Samenvatting Inleiding Privaatrecht

-
ISBN-10 9001899803 ISBN-13 9789001899806
310 Flashcards en notities
5 Studenten
  • Deze samenvattingen

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting 1:

  • Inleiding Privaatrecht
  • A M J van Buchem Spapens I de Waal van Wessem
  • 9789001899806 of 9001899803
  • 2019

Samenvatting - Inleiding Privaatrecht

  • 0 Wetsartikelen

  • A Stuurt per post aanbod naar B op 1 sept. B ontvangt het op 2 sept, schrijft een aanvaardingsbrief op 3 sept en zet het op de post op 4 sept. A ontvangt het op 5 sept. 
    De overeenkomst komt tot stand op 5 sept namelijk op de dag dat A het antwoord ontvangt. (art. 3:37 BW)
  • snackbar besteld 500 kroketten bij een groothandel om te leveren op 21 december. Groothandel bezorgd niet en er is geen schadevergoeding gevorderd.  De verbintenis bevat een termijn voor nakoming , namelijk 21 december. Wanneer de voor de nakoming bepaalde termijn verstrijkt zonder dat de verbintenis is nagekomen geraakt de groothandel in verzuim (art.6:83 BW). De snackbar kan de groothandel NIET in gebreke stellen alvorens hij schadevergoeding vordert.
  • Shana staat bij de kassa met een Vaas geprijsd voor € 25. Bij aanslaan zegt kassier dat de prijs €26.99.. Kassier wil dat Shana de Vaas afrekent voor €26,99, Shana voelt er niet voor. Shana kan de kassier juridisch gezien dwingen om de vaas mee te geven voor € 25 alhoewel wil en verklaring hier niet overeenstemmen (art.3:33 BW) maar zij kan op vertrouwensbeginsel (art.3:35 BW) een beroep doen aangezien het om een klein prijsverschil gaat.
  • Hugo koopt een heggenschaar, merkt al gauw dat de kwaliteit niet deugt. Na drie maanden doet scheidt de heggenschaar ermee uit. Hij gaat terug en eist een andere van de winkelier. De winkelier moet bewijzen dat de de heggenschaar wel aan conformiteitseisen voldeed. De bewijslast ligt bij de winkelier. Er is sprake van consumenten koop (art.7:18 lid 2 BW) er wordt vermoed dat koop niet aan overeenkomst voldeed. Er is teruggegaan met de heggenschaar na 3 maanden was dit na 6 maanden dan moest Hugo de bewijslast dragen.
  • 0.1 addendum

  • Algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
    Wat is de Algemene beginselen van behoorlijk bestuur?
    Bij besluitvorming zijn wettelijke regels en ongeschreven recht van toepassing. Het ongeschreven recht zijn de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
  • Een bestuursorgaan moet zich houden aan een aantal gedragsregels, waar staan deze vast?
    Een deel van die regels staat in de Algemene wet bestuursrecht (Abw), maar er is ook ongeschreven recht , dit ongeschreven recht noemen we de Algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

  • Bestaan er dan mogelijkheden om je te verzetten tegen besluit van een bestuursorgaan, en op grond waarvan?
    Je zou het besluit kunnen aantasten omdat bijv. het bestuursorgaan de wet niet goed heeft toegepast. Je moet het dan wel als burger of bedrijf aan kunnen tonen. De rechter gebruik dan de ABBB om te toetsen of de bestuursorgaan het goed heeft gedaan.
  • Waarom is er in de wet niet veel houvast wat betreft beschikkingen?
    De meeste beschikkingen hebben veelmeer het karakter van een vrije beschikking, daarom is wat de wet betreft niet veel houvast. Maar er zijn wel aanknopingspunten. Deze liggen in de algemene beginselen van bestuur. (ABBB)
  • Waarin kunnen wij ABBB onderscheiden?
    We kunnen Abbb's onderscheiden in:
    • formele beginselen;
    •  materiele beginselen.
  • Wat zijn formele beginselen?
    Formele beginselen zijn beginselen die betrekking hebben op de bevoegdheid van de overheid om besluiten te mogen maken.
  • Wat zijn materiele beginselen?
    Materiele beginselen zijn beginselen die betrekking hebben op de inhoud van de besluiten.
  • Benoem de beginselen van formele beginselen van behoorlijk bestuur!
    • Het zorgvuldigheidsbeginsel
      • als een bestuursorgaan een besluit neemt, moet deze zorgvuldig en deugdelijk worden genomen. Hierbij is de voorbereiding ook essentieel en moet de procedure juist zijn gevolgd.
    • het motiveringsbeginsel
      • besluiten van een bestuursorgaan moeten uitvoerig, begrijpelijk en juist worden gemotiveerd.
    • het fairplaybeginsel
      • het bestuursorgaan dient een besluit onpartijdig en eerlijk te nemen.
  • Benoem de beginselen van materiele beginselen van behoorlijk bestuur!
    • Het verbod van detournement de pouvoir;
      • dit verbod wordt ook wel het verbod op willekeur genoemd. Dit houdt in dat een bestuursorgaan geen misbruik mag maken van de toegekende bevoegdheden.
    • het verbod van willekeur;
      • ook wel evenredigheidsbeginsel genoemd. Het bestuursorgaan dient de belangen af te wegen van de belanghebbende die rechtstreeks bij een besluit is betrokken. De nadelige gevolgen van een besluit voor een burger mogen niet zwaarder zijn dan het algemeen belang.
    • het gelijkheidsbeginsel;
      • in beginsel hebben alle burgers dezelfde rechten en behoren zij een gelijke behandeling te krijgen in gelijke gevallen.
    • het vertrouwensbeginsel;
      • dit is de materiele rechtszekerheid. Een partij mag erop vertrouwen dat de overheid doet wat er gezegd wordt of vertrouwen op een toezegging van een daartoe bevoegd persoon.
  • Wanneer speelt motiveringsbeginsel een belangrijke rol?
    Vooral als een bestuursorgaan negatief beslist op een verzoek dat valt binnen de categorie vrije beschikking, speelt het motiveringsbeginsel een belangrijke rol.
  • Wat is bestuursrechtelijke sanctie?
    Bestuursorganen hebben diverse handhavingsinstrumenten (sancties) om de naleving van de wetten te bevorderen. Zo kan een bestuursorgaan een bestuursrechtelijk sanctie opleggen, zoals:
    • de last onder bestuursdwang;
    • de last onder dwangsom;
    • de bestuurlijke boete. 
  • Wat houdt bestuursdwang in?
    (Bestuursdwang is te vinden vanaf art. 5: 21 e.v. Awb)
    Bij uitoefenen van bestuursdwang treedt het bestuursorgaan feitelijk op tegen hetgeen in strijd met het voorschrift is gedaan. Als daarmee kosten gepaard gaan, zal de betreffende burger die moeten betalen. Het bestuursorgaan zorg er dus voor dat de situatie in de oude toestand terugkeert.
  • Wat hout een last onder dwangsom in?
    Last onder dwangsom is te vinden vanaf art. 5:21 e.v. Awb
    Het verstrekken van een last onder dwangsom. De burger in kwestie wordt opdracht gegeven de overtreding ongedaan te maken, onder het betalen van een dwangsom voor iedere dag dat de burger daarin nalatig is.
  • Wat is bestuurlijke boete?
    Toekennen van een bestuurlijke boete is te vinden in art. 5:21 e.v. Awb.
    Toekennen van een bestuurlijke boete. De boete is strafrechtelijk van karakter en is op leedtoevoeging gericht.
  • Hoe is in Nederland de rechtsbescherming geregeld tegen bestuursbesluiten van de overheid?
    De bestuursrechtelijke voorprocedure zijn de procedures die de burger moet volgen voordat hij zijn geschil met het bestuursorgaan kan voorleggen aan een rechter. Deze procedures spelen zich af bij het bestuursorgaan. Dit is meestal het bestuursorgaan dat het besluit genomen heeft. De belangrijkste voorprocedure is de bezwaarschriftprocedure.
  • Welke voorprocedure moet een burger of rechtspersoon eerst volgen voordat hij zijn geschil met een bestuursorgaan kan voorleggen aan een rechter?
    • Administratief beroep (art. 1:5 lid 2 Awb)
      • Hiermee kun je tegen een beschikking opkomen binnen het bestuursapparaat zelf. D.M.V bezwaar in te dienen met het verzoek aan de bestuursorgaan om de genomen beslissing te overwegen.
    • De bestuursrechtspraak (art. 1:4 lid 1 Awb)
      • hier kun je als je het oneens bent met de inhoud van een beschikking naar een onafhankelijk rechter van bestuursrechtspraak
  • Wanneer is er sprake van administratief beroep?
    Er is sprake van administratief beroep (art. 1:5 lid 2 Awb) als het beroep moet worden ingesteld bij een ander orgaan dan het orgaan dat het primaire besluit heeft genomen. De hoofdregel is dat er altijd in bezwaar moet worden gegaan, tenzij een bijzondere wet voorschrijft dat er administratief beroep moet worden ingesteld. Ook bij het administratief beroep wordt op de doelmatigheid en rechtmatigheid getoetst.
  • Wat mag het bestuursorgaan als beroepsinstantie dan toetsen?
    Er wordt op de doelmatigheid en rechtmatigheid van de administratief beroep getoetst.
  • Wat verstaan wij onder de rechtmatigheidstoetsing?
    Onder de rechtmatigheidstoetsing valt de toets of de beschikking wel conform de wettelijke bepalingen is verstrekt en of de behandelde algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn geschonden. De beroepsinstantie kan indien nodig zelf een andere beschikking afgeven en oude herroepen.
  • Wat verstaan wij onder de doelmatigheidstoets
    In het kader van deze toets wordt beoordeeld of de verstrekte beschikking inhoudelijk (beleidsmatig, economisch of financieel) correct is geweest. Bij een doelmatigheidstoetsing gaat de beoordelaar op de stoel van het betrokken bestuursorgaan zitten om na te gaan of deze bestuursorgaan wel inhoudelijk goed heeft gehandeld.
  • Wat verstaan wij onder vol beroep?
    Bij administratief beroep kan de beroepsinstantie zowel een rechtsmatigheidstoets als een doelmatigheidstoets uitvoeren. We noemen deze situatie Vol Beroep.
  • Wat is bestuursrechtspraak?
    Bestuursrechtspraak is een rechtsgang waarbij tegen een gegeven beschikking kan worden opgekomen bij een onafhankelijke bestuursrechter.
  • Wat voor toetsing kunnen bestuursrechters verrichten.?
    De bestuursrechter kan alleen tot en rechtmatigheidstoets overgaan. De reden waarom een bestuursrechter alleen tot een rechtmatigheidstoets kan overgaan is omdat een onafhankelijke rechter wil en mag zich niet inhoudelijk met het bestuursbeleid bemoeien. De onafhankelijke rechter kan alleen marginaal toetsen door de vraag te stellen , "kon het overheidsorgaan in redelijkheid tot zijn besluit komen"?
    de rechter kan het betreffende bestuursorgaan alleen maar opdragen opnieuw te beschikken, maar nu conform zijn uitspraak.
  • Door wie worden geschillen tussen burgers en bestuursorgaan beoordeeld.?
    Alle geschillen tussen burger en bestuursorgaan naar aanleiding van beschikkingen uiteindelijk door een onafhankelijke bestuursrechter beoordeeld. De rechter is in eerste aanleg. Hoger beroep bij bestuursrechters uitspraken is alleen mogelijk bij de afdeling bestuursrechtspraak. Een uitzondering bij hoger beroep van bestuursgeschillen op het terrein van echt sociale zekerheidsrecht en het ambtenarenrecht worden voorgelegd aan de Central Raad van Beroep.
  • Benoem volgorde voor oplossen van geschillen?
    Eerst een bezwaarschrift (behalve bij administratief beroep), vervolgens beroep bij de rechtbank en ten slotte hoger beroep bij de afdeling bestuursrechtspraak dan wel de centrale raad van beroep.
  • Kan er tegen iedere beschikking in bezwaar worden gegaan?
    Niet tegen iedere gegeven beschikking van een bestuursorgaan kan een bezwaarschrift worden ingediend. Soms moet het rechtstreeks naar de bestuursrechter.
  • In art. 7:1 lid 1 sub g wordt namelijk verwezen naar de aan de Awb toegevoegde regeling rechtstreeks beroep. In deze regeling wordt een aantal wetten op het terrein van bestuursrecht genoemd waar tegen geen bezwaarschrift kan worden ingediend. Geef hiervan een opsomming.
    De bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak en regeling rechtstreeks beroep aan de Awb toegevoegd. Dat betekent dat inzake bepaalde bestuursgeschillen geen beroep kan worden ingesteld bij de rechtbank sector bestuur. Genoemd worden:
    • wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften;
    •  de algemene wet gelijke behandeling;
    • de onteigeningswet;
    • de wet melding collectief ontslag;
    • de wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen
    • de wet ruimtelijke ordening
    • ook geschillen voer bestemmingsplannen vallen niet onder de competentie van de bestuursrechter.
  • Benoem de geschillen die buiten het vaste Awb-stramien van bezwaar, rechtbank sector bestuur en afdeling bestuursrechtspraak en soms de centrale raad van beroep (CRB) vallen.
    • De economischeordeningsrechter;
      • geschillen in de sfeer van bedrijfsorganisaties. Bevoegd is dan in hoogste instantie het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB).
    • de belastingrechter;
      • de procesregels betreffende het fiscale recht vind je in de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
    • de civiele rechter;
      • treedt op bij. Bij onteigening van onroerende zaken of bij niet afgeven verklaring omtrent gedrag, kun je ook bezwaar maken bij een civiele rechter.
    • geschillenbeslechters
      • voorbeelden hiervan zijn:
        • universitaire colleges van beroep voor de examens;
        • het college van beroep voor het hoger onderwijs de tarief commissie;
        • de afdeling beroep van octrooiraad.
  • Wat blijkt er uit art. 8:6 lid 1 Awb?
    Artikel 8:1 lid 1 Awb bepaalt dat een belanghebbende tegen een besluit beroep kan instellen bij de rechtbank. Uit deze artikel volgt echter dat dit niet geldt indien tegen het besluit beroep kan worden ingesteld bij een ander bestuursrecht en dit is vaak het geval.
  • Wat gebeurd er bij schriftelijke aanvraag beschikking?
    De aanvraag van een beschikking wordt beschreven in art. 4:1 Awb, moet schriftelijk worden gedaan bij het bestuursorgaan dat bevoegd is op de aanvraag te beslissen. De aanvraag moet voorzien zijn van naam en adres van de aanvrager en de dagtekening en aanduiding, gegevens en bescheiden van de beschikking die wordt gevraagd. (art 4:2 Awb).  soms komt er zelf een hoorzitting tussen belanghebbende en aanvrager zie art (4:7 en 4:8 Awb)
  • Hoe lang krijg aanvrager indien niet alle stukken zijn aangeleverd bij aanvraag van een schikking?
    De beschikking moet wanneer een wettelijk voorschrift daaromtrent ontbreekt als uitganspunt binnen acht weken worden gegeven (art. 4:13 Awb).
  • Wat is de termijn voor het indienen van een bezwaar- of beroepsschrift?
    Der termijn voor het indienen van een bezwaar- of beroepschrift bedraagt zes weken, met ingang van de dag na die waarop het betreffende besluit is bekendgemaakt (art. 6:9 en 6:10 Awb)
  • Wanneer is er geen termijn van toepassing voor indienen van een bezwaar- of beroepschrift?
    Men kan ook bezwaar indienen of beroep instellen omdat een besluit steeds maar niet genomen wordt dan is geen termijn van toepassing, behalve dan het bezwaar of beroepschrift niet ontvankelijk wordt verklaard indien het onredelijk laat is ingediend. (art. 6:12 Awb)
  • Welke twee vormen kunnen Internationale organisaties (IO's) nemen die bij verdrag worden opgericht?
    Internationale organisatie die bij verdrag worden opgericht, kunnen twee vormen aannemen: zij kunnen ofwel een:
    • intergouvernementeel karakter bezitten 
    • een supranationaal karakter.
  • Benoem kenmerken van intergouvernementele organisaties
    Intergouvernementele organisatie;
    • alle verdragsluitende staten behouden hun soevereiniteit;
    •  er wordt geen besluiten genoemen zonder dat alle aangesloten staten akkoord zijn.
    • er is geen sprake van een orgaan met beslisbevoegdheid
    • er wordt geen soevereiniteit overgedragen.
  • Benoem grootste verschil tussen intergouvernementele organisatie en supranationale organisatie.
    Bij intergouvernementele organisatie is er geen sprake van overdragen van soevereiniteit , bij supranationale organisatie daarentegen wel. Daar hebben aangesloten staten juist wel een stuk je van hun soevereiniteit prijsgegeven ( zij kunnen hierdoor te maken krijgen met ongewenste regelgeving ).
  • Benoem twee visies die staten kunnen hebben op het verdrag?
    Twee visies die staten kunnen hebben op het verdrag:
    • dualisme 
    • monisme  
  • Hoe werkt het bij dualistische visie?
    Bij een dualistische visie op het verdrag wordt een uitdrukkelijk onderscheid gemaakt tussen de internationale en de nationale rechtsorde. Regels die niet door de nationale wetgever zijn gemaakt, kunnen nooit zonder slag of stoot doorwerken in de nationale rechtsorder.
  • Wat verstaan we onder transformatiewet?
    Als buitenlandse regelgeving binnen de nationale rechtsorde van kracht wordt, gebeurt dat alleen wanneer de nationale wetgever die regelgeving omzet in een regel van nationaal recht. We spreken in die verband ook wel van een transformatiewet.
  • Hoe werkt het bij een monistische visie?
    Nationale en internationale rechtsorde is hier niet van elkaar te onderscheiden. Bij monistische visie kunnen burgers wel indien noodzakelijk wel direct op verdragsbepaling beroepen. Hier geldt ook hogere regel regel gaat voor lagere (nationale) regel
  • Hoe weten we nu of een staat een dualistische of een monistische visie op het verdrag heeft?
    Dit blijkt uit de nationale regelgeving zelf en dan ook uit de grondwet. 
    Nederland is monistische, ingenomen internationale regels werken naar de Nederlandse rechtsorde.
  • Benoem verdragen die behoren tot het primaire Europese recht, die wij als belangrijkste bronnen moeten zien?
    Het verdrag zoals het VEU en het VWEU zijn belangrijke bronnen van het recht. We rekenen zulke verdragen tot het primaire Europese recht.
  • Waar staat VEU voor en VWEU?
    • VEU; staat voor Verdrag betreffende de Europese Unie
    • VwEU ; staat voor Verdrag betreffend de werking van de Europese unie.
    Samen vormen de VEU en VwEU de constitutionele basis van de Europese Unie.
  • Kunnen burgers beroepen op VEU en VwEU ?
    Ja, als een bepaling in het VEU en het VwEU direct werking heeft, dus rechtstreeks tot de burgers van de lidstaten wenden, kunnen deze burgers zich daarop rechtstreeks bij de rechter beroepen.
  • Wat wordt gerekend tot secundaire Europees recht?
    Tot secundaire Europees recht wordt gerekend Europees recht dat niet in het VEU of VwEU staat, maar wel daarop is gebaseerd.
  • Wanneer wordt een voorstel tot regelgeving van de Europese commissie tot het secundaire Europees recht gerekend?
    In het VEU en het VwEU worden allerlei onderwerpen van Europees belang genoemd die voor de Europese commissie aanleiding kunnen zijn met een voorstel tot regelgeving te komen. De voorstel tot regelgeving gaat naar de Raad van Europese Unie en het Europees Parlement. Als de voorstel het eindstreep haalt , wordt het tot secundaire Europees recht gerekend.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 2:

  • Inleiding privaatrecht
  • onder van A M J van Buchem Spapens, J H Nieuwenhuis, I de Waal van Wessem
  • 9789001815516 of 9001815510
  • 12e [geactualiseerde] dr.

Samenvatting - Inleiding privaatrecht

  • 1 Rechtshandeling en overeenkomst




  • 1Stelling:Het maken van een testament bij de notaris is een eenzijdig gerichte rechtshandeling.

    JuistOnjuist
    Onjuist ; het is eenzijdige ongerichte rechtshandeling
    Komt tot stand door 1 persoon.
    Eenzijdige ongerichte rechtshandeling aangezien zij niet tot een bepaald persoon is gericht. (dat bepaalde personen daarvan wel de gevolgen ondervinden na de dood van de erflater is hieraan ondergeschikt)
  • 1.1 De rechtshandeling

  • Omschrijf de definitie van de rechtshandeling en wat hij in het leven wil roepen?

    De handeling die erop gericht is een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen

  • Wat is een rechtshandeling?
    De handeling die erop gericht is een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen.
  • Rechtshandelingen moeten worden onderscheiden van de handeling die niet is bedoeld om rechtsgevolgen met zich mee te brengen, maar wat roept het rechtsgevolg in het leven?

    De wil van de wetgever die het rechtsgevolg in het leven roept.

  • Welke soorten handelingen zijn er?
    Feitelijke handeling en rechtshandelingen
  • Wat is een eenzijdige rechtshandeling?

    De wilsverklaring van een persoon is voldoende om de rechtshandeling tot stand te brengen

  • Wat is recht?
    Geheel van regels waarmee we onze samenleving ordenen
  • Wanneer is een eenzijdige rechtshandeling ongericht?

    Wanneer een rechtshandeling niet tot een bepaald persoon gericht is.

  • Hoe kan het recht worden onderverdeeld?

    Publiekrecht; van overheid naar burgers

    * staatsrecht

    * bestuursrecht

    * strafrecht

    * belastingrecht

    Privaatrecht; burgers onderling

    * personen- en familierecht

    * vermogensrecht

    * erfrecht

    * ondernemingsrecht

  • Wanneer is een eenzijdige rechtshandeling gericht?

    Wanneer een rechtshandeling gericht is tot een ander persoon.

  • Wat is het verschil tussen dwingend en aanvullend recht?
    Bij dwingend recht moet de partij zich eraan houden en bij aanvullend recht staat het wel in het wetboek maar mag men hier van afwijken
  • Wat is een meerzijdige rechtshandeling?

    De wilsverklaring van meer dan een persoon is noodzakelijk om de rechtshandeling tot stand te  brengen.

  • Wat is het verschil tussen materieel en formeel recht?
    Materieel recht is de omschrijving van regels en formeel recht is de handhaving van regels
  • Meerzijdige rechtshandelingen worden ook wel overeenkomsten genoemd.

  • Wat is het verschil tussen objectief en subjectief recht?
    Objectief recht staat vermeld in de wet en subjectief recht zijn de rechten die mensen daaraan kunnen ontlenen
  • De belangrijkste groep overeenkomsten wordt gevormd door de verbintenisscheppende of obligatoire overeenkomsten. Dit zijn o.a. 

    1. koopovereenkomst
    2. huurovereenkomst
    3. arbeidsovereenkomst

    Uit bovenstaande overeenkomsten vloeien verplichtingen voort die ook wel verbintenissen worden genoemd. 

  • Wat is het verschil tussen nationaal en internationaal recht?
    Nationaal recht is in Nederland en internationaal recht is buiten Nederland
  • Zowel tijdsbepaling als voorwaarde kan een opschortende en een ontbindende werking hebben hebben.
    1- Wanneer opschortend?
    2- Wanneer ontbindend?
    1- Opschortend : de rechtshandeling krijgt pas werking op het moment dat de toekomstige gebeurtenis plaatsvindt.
    Voorbeeld: Opa belooft kleinzoon een printer wanneer hij tot zijn 21ste verjaardag niet zal roken. 

    2-Ontbindend: de rechtshandeling krijgt onmiddellijk werking, maar deze vervalt op het moment dat de toekomstige onzekere gebeurtenis plaatsvindt
  • Wat is de enge betekenis van het begrip verbintenis?

    Prestatieverplichting

  • Welke rechtsbronnen?

    * wet

    * internationale regelingen

    * jurisprudentie ( uitspraken van de hoge raad )

    * gewoonterecht ( omdat het altijd zo gaat; algemene acceptatie

    * ongeschreven recht

  • 2Stelling:Elsa heeft haar dochter beloofd dat bij haar overlijden haar dochter haar gouden ketting zal krijgen. Hier is sprake van een tijdsbepaling.

    JuistOnjuist

    Juist
    Het betreft hier een toekomstige zekere gebeurtenis. Elsa zal in de toekomst overlijden, de vraag is wanneer.
  • Waar ziet de ruime betekenis van het begrip verbintenis op?

    de vermogensrechtelijke rechtsbetrekking tussen twee of meer personen

  • Wat is het verschil tussen een eenzijdige en meerzijdige rechtshandeling?

    Eenzijdige; wil van 1 persoon doet verbintenis ontstaan ( gericht; ontslag geven/nemen, ongericht; testament maken )

    Meerzijdige; wil van 2 of meer personen doet verbintenis ontstaan

    ( bv koop, huur,arbeidsovereenkomst )



  • Stelling:Marloes heeft een nieuw huis op het oog, maar twijfelt of ze dit huis wel kan betalen. Met de verkoper sluit ze een koopovereenkomst onder de voorwaarde dat de verbintenissen uit de overeenkomst slechts werking hebben als Marloes de financiering van het huis rond krijgt. Het betreft hier een ontbindende voorwaarde.

    JuistOnjuist

    Onjuist: Het betreft hier een opschortende voorwaarde, omdat de rechtshandeling pas werking krijgt op het moment dat de toekomstige gebeurtenis (het rond krijgen van de financiering) plaatsvindt.


    Zie paragraaf 1.1
  • Rechtshandelingen kunnen onder een tijdsbepaling of onder voorwaarde verricht worden. Dit houdt in dat bij een tijdsbepaling de werking van rechtshandeling afhankelijk is van een zekere toekomstige gebeurtenis waarvan het moment van intreden vaststaat, maar niet hoeft vast te staan. Een rechtshandeling onder voorwaarde wil zeggen dat de werking van de rechtshandeling afhankelijk is van een onzekere toekomstige gebeurtenis.

  • Aan welke voorwaarden moet worden voldaan tot het stand komen van de rechtshandeling?

    * je moet handelingsbekwaam zijn

    18 jaar of jonger en niet onder curatele staan

    jonger dan 18 jaar maar gehuwd/ geregistreerd partnerschap art 1:234 BW

    * je moet handelingsbevoegd zijn

    niet wanneer je failliet bent of vanwege belangenverstrengeling art 3:43BW

    * er is sprake van een wilsverklaring art 3:33 BW

    de wilsverklaring moet kenbaar gemaakt zijn en de andere persoon bereiken

     

  • 4Maartje breekt 's nachts in bij Juwelier Jewels. Haar buit bestaat uit sierraden ter waarde van € 20.000. Deze diefstal kan juridisch worden omschreven als:


    A-een eenzijdige rechtshandelingB-een meerzijdige rechtshandelingC-een feitelijke handelingD-een nietige rechtshandeling

     

    C-een feitelijke handeling

    Diefstal betreft een menselijke handeling waaraan het recht rechtsgevolgen verbindt zonder dat de wil van de handelende ter zake doet. Het is daarom geen rechtshandeling maar een feitelijke handeling.


    Zie paragraaf 1.1
  • Welke voorwaarden zijn er voor derderbescherming?

    * vertrouwensbeginsel 3:35BW wil en verklaring komen niet overeen

    * vertrouwen op gedraging anderen 3:36 BW

    * specifieke situaties ( oa verkrijging goederen ) 3:86 en 3:88 BW

  • Wanneer is een rechtshandeling nietig? heeft nooit bestaan

    Ontbreken van met verklaring overeenstemmende wil

    In strijd met wet ( bv verkopen van drugs 3:40 lid 1 BW

    Handelingsonbevoegdheid ( failliet )

     

  • Wanneer is een rechtshandeling vernietigbaar? ( achteraf )

    * onbekwaamheid ( bv koop bromiets door een 14 jarige )

    * onder invloed van geestelijke stoornis ( 3:34 lid 2 BW )

    * wilsgebreken ( 3: 44 en 6:228 BW )

     

     

  • Wat is een wilsgebrek en welke soorten zijn er?

    De wil wordt wel geuit, maar niet wettig tot stand gekomen. Voor een wilsgebrek moet er wel sprake zijn van een causaal verband. Bij causaal verband heb je een oorzaak/gevolg nodig.

    * bedreiging art 3:44 lid 2 BW

    * bedrog art 3:44 lid 3 = opzettelijk/onjuiste informatie/verzwijgen

    * misbruik van omstandigheden art 3:44 lid 4 BW iemand doet een rechtshandeling waarvan je weet of moet begrijpen dat die niet goed is.

    * dwaling 6:228 BW = een onjuiste voorstelling van zaken. Bij een juiste voorstelling van zaken zou er geen overeenkomst gesloten zijn. ( causaal verband )

     

  • Waarom staat dwaling in boek 6?
    Geen overeenkomst geen dwaling, heeft betrekking op meerzijdige rechtshandelingen.
  • Wanneer kan je geen beroep doen op dwaling?

    * toekomstverwachting

    * verkeerde interpretatie

  • Welke soorten verbintenisscheppende overeenkomsten kennen we?

    Wederkerige overeenkomst; beide partijen nemen verbintenis op zich ( arbeids-, huur-, of koopovereenkomst )

    Eenzijdige overeenkomst; een partij verbindt zich ( schenking, testament )

    Overeenkomsten moeten bepaalbaar zijn 6:227 BW

     

  • Wat zijn de voorwaarden voor het tot stand komen van een overeenkomst?

    * aanbod

    * aanvaarding

    * wilsovereenstemming 6:217 BW

  • Wanneer kan je een aanbod herroepen?

    * het voor bepaalde tijd is

    * het voortvloeit uit aanbod ( zolang de voorraad strekt, op is op )

    * het aanbod vrijblijvend is gedaan ( bv dat je wilt dat je fiets in goede handen komt )

    * mondeling aanbod ( niet direct aanvaard, dan vervalt het )

  • Wat zijn algemene voorwaarden?

     

    * bedingen die standaard in overeenkomsten worden opgenomen

    * raken niet de kern van de overeenkomst ( prijs, product, kwaliteit )

    * algemene voorwaarden zijn vernietigbaar 6:233 BW

    onredelijk bezwarend en gebruiker schendt informatieplicht 6:234 BW

    * geen beroep op vernietigbaarheid bij regelmatig zaken doen

    * vernietiging inroepen binnen 3 jaar

    * informatieplicht gebruiker

    -hoofdregel; algemene voorwaarden voor of bij sluiten overeenkomst in handen stellen ( dus niet op achterzijde FACTUUR )

    - wederpartij erop wijzen waar de algemene voorwaarden kunnen worden ingezien

     

     

  • Algemene voorwaarden zijn vernietigbaar wanneer ze onredelijk bezwarend zijn. Wat is dat?

    * voor natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf = consument

    * zwarte lijst art 6:236 BW beding is verboden. vernietiging kan per brief

    * grijze lijst 6:237 BW tegenbewijs mogelijk, vermoeden dat het begint onredelijk bezwarend is

  • Waardoor wordt de overeenkomst bepaald?

    * wat partijen zijn overeengekomen. Uitgangspunt is contractsvrijheid. Voor interpretatie; taalkundig, partijen, persoonlijke verwachtingen

    * de wet

    * gewoonte

    * eis van redelijkheid en billikheid ( aanvullend en beperkend )

  • Wanneer kan de rechter bepalen om de overeenkomst ongedaan te maken of te wijzigen?
    art 6:258 BW Bij onvoorziene omstandigheden. bv. natuurramp, oorlog, economische recessie, tenzij die omstandigheden zijn uitgesloten in overeenkomst
  • Wat zijn de fases van pre contractueel?

    Hoe ver zijn onderhandelingen gevorderd, wat mogen partijen van elkaar redelijkerwijs verwachten, wat zijn de belangen van partijen )

    fase 1; afbreken toegestaan; geen kostenvergoeding

    fase 2; afbreken toegestaan; geheel of gedeeltelijke kostenvergoeding

    fase 3 en 4; afbreken in strijd met eisen redelijkheid en billikhied

    fase 3; afbreken niet toegestaan; kosten ook uit de voorfase vergoeden

    fase 4; afbreken niet toegestaan; vergoeden gederfde winst

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 3:

  • Inleiding privaatrecht
  • onder van A M J van Buchem Spapens, J H Nieuwenhuis, I de Waal van Wessem
  • 9789001764357 of 9001764355
  • 10e [geactualiseerde] dr.

Samenvatting - Inleiding privaatrecht

  • 1 Rechtshandeling en overeenkomst

  • De rechtshandeling is de kern van het privaatrecht.
  • Welke 2 bronnen van verbintenissen zijn er?

    De obligatoire overeenkomst en de onrechtmatige daad

  • Wat houdt een obligatoire overeenkomst in?

    Een verbintenisscheppende overeenkomst waar meerder verbintenissen uit voortvloeien

  • Hoe ontstaat een obligatoire overeenkomst

    door aanvaarding van het aanbod. Het gaat hier om het moment van bereiken. De handeling krijgt pas effect als de acceptant is bereikt.

  • Waar bestaat een aanbod uit?

    1. De overeenkomst bevat de essentiële elementen

    2. Er is sprake van een aanbod in juridische zin

    3. Waardoor kan het aanbod verdwijnen 

  • Welke soorten aanbod zijn er?

    herroepelijk aanbod

    onherroepelijk aanbod

    vrijblijvend aanbod

  • Herroepelijk aanbod:

    acceptant stuurt per aangetekende brief dat hij het aanbod aanvaard, verzonden op 7-5 om 17.30u. Brief komt aan op 8-5 om 08.45u

    de acceptant kan alleen voor 7-5, 17.30u met succes herroepen. De brief is de mededeling houdende aanvaarding vanaf dat moment ontstaat er een blokkade op de mogelijkheid tot herroeping

  • Wat houdt een onherroepelijk aanbod in?

    aan dit aanbod is een termijn gekoppeld, de aanbieder kan binnen het termijn niet herroepen

  • Wat houdt een vrijblijvend aanbod in?

    als een aanbod vrijblijvend is, dan staat dit er vaak bij gemeld. Het aanbod kan nog worden herroepen nadat het is aanvaard. De aanbieder moet onverwijld herroepen.

  • Wat houdt onverwijld in?

    binnen een redelijke termijn het aanbod herroepen. Dit termijn is meestal 1 werkdag (situatie afhankelijk). Als een derde zorgt voor vertraging dan komt dit voor rekening van de aanbieder.

  • 1.1 De rechtshandeling

  • Iemand verricht een rechtshandeling onder een bepaalde voorwaarde:
    de werking van de rechtshandeling is afhankelijk van een onzekere toekomstige gebeurtenis.
  • wat is een rechtshandeling
    handeling die bedoeld is een rechtsgevolg in het leven te roepen
  • Iemand verricht een rechtshandeling onder een tijdsbepaling
    de werking van de rechtshandeling is afhankelijk van een zekere toekomstige gebeurtenis waarvan het moment van intreden in vaststaat, maar niet vast hoeft te staan.
  • verschillende rechtshandelingen
    ongericht eenzijdig
    gericht eenzijdig
    meerzijdig(overeenkomst)
  • Wat is een andere naam voor verbintenis scheppende overeenkomst?
    Obligatoire overeenkomst
  • verschillende overeenkomsten
    verbintenis scheppende overeenkomst
    obligatoire overeenkomst 
  • Wat is een andere naam voor een meerzijdige rechtshandeling?
    Overeenkomst
  • opschortende en ontbindende werking
  • Meerzijdige rechtshandeling
    de wilsverklaring van meer dan één persoon is noodzakelijk om de rechtshandeling tot stand te brengen.
  • Gerichte rechtshandeling
    Rechtshandeling gericht tot een ander (specifiek) persoon.
  • ongerichte rechtshandeling
    rechtshandeling die niet tot een bepaald persoon gericht is.
  • eenzijdige rechtshandeling
    de wilsverklaring van één persoon is voldoende om de rechtshandeling tot stand te brengen.
  • rechtshandeling
    handeling die erop gericht is een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen.
  • Rechtshandelingen kunnen onder een tijdsbepaling of een voorwaarde worden verricht. (art. 3:38)

    Zowel tijdsbepaling als voorwaarde kan een opschortende en een ontbindende werking hebben.

    Opschortend: de rechtshandeling krijgt pas werking op het moment dat de toekomstige gebeurtenis plaatsvindt.

    Ontbindend: de rechtshandeling krijgt onmiddellijk werking, maar deze werking vervalt op het moment dat de toekomstige gebeurtenis plaatsvindt. (art. 6:22)

    Wanneer een overeenkomst onder voorwaarde verplicht tot overdracht van een goed, vindt de levering van dat goed plaats onder dezelfde voorwaarde.  (art. 3:84 lid 3).
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is een rechtshandeling?
De handeling die erop gericht is een bepaald rechtsgevolg in het leven te roepen.
Waar verschilt de natuurlijke verbintenis in van de overige verbintenissen?
Is niet in rechte afdwingbaar.
Wat wordt er vereist bij overdracht van een goed?
Art. 3:84 BW bepaalt dat voor overdracht van een goed worden vereist:
  1. een geldige titel; (rechtsgrond die tot overdracht verplicht)
  2. een levering (wilsovereenstemming en leveringshandeling);
  3. een beschikkingsbevoegde. (bevoegdheid tot vervreemden en bezwaren).
Waaruit bestaat juridisch gezien de activa van een vermogen? Noem ook het toepasselijke wetsartikel.
De activa van een vermogen bestaan uit goederen (zaken en vermogensrechten) art.3:1 BW.
Wat is een preferente schuldeiser?
Een preferente schuldeiser heeft bij de verdeling van de opbrengsten van een bepaald goed of bij verhaal op alle goederen van de schuldenaar voorrang boven andere schuldeisers. In titel 10 van boek 3 BW (verhaalsrecht op goederen) zijn verscheidene voorbeelden van bevoorrechte vorderingen te vinden, zoals bijv. In art. 3:278 BW
Hoe staat de verdeling in de WSNP voor preferente schuldeiser ten opzichte van concurrente schuldeisers?
In de WSNP krijgen preferente schuldeisers echter, anders dan in faillissement, een dubbel percentage ten opzicht van concurrente schuldeisers.
Aan welke voorwaarden moet de schuldenaar zich houden tijdens schuldsaneringsregeling?
  • Fulltime werken en behouden ervan
  • zorgen voor activa in de boedel 
  • nodige informatie verstrekken
  • geen nieuwe schulden maken
Waar wordt de uitspraak over schuldsanering gepubliceerd?
  • Het schuldsaneringsregister
  • de Staatscourant
  • het internet
Jan heeft in zijn testament Hugo aangewezen als zijn enige erfgenaam. Tot de nalatenschap behoort ook een aan Tony verhuurde beleggingsgrond, waarop een hypotheek ten behoeve van de bank rust. Jan heeft in zijn testament aan Klaas  een recht van vruchtgebruik op dit beleggingspand gelegateerd (nagelaten). Hugo blijft in gebreken en betaald de hypotheek niet. Hierdoor wil de bank overgaan tot executie. Klaas betaalt de schuld van Hugo aan de bank om uitwinning te voorkomen. Wat is de positie van Klaas na betaling van de schuld?
Als klaas betaald om uitwinning van het beleggingspand te voorkomen, wordt hij krachtens art.6:150 sub c gesubrogeerd (klaas treedt als nieuwe schuldeiser) in de rechten van de bank op schuldenaar Hugo. Nu wordt Klaas schuldeiser in plaats van de bank voor Hugo en wordt hierdoor een preferente schuldeiser.
Jan heeft in zijn testament Hugo aangewezen als zijn enige erfgenaam. Tot de nalatenschap behoort ook een aan Tony verhuurde beleggingsgrond, waarop een hypotheek ten behoeve van de bank rust. Jan heeft in zijn testament aan Klaas  een recht van vruchtgebruik op dit beleggingspand gelegateerd (nagelaten). Hugo blijft in gebreken en betaald de hypotheek niet. Hierdoor wil de bank overgaan tot executie. Wat is het gevolg van de executie voor het recht van vruchtgebruik?
In dit geval bestond de hypotheekrecht is een oudere beperkt recht dan recht van vruchtgebruik. Hierdoor vervalt bij executie het recht van vruchtgebruik. (prioriteitsbeginsel & art.3:273 BW) Maar wel heeft het vruchtgebruiker recht op schadevergoeding jegens hooftgerechtigde (art.3:282 BW voorrang beperkt gerechtigde ter zake van schadevergoeding bij verhaalsrecht) ter waarde van vervallen recht.