Samenvatting Geschiedenis van de filosofie

-
ISBN-10 9049104274 ISBN-13 9789049104276
103 Flashcards en notities
3 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Geschiedenis van de filosofie". De auteur(s) van het boek is/zijn Hans Jochim Störig het Duits P Brommer latere van Jos Thielens. Het ISBN van dit boek is 9789049104276 of 9049104274. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Geschiedenis van de filosofie

  • 1 Inleiding

  • Wat zijn de drie grote vragen waar Immanuel Kant, filosoof van de Verlichting in de 18de eeuw (1784), antwoord op wilde geven en waar hebben ze betrekking op?
    1. Wat kunnen we weten?
    Betreft het menselijk kennen
    Hoe zit de wereld inelkaar, hoe moet ik mij haar voorstellen, wat kan ik over haar weten. En vooral, kan ik iets met zekerheid weten.

    2. Wat moeten we doen?
    Heeft betrekking op menselijk handelen. 
    Hoe moet ik mijn leven inrichten. Wat moet ik rederlijke wijs nastreven. Hoe verhoud ik mij tot mijn medemens en tot de samenleving.

    3. Wat mogen we geloven?    
    Gaat over geloven. De dingen waarvan niet vaststaat dat we er zekere uitspraken over kunnen doen maar die zich onontkoombaar aan ons opdringen als we het leven zin willen geven. 
    Bestaat er een hogere macht? Heeft de mens een vrije wil of niet? Is er onsterfelijkheid?
  • 1.1 Het object van de Filosofie

  • Welke deelgebieden zijn in de wijsbegeerten ontstaan en waar hielden zij zich mee bezig
    1. Meta fysica - het heelal maar ook het zintuigelijke nietwaarneembare, het Zijn in zijn totaliteit (de Ontologie)
    2. De logica - de leer van het juiste denken en de waarheid
    3. De ethiek - de leer van het juiste handelen
    4. De kennistheorie - van kennis en haar grenzen
    5. De esthetiek - van het schone
    6. Natuurfilosofie - de natuur
    7. Sociale filosofie - de samenleving

    enz.
  • 1.1.2 Kerngedachten

  • De kerngedachten van Descartes: God en de Ziel. Deze kerngedachtes worden onderworpen aan een streng logische analyse. Volgens Descartes moet het betrouwbaar fundament voor de wetenschap komen van de filosofie. Dat kan alleen op een rationale manier, dus zonder te steunen op geloof (hij was ook wiskundige, dus vandaar dat hij een methode wilde vinden die duidelijk is en elke dwaling uitsluit).

  • Descartes was de man van 'Wat is waarheid?'. Hij dwong zichzelf zelfs te twijfelen aan de meest voor de hand liggende dingen. Twijfelend is hij zeker van zichzelf als denkend wezen 'Cogito ergo sum'. Verder is het enige andere ding dat zeker is, het feit dat God bestaat.

  • Als God waarachtig is, hoe kunnen wij dwalen?

    De hele fysica kan op streng wiskundige manier uit de drie begrippen uitgebreidheid, beweging en rust worden geconstrueerd. Alles, ook de processen in het levende lichaam, kan met deze grondbegrippen wiskundig en mechanisch worden verklaard.

  • Volgens descartes zijn lichaam en geest nauw verbonden. Hoe, dat laat te wensen over.

  • 2.1.1 Thales

  • Thales was de eerste van de milesische natuurfilosofen, eerste helft 6e eeuw v. Chr. En een ervaren en bereisde koopman. Hij bezat astronomische kennis en hield zich bezig met magnetisme en meetkunde. Hij berekende de hoogte van piramiden door op een bepaald moment van de dag de schaduw op te meten. Wat was zijn filosofie?
    Water is de oerstof waaruit alles vorkomt.
    Het moeilijkt van alles is 'zichzelf kennen'
    Het makkelijkst 'anderen raad geven'
    Wat is God 'dat wat geen begin en geen einde heeft'
    Hoe kan je volkomen deugdzaam leven? 'door nooit te doen wat we in anderen veroordelen'
  • 2.1.1.2 Anaximander

  • Milesische filosoofAnimaxander, 611 tot 549, was de eigenlijke grondlegger van de filosofie als wetenschap. Hoe zag hij het oerbeginsel en de evolutie.
    Oerbeginsel van de wereld en oorzaak van alle Zijn is voor hem een in zichzelf onbepaald en onbegrensd iets (apeiron), waaruit zich het koude en het warme, het droge en het vochtige vormden.
    De aarde die eerst in vloebare vorm door de ruimte zweefde en geleidelijk droger wordend de levende wezens voortbracht, die eerst in water leefde en pas later op land.
  • 2.1.1.3 Anaximenes

  • De derde milesische filosoof Anaximenes srierf in 527 v. Chr. Ziet lucht als de oerstof, maar ook de ziel als levengevende adem. Wat heeft de leer van Thales, Anaximander en Anaximenes gemeen?
    Zij hebben gemeenschappelijk dat zij allen het Zijnde proberen te verklaren uit een laatste oerstof of stoffelijk opgevat oerbeginsel. Zij probeerden als eerste om dit probleem onbevooroordeeld te behandelen met natuurwetenschappelijk denken en de vele verschijnselen te herleiden tot 1 oerprincipe.
  • 2.1.2 Pythagoras en de pythagoreeërs

  • De op Samos geboren Pythagoras wiskundige en astronoom leefde tussen 580-500 v. Chr. Hij plaatste wiskunde en de getallenleer in het middelpunt van zijn filosofie. Hoe ziet dit eruit?
    Pythagoras ziet de getallen als eigenlijk geheim en de bouwstenen van de wereld. Elk getal heeft een bijzondere kracht en betekenis. 10 is het volmaakte getal, de harmonie van de wereld. Kosmos. Berust erop dat alles in haar naar getalsverhoudingen gevormd is. Hij heeft tonen tot getalsverhoudingen herleid, trillingsgetal. Dit vond hij ook weer terug in de ruimte. Elk bewegend hemellichaam veroorzaakt door grootte, baan, snelheid een ander geruis, 'harmonie der sferen'
  • Stelling van Pythagoras, driehoek 90
    A kwadraat + B kwadraat = C kwadraat (C= de wortel uit C kwadraat)
    A = 3  B = 4  C = ?
    9 + 16 = 25 Wortel uit 25 = 5
    C = 5
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

De ethiek volgens de atoomleer
Het hoogst voor de mens bereikbare geluk bestaat in eenblijde tevredenheid. Die bereikt hij door matigheid, geringschatting van zinnelijk genot, maar voor alles door waardering van geestelijke goederen.
Democritus heeft de leer van Leucippus uitgewerkt en in tegenstelling tot Parmenides nam hij het niet-zijnde, een lege ruimte, als waar aan. Wat zijn de atomen volgens hem?
Het ruimtevullend volle is niet één, het bestaat uit talloze vanwege hun kleinheid niet waarneembare deeltjes. Deze deeltjes hebben zelf geen lege ruimte, zij vullen hun ruimte geheel. Zij zijn ook niet deelbaar. Daarom heten zij atomen, dat wil zeggen ondeelbare dingen.
Atomen bestaan uit dezelfde stof, zijn onvergankelijk en onveranderlijk. Ze verschillen wel in grootte en gewicht. Al het samengestelde ontstaat door samenvoeging van atomen. Vergaan is het uiteengaan van te voren verbonden atomen.
Wat zijn de belangrijkste ideeën van Empedocles?
1. Hij wordt grondlegger van 'de 4 elementen' vuur lucht water en aarde. Hij stelt de 4 grondstoffen als gelijkgerechted naast elkaar. (Milanesische filosofie was eerst water tot oerstof verheven en daarna lucht. Bij Heraclitus werd vuur verheven tot oerstof en de Eleatische filosofie heeft meer aandacht voor aarde als oerstof)

2. Drijvende en vormende krachten van alles wat er gebeurd zijn Empedocles een verenigende en een scheidende kracht die hij liefde en haat noemt (aantrekking en afstoting) (In ontwikkeling van de wereld overheerst nu eens de een dan weer de andere kracht)

3. Eerst ontstaan de lagere en dan hogere organismen. Plant»dier»mens  Eerst waren beide geslachten in elkaar verenigd later zouden de geslachten als individu ontwikkelen.

4. Grondstelling van zijn kennisleer;
Elk element in de buitenwereld wordt gekend door een gelijksoortig element in ons.
Ze noemen Empedocles ook wel een eclecticus, wat bedoelen ze hiermee?
Ze noemden hem eclecticus (uitkiezer)omdat hij gedachten koos uit voorafgaande stelsels en probeerde deze tot een nieuw geheel samen te voegen.
Waarom hebben degene die verlangen naar het einde van de strijd en een eeuwige vrede ongelijk volgens Heraclitus?
Met het ophouden van scheppende spanningen zouden volstrekte stilstand en dood intreden. 
Daarom ook zou het voor de mens niet goed zijn al zijn wensen vervuld te zien. Want het is de ziekte die de gezondheid zoekt maakt. Pas dor vergelijking van kwaad, honger en inspanning begrijpen we wat goed, verzadiging en rust betekenen.
Voor God zijn alle dingen schoon, goed en rechtvaardig, de mensen houden het ene voor goed en het andere voor slecht.
Onbewust gaat Heraclitus hiermee weg van de Griekse veelgodendom richting  de ene God
Wat bedoelde Heraclitus met 'Logos'?
'Alles beheersende wereldrede' waarin de mens deel aan heeft en ziel na de dood in terugkeert 'als een licht dat dooft'
Heraclitus, natuurfilosoof, deed uitspraken als 'je kunt niet tweemaal afdalen in dezelfde rivier' of 'alles stroomt en niets blijft' Hij spreekt van een oervuur waarmee hij waarschijnlijk oerenergie bedoelt. Welke wit ziet hij hierin?
De grote wet volgens welke de oerenergie zich onophoudelijk ontvouwt in veelheid is de eenheid der tegenstellingen. Alle ontwikkeling heeft plaats in het polaire samenspel van tegengestelde krachten.
Zeno van Elea (490 v. Chr) was verdediger van Parmenides leer. Hoe probeerde hij tegenwerpingen te weerleggen?
Een afgeschoten pijl bevind zich elk moment van zijn vlucht op een bepaalde plaats van de ruimte en is daar op dat moment in rust. 
Maar als hij elk afzonderlijk moment van zijn vlucht in rust is, is hij gedurende heel zijn vlucht in rust. Dus de vliegende pijl beweegt niet, er is geen beweging.

Het wezenlijke van tijd is echter een onafgebroken stromen door alle momenten heen. Het opdelen in afzonderlijke momenten komt uit ons denken.
Parmenides (540 v. Chr) was een groot denker van de elastische school en borduurde voort op Xenophanes gedachte over een onveranderlijk Zijn overgenomen en systematisch vormgegeven. Hoe zag dat eruit? En welke conclusie trekt hij hieruit?
Waarheid en weten worden geplaatst tegenover schijn en menen.
Het ware weten wordt verkregen door zuiver redelijke kennis.
Deze leert dat er alleen Zijnde bestaat er geen niet-zijnde bestaan. Alleen het Zijnde is, het niet-Zijnde is niet en kan niet worden gedacht. Onder zijnde wordt verstaan 'dat wat ruimte vult'
Beweging veronderstelt altijd een niet-zijnde, want wil een lichaam zich bewegen naar een bepaalde plaats, moet daar tevoren lege ruimte en dus niets geweest zijn. Hetzelfde geld voor ontwikkeling en worden, want wat moet 'is'tevoren niet.

Conclusie, dat er in werkelijkheid geen beweging en geen worden kan bestaan maar alleen een onveranderlijk blijvend Zijn.
(ONTKENNING VAN BEWEGING)
De zintuigen die ons een een wereld van voortdurend worden en vergaan voorspiegelen bedriegen ons. Zij zijn een bron van dwaling.