Samenvatting MBA belastingwetgeving

-
ISBN-13 9789463172318
103 Flashcards en notities
2 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "MBA belastingwetgeving". De auteur(s) van het boek is/zijn Kees Jacobs. Het ISBN van dit boek is 9789463172318. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - MBA belastingwetgeving

  • 1.1 Doel van belastingheffing

  • Wat zijn de twee functies van belastingen?
    De budgettaire functie en de instrumentele functie
  • Wat is de budgettaire functie en hoe wordt deze functie ook wel genoemd?
    Deze functie houdt in dat de belastingopbrengst bijdraagt aan de financiering van de collectieve goederen en diensten. Deze functie wordt ook wel het fiscale doel.
  • Wat is de instrumentele functie en hoe wordt deze functie ook wel genoemd?
    Hierbij is niet het vullen van de staatskas het primaire doel, maar worden andere doelen nagestreefd, bijvoorbeeld bescherming van nationale bedrijvigheid en het beinvloeden van milieuvriendelijk, gezond of sociaal gedrag.
  • Wat zijn voorbeelden van collectieve goederen en diensten?
    Kunst en cultuur, infrastructuur, bijstandsuitgaven, hulpdiensten zoals politie defensie en gezondheidszorg (deze laatste is volgens Stevens quasi-collectief omdat deze enigszins aan marktwerking onderhevig zou zijn, idem voor onderwijs)
  • Wat zijn voorbeelden van stimuleringsmaatregelen t.b.v bedrijvigheid?
    Dit zijn onder andere de investeringsaftrek om het zelfstandig ondernemerschap te stimuleren. Investeringsaftrek om investeringen te stimuleren wat goed is voor economie en werkgelegenheid.
  • Wat is het verschil tussen belastingen en retributies?
    Belastingen zijn verplichte bijdragen door burgers dat daar een specifieke prestatie tegenover staat. Retributies zijn vergoedingen die een burger betaalt omdat hij bepaalde diensten van de overheid afneemt. Er staat dus een herkenbare prestatie tegenover bijvoorbeeld paspoort, rijbewijs, bouwvergunning.
  • Wat wordt naast heffing van belastingen nog meer geind?
    Naast de heffing van belastingen worden door de overheid ook premies volksverzekeringen (zoals bv de AOW-premie) en de premies werknemersverzekeringen (bijvoorbeeld de WIA, ZW en Zww geind).
  • Wat zijn naast de belastingen en premies volksverzekeringen andere inkomsten voor de overheid.
    Onder andere aardgasbaten en deelname in (overheids)bedrijven.
  • 1.2.1 Inleiding

  • Welke onderdelen staan er in iedere wet qua opbouw?
    1. Het subject van de heffing, dit is degene die belasting verschuldigd is.
    2. Het object van de heffing, dit is degene die de belasting verschuldigd is.
    3. De wijze van heffing, hierin is geregeld op welke manier de belasting verschuldigd is.
    4. Het verschuldigde tarief of bedrag.
  • Wat is het subject van de heffing?
    Dit is degene die belasting verschuldigd is.
  • Wat is het object van de heffing?
    Dat is degene die belasting verschuldigd is.
  • Wat is de wijze van heffing?
    Hierin is geregeld op welke manier de belasting verschuldigd is.
  • Wat is in fiscaal jargon nagenoeg geheel?
    >=90%
  • Wat is in fiscaal jargon hoofdzakelijk?
    >=70%
  • Wat is fiscaal jargon grotendeels?
    >=50%
  • Wat is in fiscaal jargon in belangrijke mate?
    >=30%
  • Wat is in fiscaal jargon bijkomstig?
    <=10%
  • 1.2.2 Plaats binnen de wetten

  • Het belastingrecht is een verzameling van wetten. Deze wetten richten zich allemaal op het heffen van belasting. Welke wetten zijn dit?
    • Wet op de Inkomstenbelasting (Wet IB)
    • Wet op de Vennootschapsbelasting (Wet Vpb)
    • Wet op de Loonbelasting (Wet LB)
    • Wet op de Omzetbelasting (Wet OB)
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is het uitgangspunt bij 'nieuwe feiten'?
Het uitgangspunt is dat een inspecteur mag vertrouwen op een ingediende aangifte. Als hij echter op grond van de ingediende aangifte aan de juistheid daarvan behoort te twijfelen, dan moet hij een onderzoek instellen. Als hij dit nalaat is er sprake van zogenoemd ambtelijk verzuim. Bij een ambtelijk verzuim ontbreekt het nieuwe feit omdat de inspecteur nagelaten heeft een onderzoek in te stellen naar de aangifte.
Wat is bij de kennis van het 'nieuwe feit' van belang?
Bij het nieuwe feit gaat het niet alleen om hetgeen de inspecteur bekend was ten tijde van het opleggen van de aanslag, maar ook om hetgeen hem redelijkerwijs bekend had kunnen zijn.
Welk moment is voor de bepaling van het nieuwe feit van belang?
Voor de bepaling van het nieuwe feit is het moment van het opleggen van de aanslag door de inspecteur van belang. Als op dat moment een feit bekend is bij de inspecteur maar hij dit niet corrigeert, en hij komt er later achter dat hij deze vergissing heeft begaan, dan beschikt hij niet over een nieuw feit. De inspecteur kan in dat geval niet rechtsgeldig navorderen. Als de inspecteur de aanslag oplegt en na het opleggen van de aanslag informatie krijgt waaruit blijkt dat de belastingplichtige bijvoorbeeld een lijfrente-uitkering heeft ontvangen, beschikt hij wel over een nieuw feit.
Wat wordt onder te kwader trouw verstaand?
  • Belastingplichtige is zich bewust dat hij een onjuiste aangifte heeft gedaan; of
  • Belastingplichtige heeft aan de inspecteur bewust juiste informatie onthouden die voor de belastingaanslag van belang was; of
  • Belastingplichtige heeft opzettelijk onjuiste informatie verstrekt.
Wat is een 'nieuw feit'?
Een nieuw feit is een feit dat de inspecteur op het moment dat hij de definitieve aanslag oplegde nog niet kende en redelijkerwijs ook niet kon kennen, tenzij de belastingplichtige voor dit feit te kwader trouw was. Er zijn in art. 16 lid 2 AWR een aantal uitzonderingen op deze regel gegeven: in deze situaties mag de inspecteur altijd navorderen, een nieuw feit is dan niet vereist.
Wanneer kan de inspecteur een navorderingsaanslag opleggen en wat heeft de inspecteur daarvoor nodig?
Wanneer na het opleggen van de definitieve aanslag blijkt dat de aanslag te laag is vastgesteld, kan de inspecteur een navorderingsaanslag opleggen. De inspecteur dient  over een 'nieuw feit' te beschikken.
Wat is een voorlopige teruggaaf?
Als de belastingplichtige een teruggaaf verwacht, bijvoorbeeld doordat hij negatieve inkomsten uit eigen woning heeft, kan hij aan de inspecteur om een voorlopige teruggaaf verzoeken. Een voorlopige teruggaaf is een een voorlopige aanslag. Het verzoek kan worden gedaan voorafgaande aan het kalenderjaar waarover de teruggaaf wordt verwacht maar ook in de loop van het betreffende kalenderjaar waarover de teruggaaf wordt verwacht maar ook in de loop van het betreffende kalenderjaar. De voorlopige teruggaaf wordt maandelijks door de Belastingdienst uitbetaald. Als de omstandigheden in de loop van het jaar wijzigen waardoor men minder of geen belastingteruggave verwacht, is men verplicht om de voorlopige teruggaaf te herzien (art. 13 lid 2 AWR jo. Art. 24 Uitv. Reg. AWR).
Wat is een voorlopige aanslag?
Op grond van art. 13 en 14 AWR kan de inspecteur besluiten een of meerdere voorlopige aanslagen op te leggen. Dat de aanslag 'voorlopig' is, betekent dat men hier nog geen definitief standpunt van de inspecteur aan kan ontlenen. Een voorlopige aanslag kan een positief of een negatief bedrag vermelden. Bij de voorlopige aanslag zal de inspecteur rekening houden met al eerder opgelegde voorlopige aanslagen en de ingehouden voorheffingen, zoals de loonbelasting en de dividendbelasting. De voorlopige aanslag wordt verrekend met de latere definitieve aanslag.
Voorbeeld (vervolg van het vorige voorbeeld):Stel dat Rien tot 1 augustus 2020 uitstel voor de inlevering van zijn aangifte heeft gevraagd, maar dat hij zijn aangifte al inlevert op 10 mei 2020. Wanneer eindigt in dit geval de termijn voor het opleggen van de aanslag?
Van belang is het verleende uitstel en niet het daadwerkelijk genoten uitstel, dus de termijn voor het opleggen van de aanslag eindigt ook in deze situatie op 31 maart 2023.
Voorbeeld (vervolg van het vorige voorbeeld):Wanneer eindigt de termijn voor het opleggen van de aanslag als Rien uitstel heeft gevraagd voor het indienen van zijn aangiftebiljet tot 1 augustus 2020.
Als Rien uitstel heeft gevraagd voor het indienen van zijn aangiftebiljet tot 1 augustus 2020, wordt de termijn verlengd met het verleende uitstel. Uitstel is verleend voor een periode van 3 maanden (van 1 mei tot 1 augustus). De aanslag moet nu uiterlijk gedagtekend zijn op 31 maart 2023.