Samenvatting IBR - Athena Studies

102 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - IBR - Athena Studies

  • 1.1 Stof

  • Wat is een verbintenis?
    • Een verbintenis is een juridische plicht die inhoudt dat een bepaalde partij (meestal een natuurlijk persoon) iets moet doen, moet geven of moet nalaten. 
    • Verbintenissen kunnen slechts ontstaan als dit uit de wet voortvloeit op grond van art. 6:1 BW. 
  • Waaruit kunnen verbintenissen voortvloeien?
    • Overeenkomst
    • Onrechtmatige daad
    • Onverschuldigde betaling
  • Belangrijk!

    • Het verbintenissenrecht zorgt voor het bestaan van relatieve of persoonlijke rechten die iemand heeft jegens een andere partij.  
    • Het zijn geen rechten die jegens een ieder afdwingbaar zijn, alleen de wederpartij is gebonden aan de overeenkomst
    • Dergelijke verbintenisrechtelijke rechten gaan dus ook niet over op een rechtsopvolger van de wederpartij onder bijzondere titel  
  • Wat zijn relatieve rechten?
    Een relatief recht is een vermogensrecht dat slechts in relatie tot een of meer bepaalde rechtssubjecten kan worden uitgeoefend. Een relatief recht staat tegenover een absoluut recht, wat de rechthebbende tegenover ieder rechtssubject kan doen gelden.
  • Wat zijn absolute/zakelijke rechten?
    Absoluut recht is recht van één tegenover allen, dus tegenover eenieder te handhaven. Absoluut recht is het tegenovergestelde van relatief recht. Het makkelijkste voorbeeld van een absoluut is het eigendomsrecht en de beperkte rechten die de wet opsomt (vruchtgebruik of hypotheek). 
  • Wat is numerus clausus?
    Een gesloten wettelijk stelsel van beperkte rechten. 
    --> zakelijke/absolute rechten zijn beperkt in omvang tot wat de wet als opties biedt.
  • Zakelikje rechten kennen ook zaaksgevolg (Droit de suite), wat is dit?
    Het recht op een zaak blijft op die zaak rusten, ook als die zaak in andere handen komt. Het recht volgt dus de zaak.
  • Zakelijke rechten hebben ook droit de préférence, wat is dat?
    voorrecht dat aan zaken of zakelijke rechten aanhangt, de eigenaar of zakelijk gerechtigde heeft ten aanzien van deze zaken een voorrecht in bijv. een faillissement van een derde
  • Wat is het vermognsrecht?
    Het verbintenissen- en goederenrecht tezamen.
  • Wat is een overeenkomst?
    Een juridisch bindende afspraak tussen twee (of meer) partijen waaruit verbintenissen voortvloeien.
  • Wat zijn relatieve of persoonlijke rechten?
    Rechten die alleen tussen bepaalde personen gelden.
  • Wat zijn absolute of zakelijke rechten?
    Rechten die gelden op een bepaald goed ten behoeve van een bepaald persoon en die jegens iedereen gelden.
  • Wat is een debiteur?
    Een schuldenaar jegens een ander, de crediteur.
  • Wat is een crediteur?
    Een schuldeiser jegens een ander, de debiteur.
  • Wat is een rechtsverhouding?
    Een juridische band tussen twee of meer partijen die bijvoorbeeld door een overeenkomst tot stand is gekomen.
  • Wat is eigendom?
    Het meest omvangrijke recht dat iemand op een zaak kan hebben. (art. 5:1 BW).
  • Wat is mede-eigendom?
    De situatie waarin een zaak in eigendom is van twee of meerdere personen.
  • Wat zijn goederen?
    Zaken en vermogensrechten tezamen (art. 3:1 BW).
  • Wat zijn zaken?
    Voor menselijke beheersing vatbare stoffelijke voorwerpen (art. 3:2 BW). Bijvoorbeeld een fiets.
  • Wat zijn vermogensrechten?
    Rechten die, hetzij afzonderlijk hetzij tezamen met een ander recht, overdraagbaar zijn, of er toe strekken de rechthebbende stoffelijk voordeel te verschaffen, ofwel verkregen zijn in ruil voor verstrekt of in het vooruitzicht gesteld stoffelijk voordeel (art. 3:6). (bijv. Geldvordering van een op een ander)>
  • Wat zijn beperkte rechten?
    Absolute rechten die op een eigendomsrecht (of ander bepekrt recht) rusten. Bijv. Recht van hypotheek.
  • Wat zijn afhankelijke rechten?
    Beperkte rechten die afhankelijk zijn van een moederrecht.
  • Wat zijn nevenrechten?
    Een afhankelijk recht dat afhankelijk is van een vorderingsrecht (art. 6:142 BW).
  • Wat zijn de rechten van een eigenaar (art. 5.1 BW)?
    • Zaak exclusief gebruiken
    • De vruchten ervan gebruiken
    • De zaak in eigendom overdrachten
    • OF bijv. Bezwaren in het kader van zekerheidsstelling. 
  • Een eigenaar heeft ook een bijzondere rechtsactie, welke is dat?
    Revindicatie (art. 5:2 BW); Revindicatie is het recht van een eigenaar om zijn zaak op te eisen van een ander, die de zaak zonder recht onder zicht houdt. Revindicatie wordt ook wel opeising van eigendom genoemd. In sommige gevallen wordt de houder van de zaak, tegen de vordering tot revindicatie beschermd.
  • Wat is een rechtshandeling?
    Een handeling met een daarmee beoogd rechtsgevolg. Bij de totstandkoming van een rechtshandeling staan de wil en verklaring centraal.
  • Art. 3:33 BW: 
    Een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard.
  • Welke drie vormen van rechtshandelingen zijn er?
    • Eenzijdige ongerichte rechtshandelingen
    • Eenzijdig gerichte rechtshandelingen
    • Meerzijdige rechtshandelingen
  • Wat zijn eenzijdig ongerichte rechtshandelingen?
    Geen instemming/ontvangst van een andere persoon vereist.
    Bijvoorbeeld testament.
  • Wat zijn eenzijdig gerichte rechtshandelingen?
    Geen instemming, wel ontvangst van de andere persoon vereist. 
    Bijvoorbeeld opzegging van huur/arbeidsovereenkomst.
  • Wat zijn meerzijdige rechtshandelingen?
    Worden door meer dan één persoon verricht. 
    Belangrijkste voorbeeld = de overeenkomst (6:217 BW).
  • De persoon die de rechtshandeling uitvoert dient handelingsbekwaam te zijn. 

    ZO niet? Dan volgt op grond van art. 3:32 lid 2 BW vernietigbaarheid (bijv eenzijdige ongerichte rechtshandelingen nietigheid).
  • Wat is een wilsgebrek?
    Een discrepantie van wil en verklaring. De naar buiten gerichte wil en verklaring zijn dan niet meer in overeenstemming en zo komt er geen rechtshandeling tot stand. 

    !! Soms wel --> derdenbescherming art. 3:34/35
  • Art. 3:34 BW

    Derdenbescherming (Geestelijke Stoornis)
    Vereisten om je op dit artikel te beroepen zijn:
    • Een partij diens geestvermogens moeten gestoord zijn 
      • Bijv. Ziekte of iemand die onder invloed is van bedwelmende middelen;
    • De stoornis moet een redelijke waardering van de belangen beletten
      • Het moet door die stoornis komen dat de persoon niet meer helder kan denken --> Causaliteit    


    Hieraan voldaan?
    lid 2 --> vernietigbaar of nietig
  • Art. 3:35 BW

    Derdenbescherming (Gerechtvaardigd vertrouwen)
    Cumulatieve vereisten:
    • Er moet sprake zijn van een verklaring of gedraging van een persoon die; 
    • De wederpartij op een bepaalde manier heeft opgevat en die; 
    • Deze wederpartij ook , gelet op alle omstandigheden, zo mocht opvatten. 
  • Wat is handelingsonbekwaamheid (3:32 BW)?
    Tenzij anders bepaald, is iedere persoon bekwaam tot het verrichten van eigen rechtshandelingen.
  • Wie zijn handelingsonbekwaam, bepaalt de wet?
    • Minderjarigen (arrt. 1:234 lid 1 BW)
      • Kan wle toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger handelen (art. 1:234 lid 1 BW)
    • Personen die onder curatele zijn gesteld (art. 1:381 lid 2 BW)
  • Handelingsonbekwame personen kunnen wel rechtshandelingen verrichten op naam van een ander.

    • vertegenwoordiging (art. 3:63 lid 1 BW) 




    Ze kunnen ook door feitelijke gedragingen juridische gevolgen veroorzaken (6:162 BW) 
  • Gevolg van handelingsonbekwaamheid voor verrichte rechtshandeling is vernietigbaarheid (3:32 li2 BW)

    Voor eenzijdige ongerichte rechtshandeling is die nietig (art.3:32 lid 2 BW).
  • Wat is handelingsonbevoegdheid?
    Bij handelingsonbevoegdheid is een persoon in bijzondere gevallen niet in staat zich onaantastbaar te verbinden. 

    Dus; bekwaamheid zit dus op kunnen handelen, bevoegdheid op mogen handelen.
  • Wat is een overeenkomst?
    6:217 BW

    Een overeenkomst is een meerzijdige rechtshandeling, waarbij door op elkaar aansluitende wilsverklaringen van partijen tussen hen rechtsgevolgen ontstaan.
  • Het overeenkomsten- of contractenrecht kent een aantal belangrijke beginselen:
    1. Contractsvrijheid
    2. Pacta sunt servanda
    3. Consensualisme
  • Wat is contractsvrijheid?
    De vrijheid om overeenkomsten te sluiten met partij en inhoud naar keuze (tenzij beperkt door de wet, zie art. 3:40).
  • Wat is pacta sunt servanda?
    Het beginsel van de verbindende kracht van de overeenkomst. (6:248 lid 1 BW).
  • Wat is consensualisme?
    Vormvrijheid. Dit houdt in dat partijen zelf de vorm en werking van hun overeenkomst bepalen (art. 3:37 BW).
  • Voor de obligatoire overeenkomst als meerzijdige rechtshandeling zijn dus twee op elkaar aansluitende wilsverklaringen nodig, een aanbod, en de aanvaarding daarvan.
  • Voordat het is aanvaard, is een aanbod in beginsel herroepelijk (art. 6:219 lid 1 BW), tenzij sprake is van een termijn van aanvaarding, de onherroepelijkheid op andere wijze voortvloeit uit het aanbod of sprake is van een optiebeding (art. 6:219 lid 3 BW).
  • Nietigheid werkt van rechtswege (automatische) en het inroepen daarvan is dus niet nodig.

    Vernietigbaarheid moet door een partij worden ingeroepen.
  • Let op!!
    Er wordt pas van aanbod gesproken, als het aanbod daadwerkelijk de persoon heeft bereikt (daarvoor is het een verklaring).
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Betaling of nakoming van een verbintenis kan gebeuren aan;
  1. De schuldeiser zelf, tenzij
    • Schuldeiser handelingsonbekwaam is (art. 6:31 BW) -> dan wettelijke vertegenwoordiger
    • Er sprake was van een beslag of de schuldeiser onbevoegd was tot ontvangst (art. 6:33 BW)
  2. Een persoon die naast (de gevolmachtigde) of in plaats van (de wettelijke vertegenwoordiger) bevoegd is tot ontvangst;
  3. Aan iemand die onbevoegd is, indien; 
    • De betaling wordt bekrachtigd degene aan wie wel betaald moest worden (6:32 BW)
    • Indien de schuldeiser gebaat is door de betaling
  4. In gevallen:
    • Indien de schuldeiser het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt dat betaling aan de derde kon geschieden (art. 3:61 lid 2 of 3:35/36
    • Krachtens art. 6:34 BW, indien de schuldenaar redelijke gronden had om aan te nemen (3:11 BW) dat ofwel de ontvanger als schuldeiser gerechtigd was om de betaling te ontvange, ofwel om andere redenen aan de schuldeiser betaald moest worden. De echte schuldeiser kan de prestatie verhalen op degene die onterecht heeft ontvange (art. 3:36 BW). 
Betaling of nakoming van een verbintenis kan gebeuren door;
  1. De schuldenaar zelf of door een onmiddellijk vertegenwoordiger van de schuldenaar;
  2. Door een derde (6:30 BW)
De wet biedt de benadeelde wederpartij bij niet-nakoming een aantal middelen (remedies) aan om juridisch tegen de niet-nakomer te kunnen optreden;
  • Het vorderen van correcte nakoming;
  • Het ontbinden van de overeenkomst;
  • Het vorderen van schadevergoeding op grond van wanprestatie;
  • Het opschorten van diens eigen verbintenissen
Pacta sunt servanda is een belangrijke hoofdregel van het verbintenissenrecht. Wat betekent het?
Overeenkomsten en de daaruit voortvloeiende verbintenissen moeten worden nagekomen. Afspraak is afspraak. (Tevens ook hoofdregel Nederlands recht)
HR Saladin/HBU
Uitleg 6:248 lid 2 BW

Saladin was klant bij HBU in curacao. Het personeel van de bank heeft hem ongevraagd een effectentransactie voorgesteld en aangeraden. Hij zou bepaalde aandelen kopen van een derde-partij en later met enorme winst doorverkopen
  • HBU bemiddelde hierbij slechts en nam in de bemiddelingsovereenkomst een exoneratiebeding op (uitsluiting aansprakelijkheid)
  • Aandleenmarkt stort in, Saladin verliest veel geld en eist dit terug van HBU, want derde-partij was failliet.


Kan dat zomaar?
  • NEE! In principe was HBU niet de investeerder en bovendien was er een exoneratiebeding. 
  • HR geeft de volgende gezichtspunten om dit te kunnen oordelen;
    1. De zwaarte van de schuld, mede in verband met de aard en de ernst van de bij enige gedraging betrokken belangen;
    2. De aard en de verdere inhoud vna de overeenkomst waarin het beding voorkomt;
    3. De maatschappelijke positie en de onderlinge verhouding van partijen;
    4. De wijze waarop het beding tot stand is gekomen;
    5. De mate waarin de wederpartij zich de strekking van het beding bewust is geweest.
HR Haviltex
Hét standaardarrest over de uitleg van overeenkomsten. 

Rechtsregel

HR: 
Overeenkomsten moeten niet zuiver taalkundig worden uitgelegd, het komt immers ook aan op;
  1. De zin die partijen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs over en weer aan de bepalingen mochten toekennen en; 
  2. Hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs over en weer van elkaar mochten verwachten.
Uit HR Bunde/Erckesn volgt dat bij de uitleg m.b.v. De Haviltex-norm een rol kan spelen dat;
  1. De betekenis waarin de ene partij de uitdrukking heeft opgevat meer voor de hand lag dan die waarin de ander haar heeft opgevat;
  2. Indien de uitdrukking een vastomlijnde technische betekenis heeft, heeft de partij die uitging van deze betekenis mochten verwachten dat de andere partij op de hoogte was van deze betekenis?
  3. Of de partij die zich door een deskundige liet bijstaan en de wederpartij mocht verwachten dat die deskundige de betekenis kende en de andere partij daarover heeft voorgelicht;
  4. Of een door partijen aan de uitdrukking gehechte betkenissen zou leiden tot een resultaat dat hetgeen partijen met de overeenkomst beoogden minder goed zou zijn te rijmen . 
Wat is de Haviltex-norm?
Een overeenkomst moet niet louter taalkundig worden uitgelegd. Het komt aan op;
  1. De zin die partijen in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs over en weer aan de bepalingen mochten toekennen en;
  2. Hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten
Waaruit vloeien de rechtsgevolgen van een overeenkomst?
  1. Primair; de door partijen overeengekomen rechtsgevolgen
  2. De wet
  3. De gewoonte
  4. De redelijkheid en bilijkheid 
Wat is een voortbouwende overeenkomst?
Een overeenkomst gebaseerd op een door partijen onterecht aangenomen rechtsverhouding kan ingevolge art. 6:229 BW vernietigd worden door de partij in wiens belang de regeling bestaat (art. 3:49 BW). 

(Komt praktisch weinig voor).