Samenvatting Het Nederlandse huwelijksvermogensrecht

-
ISBN-10 9013104851 ISBN-13 9789013104851
419 Flashcards en notities
9 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Het Nederlandse huwelijksvermogensrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn A R de Bruijn. Het ISBN van dit boek is 9789013104851 of 9013104851. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Het Nederlandse huwelijksvermogensrecht

  • 1.1 Geschiedenis tot de codificatie van 1838

  • In hoeverre had de vrouw zeggenschap na de voltrekking van een huwelijk in de eeuw voor 1838?

    Er ontstond een voogdij van de man over de vrouw, waardoor zij onbekwaam werd en haar echtgenoot haar moest bijstaan bij het verrichten van rechtshandelingen. Hoewel er later niet meer werd gesproken van voogdij, bleef de feitelijke situatie gelijk.

  • In ieder geval tot 1838 was de positie van de vrouw binnen het huwelijk sterk ondergeschikt aan de positie van de man.

  • 1.2 Oorsprong en verdere ontwikkeling van de wettelijke gemeenschap van goederen

  • Waarom speelde de gemeenschap op het platteland een kleine of geen rol, terwijl het juist in de steden wel belangrijk werd?

    Onroerende zaken vielen in het algemeen buiten de gemeenschap. De goederen op het platteland vielen voornamelijk buiten de gemeenschap, terwijl de goederen in de steden juist wel tot de gemeenschap behoorden.

  • Sinds wanneer is de algehele gemeenschap een vast onderdeel (voor het grootste gedeelte van de bevolking) in ons recht?

    Codificatie, 1838

  • 1.3 Geschiedenis van de huwelijkse voorwaarden

  • Hoe is het huwelijkscontract ontstaan?

    Bij huwelijk gaf de bruidegom aan zijn bruid een dos, een blijk van de man dat hij de echtgenote als vrouw wil hebben. Na de de huwelijksnacht gaf de man aan de vrouw een morgengave, als blijk dat het huwelijk voltrokken was. Later kwamen daar algemene condities en verplichtingen bij, die samen het costumiere huwelijkscontract vormden. 

  • Hoe heeft de huwelijke voorwaarde zijn intrede gedaan?

    In de vroege Middeleeuwen stapten sommigen af van het costumiere recht van de gemeenschap door kleine (en later grotere) inbreuken te maken op de samenstelling van de gemeenschap. Er ontstond zelfs een mogelijkheid om de gemeenschap in zijn geheel uit te sluiten.

  • 1.5 Geschiedenis na de codificatie van 1838

  • Noem een aantal wetswijzigingen na de codificatie van 1838.

    Vrouwen konden scheiding van goederen, tafel en bed en echtscheiding aanvragen.

    De vrouw werd niet langer van voogdij uitgesloten.

    Bij de verwekker van het kind, terwijl moeder ongehuwd was, kon een o.a. levensonderhoud gevraagd worden.

     

  • 1.6 De wet van 14 juni 1956, stb. 1958, 343

  • Noem een aantal belangrijke wijzigingen die omstreeks deze tijd werden doorgevoerd.

    De rechtspositie van de man en vrouw ten aanzien van hun gemeenschappelijke vermogen is gelijk.

    Rechtshandelingen kon de vrouw eigenmachtig verrichten.

    De man is niet meer het hoofd binnen de 'echtvereniging'.

  • 2.1.1 Geschreven en ongeschreven normen

  • Waarom zijn de artikelen in titel 1.6 sober van aard?

    Omdat het lastig in alle situaties te voorzien. De bestaande artikelen zijn van veelal van dwingend recht, maar het grootste gedeelte wordt overgelaten aan ongeschreven recht.

  • Titel 1.6 bevat algemene bepalingen voor echtgenoten. Het maakt niet uit of zij in wettelijke gemeenschap van goederen zijn getrouwd of op een andere manier. De meeste bepalingen van titel 1.6 zijn van dwingend recht, tenzij er is aangegeven dat er afgeweken mag worden van de bepalingen bij schriftelijke overeenkomst of bij huwelijkse voorwaarden.
  • Is titel 1.6 gemaakt voor wettelijke gemeenschap van goederen of huwelijke voorwaarden?

    Titel 1.6 geeft daar geen uitsluitsel over en is dus voor beide.

  • Hoe kan men afwijken van de bepalingen in titel 1.6?
    Als aangegeven is dat dit mogelijk is dan kan dit bij:
    - schriftelijke overeenkomst
    - huwelijkse voorwaarden
  • 2.1.2 Getrouwheid

  • Art. 1:81 BW legt de plicht tot getrouwheid op. De sanctie is scheiding van tafel en bed of echtscheiding. --> niet afdwingbaar.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wanneer is de vordering tot verrekening opeisbaar?
Art. 6:38 BW vanaf het moment waarop zij ontstaat.
Schwanen/Hundscheid: m.b.t. een finale verrekenplicht, die was ontstaan door omzetting van en niet nageleefd periodiek verrekenbeding, beslist dat de vordering eerst bij het einde van het huwelijk kan worden gevorderd. Aangenomen moet worden dat de verrekenplicht pas op het moment van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking opeisbaar zou zijn. Het tijdstip van art. 1:142 lid 1 sub b BW is leidend.
Wat is een facultatief verrekenbeding?
Het ontstaan van de verbintenis tot verrekening is afhankelijk van de vraag of partijen op enig moment hiertoe zullen beslissen.
Wat houdt een finaal verrekenbeding in?
Verrekening vindt plaats bij het einde van het huwelijk. Er wordt afgesproken bij het einde van het huwelijk te verrekenen alsof men in gemeenschap van goederen was gehuwd. = verrekenen op basis van een pseudogemeenschap van goederen.
Wat houdt een periodiek verrekenbeding in?
Een periodieke verrekening van overgespaarde inkomsten.
Bv. Amsterdam verrekenbeding: modelovereenkomst die kan gebruikt worden voor het formuleren van huwelijkse voorwaarden.  Uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen en de echtgenoten moeten elk jaar ter verrekening bij helfte bijeenvoegen hetgeen van hun inkomens na voldoening van de kosten van de huishouding onverteerd is gebleven. --> in gelijke mate profiteren. Weinig echtgenoten verrekenen ook daadwerkelijk jaarlijks, dan geldt art. 1:141 BW.
Wat is het wettelijk deelgenootschap?
Een verrekenstelsel dat een uitsluiting van de gemeenschap van goederen inhielden de obligatoire verplichting van de echtgenoten de vermeerdering van beider vermogen, die gedurende het deelgenootschap had plaatsgevonden, te delen. --> wordt weinig toegepast. Vorm van finaal verrekenbeding
Wat is een verrekenbeding?
Een beding in huwelijkse voorwaarden of in een echtscheidingsconvenant krachtens welke echtgenoten obligatoir anders afrekenen dan goederenrechtelijk uit hun huwelijkse voorwaarden voortvloeit.
Wat wordt verstaan onder de vermelding genoemd in art. 1:130 BW?
Men eist een algemeen specifieke omschrijving.
Wat is de sanctie op overtreding van art. 1:117 lid 1 BW?
Nietigheid, iedereen kan zich hierop beroepen. De rechtshandeling wordt niet door het opvolgend geldige huwelijk bekrachtigd art. 3:58 lid 2 BW.
Wanneer is er sprake van dwingend recht?
- Als er in de wetsbepaling staat dat er niet van af mag worden geweken.
- Het kan uit de formulering worden afgeleid.
- Het karakter en de strekking van de in die voorschriften vervatte regels brengen hun dwingende aard mee.  
- Op grond van de geschiedenis en de bedoeling van het artikel.
Is een uitsluitingsclausule tussen echtgenoten, uitdrukkelijk dan wel stilzwijgend, aan te merken als huwelijksvoorwaarde in materiële zin?
Nee