Samenvatting Pulsar-chemie.

-
ISBN-10 9001312616 ISBN-13 9789001312619
207 Flashcards en notities
17 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Pulsar-chemie.". De auteur(s) van het boek is/zijn Rini Bekkers PrePressMediaPartners vrije Machteld de Jong. Het ISBN van dit boek is 9789001312619 of 9001312616. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Pulsar-chemie.

  • 1.1 Stofeigenschappen

  • Wat zijn stofeigenschappen?

    Fase, kleur, geur, smaak, kook/smeltpunt en textuur.

  • wat wordt (binnen de scheikunde) een stof genoemd?

    alle materie. zoals: water, zout, ijzer, zeep, benzine, zuurstof ... etc.

  • wat verstaan we onder een stof?

    alle materie, van water tot aarde.

  • Noem 5 stoffen.

    Bijvoorbeeld: Water, zout, zuurstof, alcohol, benzine.

  • Natuurlijke materialen: Hout katoen metaal
    Kunststoffen: plastic
    Scheikunde houdt zich bezig met stoffen.
    Alle materie, water zout ijzer zeep zuurstof benzine
    Stoffen onderscheiden door onderzoek, waarnemingen: Zien horen ruiken proeven en voelen
    Hieruit kun je een conclusie trekken, dus, hier uit volgt, dat betekent
    Een waarneming is een feit en een conclusie is het gevolg van denken.
    Stofeigenschappen zijn kenmerken waaraan je een stof herkent, kleur en geur, fase: gas vloeibaar of vast, aggregatietoestand van een stof bij kamertemperatuur. Sommige meten andere niet. Kook en smeltpunt en dichtheid is massa/volume
  • Waarom is er door de scheikunde veel veranderd op het werk in een forensisch laboratorium?
    Er is nu een grotere keuze uit stoffen, zoals kunststoffen.
  • Stof is alle materie. Een waarneming is een feit en een conclusie is het gevolg van denken.

  • Waarneming:

    1. Je zintuigen gebruiken om iets vast te stellen.
    2. Een waarneming is een feit 

    Conclusie

    1. Woorden zoals, 'dus', 'daarom'.
    2. Een gevolg van denken
    3. Nadenken
  • hoe onderscheid je stoffen?

    je gebruikt je zintuigen om waarnemingen te doen.

  • Noem een ding dat veranderd is door de chemie
    Door de chemie ziet de wereld er vele kleurrijker uit
  • wat is een conclusie?

    het antwoord op een onderzoeksvraag.

  • Zet achter elk van deze zinnen erachter of het waarnemingen (w) of conclusies (c) zijn.

    - Je vindt een blokje ijzer. Je schrijft op: Ijzer is een grijze vaste stof.

    - Je gaat water warm maken. Bij 100 graden C gaat het borrelen. Je schrijft op: Water kookt bij 100 graden C.

    - Je hebt een neemt een glas Cola met ijsklontjes. Je zegt: Ijs drijft op water.

    - Je vindt een blokje ijzer. Je schrijft op: Ijzer is een grijze vaste stof. (w)

    - Je gaat water warm maken. Bij 100 graden C gaat het borrelen. Je schrijft op: Water kookt bij 100 graden C. (c)

    - Je hebt een neemt een glas Cola met ijsklontjes. Je zegt: Ijs drijft op water. (w)

  • Wat bedoelen we in de scheikunde met stoffen?
    alle materie; water, zout, ijzer, zeep, zuurstof, benzine
  • Stofeigenschappen:

    1. Fase bij kamertemperatuur
    2. Smaak
    3. Geur
    4. Kleur
    5. Tekstuur
    6. Kookpunt
    7. Smeltpunt
    8. Dichtheid
  • wat is het verschil tussen een waarneming en een conclusie?

    een waarneming is een feit en een conclusie is het gevolg van denken.

  • Wat moet je doen om stoffen te scheiden?
    je moet ze onderzoeken
  • Zuivere stof:

    • Er is maar 1 stof 
    • 1 set stofeigenschappen
    • Bijvoorbeeld: Water, benzine, CO2

    Mengsel:

    • Meerdere stoffen
    • Meerdere setjes stofeigenschappen
    • Bijvoorbeeld: Zeewater, lucht

     

  • hoe herken een je een stof?

    aan de stofeigenschappen?

  • Waarvoor gebruik je in de scheikunde je zintuigen?
    Om waarnemingen te doen
  • Verschillende fases:

  • de stoffen zijn bij iedere stof anders. soorten van stofeigenschappen zijn: kleur, brandbaarheid --> smeltpunt --> geur --> dichtheid --> smaak --> kookpunt --> fase bij kamertemperatuur --> geleidingsvermogen --> elasticiteit --> magnetisch vermogen --> oplosbaarheid in water.
  • Waarop kunnen waarnemingen leiden en wat is dit?
    waarnemingen kunnen leiden tot een conclusie en dit is het antwoord op een onderzoeksvraag
  • Oplossing: (vast + vloeistof / vloeistof + vloeistof)  *Volledig opgelost & helder

     

    Suspensie: (vast + vloeistof) *Scheidt meteen, zwaarste deel onderin 

     

    Emulsie: (vloeistof + vloeistof) *Troebel (scheidt na enige tijd) 

  • Een zuivere stof smelt of stolt altijd bij de zelfde temperatuur.

     

    Smeltpunt: Het smeltpunt van een zuivere stof.

    Smelttraject: Het smelttraject van een mengels.

     

    Kookpunt: Het kookpunt van een zuivere stof.

    Kooktraject: Het kooktraject van een mengel.

  • Wat is het verschil tussen een waarneming en een conclusie?
    Een waarneming is een feit en een conclusie is het gevolg van denken
  • Waarom werkt de scheidingsmethode filtreren niet bij een oplossing, maar wel bij een suspensie? Leg uit.

    Bij een oplossing zijn de 2 stoffen volledig opgelost in elkaar, maar bij een suspensie niet en drijven er nog deeltjes stof in het mengel. Bij filtreren gaat het scheiden op basis van deeltjesgrootte, dus bij een suspensie is deze scheidingsmethode handig op de grotere deeltjes eruit te halen. Bij een oplossing is dit niet mogelijk.

  • Wat zijn stofeigenschappen?
    De kenmerkende eigenschappen van een stof
  • Scheiden:

     

    Als iets overblijft bij het scheiden dan heet dit, residu.

    Alles wat je opvangt heet het destillaat.

     

    Scheidings méthodes: 

    943bd9d2fb49b4eeea0e9291a73dd583.jpg

  • Hoe noem je de kleur van glas?
    Kleurloos
  • Een zuivere stof smelt of stolt altijd bij de zelfde temperatuur.

     

    Smeltpunt: Het smeltpunt van een zuivere stof.

    Smelttraject: Het smelttraject van een mengels.

     

    Kookpunt: Het kookpunt van een zuivere stof.

    Kooltraject: Het kooktraject van een mengel.

  • Wat zijn de drie fases van een stof en wat is daar een andere naam voor?
    De drie fases zijn gasvorming, vast en vloeibaar. Dit kan ook wel aggregatietoestand worden genoemd.
  • Is het aangegeven stuk het smeltpunt of het smelttraject?

     

    Scheikunde 6-1.jpeg

    Het smelttraject.

  • Hoe bereken je volume?
    Massa : Dichtheid
  • Chromatografie: Deze scheidingsmethode gebruik je, als je verschillende kleuren (bijv. viltstift) wilt scheiden.

     

    De kleurstoffen hechten (aanhechtingsvermogen) aan het papier. 
    Het papier absorbeert de kleurstoffen.
    De vloeistof die je gebruikt heet dan loopvloeistof.

  • Hoe het het als er maar één stof aanwezig is?
    Een zuivere stof
  • Je wilt laten zien hoe watervaste stift werkt. Je gebruikt hiervoor als scheidingsmethode Chromatografie. Welke loopvloeistof kan je het best gebruiken? Leg je antwoord uit.

    Alcohol, omdat het een watervaste stift is, waardoor het met water niet zou lukken.

  • Hoe het het als er meerdere stoffen aanwezig zijn?
    Een mengsel
  • Wanneer zou je als scheidingsmethode destillatie gebruiken in plaats van indampen?

    Wanneer je alle 2 de stoffen wilt behouden.

  • Hoe heet het als er meerdere stoffen aanwezig zijn en de vloeistof helder blijft?
    Een oplossing
  • Hoe heet de vloeistof waarin een stof oplost?
    Het oplosmiddel
  • Hoe heet het als de maximale hoeveelheid van een stof die op kan lossen bereikt is?
    Een verzadigde oplossing
  • Hoe heet het als er een mengsel van een vloeistof en een vaste stof is en het mengsel troebel wordt?
    Een suspensie
  • Hoe heet het als er een mengsel van twee vloeistoffen is en het mengsel troebel wordt?
    Een emulsie
  • Hoe heet de stof die je achterlaat  in de destilleerkolf?
    het residu
  • Hoe heet de stof die je opvangt vanuit de koeler?
    het destillaat
  • Waarop berust destilleren
    Op het verschil in kookpunt
  • Noem een aantal veiligheidsregels en voorzieningen in een scheikunde lokaal
    - Jas aan
    - Bril op
    - Tassen op de stoel
    - Stoel aanschuiven
    - Nooddouche
    - Oogdouche
    - Brandblussers
  • Welke zintuigen heb je om dingen waar te nemen en wanneer mag je deze gebruiken?
    Zien -> altijd
    Horen -> altijd
    Ruiken -> voorzichtig
    Proeven -> nooit
    Voelen -> nooit
  • Noem een aantal stofeigenschappen
    kleur, geur, fase, kookpunt, dichtheid
  • ...
    .
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.