Samenvatting Pris Oefententamen vragen Yellow

-
353 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Pris Oefententamen vragen Yellow

  • 1 Public Health

  • Wet publieke gezondheid. Wat is juist?
    A.   De Wet publieke gezondheid regelt de organisatie van de openbare gezondheidszorg.
    B. de wet regelt de bestrijding van infectieziektecrises. 
    C. de wet regelt de isolatie van personen/vervoermiddelen die internationaal gezondheidsgevaren kunnen opleveren.
    D. de wet regelt de jeugd- en ouderengezondheidszorg.  
    E. Alles is juist
    F. Alles is onjuist  
    G. A &C zijn juist, B & D onjuist
    H. A, B & C zijn juist, D onjuist
    antwoord E.
  • Wat beschrijft de determinant sociale omgeving het beste? 4 keuze opties op de toets. Bedenk het nu zelf!
    De sociale omgeving omvat het geheel van sociale, culturele en levensbeschouwelijke factoren dat van invloed is op het menselijk gedrag.
  • Wie is er verantwoordelijk voor de uitvoering van de WPG?
    A. gemeente
    B. zorgverzekeraar
    C. overheid
    D. provincie
    WPG = wet publieke gezondheid. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor uitvoering.
  • Demografische transitie. Wat is juist? 
    A. daling sterftecijfer volgt op daling geboortecijfer. 
    B. in beginsituatie is sprake van hoge sterfte en lage geboortecijfers.
    C. daling geboortecijfer volgt op daling sterftecijfer.
    C. daling geboortecijfer volgt op daling sterftecijfer.
  • Casus over AAAQ over een Nigeriaanse vrouw in ontwikkelingsland met hiv en pasgeborene die wordt geadviseerd geen borstvoeding te geven, maar doet dit toch omdat dat in haar omgeving cultureel gekenmerkt is. Onder welk van de 4 pijlers past dit?
    A. availability
    B. accessibility
    C. acceptibility 
    D. quality 
    antwoord: acceptability
    AAAQ Framework
    Availability: gezondheidsvoorzieningen, middelen en diensten moeten in voldoende mate beschikbaar zijn. 
    Accessibility: zorgaanbod moet toegankelijk zijn voor iedereen zonder discriminatie. 
    Acceptability: zorgaanbod moet respectvol aansluiten bij medisch ethische waarden, culturele verschillen en genderverschillen.  
    Quality: zorgaanbod moet aansluiten bij wetenschappelijk en professionele principes en kwaliteitsstandaarden.
  • Wat zijn de indicatoren voor SES? 
    1. Opleiding
    2. inkomen
    3. beroep.
    SES = dit is de positie die iemand inneemt in de sociale hierarchie
  • Welk mechanisme staat meer op de voorgrond in nl? causatie of selectiemechanisme?
    Ant: causatiemechanisme, want socioeco status op bep lftd heeft invloed op gezondheid in latere fase.
  • Op welke groep is de bemoeizorg van de publieke omroep het meest gericht?
    A. Laag geletterden/ongeschoolden?
    B. Zwangeren die moeten stoppen met roken?
    C. ADHD kids?
    D. zorgmijders?
    E. mensen met weinig kennis over de zorg?
    Antwoord D!
    Bemoeizorg = Zorgvorm voor mensen die hulp nodig hebben, maar die hulp niet accepteren niet vinden dat zij ziek zijn, maar dit duidelijk wel zijn oordeel onbekwaam zijn wat ziekte betreft zorgmijdend zijn of niet weten hoe zorg te vinden.
  • Wat is het meest effectief om te doen wanneer uit onderzoek blijkt dat er in een wijk een hoge graad van obesitaskids wonen?
    A. Speeltuin aanleggen?
    B. Huisarts een cursus geven en voorlichting aanbieden?

    In HC is veel gericht om omgevingsfactoren. Veel groen, veel stimulatie tot bewegen, veel waterpunten etc.
    EPODE is enige bewezen effectieve programma: educatie en omgevingsverandering. 4 pijlers: 
    1. Politieke betrokkenheid 
    2. Sociale marketing 
    3. Publiek-privaat partnerschap 
    4. (Wetenschappelijke) evaluatie
  • Waardoor is Double burden of malnutrition door gekarakteriseerd?
    Overvoeding en obesitas hand in hand met ondervoeding

    The double burden of malnutrition is characterised by the coexistence of undernutrition along with overweight and obesity, or diet-related noncommunicable diseases, within individuals, households and populations, and across the lifecourse.
  • Vraag op de toets over welke vorm van preventie bij een casus hoort: primair, secundair of tertiair?
    Wat is primaire preventie?
    Mackenbach: Primaire preventie is gericht op het voorkómen van nieuwe gevallen van een ziekte en dus op het wegnemen of verminderen van de oorzaken daarvan.

    Wiki: Primaire preventie is in de geneeskunde de naam van maatregelen die ten doel hebben een eerste ziekte-episode te voorkomen, waarbij dus in principe gezonde mensen, vaak zelfs zonder klachten, worden behandeld.
  • Vraag op de toets over welke vorm van preventie bij een casus hoort: primair, secundair of tertiair?
    Wat is secundaire preventie?
    Mackenbach: Secundaire preventie is erop gericht een aandoening in een zo vroeg mogelijk stadium te ontdekken, zodat een vroege behandeling mogelijk is en verergering van de ziekte kan worden voorkomen.

    Wiki: Secundaire preventie is vroege opsporing van ziekten of afwijkingen bij personen die ziek zijn, een verhoogd risico lopen of een bepaalde genetische aanleg hebben. De ziekte kan daardoor eerder worden behandeld, zodat deze eerder geneest of niet erger wordt.
  • Vraag op de toets over welke vorm van preventie bij een casus hoort: primair, secundair of tertiair?
    Wat is tertiaire preventie?
    Mackenbach: Tertiaire preventie is het voorkómen of beperken van de gevolgen van een reeds gediagnosticeerde aandoening.

    Wiki: Tertiaire
    preventie voorkomt complicaties en wil voorkomen dat de ziekten of afwijkingen verergeren.
  • Wanneer kies je voor een hoogrisico benadering i.p.v. populatiebenadering?
    A. Hoog risico in bevolking, grote prevalentie van hoog risicogroep
    B. Hoog relatief risico voor de aandoening in de risicogroep, risicogroep is relatief eenvoudig te identificeren, prevalentie risicofactor is klein
    C.  Laag relatief risico voor de aandoening in de risicogroep, risicogroep is relatief eenvoudig te identificeren, prevalentie risicofactor is hoog
    Antwoord B.

    Preventieparadox = er wordt alleen gericht op het individu op hoog-risico individuen terwijl er meer baat is bij het richten op de gemiddeld tot laag risico op populatie niveau gezien die de hoog risico groep aanvullen.   

    Dus een hoogrisico benadering houdt in op de individu of een selecte kleine groep.
    Wanneer moet je dan wel ervoor kiezen om je te richten op de hoog risicogroep in plaats van de hele populatie? 
    • Hoog relatief risico (RR) in de risicogroep 
    • Prevalentie van de risicofactor is klein 
    • Risicogroep is eenvoudig te identificeren
  • Sleepvraag waarbij je de onderstaande aangrijpingspunten moet slepen onder de kopjes gezondheidsbescherming, gezondheidsvordering en ziektepreventie.
    Opties:  
    - omgeving
    - gedrag
    - aandoening
    juiste antwoorden: 
    - gezondheidsbescherming is omgeving
    - gezondheidsbevordering is gedrag
    - ziektepreventie is aandoening.
  • Wat is lead time bias?
    Antwoord van de uni!!: eerdere diagnostiek leidt automatisch tot langere overleving, ook als er geen voordeel is voor de individu = juiste antwoord. 

    Wiki e.a. Uni sites: De lead time bias = de tijdsduur tussen de detectie van een ziekte en de gebruikelijke klinische presentatie en diagnose.
    Voorbeeld: Lead-time bias betekent dat de diagnose mammacarcinoom eerder wordt gesteld ten gevolge van screening, wat leidt tot een betere stadiumoverleving, maar niet tot een lagere kankersterfte. Anders geformuleerd: de patiënt leeft langer met de wetenschap dat ze een mammacarcinoom heeft, maar ze leeft niet langer.
  • Wat is de length time bias? Noem een voorbeeld
    Length bias: screening detecteert vooral ziekten die langzaam ontstaan met een langere overleving.
    Voorbeeld = PSA test
  • SAMPC: betekenis afkorting?
        1. Somatisch/lichamelijk (VG, huidige klachten, medicatie)
        2. Activiteiten in het dagelijkse leven (lichamelijke verzorging, eten/drinken, mobiliteit, slapen)
        3. Maatschappelijk functioneren (sociale situatie, woonsituatie, werk)
        4. Psychisch functioneren (cognitie, emotie, gedrag)
        5. Communicatie/waarneming (beperkingen spraak/taal/gehoor)
  • Invulsleepvraag met volgende casus:
    uit screening zijn er 2000 verwezen waarvan er 1000 wel zkte hebben en de andere 1000 niet. Er zijn er 198.100 niet verwezen waarvan er 100 de ziekte wel bleken te hebben en de rest niet.
    Sleep de sommen naar de bijbehorende begrippen:
    1. sensitiviteit,
    2. specificiteit,
    3. posi voorspe waarde,
    4. neg voorspel waarde.


    A. 1000/1100
    B. 198000/199000
    C. 1000/2000
    D. 198000/198100
    Antwoorden:
    1. sensitiviteit = sens = 1000/1100
    2. specificiteit = spec = 198000/199000
    3. posi voorspe waarde = + voorsp waarde = 1000/2000
    4. neg voorspel waarde = - voorsp waarde = 198000/198100
  • Betekenis van afkorting van wetten (WMO)? Wat doet deze wet? Voor wie?
    wet maatschappelijke ondersteuning. 
    1. De Wet maatschappelijke ondersteuning regelt dat mensen met een beperking de voorzieningen, hulp en ondersteuning krijgen die ze nodig hebben. Het kan gaan om ouderen, gehandicapten of mensen met psychische problemen. De Wmo zorgt ervoor dat iedereen kan meedoen aan de maatschappij en zo veel mogelijk zelfstandig kan blijven wonen. Gemeenten voeren de Wmo uit en iedere gemeente legt andere accenten.
  • Betekenis van afkorting van wetten: wet BIG: betekenis? Wat doet de wet? Voor wie?
    1. Wet BIG: De Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) moet de kwaliteit bevorderen van de zorg die beroepsbeoefenaren leveren. De wet is ook bedoeld om patiënten of cliënten te beschermen tegen ondeskundig of onzorgvuldig handelen van individuele zorgverleners.
  • Percentage kindermishandeling? 
    3%
  • Wie mogen voorbehouden handelingen verrichten?
    1. Alleen zorgverleners met een beschermde medische titel mogen beslissen of een medische handeling met een groot risico voor de patiënt nodig is. Deze handelingen worden ‘voorbehouden handelingen’ genoemd. 
      1. Artsen mogen alle voorbehouden handelingen uitvoeren. 
      2. Tandartsen en verloskundigen mogen de voorbehouden handelingen uitvoeren die bij hun beroep horen. Ook  mogen bepaalde taken zelfstandig uitvoeren. Denk aan injecties geven en geneesmiddelen voorschrijven.
  • Wie mogen medicijnen voorschrijven?
    Artsen, physician assistents, verpleegkundig specialisten.

    1. Tot het voorschrijven van UR-geneesmiddelen als bedoeld in  zijn bevoegd: artsen, tandartsen, verloskundigen (uitsluitend voor zover het betreft handelingen die overeenkomstig zijn met hun gebied van deskundigheid), verpleegkundigen (in bijzondere gevallen).
    2. Met ingang van 1 januari 2012 hebben twee groepen zorgverleners een tijdelijke (proefperiode van 5 jaar) voorschrijfbevoegdheid gekregen: physician assistants en verpleegkundig specialisten.
  • Percentage van kosten naar preventie?
    <5%
  • Wat zijn de verschillende fasen op volgorde van demografische transitie?
    demografisch is van hoog geboorte en sterfte cijfer naar eerst een laag sterfte en daarna een later in tijd volgend laag geboorte cijfer:
    • Pretransitiefase: hoge sterfte, hoge geboortecijfers (infectieziekten)
    • Transitiefase: daling sterfte (hygiene)
    • Transitiefase II: daling geboorte
    • Posttransitiefase: stabiliseren sterfte en geboortecijfer.
  • Bij welke Symptomen maak je een melding van Hep A ?
    Binnen hoeveel tijd? 
    Waarom en aan wie?
    Behandeling Hep A?
    Alle symptomen, binnen 24 uur aan GGD want Groep A meldingsplichtige ziekte.
    Actief/passieve immunisatie en encefalopathie + evt. LTX
  • Wat is een Uitgeroeide ziekte?
    polio, pokken, pest of SARS?
    Polio = alleen endemisch in Pakistan
  • Noem een aantal Successen van de public health?
    verbeterde hygiene, riolering, fluoridering water --> verminderde caries, infectieziektebestrijding, RVP, gezondere baby's en moeder, minder maternale sterfte, veilig en gezond voedsel, anticonceptie, verkeersveiligheid
  • Uitkomsten model van andersen?
    Ervaren gezondheid en Gemeten gezondheid
  • Hoe meten ze gezondheid?
    Levensverwachting bij geboorte, opleidingsniveau en BBP. --> op landniveau
  • wat is WaJong?
    wet voor jong gehandicapte of tijdens studie
  • Kenmerken kwetsbaarheid?
    Uitputting, gewichtsverlies, verminderde lichamelijke activiteit, verminderde loopsnelheid en verminderde knijpkracht
  • Wat voor vorm screening is screening op coloncarcinoom?
    Secundaire screening
  • Wat is in het kort het Zorgsysteem in NL?
    Combinatie van sociaalverzekeringsstelsel met marktwerking
  • Onder welk orgaan valt de GGD?
    A. Overheid
    B. Regionaal
    C. Gemeente
    D. Zelfstandig
    Gemeente
  • Is het voorspellen van de duur van het ziekteverzuim door een werknemer adequaat?
    Ja
  • Hoge SES vs lage SES tov model van lalonde. 
    A. Hoge SES =  betere leefstijl en beter steunsysteem  
    B. Lage SES =  betere leefstijl en beter steunsysteem
    SES = Sociaal economische status
    Hoge SES =  betere leefstijl en beter steunsysteem
  • Criteria voor vaccinatie (7)?
    • (Als er in de toets een vraag is met welk antwoord niet dan antwoord: 'logistiek' niet!!)
    • Ziektelast 
    • Effectiviteit
    • Veiligheid
    • Aanvaardbaarheid voor individu 
    • Aanvaardbaarheid voor populatie
    • Doelmatigheid
    • Prioriteit
  • Meldingsplicht infectieziekten:
    • Welke ziekte hoort in welke groep A, B1, B2, C?
      • pokken, bof, Hep A/B/C, SARS, difterie, TBC, polio, virale hemorragische koorts, rabiës, Buiktyfus, mazelen, MRSA-infectie, ziekte van Creutzveld-Jakob, kinkhoest
    • Welke maatregelen?
    1. Meldingsplicht infectieziekten: welke ziekte in welke groep en welke maatregelen?
      1. In Nederland zijn 42 infectieziekten meldingsplichtig.
      2. Groep A: Gedwongen opname tot isolatie of thuisisolatie, gedwongen onderzoek, gedwongen quarantaine (inclusief medisch toezicht), verbod van beroepsuitoefening.
        1. pokken, 
        2. polio, 
        3. SARS (severe acute respiratory syndrome), 
        4. virale hemorragische koorts.
      3. Groep B1: Gedwongen opname tot isolatie of thuisisolatie, gedwongen onderzoek, verbod op beroepsuitoefening. 
        1. humane infectie met dierlijk influenzavirus, 
        2. difterie, 
        3. pest,
        4.  rabiës, 
        5. tuberculose
      4. Groep B2: Verbod op beroepsuitoefening.
        1. Buiktyfus,
        2.  cholera, 
        3. hepatitis A/B/C (recent opgelopen), 
        4. kinkhoest, 
        5. mazelen, 
        6. paratyfus,
        7.  rubella,
        8.  shigatoxineproducerende E. Coli/enterohemorragische E. Coli infectie, Shigellose, invasieve groep A-streptokokkeninfectie voedselinfectie voor zover vastgesteld bij 2 of meer patiënten  met een onderlinge relatie wijzend op voedsel als bron.
      5. Groep C: Dwingende maatregelen kunnen niet opgelegd worden. Maar melding en persoonsgegevens zijn nodig om de inzet van vrijwilligers/te adviseren maatregelen rondom de patiënt of anderen in de gemeenschap mogelijk te maken.
        1.  Antrax, bof, botulisme, brucellose, ziekte van Creutzveld-Jakob (klassiek/variant), gele koorts, invasieve H.Influenzae type b-infectie, hantavirusinfectie, legionellose, leptspirose, listeriose, malaria, meningokokkenziekte, MRSA-infectie, invasieve pneumokokkenziekte bij kinderen <5 jaar, psittacose, Q-koorts, tetanus, trichinose, West-Nilevirus.
  • Criteria van Wilson en Jungner (10)?
    1. Relevant: de op te sporen ziekte moet tot de belangrijke gezondheidsproblemen behoren.
    2. Behandelbaar: de ziekte moet behandelbaar zijn met een algemeen aanvaarde behandelingsmethode.
    3. Voorzieningen: er moeten voldoende voorzieningen voorhanden zijn om de diagnose te stellen.
    4. Herkenbaar: er moet een herkenbaar latent stadium bestaan wil de opsporing de moeite lonen.
    5. Natuurlijk verloop: het natuurlijk verloop van de op te sporen ziekte moet bekend zijn.
    6. Wie is ziek? Er moet overeenstemming bestaan over wie als ziek moet worden beschouwd.
    7. Opsporingsmethode: er moet een bruikbare opsporingsmethode bestaan.
    8. Aanvaardbaarheid: de opsporingstest moet aanvaardbaar zijn voor de bevolking.
    9. Kosten-baten: de kosten moeten evenredig zijn met de baten.
    10. Continuïteit: het proces van opsporing dient continu te zijn.
  • Het doel van preventie?
    Doel van preventie is te zorgen dat mensen gezond blijven door hun gezondheid te bevorderen en te beschermen. Ook heeft preventie tot doel ziekten en complicaties van ziekten te voorkomen of in een zo vroeg mogelijk stadium op te sporen.
  • Welke vier indelingen van preventie zijn er?
    Er zijn grofweg vier indelingen van preventie in gebruik, namelijk naar: (1) doelgroep, (2) fase van de ziekte, (3) type maatregel en (4) methode van uitvoering.
  • wat is Epidemiologische transitie?
    Epidemiologische transitie =daling van de sterftecijfers door een radicale verschuiving in het doodsoorzaken patroon.
  • Wat zijn de Fasen die bij Epidemiologische transitie horen en in de juiste volgorde?
    1. fase met epidemieën en hongersnood
    2. fase met afnemende pandemieën
    3. fase met degeneratieve en door de mens veroorzaakte aandoeningen (welvaartziektes)
    4. fase waarin mensen niet langer doodgaan aan deze welvaartsziekten, maar er oud mee worden en gaan lijden aan de chronische aandoeningen waarmee deze veroudering gepaard gaat.
    5. Fase van opkomende en terugkerende ziektes (MRSA) 
  • Arbeidsadvies over toekennen WIA, Wie komen er in aanmerking voor een WIA?
    Werknemers die na 2 jaar ziekte meer dan 35% arbeidsongeschikt zijn, kunnen in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
  • Wat is het Stappenplan bij ziekteverzuim? wie is erbij betrokken?
    1. Week 1: Na verzuimmelding ziek zijn gecontroleerd. Datum ziekmelding geregistreerd. 
    2. Week 2: De ziekmelding binnen week doorgegeven aan . Aanleggen re-integratiedossier.
    3. Week 5: Sprake arbeidsconflict? Zo ja, werkgever doorgeven aan bedrijfsarts (in re-integratiedossier)
    4. Week 6: Werkgever en werknemer ontvangen probleemanalyse van bedrijfsarts (in re-integratiedossier). Bedrijf nodigt werknemer uit voor opstellen van een .
    5. Week 7-8:  Werkgever en –nemer hebben plan van aanpak opgesteld. Hierin is casemanager aangegeven. Opgenomen in re-integratiedossier. 
    6. Week 14: Bedrijf heeft eerste evaluatiebijeenkomst met werknemer. Door werkgever en –nemer ondertekent verslag in re-integratiedossier. Bedrijfsarts heeft contact met werknemer. Eventuele veranderingen in re-integratieplannen zijn opgenomen in plan van aanpak. 
    7. Week 20: Werkgever heeft tweede evaluatiebijeenkomst met werknemer. Door werkgever en –nemer ondertekent verslag in re-integratiedossier. Bedrijfsarts heeft contact met werknemer. Eventuele veranderingen in re-integratieplannen zijn opgenomen in plan van aanpak. 
    8. Week 42: Werkgever heeft ziekmelding doorgegeven aan UWV. Kopie van de melding opgenomen in het re-integratiedossier.
  • Arbeidsadvies over toekennen WIA, Wie komen er in aanmerking voor een WIA? 
    Werknemers die na 2 jaar ziekte meer dan 35% arbeidsongeschikt zijn, kunnen in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
  • Binnen de WIA zijn er 2 regelingen, de WGA en de IVA. Leg uit wat deze 2 regelingen inhouden en op wie ze van toepassing zijn.
    Binnen de WIA zijn er 2 regelingen. De Regeling werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) regelt een uitkering voor mensen die nog gedeeltelijk kunnen werken. De Inkomensvoorziening Volledig en duurzaam Arbeidsongeschikten (IVA) is voor volledig arbeidsongeschikten met weinig kans op herstel.
  • Verschil in levensverwachting tussen mannen en vrouwen?
    vrouwen leven langer dan mannen maar korter in goede gezondheid.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Nog uitwerken van ilse!Belangrijkste doodsoorzaken/determinanten ziektelast wereldwijdLage inkomenslanden:Hoge inkomenslanden: determinanten ziektelast:Doodsoorzaken: Dementie, longkanker, beroerte, coronaire hartziekten, hartfalen, COPD.Ziektelast (in DALY): coronaire hartziekten, beroerte, DM, COPD, angststoornissen, longkanker, stemmingsstoornissen, nek- en rugklachten, dementie.Omgeving als determinant op ziektelast: roken, ongezond milieu (luchtvervuiling), overgewicht, ongezonde arbeidsomgeving, weinig lichamelijke activiteit, overmatig alcohol. Wereldwijd:Voor wie is preventie? De SES bepaalt hoe determinanten/risicofactoren op de incidentie van ziekte verdelenVereisten implementatie vaccinatie (wilson en jugner)Vereisten screeningsprogrammaWat zijn de verschillen tussen W&J en de koning?Bij de koning is toegevoegd: Effecten eenduidig vastgesteld middels RCT. Dit is bij W&J niet. De effectiviteit van borstkankeronderzoek is nooit echt zo stellig bewezen en kent veel fout positieven.BIj koning is toegevoegd: Balans tussen gezondheidswinst en neveneffecten. Bijv. endoscopie bij darmkankerscreening.Implementatie leidt tot onbedoelde effecten. Onderzoek leidt tot verwijzing, reiskosten.Welke typen maatregelen hebben we bij preventie?Ziektepreventie:Is gericht op specifieke ziektenvoorbeelden: RVP, hielprik, visusscreening, infectieziektebestrijding, Wet publieke gezondheid Gezondheidsbevorderinggedrag en levensstijlvoorbeelden: kennisverspreiding middels folders; beïnvloeding van persoonlijke, biologische en psychologische determinanten; beïnvloeding omgevingsfactoren: politiek, fysiek, sociaal.GezondheidsbeschermingDeterminanten omgeving: fysieke, biologische, chemische, sociale factoren. voorbeelden: Verbod alcohol onder 18 jaar, rookverbod, infrastructuur, controle van bijv. voedingswaren/speeltoestellenOverig (beetje vergeten):Hoe kan je die diagnose ?? bevestigen? bloedonderzoek, urine, ??, ??
?
Nog uitwerken van ilse!OmgevingswetMet de komst van de nieuwe Omgevingswet moeten gemeenten gezondheid opnemen in zowel hun omgevingsvisie als hun omgevingsplan. Als gemeente of GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst  kunt u nu al aan de slag om gezondheid op de agenda te krijgen.Als gemeenten iets gaan veranderen aan hun gemeente, zal dit altijd verplicht zijn om met de GGD in gesprek te gaan hoe het zo 'gezond' mogelijk ingedeeld gaat zijn.Wie wordt er ouder, man vs vrouw + kwalitatieve levensjaren?Vrouwen worden ouderMannen hebben later een chronische ziekten dus meer QUALY’sDALY’sDe DALY is een samengestelde gezondheidsmaat die opgebouwd is uit enerzijds verloren levensjaren door vroegtijdige sterfte en anderzijds verloren kwaliteit van leven doordat iemand moet leven met beperkingen door ziekte. De verloren levensjaren worden berekend door de werkelijke levensduur in een bevolking te vergelijken met een theoretische levensverwachting. De jaren geleefd met een beperking worden vermenigvuldigd met een wegingsfactor tussen 0 en 1 voor de ernst van de beperking. Verwar de DALY niet met de QALY: quality-adjusted life year. De QALY wordt vaak gebruikt in RCT’s om de kwaliteit van leven tussen 2 patiëntengroepen te vergelijken. De DALY wordt gebruikt om ziektelast tussen landen of bevolkingsgroepen te vergelijken. In de rechtse dia zijn de verschillen samengevat.
?
Nog uitwerken van ilse!Welke taken liggen er bij de gemeente wat betreft zorg?Gemeenten hebben sinds 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid gekregen over werk en inkomen (Participatiewet), jeugdzorg (Jeugdwet) en ondersteuning van langdurige zieken en ouderen (Wet maatschappelijke ondersteuning). Voorheen viel dit onder het takenpakket van de rijksoverheid en de provincies. Al eerder, op 1 augustus 2014, is de Wet Passend onderwijs gedecentraliseerd. Ook volgt nog de Omgevingswet. Deze treedt op 1 januari 2021 in werking.Doel van de decentralisaties is om zorg en ondersteuning dichterbij de burger te organiseren om zo meer maatwerk te kunnen leveren en kosten te besparen. Daarnaast bieden de gedecentraliseerde wetten aanknopingspunten om verbindingen te leggen naar de wet publieke gezondheid en daarmee het preventie- en gezondheidsbeleid binnen een gemeente te versterken.De decentralisatie bestaat uit twee soorten processen: transitie (het overhevelen van regels, wetten, financiële verhoudingen etc.) en transformatie (ander gedrag van professionals, andere werkwijzen en manieren van met elkaar omgaan). Momenteel bevinden gemeenten zich in de transformatiefase. Verschillende beleidsdomeinen groeien naar elkaar toe en zoeken naar een nieuw evenwicht. Zo zien sociale professionals welk effect hun activiteiten kunnen hebben op de gezondheid van inwoners, zien GGD Gemeentelijke/gewestelijke gezondheidsdienst -en veerkracht en participatie als essentieel onderdeel van gezondheid en voeren zorgprofessionals steeds meer preventieve activiteiten uit of weten steeds beter de weg te vinden naar welzijnsactiviteiten.Ook andere beleidsdomeinen zoals werk & inkomen, ruimtelijk ordening, sport en onderwijs raken steeds meer betrokken bij het doel van de decentralisaties: om burgers zoveel mogelijk mee te laten doen in de maatschappij en ze zo lang mogelijk veilig en zelfstandig in de eigen omgeving te laten wonen.De decentralisaties moeten ook een aantal problemen oplossen. Zo waren er in de oude situatie vaak meerdere hulpverleners betrokken die niet efficiënt met elkaar samenwerkten en de zorg en ondersteuning werd vanuit verschillende bronnen gefinancierd. Doel is dan ook de uitgaven te beperken.Focus transitiesNadruk op eigen verantwoordelijkheid en eigen krachtZelfredzaamheid, zelfsturing, zelfregieVan vraagsturing naar maatwerkIntegrale benaderingSamenwerking centraalBeperking van kosten
?
Nog uitwerken van Ilse!PreventieparadoxWe maken onderscheid tussen gezond en niet-gezond op een bepaalde lijn terwijl het geen kwestie is van wel niet, maar iedereen zich op een spectrum bevindt. We passen preventie toe op een populatie niveau, hier haalt de hele populatie gezondheidswinst uit. Maar de hoogrisicogroep heeft hierdoor geen minder kans op ziekworden. 'Shifting the risk distribution of the population as a whole may bring large benefits to the population as a whole, but offers little to many individuals in the middle of the distribution and may therefore, be insufficiently attractive to them.'Wanneer moet je dan wel kiezen voor de hoog risico groep ipv de hele populatie:    - Hoog relatief risico in de risicogroep    - Prevalentie van de risicofactor is klein    - Risico is eenvoudig te identificerenBemoeizorg, wat houdt het in en voor wie is deze zorg?Bemoeizorg is in Nederland een vorm van sociaal-psychiatrische hulpverlening.Deze vorm van hulpverlening richt zich voornamelijk op de zorgwekkende zorgmijders, mensen die in behoeftige of anderszins verkommerde omstandigheden leven maar de stap naar de reguliere hulpverlening niet kunnen of willen maken.Bemoeizorg is een onderdeel van de openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ). De uitvoering ligt doorgaans bij een gemeentelijke gezondheidsdienst en of een geestelijke-gezondheidszorginstelling.Tussen die instellingen bestaat idealiter een nauwe samenwerking. Daarnaast nemen andere organisaties deel, zoals politie, gemeentelijke sociale dienst, Leger des Heils en sociale verhuurders in overlegstructuren; samen vormen zij een zogenaamd lokaal zorgnetwerk.Wat is belangrijk voor in kaart brengen risicogroep? Gegeven antwoorden op toets: vaak overleg multidisciplinair, in kaart brengen van leefstijl en determinanten en perceptie patiënt, patient vaker terug zien;Goede antwoord: Vragen naar determinanten, in kaart brengen patiënt waaronder fysieke omgeving.
?
Nog uitwerken van llse!Vormen van preventieCollectiefPrimaireen gestructureerde aanpak die gericht is op preventie in de totale bevolking of grote deelpopulaties daaruit, bijv. RVP, bevolkingsonderzoek naar borstkanker, wettelijke maatregel om blootstelling aan tabaksrook terug te drinkgen.Opportunistische preventieTertairepreventieve aanpak die alleen wordt ingezet bij personen bij wie zich een goede aanleiding of gelegenheid voordoet. Een voorbeeld is advisering door de huisarts over gezonder gedrag aan een patiënt met overgewicht, die voor andere gezondheidsklachten komt. Vanwege een lagere, selectieve deelname is opportunistische preventie in het algemeen minder effectief dan collectieve preventie.PopulatiebenaderingPrimairafspraak tussen ministerie van VWS en het bedrijfsleven om de hoeveelheid vet, zout en calorieën in voedingsmiddelen te verlagen en toevoeging van fluor in het drinkwaterHoogrisico-benaderingSecundaireerst wordt geïdentificeerd wie een verhoogd risico op ziekte heeft en worden maatregelen alleen op die groep gericht.Universele preventiePrimairRicht zich op de algemene bevolking die niet gekenmerkt wordt door het bestaan van verhoogd risico op ziekte. Universele preventie heeft tot doel de kans op het ontstaan van ziekte of risicofactoren te verminderenSelectieve preventieSecundair Richt zich (ongevraagd) op hoog-risicogroepen in de bevolking. Vrouwen, Hindoestanen etc. Selectieve preventie heeft tot doel de gezondheid van specifieke risicogroepen te bevorderen door het uitvoeren van de specifiek lokale, regionale of landelijke preventieprogramma's. Het opsporen en toeleiden naar de zorg is onderdeel van zo'n programma.Geïndiceerde preventieSecundairRicht zich op individuen die veelal nog geen gediagnosticeerde ziekte hebben, maar wel risicofactoren of symptomen bijv. hoge bloeddruk, overgewicht. Geïndiceerde preventie heeft tot doel het ontstaan van ziekte of verdere gezondheidsschade te voorkomen door een interventie/behandelingZorggerelateerde preventieRicht zich op individuen met een ziekte of meerdere gezondheidsproblemen. Deze preventie heeft tot doel het individu te ondersteunen bij zelfredzaamheid, ziektelast te reduceren en 'erger' te voorkomen.Begrippenkader preventieWanneer je een preventie toe wil passen moet je bedenken hoe je dit gaat doen, welke doelgroep je hebt, in welke fase je preventie toepast, op welk niveau je het aanpakt en type maatregel.Indelingen    - Fase: obsoleet; Primaire , secundaire en tertiaire preventie    - Doelgroep: Universeel, selectief , geïndiceerd en zorggerelateerd    - Populatie: gericht of hoog risicogroep (Preventieparadox)    - Wijze van aanpak: Collectief of opportunistisch    - Niveau van aanpak: Micro-, meso- of macroniveau.    - Type maatregel: Gezondheidsbescherming , bevordering en ziektepreventie
?
Nog uitwerken van Ilse!Waar moet je heen als je vragen hebt rondom thuiszorg? Loket WMOWelke wetgeving sociale domein recent gewijzigd?Vanaf 2015 zijn er een aantal wetten gedecentraliseerd, waaronder: Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), participatiewet en jeugdwet. Deze behoren nu tot de verantwoordelijkheid van de gemeente.Demografische transitie: wat gebeurt er met de sterfte- en geboortecijfers op welke volgorde? De sterftecijfers nemen af: mede door verbetering hygiëne waardoor betere levensstandaard, minder infectieziekten, voedselzekerheid, medische interventie. Daarop volgend nemen het aantal geboortes af. In een tijdsbestek van 100-150 jaar dalen de hoge sterftecijfers met enige vertraging in de daling van hoge geboortecijfers. Doordat hier een vertraging in zit, zie je en tijdelijke groei van de bevolking. Nederland zit nu in de 'laag stationaire fase' = de bevolking neemt nauwelijks meer toe (maar neemt nog niet af zoals in Duitslang/Italië). Waarom hebben ontwikkelingslanden het ‘zwaarder’ dan welvarende landen?Antwoord: Double burden of diseases. Wanneer de ziektelast aan NCD’s al toeneemt, terwijl de ziektelast aan CD’s nog nauwelijks is gedaald, spreken we van een ‘double burden of disease’. Op de dia zie je dat deze dubbele ziektelast vooral groot is in Afrika, het Oostelijke Middelandsezee-gebied en in Zuid-Oost Azie. ‘Double Burden of Disease’ is een bedreiging voor de gezondheid in veel lage inkomens landen: de kwetsbare gezondheidssystemen zijn nauwelijks opgewassen tegen de ziektelast van de CD’s, maar zijn totaal niet toegerust om daarnaast ook de toenemende ziektelast aan NCD’s het hoofd te bieden.Epidemiologische transitieDit is de verschuiving van ziektepatronen. Bestaat uit verschillende fasen: Epidemieën en hongersnodenAfname pandemieënOpkomst degeneratieve ziekten en door mens veroorzaakte ziektenUitgestelde degeneratieve ziekten.Levensverandering > Afname degeneratieve ziekten OF globalisering en misbruik antibiotica > nieuwe infecties?Wat stuurt de verschuiving van ziektepatronen en toename van levensverwachting?Verhogen levensstandaard○ Betere voedingstoestand door voedselzekerheid○ Minder injecties○ VoedselzekerheidPublic Health ○ Hygiënische maatregelen (riool, waterleiding) ○ Vaccinatie, quarantaineMedische interventie, curatieve geneeskunde (antibiotica).
?
Nog uitwerken van Ilse!BCC/PCC kenmerken, foto herkennenouderdomswrat/plekje - verruca sebroichiaMicroscopieplaatje > splijtruimtes en  cellen als ‘soldaatjes naast elkaar’fenomeen van raynaud: drie fases (klinisch beloop)typen allergische reacties: verlate reactie op medicatie? Casus over SOA’s, diagnose (syfilis)moedervlek, wat voor een? (samengesteld, diepliggend, blue naevi)Kenmerken bij oedeembenen? Hyperkeratose? Sensibiliteit mistWelke medicatie oorzaak van SJS?]Waar moet je differentiaal diagnostisch aan denken bij BCC? >  M. bowen, keratoacanthoom, PCC?Wat voor aanvullend onderzoek moet je doen.. KOH preparaat.Uit welke cellen ontwikkeld zich een BCC/PCC (melanocyt, keratonocyt, epitheel)
?
Nog uitwerken van Ilse!Refractie: Punt van as vóór retina: hypermetroopNeuritis opticus: welke klachtenDiagnose: korsten tussen de wimpersDiagnose: Uveïtis anteriorPatiënt heeft geen leesbril meer nodig: cataractAfbeelding van retina, wat is hier aan de hand bij behouden visus 0.7 > occlusie veneus systeem.Waar moet je aan denken bij kind van 2 maanden met grote ogen? wijde pupil? congenitale cataractWelke medicatie is risicofactor voor ontstaan cataract > betablokkers, antidepressiva, prednisonDiagnose conjunctivitis: Ogen dichtgeplakt bij wakker worden. Open kamerhoek glaucoom: granuloma iris, nauwe voorste oogkamerDifferentiëren tussen ablatio en ? > floaters5 lagen van de cornea
?
Nog uitwerken van Ilse!Ottowa ankle rulesSchouderklachten: passief en actief waar in het gewricht zit het probleem?Winderigheid: Advies aan patientVerdenking heupfractuur: verminderde exorotatie, flexie?Heupklachten, welke diagnose bij welke klachtenUWI klachten, wanneer kweek?Bijtwond hond?
?
Casus over otosclerose: carhart notch, perceptieverlies
perceptieverlies