Samenvatting Praktisch burgelijk procesrecht

ISBN-13 9789001846138
285 Flashcards en notities
27 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Praktisch burgelijk procesrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn . Het ISBN van dit boek is 9789001846138. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Praktisch burgelijk procesrecht

  • 1 Kennismaking en ontwikkelingen

  • definitie mensenrechten
    1. Fundamentele rechten, grondrechten van de mens.
    2. Mensenrechten beschermen de waardigheid van ieder mens. Je hebt mensenrechten omdat je mens bent, welk geslacht, etnische afkomst, godsdienst of politieke overtuiging je ook hebt. Ze gelden altijd en overal, voor iedereen.
    3. Mensenrechten zijn de rechten die ieder mens toekomen en die geacht worden de grondslag te zijn voor alle rechten die door wet en gewoonte worden gesteld.
  • Wat is formeel recht?
    De procesregels.
  • waar vinden we mensenrechten?
    De UVRM: De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens

    Het IVBPR: Het Internationaal Verdrag van Burgelijke en Politieke Rechten  \

    Het EVRM: Het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens   

    HvEU: Het Handvest van grondrechten van de Europese Unie
  • Wat is materieel recht?
    Dit zegt iets over de inhoud. Wetboek van strafrecht.
  • geschiedenis mensenrecht
    1945: Verenigde Naties (VN) • 193 landen lid • Doel: Internationale vrede en veiligheid •
    1946: Commissie voor de Rechten van de Mens • Belangrijkste taak: schrijven van Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (Bills of Rights) •
    1948: Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) • UVRM op zichzelf niet bindend •
    1966: UVRM bindend d.m.v. twee verdragen • Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten • Internationaal verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten.
  • Wat zijn de functies van het burgerlijk procesrecht?
    1. Handhaven/beïnvloeden burgelijke rechten en plichten
    a.Effectueren (procedure starten)
    b.Vaststellen
    c.Iets tot stand brengen
    d.Wijzigen
    e.beëindigen

    2. Voorkomt gerechtelijke procedures(afschrikken)3.Voorkomt eigeninrichting
  • rve
    1949: Raad van Europa (RvE) • Geen onderdeel van de EU • Alle Europese landen lid (47 landen) • uitgezonderd Wit-Rusland, Kazachstan en Vaticaanstad • Doel: bevorderen van mensenrechten en democratie •

    1950: Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)
  • Je hebt materieel en formeel recht. Wat is de procespartij in beginsel?
    Die zijn zowel materieel als formeel.
  • eu
    1958: startpunt Europese Unie • 28 Europese landen lid • Doel: te zorgen voor een blijvende vrede •
    2000: Handvest van de grondrechten van de Europse Unie • Niet juridisch bindend •
    2009: Handvest van de grondrechten van de Europse Unie • Verkrijgt juridisch status door het tekenen van het Verdrag van Lissabon
  • Je hebt materieel en formeel recht. Wat is de procespartij in beginsel bij een persoon onder bewind?
    Het bewindvoerderskantoor is de formele procespartij en de persoononder bewind is de materiele procespartij.
  • Verschil tussen klassieke en sociale mensenrechten
    Verschil tussen klassieke en sociale mensenrechten Klassieke geven de burgers bescherming tegen de overheid. Sociale grondrechten gaan juist over bescherming door de overheid.
  • Wat zijn de taken van een gerechtsdeurwaarder?
    1. Betekenen/uitbrengen exploot
    2. Beslagleggen
    3. Tenuitvoerleggen van een uitspraak
  • Verticale en horizontale werking van grondrechten
     Grondrechten zijn rechten die gelden in de verhouding tussen de burger en de overheid (verticale werking).

    Daarnaast kan de vraag worden opgeworpen of grondrechten ook gelden in de verhoudingen tussen burgers onderling flexplek huren breda (horizontale werking).
  • Wat doet een rechtbank?
    Art. 2 jo 42 Wet RO. De rechtbank neemt in eerste aanleg kennis van alle burgerlijke zaken, behoudens bij de wet bepaalde uitzonderingen.
  • praktische filosofie
     Nu spreken we van enerzijds theoretische filosofie (mogelijkheid van kennis en wetenschap) en anderzijds van praktische filosofie (mogelijkheid van het goede voor de mens en samenleving). Praktische filosofie = ethiek: over praktijken waarin mensen verwikkeld zijn; over het handelen van mensen in de bredere zin van het woord. Ethiek komt van het Griekse woord ‘ethos’ = ‘gewoonte’ (wonen, woning) of ‘zede’ de manier waarop we met elkaar omgaan in een huis, bedrijf, politiek huis, enz. De ethiek beoordeeld welk van deze manieren goed of niet goed zijn / vragen over goed en kwaad ((on)rechtvaardig, (on)deugdzaamheid). Rechtsfilosofie: Juridische inrichting van de samenleving. Praktische filosofie: het goede van de mens als privépersoon en als burger in de publieke sfeer heeft betrekking op rechtsfilosofie.

    Ethiek duidt op de manieren waarop wij in een bepaalde omgeving met elkaar en met onszelf omgaan. → goed en kwaad, rechtvaardigheid en onrechtvaardigheid.  
  • Wat doen de gerechtshoven?
     Art. 2 jo 60 Wet RO. Oordelen in hoger beroep over de daarvoor vatbare vonnissen, beschikkingen en uitspraken in burgerlijke zaken, strafzaken en belastingzaken van de rechtbanken in hun ressort.
  • Rechtsfilosofie -

    Aangezien de instituties van de samenleving in belangrijke mate bepaald worden door het recht en omdat het recht vervolgens bepalend is voor hoe individuen hun leven kunnen inrichten, al dan niet met anderen, ligt het voor de hand liggend dat een belangrijke deel van de praktische filosofie zich bezighoudt met recht. -

    Rechtsfilosifie is de praktische filosofie over het recht, wat wil zeggen dat er als het ware van buitenaf naar het recht wordt gekeken vanuit het perspectief van goed en kwaad, van rechtvaardigheid en onrechtvaardigheid.   

    Rechtsfilosofie: Juridische inrichting van de samenleving. Praktische filosofie: het goede van de mens als privépersoon en als burger in de publieke sfeer heeft betrekking op rechtsfilosofie.
  • Wat doet de hoge raad?
    Art. 2 jo 78 Wet RO. Neemt kennis van het beroep in cassatie tegen de handelingen, arresten, vonnissen en beschikkingen van de gerechtshoven en de rechtbanken.
  • plato
    Je kunt enkel een goed mens zijn als je deel uitmaakt van een goede samenleving. Plato versterkt dit: je kunt enkel weten wat een goed mens is door naar een goede samenleving te kijken. Het is een feit dat een goed en geslaagd leven leiden in belangrijke mate bepaald wordt door het sociale milieu en de politieke samenleving waarbinnen hij geboren wordt.
  • Je kunt op twee manieren procederen bij de rechtbanken. Welke twee manieren zijn dit?
    Uitgangspunt is dagvaardingsprocedure anders verzoekschriftprocedure.
  • De rechtsfilosofie
    De rechtsfilosofie vraagt dus naar een moreel goede juridische inrichting van de samenleving.

    Mensen zijn ‘ethische wezens’: we beoordelen onszelf en anderen moreel voortdurend. De rechtsfilosofie articuleert vooral de waarden die in het recht altijd een rol spelen, zij is descriptief.

    Het gaat om morele opvattingen omtrent het recht te filteren, te ordenen en te onderzoeken. Tegenwoordig zoekt men de waarden van het recht en het criterium om de rechtvaardigheid om het recht te bepalen vaak in de mensenrechten.
  • Wanneer heb je te maken met een dagvaardingsprocedure?
    Art. 78 jo 261 RV
  • recht
     In het recht gaat het vaak om concrete conflicterende aanspraken , waarbij heel wat op het spel staat. Hoe die conflicterende aanspraken worden opgelost heeft te maken met hoe men vindt dat het recht moet worden begrepen. Het gaat behalve conflicterende aanspraken ook om conflicterende waarden (bijv. wat is de juiste verhouding tussen wetgever en rechterlijke macht?) Ten slotte gaat het soms ook nog om conflicten tussen wat het recht van mij als burger verlangt en datgene wat ik van mijzelf als persoon eis: enerzijds plicht tot gehoorzaamheid aan het recht (heteronomie) en anderzijds de wens om mijn morele oordeel te volgen (autonomie).
  • Wanneer heb je te maken met een verzoekschriftprocedure?
    Art. 261 RV jo de desbetreffende wet. In het wetsartikel moet verzoek staan.
  • recht
    Positieve recht: het geheel van gestelde, regelende en afdwingbare regels dat binnen een bepaald territorium geldt’. (‘ponere’ stellen) (positieve recht = gestelde recht). 

    Gesteld recht = positief recht (het recht dat op een bepaald tijdstip en op een bepaalde plaats geldt) •

    Regelend recht = regelt de vrijwillige verkeer tussen burgers •

    Dwingend recht = regelt de onvrijwillige verkeer tussen burgers •

    Territorium = rechtsregels maken deel uit van een soevereine staat
  • Wat betekent absolute competentie bij een dagvaardingsprocedure?
    Bij wie moet ik terecht? Uitgangspunt is art. 42 Wet RO. Vervolgstap is kijken of je naar de kantonrechter moet. Art. 93 a t/m d RV.
  • toepassing recht
     Concreet juridisch probleem - Gesteld recht geeft in veel gevallen antwoord
    2. Ingewikkeld juridisch probleem - Gesteld recht geeft vaak geen bevredigend antwoord
  • wat betekent relatieve competentie?
    Welke rechtbank is bevoegd? Art. 99 RV woonplaats van de gedaagde, tenzij de wet anders bepaalt. Heeft de gedaagde geen bekende woonplaats? Dan werkelijk verblijf gedaagde.
  • Wat is geldig recht?
     Is het recht een gesloten systeem van op zich staande normen of veeleer bestaat uit een continuüm tussen normen van juridische en van morele aard?

    • In andere woorden: Kan het recht geldig zijn indien het niet aan bepaalde minimale morele voorwaarden voldoet?  
  • Mag je afwijken van de hoofdregel art. 99 RV?
    van sector kanton mag je niet afwijken tenzij aangegaan na het geschil en zwakkere partij die zich tot rechter wendt. Art. 100 t/m 110 RV geven uitzondering op de hoofdregel.
  • Het positieve recht heeft drie problematische componenten:
    1. Bevoegdheid: het stellen van het recht is geen willekeurige handeling, maar een handeling die geschiedt door iemand of een instantie die daartoe bevoegd is. Op grond waarvan is de huidige wetgever bevoegd - verwijzen naar eerdere wetgevers en uiteindelijk de grondwetgever, maar waarom was die grondwetgever bevoegd? Heeft hij zichzelf bevoegd verklaard? Volgt recht dan uit macht? Of op grond van maatschappelijke aanvaarding? Hoe omvangrijk moet die maatschappelijke aanvaarding zijn om een rechtsorde geldig te laten zijn?

    2. Recht bestaat uit regels, uit algemene bepalingen die op de concrete gevallen moeten worden toegepast. In de moderne samenleving bestaat er een taakverdeling. De wetgever stelt de regels vast en delegeert bevoegdheid om die regels toe te passen aan een rechterlijke macht. Deze heeft een zekere ruimte om regels te interpreteren, regels – algemene termen, zaken waarover beslist moet worden – concreet.  wat is echt beslissend voor het recht: de regel of de toepassing?

    3. Onderscheid tussen regende en afdwingbare regels.
    Sommige regels ordenen het vrijwillige verkeer tussen burgers, andere regels regelen het ‘onvrijwillige’ verkeer tussen burgers. Het recht kan echter niet tot dwang worden herleid.
  • Wat gebeurt er als je bij de verkeerde rechtbank bent?
    Art. 110 RV. Bij kantonzaken oordeelt de rechter er ook zelf over, dus hoef je het niet aan te voeren. Bij andere zaken moet je dit verweer wel voeren anders gebeurt er niks. Vervolg is dat de rechter zichzelf onbevoegd verklaart en de procespartij verwijst naar de goede rechter.
  • Het recht is een hiërarchisch geordend geheel van regels
    Het recht is een hiërarchisch geordend geheel van regels, waarbij de geldigheid van de lagere regel ‘afgeleid’ kan worden van de hogere regel, die uiteindelijk te herleiden moet zijn tot een ultieme rechtsregel. Rechtsregels gelden binnen een bepaald territorium, een soevereine staat. Maar er zijn ook exotische rechtsregels, o.a. EU wetgeving.
  • Hoe ziet een dagvaardingsprocedure eruit?
    1. Betekenen van de dagvaardingà art. 45 RV jo 111 RV (inhoud exploot+betekening). Art. 46 RV + 63 RV. De deurwaarder moet de afschrift van de exploot geven aan de gedaagde. Origineel gaat weer terug naar de advocaat.
    2. inschrijving ter rolleà art. 125 RV. het geding is aanhangig op de dag van de dagvaarding.
    3. conclusie van antwoordà art. 128 lid 2 RV. Gedaagde mag een conclusie van antwoord nemen op de eerste van de rechter nader bepaalde roldatum. art. 82 RV vertelt hoe je dit moet doen.
    4. comparitie van partijenà art. 131 RV. samenkomst van partijen. Doel hier is schikken. art. 87 jo 88 RV
    5. conclusie van repliek en dupliekà art. 132 RV. gebeurt schriftelijk
    6. eindvonnisà art. 229 en verder RV. art. 230 RV staat wat er in de vonnis staat met motivering.
  • Positivisme vs. Natuurrecht •
    Positivisme = het recht denkt vooral in termen van gestelde recht en de politieke macht waaraan het zijn ‘autoriteit’ ontleent. •

    Natuurrecht = het gezag van het gestelde recht is uiteindelijk ook een morele zaak.
  • bij het betekenen van de dagvaarding moet de gerechtsdeurwaarder naar de gedaagde in persoon. zijn hier uitzonderingen op?
    Hoofdregel is dat de deurwaarder altijd de dagvaarding in persoon afgeeft. Mocht de gedaagde er niet zijn of niet willen opendoen, dan mag hij dit afgeven aan een huisgenoot of een ander als het aannemelijk is dat hij dit doorgeeft aan de gedaagde of de dagvaarding in een gesloten envelop in de brievenbus leggen.
  • Er hoeft niet per se gekozen te worden voor natuurrecht of rechtspositivisme.
    Er hoeft niet per se gekozen te worden voor natuurrecht of rechtspositivisme. Door de tijd heen kunnen zich achter het rechtspositivisme en het natuurrecht verschillende waarden verbergen. Bijv. Weimarrepubliek Duitsland (1919-1933) positivisme stond gelijk aan loyaliteit aan de republikeinse rechtsorde, terwijl juist vanuit het perspectief van een bepaald soort natuurrecht de positieve wet (en wetgever) werd ondermijnd met een beroep op het recht. Droeg bij aan de ontmanteling van de Weimar en de machtsovername door de nazi’s. Na de WOII vond er een omwenteling plaats, het klassieke, christelijke natuurrecht nam weer een belangrijke positie in en dat leidde tot een centrale plaats voor de menselijke waardigheid binnen de nieuwe Duitse grondwet.

    Is het recht willekeurig gesteld, of is het aan een hogere norm gebonden? Is het recht een gesloten systeem van op zich staande normen, of veeleer bestaat uit een continuüm tussen normen van juridische en van morele aard.
  • Kan de deurwaarden de dagvaarding in plaats van de gedaagde ook aan kantoor van deurwaarder of advocaat gedaagde geven?
    Art. 63 RV. Als het gaat om verzet hoger beroep of cassatie dan kan je ook naar het kantoor van deurwaarder of advocaat gaan. Dit moet wel gaan om de advocaat in eerste aanleg van de gedaagde.
  • Er bestaat een relatie tussen de morele opvattingen binnen de maatschappij en het recht, maar je moet wel voorzichtig zijn, voorbeeld:
    Neurenberger rassenwetten van 1935 het Joodse gedeelte van de Duitse bevolking wordt tot tweederangsburgers gemaakt, dat was ook het feitelijke gevolg van bepaalde ‘morele’ opvattingen. Vele meenden dat dit niet kon – UVRM onderscheid ras niet toegestaan. De algemene these is echter dat er enkel toevallig een sociologisch verband bestaat tussen recht en rechtvaardigheid. Recht moet onafhankelijk van de ethiek worden bepaald als het geheel van regels zoals dat door bevoegde instanties en personen is ingesteld. – de geldigheid van recht staat dus los van de eisen van de ethiek of de normen van het fatsoen. Volgens het positivisme moet een scherp onderscheid worden gemaakt tussen het recht zoals het is en het recht zoals dat volgens deze en gene morele opvatting behoord te zijn.
  • Wat betekent substantiëringsplicht?
    Verweer van de gedaagde en de gronden daarvan moeten ook in de dagvaarding. In de dagvaarding moet dan ook de reactie van de eiser in.
  • John Austin:
     recht is het geheel van bevelen zoals dat door een soeverein is ‘gesteld’ en dat gewoonlijk wordt gehoorzaamd.
    Recht drie componenten:
    1. Gesteld door een instantie die daartoe staat
    2. Deze instantie is zelf niet aan normen onderworpen, maar kan deze wel afdwingen
    3. Dat gestelde heeft het karakter van een bevel dat men gehoorzaamt, dus niet slechts een aansporing
  • Uit hoeveel kopieën bestaat een exploot?
    moet ten minste bestaan uit een exploot en een afschrift.
  •  Gestold
    Volgens elke rechtspositivistische benadering kunnen we stellen dat het recht gestolde macht is. Macht – er moet effectiviteit zijn. Gestold – in rechtsnormen vastgelegd.
  • Wat betekent eis van petitum?
    Wat je nou daadwerkelijk eist. Dus de vordering in de dagvaarding zetten. Een conclusie wat onderaan in de dagvaarding staat.
  • positisme en natuurecht
    - In het algemeen wordt daarin de noodzakelijke band van het positieve recht met de ethiek, de rechtvaardigheid benadrukt.

    -Positivisme, recht: normen, bevelen of regels. Maar toepassing en daarmee interpretatie van het recht is noodzakelijk. Interpreteren brengt een rol voor morele principes met zich mee. Open structuur: elk geheel van normen, bevelen en wetten bevat een ‘open structuur’ waarbinnen speelruimte ontstaat voor de rechter, die bijv. afwegingen moet maken wanneer bepaalde rechten botsen.  

    Lex iniusta non est lex = een onrechtvaardige wet is geen wet. – Dit argument verdedigt dat evident onrecht geen onderdeel kan zijn van het positieve recht.

    Lon Fuller – aan minimale morele eisen moet voldaan worden om recht te kunnen zijn. Is dit argument wel juist? Denk aan nazisme in Duitsland, de apartheid in Zuid- Afrika, of wetgeving die homoseksualiteit strafbaar stelt. Is het natuurrecht niet simpelweg op feitelijke gronden te weerleggen? Vandaag de dag zegt men vaak dat het criterium om echt recht van onecht recht of onrecht te onderscheiden gelegen is in de mensenrechten.
  • Wat gebeurt er als er een fout in de dagvaarding staat?
    Dan is de dagvaarding nietig. Een gebrek mag je herstellen maar dan wel opnieuw dagvaarding versturen. art. 120 RV
  • Positivisme
    -Rechtsbron: bevoegde instantie; ‘recht als gestolde macht’ •
    -Geen noodzakelijk/oorzakelijk verband tussen recht en moraal/ethiek •
    -Het gaat om het gestelde recht; het recht dat is; het recht moet kenbaar zijn; het recht moet effectief zijn (in de zin van te handhaven) •
    -Geen (zo min mogelijk) interpretatie gewenst; interpretatieproblemen ondermijnen rechtszekerheid en daarmee het recht
  • Wat is het termijn van de dagvaarding?
     art. 114 RV. Er moet minimaal een week tussen de betekening van de dagvaarding en de rechtszaak zitten. Zie ook de artikelen 115,116 en 117 RV.
  • natuurrecht
    -Natuurrecht • Rechtsbron: positief recht berust op/moet voldoen aan hoger recht; macht ≠ recht •
    -Het recht volgt de heersende morele opvattingen en ethiek OF het recht zou moraal en ethiek moeten volgen; natuurrechtsdenkers bestuderen dus hoe het recht is en hoe het zou moeten zijn; •
    -Recht kan niet zonder taal; interpretatie dus mogelijk; interpretatie onvermijdelijk; interpretatie wenselijk aan de hand van moraal en ethiek
  • Door wie wordt de exploot van de dagvaarding naar de rechtbank verstuurd?
    Dit wordt gedaan door de eiser. Dit moet maximaal een dag van te voren van de rechtszaak. art. 125 lid 2 RV.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Van welk hoofdbeginsel van ons burgerlijk procesrecht is het rechtsmiddel “verzet” een uitvloeisel?
Hoor en Wederhoor
Hoe dient het bewijsmiddel, salarisstroken te worden gekwalificeerd?
schriftelijk bewijs dat geen akte is
Kan Piet zelf in de procedure tot echtscheiding reactie op het inleidende processtuk van Eva indienen of moet dit door middel van een advocaat?
Piet kan niet zelf een verweerschrift indienen in de echtscheidingsprocedure. Alleen een advocaat mag voor hem een verweerschrift indienen. Zie 816 lid 1 Rv 
Vervolg casusDe procedure (in conventie) wordt door De Vennootschap onder firma Kegelaars verloren, zij worden veroordeeld tot betaling van beide facturen. Als de vennootschap onder firma niet wil betalen, wordt het vonnis, dat uitvoerbaar bij voorraad is verklaard, na twee maanden betekend. Onderbouw of dit vonnis wel of niet een declaratoir, constitutief en/of condemnatoir vonnis betreft.
Het betreft de veroordeling tot betaling van een openstaande factuur c.q. facturen. Dit is een condemnatoir vonnis. 
Niet declaratoir: stelt geen rechtstoestand vast .
Niet constitutief: brengt geen nieuwe rechtstoestand in het leven.
Vervolg casus:De advocaat van For Sale B.V., mr. Draaivinger , vergeet de zaak in te schrijven ter rolle van de eerst dienende dag. Hoe dient de advocaat van For Sale B.V. dit gebrek te herstellen?
Gelet op art. 125 lid 4 Rv verliest de zaak daarmee haar aanhangigheidtenzij binnen 2 weken na de in de dagv. vermelde roldatum een geldig herstelexploot is uitgebracht 
Conclusie. De advocaat moet dus binnen 2 weken een herstelexploot uitbrengen 
De executie van een vonnis hoeft niet direct plaats te vinden. Een vonnis is echter ook niet tot in lengte van dagen te executeren. Wat is de verjaringstermijn van de bevoegdheid tot het tenuitvoerleggen van vonnissen? Waar vinden we deze verjaringstermijn?Wat is de verjaringstermijn van de veroordeling tot het voldoen van periodieke betalingen (die binnen een jaar betaald moeten worden) en waar vinden we deze termijn?
De verjaringstermijn is 20 jaren. Dit is te vinden in art. 3:324 lid 1 BW. in lid 3 is bepaald dat bij periodieke betalingen (binnen een jaar te betalen) de verjaringstermijn 5 jaren bedraagt.
Welke vier stappen kent de nieuwe basisprocedure in zijn meest eenvoudige vorm?
1.Procesinleiding, verweerschrift, mondelinge behandeling en de uitspraak/vonnis/beschikking
In het kort geding wordt aan Bernard het gevorderde achterstallige loon toegewezen. Leo start een bodemprocedure en vraagt de bodemrechter om Bernard in het ongelijk te stellen. Leo stelt dat de bodemrechter niet gebonden is aan het oordeel van de kortgedingrechter. Heeft Leo gelijk?
Ja art. 257 RV blijkt dat de beslissingen bij voorraad geen nadeel toebrengen aan de zaak ter principale.
Ter zitting betoogt de advocaat van Rachid en Monique dat de dagvaarding nietig is omdat deze niet aan alle eisen voldoet. Aannemersbedrijf heeft namelijk verzuimd om bewijs aan te dragen. Klopt de stelling van de advocaat van Rachid en Monique? Motiveer uw antwoord aan de hand van relevante wetsartikelen.
Nee, ondanks de hoofdregel van nietigheid in art. 120 lid 1 RV geldt voor de bewijsaandraagplicht art. 111 lid 3 RV dat het ontbreken hiervan niet tot nietigheid leidt art. 120 lid 4 BW
Toen de deurwaarder bij Rachid en Monique aan de deur kwam, was er niemand thuis. Hij heeft de dagvaarding in een gesloten envelop op het adres van Rachid en Monique achtergelaten. Zij vragen zich nu of af er wel rechtsgeldig betekend is. Ze komen bij u en vragen u om advies. Is de dagvaarding rechtsgeldig betekend volgens u?
 Art. 46 lid 1 RV jo art. 47 lid 1 RV.