Samenvatting Geschiedeniswerkplaats; Geschiedenis Tweede Fase vwo handboek

-
ISBN-13 9789001903558
106 Flashcards en notities
4 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Geschiedeniswerkplaats; Geschiedenis Tweede Fase vwo handboek". De auteur(s) van het boek is/zijn Tom van der Geugten, Bernadette Hijstek, Iris van Olst, René Aap, Peter Schrö, Rein Tromp, Dik Verkuil. Het ISBN van dit boek is 9789001903558. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Geschiedeniswerkplaats; Geschiedenis Tweede Fase vwo handboek

  • 4 De tijd van steden en staten

  • Tussen welke jaartallen speelde de tijd van steden en staten zich af?
    Tussen het jaar 1000 en 1500.
  • 4.1 De opkomst van steden

  • Voor welke samenleving legde de opkomst van handel en nijverheid de basis?
    De agrarisch-urbane samenleving, deze herleefde. (kenmerkend aspect)
  • 4.1.1 Verstedelijking

  • Welk langdurig proces zorgde er ook na de middeleeuwen voor dat er weer veel steden ontstonden?
    Dit proces heette de Urbanisatie. De Urbanisatie had als oorzaak dat er een einde kwam aan de invasies en plundertochten van de vikingen.
  • Hoe kwam het dat de steden buiten het eindigen van de plundertochten zo explosief groeiden?
    Voortdurend trokken mensen naar de stad. Er ontstond een markt van vraag en aanbod in de steden, die boeren met overschotten verkochten aan de -aan hun heer- ontsnapte stedelingen.
  • 4.1.2 Handel en nijverheid

  • Wat waren de belangrijkste handelsproducten voor het opbloeien van de handel en nijverheid, en lange afstand handel?
    Voornamelijk wijn, ijzer en Aziatische producten zoals specerijen.
  • Welke regio's kwamen door de opkomst van handel en nijverheid in bloei doormiddel van hun ligging?
    De regio's: Vlaanderen, Noord-Italie, en steden aan riviermondingen aan zee zoals Dordrecht en Londen.
  • Er ontstond een organisatie die vele kooplieden verbond met elkaar, en het kooplieden makkelijker maakte om te handelen. Onder welke naam stond deze organisatie geregistreerd, en noem een streven van de organisatie.
    De organisatie heette 'De Duitse Hanze', een streven van de organisatie was het makkelijker maken van de handel in het West-Europese gebied, doormiddel van privileges verlenen aan de leden. Bijvoorbeeld dat de leden geen tol hoefden te betalen.
  • 4.1.3 Een geldeconomie

  • In Italië ontstonden bepaalde aspecten voor het realiseren van een geldeconomie, noem drie belangrijke aspecten die het begin van een geldeconomie weergeven?
    De wisselbrief ontstond, de eerste banken kwamen op en handelaren gingen geld uitlenen tegen rente.
  • 4.2 De stedelijke burgerij

  • Noem het kenmerkend aspect van 4.2 De stedelijke burgerij.
    De opkomst van de stedelijke burgerij en de toenemende zelfstandigheid van steden.
  • 4.2.1 Zelfstandige steden

  • Bewoners van steden vormden een eenheid, deze stedelingen waren verlost van de heer en wilden later ook verlost zijn van hertogen en koningen die de baas over hun stad waren. Om zelfstandig te worden moest er onderhandeld worden over stadsrechten en privileges, leg uit wat de stedelingen met de onderhandelingen bereikten.
    De stedelingen kregen door de onderhandelingen meer zelfstandigheid met hun stad, zo kregen ze bijvoorbeeld stadsrechten, die hen het recht gaf zichzelf te besturen volgens eigen wetten. Ook kregen de stedelingen door onderhandelingen met hun heer privileges.
  • In ruil voor zelfstandigheid kregen de koningen en hertogen natuurlijk wel iets terug, in welke vorm was dit voornamelijk?
    Vaak kregen vorsten invloed in de stad via een baljuw of schout, een ambtenaar die namens hen rechtsprak. Ook werden stadsrechten gegeven om steun te krijgen van die steden.
  • 4.2.2 De stedelijke samenleving

  • De Burgerij bestond uit mensen die het burgerrecht hadden gekocht, ze kregen dan rechten van de stad. Veel mensen konden dit burgerrecht echter niet kopen. Welke bevolkingsgroepen konden geen burger worden?
    Vrouwen, arbeiders, los werkvolk, bedelaars en geestelijken konden geen burgerrecht kopen en vielen dus onder geen recht, of onder een ander recht.
  • Het bestuur van een stedelijke samenleving zat lastig in elkaar, rijke koopmansfamilies zaten in het bestuur en -raden. Noem deze bestuursraden op volgorde.
    Rijke koopmansfamilies zaten in de raad van schepenen die vanuit het raadhuis de stad bestuurde, ook werd het recht hieruit geregeld. In de vroedschap zaten meer leden die konden meepraten over belangrijke besluiten. De burgemeester had de leiding over het dagelijks bestuur.
  • Van welke organisaties konden burgerlijke ambachtslieden lid worden in de stad?
    Zij konden lid worden van de gewapende schutterij, die voor veiligheid zorgde in de stad. Ook konden zij lid worden van een gilde, wat de beroepsopleiding regelde.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Doordat de Britse koning Jacobus 2 niet aan de opgelegde regels van het parlement wilde voldoen, greep Willem 3 zijn kans en kwam op de troon. Hoe deed hij dat en wat was het gevolg hiervan?
Hij deed dit door de regels die het parlement hem oplegde te respecteren. HIerdoor ontstond de Glorious Revolution en werd Engeland  een constitutionele monarchie
De minister van Lodewijk XIV moest ervoor zorgen dat er genoeg geld in het laadje kwam om oorlogen te voeren, hoe kreeg deze minister Colbert dat voor elkaar?
Minister Colbert voerde het Mercantilisme in, wat erop neerkwam dat de overheid zich met de economie bemoeide om de rijkdom van het land te vergroten. De economie van het eigen land was het aller belangrijkste en moest ten alle tijden bevoorrecht worden.
Hoe heette het regeringssysteem van Lodewijk XIV wat bekend staat om alle macht in handen te hebben?
Het absolutisme.
De katholieke Habsburgse keizer probeerde zijn macht in het rijk te versterken door het protestantisme te onderdrukken, andere Duitse vorsten verzetten zich hiertegen. Wat was het gevolg hiervan?
In 1618 breekt hierdoor de 30jarige oorlog uit.
Noem het kenmerkend aspect betreffende paragraaf 6.3 ‘het absolutisme’.
Het streven van vorsten naar absolute macht.
Door de welvaart van de Republiek waren veel landen jaloers en probeerden ze de Republiek te veroveren, wat was het gevolg hiervan?
Doordat de Republiek zoveel oorlogen moest doorstaan om andere landen van zich af te houden, kostte dit ook veel geld. Hierdoor leidde de economie enorm, en werd de Republiek economisch gezien ingehaald door Engeland en Frankrijk. De Gouden Eeuw was voorbij.
Er was geen godsdienstvrijheid in de Republiek maar wel gewetensvrijheid... Wat hield dit in?
Mensen mochten alles geloven maar niet openlijk met hun godsdienst bezig zijn behalve  dan met het calvinisme.
Tijdens de Gouden Eeuw beleefde Nederland buiten de handel ook nog op andere vlakken een grote opmars, noem deze vlakken.
Op cultureel vlak kwam het schilderen met mannen zoals Rembrandt van Rijn en Frans Hals op. De literatuur bloeide met mannen als P.C. Hooft. In de wetenschap had de Republiek ook een vooraanstaande rol, omdat nergens de geestelijke vrijheid zo groot was dan in de Republiek.
Nederland beleefde in de 17e eeuw een economische bloeiperiode. Hoe heette deze periode en waardoor werd deze veroorzaakt?
Deze periode heette natuurlijk de Gouden Eeuw. Dit werd in de eerste plaats veroorzaakt door de handel, met Amsterdam als belangrijkste stapelplaats van Europa. In de tweede plaats werd dit veroorzaakt door de nijverheid.
In de Republiek bestond altijd een tegenstelling tussen regenten, wat was deze tegenstelling?
Er was altijd een tegenstelling tussen ‘staatsgezinde regenten’ en ‘prinsgezinde regenten’. Het verschil tussen hen was dat de staatsgezinde regenten liever geen stadhouder wilden, en de prinsgezinden juist liever een sterke stadhouder.