Samenvatting Intake AG407 deel 3

-
ISBN-13 9789041508003
785 Flashcards en notities
15 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Intake AG407 deel 3". De auteur(s) van het boek is/zijn NTI NDP Studio. Het ISBN van dit boek is 9789041508003. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Intake AG407 deel 3

  • 1 De Intakefunctie

  • Om welke redenen  kan de huisarts de patient doorverwijzen?
    - de huisarts vermoedt dat er iets ernstigs aan de hand is
    - de patient heeft al langer klachten en de huisarts weet niet wat de oorzaak kan zijn
    - de huisarts kan de patient niet helpen. Hij heeft bijv. geen middelen om een allergietest te doen. of er is een spoedgeval dat om specifieke zorg vraagt, bijv. patient in shock.
  • 1.1 Ontstekingen

  • Wat is de oorzaak van ontstekingen?
    gevolg van een reactie van het afweersysteem, meestal veroorzaakt door een infectie. kan ook door mechanische overbelasting, chemische stoffen, verbranding of een afwijking van het immuunsysteem. (steriele ontsteking)
  • Wat zijn lokale verschijnselen bij een ontsteking en wat zijn de algemene verschijnselen die erbij horen?
    roodheid (rubor) - algehele malaise
    warmte (calor) - koorts (febris, pyrexie)
    zwelling (tumor) - leukocytose (meer leukocyten in het bloed)
    verstoorde functie (functio laesa) - tachycardie (verhoogde hartfrequentie)
  • Wat is de behandeling bij een ontsteking?
    steriele ontsteking kan worden met ontstekingsremmers (corticoisteroiden, NSAID's) omdat de ontsteking geen functie heeft in het verdedigen tegen ziektekiemen. bij niet-steriele ontsteking mogen geen ontstekingsremmers gebruikt worden omdat ontsteking belangrijke afweer heeft.
    antibiotica bij een bacterie, antimycotica bij schimmel en antivirale middelen of antistoffen bij een virus.
  • 1.2 Onderzoeksmogelijkheden in het algemeen ziekenhuis

  • Wat is de taak van de assistente in de polikliniek?
    patient informeren over het onderzoek, het in orde maken van de aanvraag voor een bepaald onderzoek (verwijskaart) onderzoeken inplannen.
  • Wat zijn enkele factoren die het bloedbeeld beinvloeden?
    - verhoogde bloedbezinking (BSE) kan duiden op ontstekingen, anemie of antilichamen
    - hemoglobine (Hb) gehalte kan bepaald worden: een te laag Hb duidt op anemie
    - aantal rode bloedlichamen kan bepaald worden: samen met Hb en BSE kan dit anemie aangeven. Anemie is een indicatie en geen ziekte!
    - het aantal witte bloedcellen kan bepaald worden: het aantal leukocyten zal te hoog zijn bij een infectie en te laag bij leukemie
    - het aantal trombocyten kan geteld worden. hiermee kan het stollingsproces van het bloed bekeken worden, bijv. bij mensen die antistollingsmiddelen gebruiken
    - een verhoogd gehalte van enzymen kan waargenomen worden, zoals bij hartaandoeningen, leverziekten en nierziekten. vb bepalen van LDH of alkalische fosfatase.
  • Wat kan in het bloed aangetroffen worden?
    - bilirubine: verhoogd als patient bijv. galstenen heeft
    - ureum: verhoogd bij nierziekten
    - kreatinine: verhoogd bij nierziekten
    - urinezuur: verhoogd bij jicht en stofwisselingsziekten
    - glucose: duidt op diabetes mellitus
    - hormonen: FSH is bijv. verhoogd in menopauze en HCL tijdens zwangerschap
  • Wat tonen serologische onderzoeken aan?
    antistoffen tegen syfilis, anti-hiv-titer, rode hond, pfeiffer, reumatische artritis, acute reuma en hepatitis B
  • Wat is een echografie?
    door geluidsgolven. de huid wordt op plaats van onderzoek ingesmeerd met gel. met een apparaat wordt over de huid gewreven, verschillende soortsen weefsel van het orgaan kaatsen de golven allemaal op een andere manier terug.  de terugkaatsende golven zijn zichtvaar  op een monitor. echoscopie is ongevaarlijk en niet belastend. uitzondering: echo via endeldarm, slokdarm, vagina.
  • wat is een rontgenonderzoek?
    x-stralen gaan dwars door het lichaam heen en worden onderweg tegengehouden door organen en weefsels.  bot houdt veel licht tegen en is daarom altijd goed te zien.  als men een orgaan wil zijn gebruikt men een contractvloeistof. niet belasting voor patient, te veel blootstellen kan gevaarlijk zijn voor gezondheid.
  • Wat is een computertomografie (CT-scan)?
    ct-scan kan dwarsdoorsneden van het lichaam tonen door  patient in een koker plaats te laten nemen. apparaat scant zo langzaam het lichaam. worden vele afbeeldingen gemaakt die we plakjes noemen.  (coupes) soms contrastvloeistof om geheel beter te zien); onderzoek duurt lang en patient ligt in een nauwe koker.  ook ct-scan kan schadelijk zijn wanneer iemand aan te veel stralen wordt blootgesteld.
  • wat is een MRI (magnetic resonance imaging)
    ook hier gaat patient in nauwe koker, magnetisch veld gebruikt. niet schadelijk voor de gezondheid. MRS is niet alleen de lengte te zien (rontgen) ook niet alleen de doorsnede (CT scan) maar zowel dwars- lengte als schuine afbeeldingen. erg duur. niet belastend. patient klagen wel over lawaai dat het apparaat maakt en het feit dat ze stil moeten liggen.
  • Wat is scintigrafie?
    wordt radioactieve vloeistof in lichaam gespoten.  deze wordt zichtbaar als er een foto wordt gemaakt. als het beeld te licht of donker is is dit een teken dat het orgaan neit goed werkt. diagnose zeer duur en niet makkelijk te lezen. belastbaarheid niet groot. inbrengen vloeistof kan vervelend zijn.
  • Wat is punctie en biopsie?
    Onder plaatselijke verdoving worden er bij patient een klein stukje weefsel of wat cellen weggenomen. Cellen kan men uit lichaam halen door middel van een punctie (lange, holle naald), weefsel door een stukje weg te snijden (biopsie).
    Er wordt ook gebruikgemaakt van een boortje om wat weefsel te verwijderen. Cellen en/of weefsel worden onderzocht door een patholoog-anatoom (PA).

    Belastbaarheid is verschillend: uitstrijkje cervix minder belastend dan leverpunctie.
  • Wat is functie en biopsie?
    onder plaatselijke verdoving worden er bij patient een klein stukje weefsel of wat cellen weggenomen. cellen kan men uit lichaam halen door middel van een punctie (lange, holle naald) weefsel door een stukje weg te snijden. er wordt ook gebruikgemaakt van een boortje om wat weefsel te verwijderen. cellen en/of weefsel worden onderzocht door een patholoog-anatoom (PA) belastbaarheid is verschillend: uitstrijkje cervix minder belastend dan leverpunctie.
  • Wat zijn scopieen?
    door middel van een scopie wordt er een kijkje in lichaam genomen. Dit gebeurt door een flexibel buisje met daaraan een clamera in het lichaam te brengen.  scopie kan via natuurlijke wegen naar binnen (endoscopie) sneetje in lichaam (kijkoperatie) (belastend voor patient) gasteroscopie (scopie maag) zal patient reflexen moeten tegenhouden. bij laproscopie (kijkje in buikholte) moet patient onder narcose.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Welke drie eisen zijn er aan de assistente gezien zij ook pr functie heeft?
1. Hoge eisen aan uzelf: uiterlijk, kleding ed moeten altijd verzorgd zijn. dit is bepalend voor eerste indruk
2. Wachtkamer/praktijk moet er altijd perfect uitzien.
Zorg dat de patiënt zich prettig kan voelen in de ruimte.
Afleiding in vorm van lectuur, een bos bloemen of zelfs bloemen.
3. Ontvang klanten met nodige egards:
- laat patiënt plaatsnemen
- zorg voor lectuur als men moet wachten
- vertel de patiënt, zo mogelijk, hoelang het spreekuur uitloopt. Bied hem de mogelijkheid om een nieuwe afspraak te maken
- toon aandacht voor de patiënt. Ga bijv. een gesprek aan. 
Hoe kunnen we aandacht houden met de stem? Drie factoren.
  1. Gebruik pauzes: als u voor een zin pauzeert, krijgt deze de nadruk. 
  2. Werk met toonhoogteverschillen. 
  3. Varieer het stemvolume.
Noem tien telefoonetiquettes als u de telefoon aanneemt
1. Laat een rinkelende telefoon nooit meer dan drie keer overgaan. Neem direct op.
2. Spreek rustig en duidelijk: Goedemogen, goedemorgen met.... belangrijk dat u de naam van de praktijk of instelling het laatst noemt.
3. Noteer de naam van degene die  opbelt en noem deze in het verdere gesprek. Vraag zo nodig hoe de naam gespeld wordt.
4. Gaat u doorverbinden, zeg dan duidelijk welke persoon of afdeling de patient aan de lijn krijgt.
5. Moet u de beller laten wachten zeg dan waarom. Duurt het langer dan 20 seconden vraag dan of hij wil wachten. Zorg dat de beller nooit langer dan 20 seconden in de wacht staat, bedank de opbeller voorhet wachten, laat tussentijds steeds iets van u horen.
6. Schakel de verbinding niet te snel door, waardoor delen van zinnen wegvallen of waardoor beller geen tijd krijgt om iets te zeggen.
7. Luister aandachtig naar de opbeller: toon interesse. Laat in geval van klachten de opbeller rustig uitspreken.
8. Vat het gesprek samen voordat u afsluit.
9. Bij afsluiting gesprek wenst u de beller een goede dag en geen doei, houdoe.
10. Door de telefoon hoort men heel goed als er kauwgom gegeten wordt.
Welke woordkeus moeten we gebruiken? 8 factoren.
1. Spreek in tegenwoordige tijd.
niet: ik zou kunnen maar: ik zal
2. Spreek in ik-vorm
niet: wij zoeken dat uit maar: ik zoek dat voor u uit
3. Gebruik geen stopwoorden als: nou, eigenlijk, inderdaad, oke
4. Vermijd zinnen als: dat kan niet kloppen,, ik doe mijn best, ik moet, om eerlijk te zijn, is het mogelijk dat, dan moet u bij ... zijn, ik ben alleen verantwoordelijk voor, mag ik u even storen, mag ik u wat vragen.
5. Geef exacte informatie:
Niet:ik bel u morgen terug, maar schikt het u als ik u morgen om 10 uur terugbel.
Niet:ik zeg het wel tegen het afdelingshoofd, maar: het afdelingshoofd belt u vanmiddag tussen 2 en 4 uur terug.
Niet: onlangs, maar: eergisteren.
6. Gebruik spreektaal, spreek natuurlijk. probeer geen indruk te maken door vaktaal te gebruiken.
7. Maak korte heldere zinnen: minder kans op misverstanden
8. Spreek altijd algemeen beschaafd Nederlands.
Welke vijf gegevens worden gevraagd aan een nieuwe patient?
1. naam
2. geboortedatum
3. adres
4. telefoonnummer
5. verzekering
Hoe moet de spreekuren ingepland worden? 3 factoren
1. zodat er altijd een aantal spoedplekken is, bijv. 5 per dag.
2. assistente die op woensdag werkt plant de agenda voor donderdag en vrijdag. 
3. kleine chirurgische ingrepen waarbij assistente de arts assisteert, kunnen bijv. in de middag gepland worden ('s morgens telefonische spreekuur)
Hoe worden de huisbezoeken geregeld? 4 factoren.
1. aantal visites laag houden door triage.
2. mensen met koorts kunnen best naar de praktijk komen
3. chronisch zieken, ouderen en patienten die opgenomen zijn of net uit ziekenhuis ontslagen krijgen altijd een bezoekje van de arts.
4. assistente zorgt dat de route en juiste patientgegevens voor arts klaarliggen.
Welke zeven punten staan er op de checklist voor een goede klachtenbehandeling?
1. Schrik niet (ontspan uzelf, reageer niet emotioneel, zorg voor pen en papier)
2. Luister rustig (patiënt die kwaad is wil afreageren, val hem niet in de rede)
laat tijdens zijn verhaal horen dat u er bent (oh ja, oh)
onthoudt u in eerste instantie van een mening
3. Maak aantekeningen (zeg ook dat u alles noteert, dit geeft aan dat u het probleem serieus neemt. stel vragen om alles zo volledig mogelijk op papier te krijgen)
4. Stel de patiënt gerust (noem de opbeller bij naam, degene die klaagt zal vaak overdrijven, ga daar niet tegen in, zegt dat het gebeurde u spijt, zeg dat u voor een oplossing gaat zorgen)
5. Zorg voor een oplossing (vraag wat de opbeller verwacht, toon medeleven en leg u niet op een standpunt vast, gaat aan wat u gaat doen en doe dat ook)
6. Afsluiten (herhaal wat u afgesproken hebt, vraag patiënten evt. bewijsstukken op te sturen of te bewaren, val nooit collega's of de instelling af.
7. Opvolging (zorg dat er gebeurt wat u beloofd hebt, houd de klager van de voortgang op de hoogte, bel als de klacht is afgehandeld nog eens op met de vraag of nu alles in orde is. )
Als u een bericht aanneemt of iets moet opzoeken welke etiquette is dan van toepassing? 4 factoren.
1. Noteer duidelijk de naam van de patient, bedrijf of organisatie, telefoonnummer, datum en tijd. Zorgt dat het bericht onmiddelijk bij betrokkene komt.
2. Ook als opbeller zelf zegt terug te bellen, noteert u zijn gegevens en geeft u dit direct door aan betrokkene
3. Moet u iets nakijken, zeg dan wat u gaat doen. Laat opbeller nooit langer dan 20 seconden wachten zonder tussenkomst. Stel evt. voor om later terug te bellen met de benodigde gegevens
4. Glimlach terwijl u spreekt. Stel u hulpvaardig op. Met vriendelijkheid bereikt men wonderen.
Waarmee moeten we rekening houden in een gesprek? 8 aspecten.
1. Voorkomen interne en externe ruis
2. Luister goed of de ander uw mededeling begrijpt en erop reageert
3. Herhaal de mededeling desgewenst
4. Verduidelijk de mededeling door er iets aan toe te voegen
5. Verstrek een mededeling tweemaal op verschillende wijze
6. Stuur het gesprek door vragen te stellen om herhaling of extra informatie van de ander te krijgen
7. Herhaal de hulpvraag: Heb ik goed begrepen dat u een afspraak wilt maken om een wrat te laten weghalen?
8. Vat samen wat afgesproken is: u staat genoteerd voor morgen om 8.40 bij dokter Witjes.