Samenvatting Kort begrip van het intellectuele eigendomsrecht

-
ISBN-10 9013043348 ISBN-13 9789013043341
590 Flashcards en notities
4 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Kort begrip van het intellectuele eigendomsrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn L Wichers Hoeth. Het ISBN van dit boek is 9789013043341 of 9013043348. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Ben de eerste die aantekeningen maakt
Bekijk het Study Smart Pakket

Laatst toegevoegde flashcards

Waar is nog meer een bewijsvermoeden te vinden?
Art. 3.28 BVIE: de deposant van een auteursrechtelijk beschermde tekening of model wordt vermoed tevens de houder te zijn van het desbetreffende auteursrecht. Het vermoeden geldt alleen in de verhouding tussen de deposant en derden, niet in de verhouding tussen de deposant en de werkelijke ontwerper die aanspraak maakt op het auteursrecht.
Wat bevat art. 4 Aw?
Enige bewijsvermoedens, diegene als maker beschouwd die op of in het werk als zodanig is aangeduid of, bij gebreke van zo'n aanduiding, degene die bij de openbaarmaking van het werk als maker bekend is gemaakt door de openbaarmaker.
De aanduiding bedoeld in art. 4 Aw moet op makerschap duiden (ontwerp, design, styling en copyright notice).
Wat regelt art. 45o Aw?
Dit artikel kent een 25-jarig recht toe aan degene die een niet eerder uitgegeven werk, waarop geen auteursrecht bestaat omdat het is vervallen of omdat het nooit bestaan heeft, voor de eerste maal rechtmatig openbaar maakt (vorm van prestatie bescherming). De inhoud van het recht komt echter wel overeen met het auteursrecht; art. 45o verklaart de regeling van art. 1 van overeenkomstige toepassing. De uitgever van een niet eerder uitgegeven werk is dus geen maker in de zin van art. 1, maar geniet wel de in dat artikel gegeven bescherming, zij het voor een kortere duur.
Wat bepaalt art. 8 Aw?
Dat een openbare instelling, vereniging, stichting of vennootschap moet worden beschouwd als de maker van de werken die door haar als van haar afkomstig openbaar worden gemaakt, zonder dat daarbij enig natuurlijk persoon als maker is vermeld (verslagen, berichten, mededelingen). 
Wat betekent art. 7 Aw werkgeverauteursrecht?
In hoofdbeginsel heeft de werkgever het auteursrecht over wat de werknemer heeft gemaakt.
Let op: op het aannemen van werk of het verrichten van enkele diensten is het artikel niet van toepassing, ook niet wanneer daarbij instructies worden gegeven, tenzij het werk tevens een tekening of model in de zin van het BVIE is (art. 3.28 juntoe 3.8 BVIE).
Wie zijn fictieve makers ex art 7 en 8 Aw?
- de werkgever als maker van in dienstbetrekking vervaardigde werken
  • - de rechtspersoon als maker van werken die als van haar afkomstig zijn openbaar gemaakt, zonder vermelding van een natuurlijk persoon als maker
  • Wat wordt onder het begrip producent verstaan?
    Degene die verantwoordelijk is voor het tot stand brengen van het werk met het oog op de exploitatie ervan. Wezenlijk daarbij is het verschaffen van kapitaal en het dragen van risico, alsmede het engageren van de makers door de producent. 
    Het enkel verschaffen van knowhow en het werken voor een aanneemsom (met slechts het risico dat verkeerd begroot wordt) is bijvoorbeeld niet voldoende om een persoon als producent in de zin van art. 45a aan te kunnen merken.
    Waar bestaan filmwerken uit?
    Uit een reeks beelden met of zonder geluid, al dan niet vastgelegd en ongeacht de wijze waarop is vastgelegd. De gezamenlijke makers worden geacht het recht verveelvoudiging en openbaarmaking (exploitatie) te hebben overgedragen ex art. 45d Aw. De bepaling is van regelend recht: partijen kunnen schriftelijk anders overeenkomen. 
    Welke bevoegdheden heeft de verzamelaar?
    De verzamelaar kan zich verzetten tegen ongeautoriseerde openbaaarmaking en verveelvoudiging van het verzamelwerk. De maker van het verzamelwerk kan echter aan art. 5 jegens de makers van de afzonderlijke werken geen enkele bevoegdheid ontlenen tot openbaarmaking of verveelvoudiging. Deze bevoegdheid moet hij verwerven door overeenkomsten met die makers te sluiten.
    Wat als het afzonderlijk werk uit een verzamelwerk niet tevoren openbaar is gemaakt?
    Ook dan is een ongeautoriseerde verveelvoudiging of openbaarmaking van het afzonderlijke werk als de verzamelaar. Bovendien maakt - behoudens afwijkende overeenkomst - zelfs de maker van het afzonderlijke werk inbreuk op het auteursrecht van de verzamelaar, indien hij zijn bijdrage afzonderlijk verveelvoudigt of openbaar maakt, zonder het verzamelwerk als bron te noemen.