Samenvatting Identiteit 3

-
150 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Identiteit 3

  • 1.1.1 Typologie

  • Op welke twee typologieën gaat de garage terug?
    Stal en koetshuis
  • Wat is een typologie? Lang
    =leer van de typen
    • geëvolueerd in de tijd
    -18e eeuw: theoretisch instrument voor classificatie van de begrippen (brengt 'structuur' aan in de kennis, maakt 'inzicht' in disciplines mogelijk)
    • In de architectuur gebeurd deze classificatie op basis van:
      • Morfologische kenmerken (Laugier) = wat is de vorm?
      • Typologische kenmerken (Blondel) = functie & praktisch

    -20e eeuw: ontwerp-instrument van waaruit mogelijke ontwerp beslissingen zijn te genereren
    • Panerai heeft het over een 'generatieve typologie' (type om nieuwe types te ontwikkelen) : reproduceerbaar stelsel van samenhangende ontwerp-keuzes. 
  • Wat is een type?
    Panerai beschrijft een type als: 
    • geheugenkoffer 
    • drager van ontwerpervaringen (met gelijksoortige problemen)
    •  een geijkte oplossing 
  • 1.1.2 Ontwikkeling van het begrip type

  • Wat is een typologie? Kort
    • 'type' van het grieks 'types' = vorm of patroon
    (model / mal / reliëf / ...) (een basisvorm om gelijkaardige vormen te ontwikkelen) 

    • methode tot classificatie 
  • Waar gebruikte men eerst classificatie?
    In de platenkunde: Linnaes (1758): classificatie van platen
  • Type vs model
    Quincy 'type als synoniem voor model' zei hij, al is er in werkelijkheid wel een verschil
  • Quatremère de Quincy, type
    Hij gebruikte type als analyse methode 
    > type is het resultaat van een lange TRADITIE, een evolutie
    > niets komt uit het niets voort
    > alles heeft een VOORGESCHIEDENIS (+ context)
    > BASISPRINCIPE steeds waarneembaar
    > type kan VERANDEREN, dit kan VORMVARIATIES in de uitwerking betreffen maar een type kan ook grondig wijzigen en verder ONTWIKKELEN
    > type is een ABSTRACT BEGRIP
  • Jean Nicolas-Louis DURAND
    (1760-1834) begin 19e eeuw
    Hij gebruikte type als classificatiesysteem 
    > classificatiesysteem gericht op onderwijs en productie van architectuur (types voor onderwijs en architecten, nood aan want nieuwe soorten gebouwen) 
    > plannen van gebouwsoort samenstellen als puzzel (letterlijk)

    > type gebruikt als te kopiëren MODEL, als concreet voorbeeld > ontwerpen werd een kwestie van samenvoegen van in hun vorm bepaalde onderdelen 
    > typologie staat volgens Durand los van de oorspronkelijke context van de gebruikte vorm (niet afhankelijk van plaats en tijd) (<> Quatremère de Quincy)
  • Boeken van Durand
    •  1e boek: ‘Grand Durand’ 
      • typologisch OVERZICHT van toonaangevende gebouwen 
    • 2e boek: Précis des Leçons données à l’Ecole Polytechnique (1802- 1809, begin 19de eeuw) 
      • catalogus / vocabulaire van gebouwonderdelen en gebruiksaanwijzing (Ontwerpmethodiek) oplossing voor mogelijk voordoende ontwerpproblemen
  • L'Ecole Polytechnique
    • Begin 19e eeuw 
    • school in parijs die toen ontwikkeld werd 
    • Durand 
    • <-> traditionele baeux art scholen    
  • 1.1.3 Functionalisme

  • Wat is het functionalisme?
    (1920-1930)
    > andere ROL voor typologie door - PRIMAAT VAN HET PROGRAMMA / DE FUNCTIE - AFWIJZING VAN TRADITIE
    1. classificatie in termen van functie (niet van vorm of opbouw) (hotel, gevangenis, stations, kantoren, enz) =FUNCTIONELE TYPOLOGIE
    2. model of STANDAARD (een prototype, geen resultaat histor. Ontwikkeling) 
    > type 
    = nieuwe UITVINDING 
    = basis voor een nieuwe REEKS 
    = losstaand van het verleden 
    Bv. bij Nicolaus Pevsner, Ernst Neufert, de modernisten (zo functioneel mogelijk, zonder ruimte te verliezen. Modernisten maakte een type, los van het verleden en het was de nieuwe standaard), …
  • 1.1.4 Typologie en morfologie

  • Wat weet je over 'de Italiaans school'?
    > Saverio Muratori (1959), Carlo Aymonino (1965) en Aldo Rossi (1970) > kritiek op functionalisme / modernisme
    > minder grote breuk met verleden
    > nieuwe impuls vanaf 1950
    > typologie op basis van VORM terug in de belangstelling
    > onderzoek op de bestaande stad + continuïteit van de historie
    > Saverio MURATORI (1959)
    • MORFO-TYPOLOGISCH STADSONDERZOEK 
    • met typologie als ANALYSE-INSTRUMENT      
  • 1.1.5 Morfo- en typologische onderzoek

  • Wat is Morfo-typologisch onderzoek?
    > onderzoek op concrete stedelijke vorm
    > onderzoek op aanwezige, geregeld voorkomende elementen bv. woningen
    > relatie tussen VORM VAN DE STAD >< TYPOLOGIE VAN DE GEBOUWEN
  • Wat zijn de conclusies van morfo-typologisch onderzoek
    1. TYPE ontwikkelt zijn specifieke kenmerken alleen in een stedelijk weefsel 
    2. STEDELIJK WEEFSEL ontwikkelt zijn specifieke kenmerken alleen binnen een stedelijke structuur / context 
    3. STEDELIJKE STRUCTUUR enkel begrijpbaar in HISTORISCHE DIMENSIE 
  • Wie is Aldo Rossi?
    1966-1970
    > meer gericht op het ontwerpen en schaal van de architectuur
    > TYPE
    • = diep in de mens verankerd
    • = drager van culturele betekening
    > architectonisch typen destilleren uit het stedelijk weefsel
    > OER-ELEMENTEN v/d architectuur (niet meer reduceerbaar)
    > HISTORISCH ONVERANDERBAAR
    > nadruk op culturele betekenis van type (elementaire vormen)
  • Verschil tussen Italiaans kunsthistoricus G.C. Argan & Quetremère de Quincy
    Type volgens architectuurtheoreticus Quatremère de Quincy
    • > Reductie van een gebouwd object (tot aantal basiskenmerken)
    Type volgens Italiaans kunsthistoricus G.C. Argan
    •  > Abstractie van een reeks gebouwen op basis van hun 
     gemeenschappelijke structurele kenmerken
  • Wat is het verband tussen deze gebouwen:
    Klooster van Fontenay 12e eeuw
    Le corbusier, la tourette, 1959
    Le corbusier heeft inspiratie gehaald uit het klooster.
    'door abstractie van een reeks gebouwen op basis van hun functionele kenmerken' 
    • cellen rond binnenwand
    • verschil: bij le Corbusier loopt het landschap door het gebouw, het gebouw staat er maar onderbreekt landschap niet. 
    Je ziet hoe een type kan evolueren en zelfs van functie veranderen 

    Le corbusier heeft dan weer Stephane Beel geïnspireerd (woning te Rotselaar)  
  • VBVRAAG: Op welke typologie heeft Le corbusier La tourette gebaseerd? Leg uit adhv een schets.
    -traditionele kloostertype met kruisgang.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat weet je over deze woning?
Sculp(it),  2006‐7 Eigen woning+bureau Antwerpen, contextualisme, les 2 p 100
  • Inspelen op context: schipperskwartier  
  • Maximale uit diepte gehaald 
Wat weet je over deze woning?
Rijhuis Verstrate‐De Lange in Sint‐Niklaas, 2012 ONO Architectuur / Gert Somers & Jonas Lindekens, kritisch regionalisme, les 2 p 97
  • Typisch Belgische koterijbouw 
  • Deel van de uitbouw behouden: keuken en eetkamer 
  • contact met huizen ernaast zo bewaren 
Wat weet je over deze woning?
CUYPERS & Q Architecten, huis in Steendorp, 2005. Kritisch regionalisme, les 2 p 94 
  • Aansluitend op de rooilijn en toch met voortuin 
  • Inspireren op omgeving maar toch terugtrekken in diepte  
  • Grote helling in tuin 
  • Buren hoog vanvoor, hier lager beginnen en lager eindigen 
  • je staat dichter bij de tuin 
  • Ze brengen licht in de straat 
  • Diepte: geen inkijk 
Wat weet je over deze woning?
Eugene Liebout Huis Seynaeve, Gent, 1993-96, nieuwe eenvoud, Les 2 p 89 
  • Lijkt schuin maar eig plat dak 
  • Betonnen plaat om te suggereren dat het een rijwoning was 
  • Lijken 2 verdiepen tov buren (eig ook 3) 
  • Verstopte garagepoort 
  • Diagonaal verbindt de twee vlakken 
  • Glazen band aan boven en zijkant (van grijs) 
  • Kleine inclinatie die je beschermt tegen de regen en het zicjt leidt naar de torens in Gent 
  • Trap dwars in woonkamer 
  • Dakkoepels 
Wat weet je over deze woning?
Eugène Liebout Eigen eerste woning, verbouwing van arbeiderswoning, Aalst, 1973-83, Les 2 p 87, nieuwe eenvoud 
  • Industriële vormgeving en look  
  • Binnen alles opengooien
  • Vide's
  • Badkamer als aparte cel in ruimte 
Wat is de nieuwe eenvoud
Jaren ‘90 “Jonge Goden” ~ Geert Bekaert
Teruggrijpen naar het modernisme, modernistische vormentaal.
- Eugene Liebout
- Christian Kieckens
- Stephane Beel
- Xavier De Geyter
Wat weet je over deze woning?
Kapperssalon Roels, arch. Jo Crepain ism Int‐ arch. Steven Stals,  Kapellen, 1974, Post-modernisme, les 2 p 82 
  • Diagonalen 
  •  Manier van metselen typisch na-oorlogs en modernistisch 
  • Totaalkunstwerk 
  • Brutalisme: zichtbaarheid van steen 
  • Elke ruimte heeft eigen kleur
  • Halve niveau verschillen 
  • Spiegels (licht) (op schuin vlak) 
  • Schuine vlakken 
Wat weet je over deze woning?
Woning Goethals, Ledeberg (Gent), BARO, 
  • Licht valt centraal binnen (zelfde principe als Horta maar op andere manier) 
  • Splitlevels  
  • Beton en baksteen zichtbaar (koude bruggen) 
  • planten bakken deel van interieur 
Wat weet je over deze woning?
Woning Gardelein, Architect Johan Baele & Erik Ballieu BARO St-Amandsberg 1968, Brutalisme, 
  •  Men laat de steen zichtbaar
    • natuurlijke materialen 
  • Glas om de hoek: breed perspectief 
  • buitenruimte op dak 
  • lang raam: kamer ouders 
Wat weet je over deze woning?
woning Fischler architect Jul De Roover 1952, laat modernisme, les 2 p 72
  • Gevel modernistisch 
  • Centrale ronde trap met koepel boven 
  • 0: veel berging, garage, wc 
  • Duurzame materialen (voor Joodse familie) 
  • Nu bewoond door interieurskoppel, hoe het vroeger was maar kasten wit