Samenvatting Jaarverslaggeving

-
ISBN-10 900159056X ISBN-13 9789001590567
104 Flashcards en notities
5 Studenten
  • Deze samenvattingen

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting 1:

  • Jaarverslaggeving
  • Peter Epe
  • 9789001590567 of 900159056X
  • 2020

Samenvatting - Jaarverslaggeving

  • 1 Externe verslaggeving: relaties met andere vakgebieden.

  • Wat is een gangbare definitie van een organisatie?
    Een samenwerkingsverband van mensen en middelen dat is gericht op het realiseren van bepaalde doelstellingen.
  • Wie zijn de belanghebbenden bij een organisatie?
    De leiding, werknemers, eigenaren, vermogenverschaffers, afnemers, leveranciers, vakbonden en de overheid, met name de fiscus.
  • Waarom willen de belanghebbenden geïnformeerd worden over het (financiële) reilen en zeilen van de organisatie?
    Ze willen kunnen beoordelen of hun doelstellingen m.b.t. de organisatie worden gerealiseerd.
  • Wat is interne informatieverschaffing?
    Terrein van de management accounting/interne berichtgeving, gericht op de informatiebehoefte van de leiding voor het nemen van beslissingen en het beheersen van het beleidsproces.
  • Wat is kenmerkend voor de interne informatieverschaffing?
    Geen wettelijke regels, vindt vrijwel doorlopend plaats, zeer gedetailleerd, vrij snel beschikbaar na einde periode, geen* neiging tot creatieve accounting, niet op het niveau van de centrale leiding.
  • Wat is externe informatieverschaffing?
    Terrein van financial accounting/externe verslaggeving,gericht op de informatiebehoefte van derden voor hun oordeelsvorming en/of besluitvorming t.a.v. de organisatie. De info is mede bedoeld om verantwoording af te leggen over het gevoerde beleid. Derden zijn alleen m.u.v. de leiding. Manieren: jaarverslaggeving, tussentijdse berichtgeving of een persbericht n.a.v. opvallende gebeurtenissen oontwikkelingen.
  • Wat is kenmerkend voor externe informatieverschaffing?
    Wel wettelijke voorschriften(publicatieplicht), periodieke frequentie, meer globaal, berichtgeving later dan bij ii, wel neiging tot creatieve accounting.
  • Waarom heeft de Belastingdienst behoefte aan externe informatie?
    Om over financiële gegevens te beschikken om aanslagen IB en vennootschapsbelasting te kunnen opleggen. Hiertoe wordt een fiscale jaarrekening opgesteld.
  • Waarom wordt er in Nederland een aparte jaarrekening t.b.v. de fiscus opgesteld?
    Omdat hier afzonderlijke regels gelden, namelijk de bepalingen die in de Wet op de IB en de Wet op de vennootschapsbelasting zijn vastgelegd. Deze regels verschillen van van de regels die voor de externe jaarrekening gelden. Ook zal de fiscale winst door het bedrijf normaliter zo laag mogelijk vastgesteld worden, terwijl men in de externjaarrekening over het algemeen het liefst een zo rooskleurig mogelijk beeld laat zien.
  • Wat zijn de raakvlakken tussen financial accounting en het vak financiering?
    De jaarrekening (vooral de balans) geeft immers de financiële structuur van de onderneming weer. Tevens kunnen uit de jaarrekening verschillende kengetallen berekend worden die een indicatie geven van de rentabiliteit, de liquidatie en de solvabiliteit van de onderneming, kernbegrippen in de financieringstheorie.
  • Wat is de jaarrekening?
    Het geheel van de balans en winst- en verliesrekening en de op beide stukken betrekking hebbende toelichting.
  • Wat is een balans?
    Een momentopname van de waarde van de activa en de passiva van de onderneming. Omdat het een momentopname betreft, bevat de balans voorraad- of stockgrootheden.
  • Wat zijn de activa?
    Geven de investeringen ten behoeve van het productie- en verkoopproces weer. Het zijn economic resources van de onderneming.
  • 1.1 Afbakening van het vakgebied

  • Wat is het doel van een organisatie?
    Een organisatie is een samenwerkingsverband van mensen en middelen dat is gericht op het realiseren van bepaalde doelstellingen. Deze belanghebbende willen geïnformeerd worden.
  • doelstellingen van een organisatie:
    behalen van winst
    verkrijgen marktpositie
    bijdrage leveren aan maatschappelijke verantwoordelijkheid zoals werkgelegenheid, zorgen voor schoon milieu
  • Belanghebenden
    leiding van een rganisatie en de werknemers
    aandeelhoders/eigenaren
    banken en beleggers
    afnemers en leveranciers
    overheid/fiscus
    vakbonden
    \
  • Wat is het verschil tussen interne en externe informatie verschaffing
    Intern is management accounting, informatie voor de leiding van het bedrijf voor het nemen van beslissingen
    extern is gericht op informatie aan derden voor hun oordeelsvorming en afleggen van verantwoording
  • Wat is de samenhang met andere vakgebieden
    Administrative organisatie, bedrijfsadministratie,ondernemingsrecht
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 2:

  • Jaarverslaggeving
  • Peter Epe & Wim Koetzier
  • of
  • 2011

Samenvatting - Jaarverslaggeving

  • 1 hoofdstuk 5

  • De regels die gelden voor de overige onderdelen van het jaarrapport (jaarverslag en andere onderdelen), blijven ook voor de beursgenoteerde ondernemingen te vinden in de Nederlandse wet.
  • 2 Waarde en winst

  • Wat is de bedrijfswaarde?
    Is de contante waarde van de toekomstige ontvangen nettokastromen uit hoofde van de te produceren goederen- en of diensten. 
  • Wat is het verschil tussen direct- en indirecte opbrengstwaarde?
    Bij directe opbrengstwaarde wordt vanuit gegaan wat de opbrengst is bij de verkoop van het productiemiddel.

    Bij indirecte opbrengstwaarde is er sprake van afgeleide waarde. Men waardeert het productiemiddel op het geen wat het productiemiddel voortbrengt.

    Onder normale omstandigheden is de directe opbrengst lager dan de indirecte opbrengst 
  • Wat is liquidatiewaarde?
    De waarde van een goed bij gedwongen verkoop (faillissement)
  • Wat is economisch winstbegrip? (Economic concept of profit)
    Winst waarbij de beloning van de aandeelhouders of eigenaren al in de berekening is betrokken
  • Wat is boekhoudkundig waardebegrip? (accounting concept of profit)
    Gaat uit van waardering individuele activa, uitgaande van inkoopprijzen. 
  • Wat is 'closing the gap' binnen de externe verslaggeving?
    Ontwikkelingen die de relevantie van boekhoudkundig waardebegrip moet vergroten, dus waarin boekhoudkundig en economisch waardebegrip dichter bij elkaar komt te liggen.
  • Wat is economic value added?
    Prestatiemetingstechniek die het zuiverste door de onderneming gecreëerde 'aandeelhouderswaarde' weergeeft.

    Hierin gebruikt met het boekhoudkundig waardebegrip met enkele correcties hierop. 

    Bijvoorbeeld:

    *Off balance investeringen op de balans opnemen
    *Voorzieningen elimineren 
    *Interestkosten op eigen vermogen ten laste van de winst
  • Wat is subjectieve goodwill?
    Verschil tussen economische- en boekhoudkundige waarde wat nog resteert.
  • Wat is residual income? (overblijvend inkomen)
    Is het verschil tussen het bedrijfsresultaat na belastingen minus de kosten van het werkzame vermogen.
  • 3 Basisprincipes van de boekhoudkundige waarde- en winstbepaling

  • Wat is het matching principe?
    Ook wel causaliteitsbeginsel genoemd: Gemaakte kosten zoveel mogelijk toekennen aan de periode waarin de kosten zijn gemaakt. We onderscheiden hierin product matching en period matching
  • Wat is het toerekeningsbeginsel?
    De winst over de gehele levensduur van een onderneming is het verschil tussen het Eigen Vermogen per het einde en het Eigen vermogen per het begin van de onderneming. Bij het bepalen van den totale winst doen zich geen waarderingsproblemen voor. Men begint immers met een geldbedrag en men eindigt ook met een geldbedrag. Ten behoeve van de jaarwinstbepaling moet deze totale winst aan verslagjaren toegerekend worden. Voor deze toerekening is de periode waarop de opbrengsten en kosten betrekking hebben bepalend en niet de periode waarin de opbrengsten in de vorm van liquide middelen zijn ontvangen c.q. de periode waarin de kosten in de vorm van liquide middelen zijn betaald.
  • Wat is accrual accounting?
    Anders woord voor transactiestelsel, kosten en inkomsten worden toegekend aan een periode. Tegenovergestelde is kasstelsel 
  • Wat is het voorzichtigheidsprincipe?
    • Winsten worden geboekt op het moment dat voldoende zeker is dat ze behaald zijn.
    • Verliezen worden genomen zodra ze geconstateerd worden, ook al is dit verlies nog niet zeker en kan later blijken dat het achteraf allemaal wel is meegevallen.

    Oftewel: Reken je niet rijker dan je denkt !!!! 

  • Wat is het verschil tussen volgtijdelijke- en gelijktijdige bestendigheid?
    • Gelijktijdige Bestendigheid: Soortgelijke posten of activiteiten moeten op soortgelijke wijze in de jaarrekening worden verwerkt. (voorraden hetzelfde waarderen als gebouwen)
    • Volgtijdige Bestendigheid: Eenmaal gekozen grondslagen van waardering, winstbepaling en presentatie van periode tot periode moet men handhaven, tenzij zich er bijzondere omstandigheden voordoen.
  • Wat is een stelselwijziging?
    Indien met eerder gekozen grondslagen van waardering, winstbepaling of presentatie wijzigt. 
  • Wat is het continuiteitsprincipe?
    Waardering geschiedt met de veronderstelling dat de onderneming wordt voortgezet. Going concern grondslag
  • Wat is matching principe?
    Ook wel causaliteitsbeginsel genoemd; gemaakte kosten zoveel mogelijk toekennen aan de periode waarin de kosten zijn gemaakt. We onderscheiden hierin product matching en periodmatching
  • Wat is het verschil tussen dynamisch- en statische waardebepaling?
    Dynamische waardebepaling ➙ winstbepaling 
    Statische waardebepaling ➙ vermogensbepaling 

    De dynamische methode is het tegengestelde van de statische methode, en daarom moet altijd voor de waardering van een balanspost een keuze worden gemaakt tussen deze 2 methodes.
    Als voorbeeld de voorziening voor dubieuze debiteuren:
    Bij de dynamische methode wordt bij iedere verkoop een percentage gedoteerd aan de voorziening. Dit is dus onafhankelijk van de omvang van de debiteuren.
    Bij de statische methode wordt 1 x per jaar de hoogte van de voorziening bepaald op basis van de openstaande debiteurenvorderingen. Dit is dus onafhankelijk van de omzet.

    Overigens wordt in de praktijk de statische methode het vaakst gebruikt, omdat deze een beter beeld geeft van het vermogen op balansdatum.

  • Wat is het realisatieprincipe?
    Men mag pas de opbrengst opnemen als de verkoopprestatie voltooid is. Dus als men het economisch eigendom heeft overgedragen en het risico van waardeveranderingen definitief is overgegaan op de verkoper.
  • Wat is het verschil tussen product- en period matching?
    Bij product matching worden de uitgave toegerekend aan de producten en geactiveerd onder de voorraden. Pas als de voorraden zijn verkocht worden de gemaakte kosten ten laste van het resultaat gebracht

    Bij period worden de uitgave ook geactiveerd, echter niet onder voorraden. De geactiveerde uitgaven worden via afschrijvingen toegerekend aan de perioden waaraan de uitgave dienstbaar zijn
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 3:

  • Jaarverslaggeving
  • Epe & Koetzier
  • of
  • 2011

Samenvatting - Jaarverslaggeving

  • 1 hoofdstuk 1

  • Welke hoofdonderscheid is er tussen organisaties te maken als gekeken wordt naar het doel waarnaar wordt gestreefd?

    Het hoofdonderscheid is dat tussen organisaties met als doel het behalen van winst (ondernemingen) en non-profitorganisaties.

  • Welke onderscheid kan gemaakt worden binnen de non-profitsector?

    Binnen de non-profitsector kan onderscheid gemaakt worden tussen overheidsorganisaties en non-gouvernementele organisaties.

  • Wat wordt bij de beoordeling van het organisatiebeleid verstaan onder de begrippen efficiency en effectiviteit?

    Bij efficiency wordt gekeken hoeveel input nodig is geweest om een bepaalde output tot stand te brengen.

    Bij effectiviteit wordt gekeken in hoeverre de verkregen output bijdraagt aan de realisatie van de doelstellingen van de organisatie.

     

  • Bij het verschaffen van informatie door organisaties wordt onderscheid gemaakt tussen interne en externe informatieverschaffing.

    Geef aan waarin beide soorten informatieverschaffing voorzien.

    Interne informatieverschaffing voorziet in de informatiebehoefte van de leiding bij het nemen van beslissingen.

    Externe informatieverschaffing richt zich op de andere belanghebbenden bij de organisatie, zoals de aandeelhouders of leden van de organisatie, andere feitelijke en potentiële vermogensverschaffers, werknemers en de overheid.

  • Geef de kenmerkende verschillen aan tussen interne en externe informatieverschaffing.

     

    Interne informatieverschaffing

    Externe informatieverschaffing

    * geen bemoeienis van de wetgever

    * wel bemoeienis wetgever

    * vrijwel doorlopend

    * minder grote frequentie

    * nadruk op snelheid

    * nadruk op juistheid

    * gedetailleerd

    * meer globaal

    * (op het niveau van de centrale leiding)

    * mogelijke neiging tot creative accounting

    geen neiging tot creative accounting

     

  • Hoe verhoudt de externe verslaggeving zich tot de fiscale rapportage?

     

    Door de specifieke fiscale regels wordt de externe jaarrekening niet voor de belastingaangifte gebruikt; daarvoor wordt een afzonderlijke fiscale jaarrekening opgesteld.

  • Wat is het verschil tussen vaste en vlottende activa?

     

    Het verschil is de termijn waarop het geïnvesteerde vermogen weer in geldvorm vrijkomt: bij vaste activa is dit een lange termijn, bij vlottende activa een korte termijn.

  • Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen vreemd en eigen vermogen?

     

    Vreemd vermogen wordt verschaft door schuldeisers, is tijdelijk vermogen en is risicomijdend. Eigen vermogen wordt verschaft door eigenaren, staat voor onbepaalde tijd ter beschikking en is risicodragend.

  • Waarom kan bij een non-profitorganisatie een positief exploitatiesaldo negatief worden beoordeeld?

     

    Een positief exploitatiesaldo kan een indicatie zijn dat de organisatie meer had kunnen doen dan ze in werkelijkheid gedaan heeft om haar doelen te realiseren.

  • Geef het schema voor winstberekening door middel van vermogensvergelijking.

     

    Eigen vermogen einde periode         € ……

    Eigen vermogen begin periode         € …… -

    Vermogenstoename                         € ……

    Kapitaalstortingen                             € …… -

    Kapitaalonttrekkingen                        € …… +

    Winst                                                 € ……

  • Welke soorten rentabiliteit kunnen worden onderscheiden? Geef per soort ook een omschrijving.

     

    * rentabiliteit van het totale vermogen = winst voor aftrek van interest en voor aftrek van belasting/ totaal vermogen.

    * rentabiliteit van het eigen vermogen = winst / eigen vermogen (hierbij kan de winst voor of na aftrek van belasting genomen worden)

    * rentabiliteit van het vreemd vermogen = rentelasten / vreemd vermogen.

  • Wat wordt verstaan onder sovabiliteit?

    Solvabiliteit is de mate waarin de organisatie in staat is aan haar verplichtingen jegens de schuldeisers te voldoen.

  • Bij het beoordelen van de solvabiliteit speelt het garantievermogen een belangrijke rol. Welke posten behoren tot het garantievermogen?

     

    Garantievermogen is het totaal van al het vermogen dat voor schuldeisers een bufferfunctie vervult; het bestaat uit het eigen vermogen plus de achtergestelde leningen.

  •  

    Wat wordt verstaan onder liquiditeit?

     

    Liquiditeitis de mate waarin de organisatie in staat is aan haar lopende betalingsverplichtingen te voldoen.

  • Wat is het verschil tussen dynamische en statische liquiditeit?

    Dynamische liquiditeit is de liquiditeit, gebaseerd op een prognose van de verwachte ontvangsten en uitgaven voor de komende periode. Statische liquiditeit is de op een bepaald moment uit de balans af te leiden liquiditeit.

  • Wat is ‘window dressing’? Geef een voorbeeld.

    Window dressing is het verrichten van activiteiten die ertoe leiden dat de statische liquiditeit een beter aanzien krijgt, bijvoorbeeld door vlak voor balansdatum kortlopende schulden af te lossen.

     

  • Uit welke hoofdonderdelen bestaat normaliter het jaarverslag?

    1 Het verslag over de gang van zaken in het boekjaar:  ingegaan wordt op de ontwikkelingen die zich hebben voorgedaan binnen de omgeving waarin de organisatie opereert en op de gevolgen die di heeft gehad voor het bereiken van de doelstellingen, voor de financiële positie en voor de werkgelegenheid binnen de organisatie.

    2 De toekomstparagraaf: besproken worden de ontwikkelingen waarmee de organisatie naar verwachting in de komende jaren te maken krijgt.

     

  • Wat wordt verstaan onder ‘creative accounting’? Geef een voorbeeld.

    Creative accounting is het aanpassen van de jaarrekening, om het door de leiding gewenste beeld naar buiten te geven, bijvoorbeeld door minder af te schrijven op vaste activa of minder toe te voegen aan voorzieningen.

     

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 4:

  • Jaarverslaggeving
  • Peter Epe & Wim Koetzier
  • 9789001797782
  • 2011

Samenvatting - Jaarverslaggeving

  • 1 Externe verslaggeving relaties met andere vakgebieden en ontwikkeling 15

  • Waarop is interne informatieverschaffing gericht?

    Op de informatiebehoefte van de leiding voor het nemen van beslissingen en het beheersen van het bedrijfsproces

  • 1.1 Afbakening van het vakgebied 16

  • Afbakening van het vakgebied
  • 1.1.1 Doelstellingen en belanghebbenden

  •  

    Verslaggeving van een organisatie. Een organistatie is een samenwerkingsverband van mensen en middelen dat erop gericht is het realiseren van bepaalde doelstellingen.

    Doelstellingen van organisaties kunnen zijn;

    • behalen van winst;
    • verkrijgen van een bepaalde marktpostie;
    • het leveren van een bijdrage aan maatschappelijke verantwoordelijkheden.

    De doelstellingen zijn afgeleid van de doelstellingen van de belanghebbende:

    • de leiding van de organisatie;
    • de eigenaren van de organisatie;
    • vermogensverschaffers;
    • afnemers en leveranciers;
    • overheid en fiscus;
    • vakbonden.
  • wat is een gangbare definitie van een organisatie?

    dat is samenwerkingsverband van mensen en middelen om samen een bepaalde doelstelling te bereiken. 

  • Wat is een gangbare definitie van een organisatie?

    Dat is samenwerkingsverband van mensen en middelen om samen een bepaalde doelstelling te bereiken. 

  • Wat is de definitie van een organisatie?
    Een samenwerkingsverband van mensen en middelen dat is gericht op het realiseren van bepaalde doelstellingen.
  • belanghebende van een organisatie?
    • Leiding;
    • eigenaren;
    • vermogensverschaffers;
    • afnemers en leveranciers;
    • overheid;
    • vakbonden
  • Belanghebbenden van een organisatie?
    • leiding;
    • eigenaren;
    • vermogensverschaffers;
    • afnemers en leveranciers;
    • overheid;
    • vakbonden
  • Wat zijn doelstellingen van organisaties?
    - Behalen van winst
    - Verkrijgen van een bepaalde marktpositie
    - Bijdrage leveren aan haar maatschappelijke verantwoordelijkheden
  • Wie zijn de belanghebbenden van een organisatie?
    - De leiding en de overige werknemers
    - De eigenaren; aandeelhouders
    - Andere potentiele vermogensverschaffers
    - Afnemers en leveranciers
    - De fiscus
    - Vakbonden
  • 1.1.2 Interne en externe informatieverschaffing

  •  

    Interne informatiebehoefte is gericht op de informatiebehoefte van de leiding voor het nemen van beslissingen en het beheersen van het bedrijfsproces.

  • Waar is interne informatieverschaffing op gericht?
    Op de informatiebehoefte van de leiding voor het nemen van beslissingen en het beheersen van het bedrijfsproces.
  • Waar is interne informatieverschaffing voor?
    Dat is voor de informatiebehoefte van de leiding voor het nemen van beslissingen en het beheersn van het bedrijfsproces.
  • Andere benaming voor interne informatieverschaffing is?
    Management accounting
  • Wat is externe informatieverschaffing?
    Dit is gericht op de informatiebehoefte van derden voor hun oordeelsvorming en/of besluitvorming ten aanzien van de organisatie. De informatie is bedoeld om verantwoording af te leggen over het gevoerde beleid. Dit gebeurt dmv een jaarrekening.
  • Het op kunstmatige wijze verfraaien van de balans en de resultatenrekening staat bekend als .....
    creative accounting
  • Waar is externe informatieverschaffing op gericht?
    Op de informatiebehoefte van derden voor hun oordeelsvorming en/of besluitvorming.
  • Andere benaming voor externe informatieverschaffing is?
    Financial accounting
  • Verschillen tussen interne en externe informatieverschaffing:
    - Intern vindt er doorlopend informatieverschaffing plaats, terwijl extern de frequentie veel minder groot is.
    - Interne informatie is zeer gedetailleerd, externe informatie is globaler.
    - Interne informatie is sneller beschikbaar voor de leiding dan externe informatie voor externe belanghebbende.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 5:

  • Jaarverslaggeving
  • Epe & Koetzier
  • of

Samenvatting - Jaarverslaggeving

  • 1 De externe jaarrekening

  • Geef de definitie van inductie (p. 36).
    Inductie: uit observaties van de werkelijkheid algemene regels afleiden.
  • Wat is het uitgangspunt van de positive accounting theory (p. 35)?
    De ondernemingsleiding zet externe verslaggeving vooral in voor haar eigen doeleinden.
  • Welke functie heeft het eigen vermogen in het kader van de solvabiliteitsratio?
    Bufferfunctie.
  • Hoe berekent men de rentabiliteit van het vreemd vermogen?
    RVV = (winst / gemiddeld vreemd vermogen) * 100%
  • Op 31 december 2010 bedraagt het eigen vermogen van onderneming A 10.000. Het totale vermogen bedraagt 100.000. Geef de solvabiliteitsratio.
    (10.000 / 100.000) * 100% = 10%
  • Hoe berekent men de rentabiliteit?
    Neem het quotiënt van winst en vermogen.
  • Er wordt onderscheid gemaakt tussen statische en dynamische liquiditeit. Welke liquiditeit kan worden afgeleid uit de jaarrekening? Hoe heet het kengetal wat hieruit wordt afgeleid?
    Statische liquiditeit. Current ratio.
  • Wanneer is de accountant als beroepsgroep ontstaan? Noem een bekend Nederlands schandaal dat hieraan ten grondslag lag (p. 29).
    Eind 19de eeuw. Affaire met de Afrikaansche Handelsvereeniging.
  • Het management van Boef NV tracht de verliezen zoveel mogelijk in 2009 te nemen, zodat de jaren erna weer een bescheiden winst kunnen laten zien. Hoe wordt deze wijze van winststuring of creative accounting genoemd (p. 34)?
    Taking a deep bath.
  • Wat wordt verstaan onder een achtergestelde lening (p. 27)? Veeg de achtergestelde leningen en het eigen vermogen op één hoop. Hoe worden zij samen benoemd?
    Een lening waarop pas wordt afgelost als aan de verplichtingen ten opzichte van de overige schuldeisers voldaan is. Garantievermogen.
  • Noem het jargon voor interne en externe verslaggeving.
    Management en Financial Accounting.
  • Wie is de wettelijke controleur van de jaarrekening?
    accountant
  • Wat is de wetenschappelijke benaming van een uitgangspunt?
    Postulaat.
  • Boef BV lost vlak voor balansdatum een groot deel van de kortlopende schulden af. Welke ratio zal hierdoor verbeteren en hoe staat deze activiteit bekend (p. 28)?
    Current ratio. Window dressing.
  • Geef een definitie van solvabiliteit (p. 27). Hoe berekent men de solvabiliteit?
    Solvabiliteit is de mate waarin de onderneming in staat is aan haar verplichtingen jegens schuldeisers te voldoen. (eigen vermogen / totale vermogen) * 100%
  • Welke twee functies van de jaarrekening worden onderscheiden?
    Verantwoordings- en informatiefunctie.
  • Hoe berekent men het kengetal van de statische liquiditeit, de current ratio? Hoe hoog dient de current ratio als vuistregel te zijn?
    Current ratio = vlottende activa / kortlopende verplichtingen. 1,5 a 2.
  • Hoe berekent men de rentabiliteit van het eigen vermogen?
    REV = (winst / gemiddeld eigen vermogen) * 100%
  • Hoe berekent men de rentabiliteit van het totale vermogen (RTV)?
    RTV = (winst / gemiddeld totaal vermogen) * 100%
  • Wat is het bijzondere aan rechtstreekse vermogensmutaties? Noem een voorbeeld van een rechtstreekse vermogensmutatie, buiten stortingen en onttrekkingen.
    Deze lopen niet via de resultatenrekening. Vorming herwaarderingsreserve.
  • Geef aan hoe men de solvabiliteit van een onderneming berekent.
    Neem de verhouding tussen het eigen en het totale vermogen.
  • Wat is het onderscheid tussen materiële en monetaire posten (p. 21)?
    Materiële posten dienen door middel van een prijsgrondslag te worden 'vertaald' in geld.
  • Wat is de kernfunctie van de jaarrekening (p. 25)? Welke drie ratio's worden in dit verband onderscheiden?
    Vermogens- en winstbepaling. (Rentabiliteit), solvabiliteit en liquiditeit (art. 2:362-1 BW).
  • Welke soorten jaarrekeningen kennen we (p. 19)?
    1. de interne jaarrekening ten behoeve van de leiding 2. de externe jaarrekening ten behoeve van externe belanghebbenden 3. de fiscale jaarrekeningen ten behoeve van de fiscus
  • Wat wordt aangegeven met de liquiditeitsratio?
    De mate waarin de onderneming in staat is aan haar lopende betalingsverplichtingen te voldoen.
  • Noem de vier kwaliteitskenmerken van de externe jaarrekening (p. 32).
    1. begrijpelijkheid 2. relevantie 3. betrouwbaarheid 4. vergelijkbaarheid
  • Een bijzondere vermogenscategorie wordt gevormd door de voorzieningen. Wat wordt verstaan onder een voorziening?
    Het gaat hier om verplichtingen en risico's waarvan de omvang en/of het tijdstip van nakoming niet exact te bepalen zijn, maar wel redelijkerwijs te schatten.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is de relevantie en betrouwbaarheid van het boekhoudkundig waardebegrip
Relevantie is gering, vooral retroperspectief. Betrouwbaarheid is groter doordat er uitgegaan wordt van inkoop prijzen
Wat is de definitie van boekhoudkundig waardebegrip
Boekhoudkundig waardebegrip gaat uit van waardering van de individuele activa, uitgaande van de inkoopprijzen.
De hieruit afgeleide winst is accounting concept op profits
Wat is de betrouwbaarheid en de relevantie van het economisch waardebegrip
Relevantie is zeer hoog door de vaststelling van de indirecte opbrengswaarde (NCW)kan beoordeeld worden of de onderneming in staat is tot waarde creatie. Toepassing is waardevol bij managementbeslissingen over uitbreiding/ overname/ investeringen
betrouwbaarheid is slechter vanwege onzekere verwachtingen. Vaak wordt het rooskeluriger voorgesteld( wishfull thinking) en is niet controleerbaar ( dus niet betrouwbaar)
Waardering van de onderneming volgens Indirecte en directe opbrengstwaarde
Indirect  is de afgeleide waardering van goederen en diensten die voortgebracht worden
directe waarde is de netto opbrengst van de productiemiddelen van de onderneming( verwachte verkoop opbrengst)
Liquidatiewaarde is waarde bij gedwongen verkoop.
Wat is het voordeel en nadeel van het economisch waarde begrip
Nadeel is dat het alleen gebruikt kan worden als er sprak is van perfect foresight en dat kasstroomschattingen aangepast moeten worden( fluctuerend winstbeeld)
Voordeel: werkelijk eeconomische waarde van het bedrijf wordt zo bepaald
Wat is de bedrijfswaarde als je uitgaat van het economisch waardebegrip
Bedrijfwaarde is de contante waarde van de toekomstige netto kasstromen
Wat zijn de twee belangrijkste kwaliteitskenmerken van het jaarverslag
Relevantie en betrouwbaarheid
relevantie is van belang voor de verantwoordingsfunctie en de informatiefunctie
betrouwbaarheid is van belang in verband met de controleerbaarheid (vertrouwen op de accountant)
Wat is kenmerkend aan de verslaggeving en de positie hiervan in de samenleving van het open model
Betreft Nv, beursgenoteerd
jaarrekening id vnl bedoeld als informatiefunctie of beslissingsondersteuning
Wat is kenmerkend aan de verslaggeving en de positie hiervan in de samenleving van het Gesloten model
Betreft een Bv.
De functie van een jaarreking is vnl die van verantwoording afleggen aan kapitaalverschaffers en kapitaalbeheerders
Wat is kenmerkend aan de verslaggeving en  positie hiervan in de samenleving van het bezitsmodel
 Eenmanszaken en vof
Het doel is vermogen vergroten, belanghebbenden eigenaar en fiscus