Samenvatting Introduction to Soil Science

-
142 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Introduction to Soil Science

  • 1 Bodemfuncties en Bodemfuncties

  • Wat zijn problemen waar bodems nu mee te maken hebben?
    - verwoestijning
    - verzilting
    - verzakking of verdroging
    - overstromingen of aardverschuivingen
    - gebrek aan nutrienten
    - vergiftiging door eutrofiering en overbemesting etz.
  • Bodem
    Bodemkundig: het bovenste, door planten doorwortelde deel van het aardoppervlak. Volgens de Wet Bodembescherming: het vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. De ondergrens van de "bodem" is bij beide omschrijvingen niet erg specifiek. Het grootste deel van de wortels zit ondiep: 90-95 % van alle wortels bevindt zich meestal binnen een meter onder het bodemoppervlak. Wortels van sommige bomen en struiken kunnen echter tot 10-tallen meters diep gaan. De bodem volgens de Wet Bodembescherming betreft feitelijk alle poreuze materiaal tot op enig vast gesteente, dat op vele km diepte kan voorkomen. Bodemkundigen kijken meestal 1,20 m diep (standaard boordiepte).
  • Welke 4 ecosysteemdiensten levert een bodem?
    1) toevoerdiensten (producten)
    2) regulerende diensten (voordelen van regulering van ecosysteemprocessen)
    3) culturele diensten
    4) ondersteunende diensten (diensten noodzakelijk voor de productie van alle andere diensten)
  • 1.1 Natuur- en biodiversiteitsfunctie van de bodem

  • Waarom is het verband tussen bodem en landschap/vegetatie zo sterk?
    Omdat bodems essentieel zijn als stand- en ankerplaats en leverancier van water, zuurstof en nutriënten voor planten.
  • Wat zijn effecten van menselijk handelen op de bodemkwaliteit geweest?
    Omlaag doordat we de grondwaterstand verlagen. Omlaag door verontreiniging onder invleod van intensieve landbouw. Eutrofiering van de grond.
  • 1.2 Biochemische rol van de bodem

  • Hoe reguleert een bodem de samenstelling van bodemvocht, van de atmosfeer en het vloeibare water op aarde?
    Doordat veel stoffen (tijdelijk) worden vastgehouden. Planten en bodemdieren zijn hierbij betrokken.
  • Waarom is de samenstelling van bodemvocht van belang?
    Wortels en bodemdieren zijn veelal afhankelijk van de waterfase. Interactie tussen bodemvocht en bodemdeeltjes bepaalt de beschikbaarheid van stoffen.
  • Welke bufferende werking heeft een bodem op stoffen?
    Sommige bodembestanddelen absorberen stoffen. Snel opnemen als aanvoer hoog, langzaam afstaan als geen aanvoer. Zo worden grote fluctuaties voorkomen.
  • Welke bufferende werking heeft een bodem op water?
    De doorlatendheid van bodems is beperkt vanwege de kleine porien tussen de bodemdeeltjes.
  • Wat is de functie van humus?
    Zorgt voor samenhang van bodemdeeltjes en reguleert de beschikbaarheid van nutriënten.
  • Wat is de schakelfunctie van een bodem?
    Het vastleggen en beschikbaar maken van eerder bij fotosynthese vastgelegde CO2.
  • Wat is de regulatiefunctie van bodems op de lange termijn?
    Planten pompen veel CO2 in de bodem, dit komt in de bodemlucht. Daar lossen silicaatmineralen in op en dat komt in oceanen terecht. Wordt neergeslagen in kalkskeletten van allerlei organismen.
  • Wat veroorzaakt de verlaging van de grondwaterstand?
    Ontwatering van landbouwgronden, onttrekking grondwater voor industrie en drinkwater, versnelde oppervlakkige afvoer van regenwater, verstening.
  • 1.3.2 Bodemgeschiktheid

  • Wat betrekt chemische bodemvruchtbaarheid en hoe kan t worden opgelost?
    Plantvoedende elementen die de bodem levert. Je kunt voedingsstoffen toedienen.
  • Hoe kun je een gebrek of overschot aan water oplossen?
    Water aanvoeren uit het grondwater of oppervlaktewater of beregening. Voor extra zuurstof kun je het grondwaterpeil verlagen.
  • Wat is een bodemfactor die je moeilijk kunt verbeteren?
    1) het vocht leverende vermogen van een bodem
    2) de bewerkbaarheid (grote cohesiekrachten)
    3) gevoeligheid voor erosie (lichte bodem)
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is kwartsiet?
Gemetamorfoseerd zandsteen, korrels van kwarts. Geen splijting. Geen georienteerde mineralen. Geen porien.
Wat zijn de 2 hoofdgroepen metamorfe gesteenten?
Met en zonder georienteerde mineralen.
Wat is marmer?
Gemetamorfosserd kalksteen, calcietkristallen, geen voorkeursrichting bij splijten.
Wat zijn kenmerken van een geband gesteente?
Sterke metamorfosen. Veldspaten en donkere mineralen ontstaan met een voorkeursrichting -> geband.
Wat zijn kenmerken van een schisteus gesteente?
Platige mineralen liggen alle in dezelfde richting. Er moeten kleimineralen in het moedergesteente zitten. Gemakkelijk splijtende mineralen.
Bodem
Bodemkundig: het bovenste, door planten doorwortelde deel van het aardoppervlak. Volgens de Wet Bodembescherming: het vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. De ondergrens van de "bodem" is bij beide omschrijvingen niet erg specifiek. Het grootste deel van de wortels zit ondiep: 90-95 % van alle wortels bevindt zich meestal binnen een meter onder het bodemoppervlak. Wortels van sommige bomen en struiken kunnen echter tot 10-tallen meters diep gaan. De bodem volgens de Wet Bodembescherming betreft feitelijk alle poreuze materiaal tot op enig vast gesteente, dat op vele km diepte kan voorkomen. Bodemkundigen kijken meestal 1,20 m diep (standaard boordiepte).
Wat zijn mica's + kenmerken?
Kleimineralen die gemetamorfoseerd worden. Dunne gestapelde plaatjes. Door de druk hebben ze dezelfde orientatie, zeer goed splijtbaar in horizontale richting. Zwakke tot matig sterke metamorfose
Wat is metamorfose?
Door verhoogde druk en temperatuur gaan elementen aan de wandel, vormen nieuwe stabiele mineralen, aangepast aan de nieuwe omstandigheden. Vind plaats in vast gesteente.
Kringloop van gesteenten
Term die wordt gebruikt voor het proces van ontstaan en weer verdwijnen van gesteenten op aarde, als gevolg van inwendige en uitwendige processen (plaatbewegingen, verwering, erosie).
Geband
Het patroon dat de mineralen van metamorfe gesteenten vaak vertonen als gevolg van de nieuwvorming van mineralen. Niet te verwarren met gelaagdheid van sedimentgesteenten.