gedisconteerde waarde.
Yieldcurve / rentetermijnstructuur
De grafische weergave van het verband tussen de looptijd van de lening en het daarbij behorende rentetarief.
Vreemd vermogen
Vermogen dat tijdelijk door vermogensverschaffers aan de onderneming is verstrekt.
Reversed convertible
Een converteerbare obligatielening waarbij de uitgever van de lening aan het einde van de looptijd beslist de nominale waarde van de obligatielening of het aantal afgesproken aandelen uit te keren.
Rentypische looptijd
De periode waarover het afgesproken rentetarief geldt. De looptijd van de lening hoeft niet gelijk te zijn aan de rentypische looptijd.
Pandbrief
Een obligatie die uitgegeven wordt door een hypotheekbank.
Operationele lease
Een overeenkomst tussen twee partijen waarbij de lessee (verhuurder) tegen betaling van het leasebedrag de lessor (huurder) het recht geeft de onderliggende vaste activa te gebruiken, waarbij de bijkomende kosten voor rekening van de lessee zijn.