Samenvatting Inleiding organisatiekunde

ISBN-13 9789046905234
699 Flashcards en notities
106 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Inleiding organisatiekunde". De auteur(s) van het boek is/zijn . Het ISBN van dit boek is 9789046905234. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Inleiding organisatiekunde

  • 1 Inleiding: Organisatiekunde in historisch perspectief

  • wat hebben organisaties gemeen ten opzichte van elkaar?
    ze beschikken over mensen, middelen en doelstellingen
  • wat houdt het begrip 'organisatie' in?
    doelgerichte samenwerkingsverbanden
  • 1.1 Wat is een organisatie?

  • Over welke drie 'dingen' beschikt elke organisatie?
    Doelstellingen, mensen en middelen
  • Wat is een andere definitie voor organisaties?
    Doelgerichte samenwerkingsverbanden.
  • ALLE organisaties hebben: (3 dingen)
    Doelstellingen
    Mensen
    Middelen (Pc's, Machines, Grondstoffen etc.)
  • Organisaties:
         -  Bedrijven
              -Ondernemingen
              -Non-Profitorganisaties
         - Overige-Samenwerkingsverbanden
  • Welke 3 dingen beschikken organisaties?
    • Doelstellingen
    • Mensen
    • Middelen
  • wanneer spreken we van een onderneming/ profit?
    producten/diensten op de markt verkopen met het doel om winst te maken
  • Geef een aantal organisatiedoelstellingen
    • Winst, voornamelijk voor profit bedrijven
    • Groei, voor alle organisaties interessant
    • Continuiteit, idem
  • Wat valt er onder het begrip Organisatie?
    1. Bedrijven 
    2. Overige samenwerkingsverbanden
  • We definiëren organisatie's ook wel als
    doelgerichte samenwerkingsverbanden
  • Hoe kun de organisaties indelen naar juridische criteria en wat houden deze in?
    • Organisaties met rechtspersoonlijkheid (het bedrijf aansprakelijk)
    • Organisaties zonder rechtspersoonlijkheid (de eigenaar aansprakelijk)
  • wanneer spreken we van een non-profit organisatie?
    niet als doen winst maken (maar het mag wel) --> diensten aanbieden tegen zo laag mogelijke kosten bv. ziekenhuizen, scholen
  • Welke type organisaties zijn er en wat zijn de verschillen
    Profit organisaties - bedrijven gericht op het maken van winst
    Non-profit organisaties - bedrijven niet gericht op het maken van winst
    Overige organisaties - bijvoorbeeld verenigingen en andere organisaties zónder klanten

    Bedrijven zijn afhankelijk van klanten voor het voortbestaan, overige organisaties niet.
  • Welke vormen van bedrijven zijn er?
    1. Profit-bedrijven
    2. Non-profit (ziekenhuis overheid)
  • Welke 2 organisatie kennen we?
    Ondernemingen en non-profitorganisaties
  • Zijn een eenmanszaak en VOF met of zonder rechtspersoonlijkheid?
    Zonder rechtspersoonlijkheid.
  • wat zijn 'overige organisaties'?
    zijn niet afhankelijk van klanten om te kunnen bestaan, richten zich op leden bv. de kerk en amateursport
  • Welke rechtsvormen voor organisaties zijn er en wat zijn de verschillen?
    Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid (bijv. eenmanszaak, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap en maatschap) zijn direct gekoppeld aan de eigenaren. Deze ondernemers zijn ook met hun privevermogen aansprakelijk voor schulden van het bedrijf.

    Rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid (bijv. een besloten vennootschap, naamloos vennootschap, vereniging, cooperatie of stichting) zijn minder verweven met de eigenaren. Eigenaren zijn bijvoorbeeld aandeelhouders van de BV of NV, zij zijn niet met hun privevermogen aansprakelijk.
  • Wat zijn overige organisaties?
    Organisaties die niet afhankelijk zijn van klanten. DGS
  • Wat valt er onder het begrip Organisatie? (indeling doelen)
    1. Bedrijven 
    2. Overige samenwerkingsverbanden
  • in welke 2 rechtsvormen kunnen we organisaties indelen
    1. zonder rechtspersoonlijkheid; eenmanszaak, vennootschap onder firma
    2. met rechtspersoonlijkheid; bv, nv vereniging 
  • Wat zijn de twee groepen van de rechtsvorm?
    1. Zonder rechtspersoonlijkheid (eenmanszaak) 
    2. Met rechtspersoonlijkheid (bv, nv, stichting)
  • wat is een rechtspersoon?
    een organisatie die zelfstandig deelneemt aan het rechtsverkeer --> eigen rechten en plichten
  • wat is een nv?
    • naamloze vennootschap
    • aandelen op de beurs verhandelt--> meer mogelijkheid vermogen
  • wat is een bv?
    • besloten vennootschap
    • beperkte groep aandeelhouders onder bepaalde voorwaarden verkopen
  • waarom speelt economisch verkeer een belangrijke deelname in het maatschappelijk verkeer?
    • veel transacties in geld uitgedrukt
  • Wat is een nv? en wat wil dat zeggen?
    Een beursgenoteerde vennootschap. Dat wil zeggen dat de aandelen op de beurs worden verhandeld.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

wat is het verschil tussen taakverruiming en taakverrijking?
taakverruiming = horizontaal functie uitgebreid
taakverrijking = verticaal taken toevoegen op hoger niveau
wat is een nadeel van g-m-p- indeling ?
een voordeel van specialisatie wordt gemist
wat is een voordeel van g-m-p indeling
samen verantwoordelijk voor iets (sterkt-wij gevoel)
wat is g-indeling
1 bepaald gebied
wat is m-indeling?
1 bepaalde markt
wat is een p-indeling?
indeling van 1 product
wat is een f indeling?
indeling naar gelijk slordigheid --> inkoop, productie, marketing
welke motieven zijn er
  1. bestuursmotief; leiding sturing
  2. kostenmotief;
  3. sociaalmotief
  4. maatschappelijkmotief
welke 3 elementen spelen een rol bij organisatiestructuur?
  1. functies
  2. beslissingsbevoegdheid
  3. coördinatie
wat laat de organisatiestructuur zien?
hoe de functies zijn verdeeld, wie welke bevoegdheid en verantwoordelijkheid heeft en hoe de coördinatie plaatsvindt