Samenvatting Functionele harmonieleer

-
106 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Functionele harmonieleer". De auteur(s) van het boek is/zijn Jan Wilbers. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Functionele harmonieleer

  • 1 hoofdFuncties

  • wat gebeurd er bij een rechtstreekse verbinding van N6 met D

    een dwarsstand

  • hoe wordt een dwarsstand aangegeven

    met een verbindingslijn en de letter Q

  • er ontstaat een dwarsstand wanneer de N6 en D rechtstreeks met elkaar verbonden worden, dit gebeurd als gevolg van het verplichte dalen van SAT, er ontstaat een dwarsstand tussen twee van de bovenstemmen.

    in het N6 akkoord zit een laddervreede verlaagde tweede toonladdertoon, namelijk de k6 boven de subdominant grondtoon

    in de dominantdrieklank zit een laddereigen tweede toonladdertoon, namelijk de kwint van de dominantdrieklank.

    een dwarsstand wordt aangegeven met een verbindingslijn en Q

     

    behalve een dwarstand ontstaat er ook een v3 sprong in een van de bovenstemmen.

    deze ontstaat doordat de verlaagde 2e toonladdertoon door de verplichte daling van SAT gevolgd wordt door de verhoogde 7e toonladdertoon.

    beide leidtonen na de finalis volgen dus onmiddelijk op elkaar.

    de v3 sprong wordt aangegeven met een haak en met de aanduiding V3

     

  • 1.1 functieletters

  • hoofdfuncties in de fuctionele harmonie leer

    T voor Tonica D voor dominant S voor subdominant

    hoofdfunctievariant in majeur belangrijke rol- moll-dur-sext een kunstmatige dalende leidtoon naar de vijfde toonladdertoon.

    hoofdfunctievariant in mineur

    dominantvariant: In a klein is dit d-gis-b gis bestanddeel van dominantvariant

    Subdominant  a klein is S de  d-fis-a 

    in a melodische mineur wordt de 6e toonladdertoon f verhoogd door fis om een onzingbare overmatige 2 met leidtoon gis te vermijden.

    Tonicavariant  in a klein is a-cis-e

    om sluiting met picardische terts mogelijk te maken, gebruik je in mineur een verhoogde derde toonladdertoon

    picardische (grote) terts

     

  • 1.2 zetting voor vierstemmig gemengd koor

  • wat geld voor de afstand tussen de koorstemmen s, a t, b onderling?

    stemkruizing verboden, kleinst afstand is een prime, grootste afstand octaaf

  • wat is de abitus(bereik) van elke koorstem?

    een duodecime (octaaf + kwint)

  • ambitus(bereik) elke koorstem een duodecime

    De S en T liggen een octaaf uit elkaar.

    tussen koorstemmen

    stemkruizing verboden

    kleinste afstand een prime

    grootste afstand een octaaf

    prime meest geschikt voor verdubbeling

    prime-kwint verdubbelen terts niet

    kwint kun je weglaten prime en terts niet

    zonder kwint prime 3 x 1-1-1-3

     

  • 1.3 priemklank tertsklank en kwintklank

  • priemklank - grondligging- stamakkoord 1 in bas

    tertsklank -eerste omkering- sextakkoord 3 in bas

    kwintklank tweede omkering- kwartsextakkoord 5 in bas

    tertsklank wordt aangegeven met 3 onder fuctieletter

    kwintklank wordt aangegeven met 5 onder functieletter

  • 1.3.1 octaafligging tertsligging kwintliggin

  • tertsligging betekend de 3 ligt in de sopraan

    kwintligging betekend de 5 ligt in sopraan

    octaafligging betekend de 8 ligt in de sopraan

    hier wordt de terts, kwint en octaafligging aangegeven met een 3,5 of 8 boven de functieletter.

  • 1.3.2 enge, wijd en gemengde ligging

  • enge ligging de drie bovenstemmen sopraan, alt en tenor hebben elke een andere drieklanktoon waarbij elke volgende stem de naast gelegen drieklanktoon laat horen. 5,3,1 of 3-1-5 of 1-5-3

    wijde ligging 5-1-3 of 3-5-1 of 1-5-3 bij beide liggingen de 1 verdubbelen

    bij verdubbeling 1 ontstaat er een enge of weide ligging.

    gemengde ligging  kan ontstaan door de kwint te verdubbelen of door de kwint weg te laten

     

    bij notatie van een vierstemmige zetting begin je bij de bas deze krijgt de 1 daarna sopraan 1,3 of 5 daarna naar alt en tenor.

     

  • 1.6 stemvoeringsfouten

  •  regels die gelden  voor de verbinding van de stamakkoorden van hoofddrieklank.

    gemeenschappelijke tonen blijven liggen

    nieuwe tonen worden bereikt via de kortste weg.

    verboden fenomen

    parallelle priemen, kwinten en octaven.

    overlap- deze ontstaan wanneer een koorstem een noot heeft die hoger ligt dan de vorige toon in de bovenbuur-koorstem, of die lager ligt dan de vorige noot in de onderbuur- koorstem

    melodiesprongen

    anti kwinten en anti octaven zijn verboden

    overmatige intervallen, uitgezonderd de overmatige priem zijn verboden

    septiem-spanning, 2 kwartsprongen in dezelfde liggen,

    none-spanning 2 kwinten in dezelfde richting in de bas moet je vermijden door zigzag beweging toe te passen.

  • 1.7 regel verbinding s-d

  • bij de verbinding van de priemklank van Subdominant en de Dominant onstaat een bijzonder probleem, welke?

    er zijn geen gemeenschappelijk tonen, elke stem moet een nieuwe toon bereiken en de kortste weg is dan dat elke stem een secunde stijgt.

  • als gevolg ontstaan er verboden parallellen welke?

    1 van de bovenstemmen vormt een parallel octaaf met de bas een ander bovenstem vormt een parallelle kwint met de bas.

    de korste weg is hier zinloos.

  • hoe worden de open parallellen bij de verbinding van priemklank van de S en D omzeild?

    bovenstemmen SAT wordt in tegenbeweging van de bas gezet.

  • wat geldt voor de verbinding van de priemklang van D en S?

    Tegenbeweging bas daalt dan de bovenstemmen stijgen.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Voorbeelden van vragen in deze samenvatting

wat geld voor de afstand tussen de koorstemmen s, a t, b onderling?
1
wat is de abitus(bereik) van elke koorstem?
1
bij de verbinding van de priemklank van Subdominant en de Dominant onstaat een bijzonder probleem, welke?
1
als gevolg ontstaan er verboden parallellen welke?
1
Pagina 1 van 16