Samenvatting Ruitervitaal Coach module II

308 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Ruitervitaal Coach module II

  • 1.1 spieren van de romp

  • Hoe heet de rompspier die in het middenrif ligt en helpt bij de ademhaling?

    M. Diafragma 
    naam: diafragma = middenrif

    Functie: ademhaling

    origo: rondom de borstholte
    insertie: peesplaat ih midden vd spier
  • Hoe heet de rompspier die de 4 zijdige lendenspier heet en zorgt voor lateraal flexie (zijwaartse buiging)vd wervelkolom
    M. Quadratus Lumborum (QL)


    naam: 4 zijdige lendenspier

    Functie: lateraalflexie (zijwaartse buiging) van de wervelkolom

    origo: os ilium (darmbeen)
    insertie: L1-L4 (lumbaal - lage rug) en 12e rib
  • Hoe heet de rompspier met de naam: veel gespleten rugspier die een belangrijke stabilisator is van de wervelkolom

    M. Multifidus (veel gespleten rugspier)

    spiergroep: diepe rugspieren

    functie: stabilisator vd wervelkolom
    dorsaalflexie, lateraalflexie, rotatie en stabilisatie vd wervelkolom

    origo: Os sacrum (heiligbeen) langs lumbale (lage rug) en thoracale (borst) wervels
    insertie: eindigt op de 2e cervicale wervel (axis)
  • 1.2 spieren van de nek

  • Hoe heet de 2 koppige halsspier die zorgt voor de buiging en draaiing vh hoofd

    M. Sternocleidomastoideus

    Naam: halsspier

    functie: ventraalflexie (buiging richting buik) van de cervicale (hals) wervels, lateraalflexie en rotatie vh hoofd
    hulpademhalingsspier

    origo: os sternum (borstbeen) en os clavicula (sleutelbeen)
    insertie: cranium (schedel) lateraal
  • Hoe heet de schuine nekspier die zorgt voor de dorsaal- en lateraalflexie en rotatie van de nek

    M. Scaleni

    Naam: schuine spieren. Van latijnse woord: scalenus = verschillend

    functie: dorsaal flexie (buiging richting de rug), rotatie en lateraalflexie vd nek

    origo: C3-C7 (cervicale = nek wervels)
    insertie: 1e -3e rib
  • Hoe heet de lange spier vh hoofd die de nek ventraal en lateraal buigt

    M Longus capitis

    Naam: lange spier vh hoofd

    functie: ventraal flexie en lateraal flexie in de nek

    origo: C3-C6 ventraal
    insertie: cranium ventraal
  • 2 Gevorderde inspanningsfysiologie

  • Wat is de kringloop die begint bij zonlicht, fotosynthese bij planten en waar zuurstof vrijkomt?
    Biologische kringloop van energie
  • Welke voedingsstoffen worden door de bladgroenkorrels van planten gemaakt door het samenkomen van zonlicht, water en koolstofdioxide en waarbij zuurstof vrijkomt
    -1. Glucose (suiker)
    -2. Lipiden (vetten)
    -3. Eiwitten
    -4. Cellulose
  • Hoe heet de mechanische energie die ontstaat uit chemische energie, omdat we voedingsstoffen uit voedsel niet direct kunnen aanwenden als energiebron voor spiercontracties
    Adenosinetrifosfaat  ATP
  • Hoe heet het proces als er 8 kcal per mol ATP aan warmte (energie) vrijkomt bij afbraak van 1 van de 3 fosfaatverbindingen uit ATP (adenosinetrifosfaat)
    Adenosinetrifosfase
  • Wat blijft er naast fosforzuur over na het afbreken van 1 fosfaat
    Adenosinedifosfaat (ADP)
  • In welke energiecentrales van een cel vindt de adenosinetrifosfase en resynthese (aanvulling) plaats
    Mitochondriën
  • Welke energiecentrales bestaan uit een binnenste en een buitenste celmembraan met daartussen de intermembranale ruimte
    Mitochondriën
  • Hoe heten de plooien van het binnenste membraan (matrix) van de mitochondriën
    Crista
  • Hoe heet het binnenste van het membraan van de mitochondriën waar energieverbranding plaatsvindt?
    Matrix
  • Welke verschillende anaerobe en aerobe energiebronnen voor onze cellen zijn er om de voorraad ATP aan te vullen (resynthese) zodat de cellen kunnen blijven functioneren
    1. Fosfaatsysteem (creatinefosfaat, anaeroob)
    2. Melkzuursysteem (glycogeensplitsing, anaëroob)
    3. Glycogeensplitsing (aeroob)
    4. Krebcyclus (aeroob)
    5. Elektronentransport (aeroob)
    6. Vetzuurspliting (aeroob)
    7. Eiwitsplitsing (aeroob)
  • Waardoor verschilt de hoeveelheid energie die vrijkomt per energiebron
    1. Vermogen (hoeveelheid)
    2. Capaciteit (duur)
  • Door welk enzym wordt de snelheid van de chemische reacties in de energiebron fosfaatsysteem verhoogd
    Eiwitten
  • Omzetting chemische energie naar mechanische energie =
    Adrinosinetrifosfase en resynthese van ATP
  • Wat is Adenosinetrifosfase en resynthese van ATP
    Omzetting chemische energie naar mechanische energie
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat doe je na afname van de test?-verbeterpunten doorspreken-sterke punten benoemen-doelstelling afstemmen-verbeterpunten vertalen naar oefeningen-sterke punten onderhouden-tussentijdse meetmomenten plannen
Test vertalen - interpretatie van de test
Als je tegen bepaalde situaties aanloopt zul je je planning of training bij moeten stellen. Spiegelen en levelen met je klant is belangrijk. Trek klanten aan die bij jouw level van energie passen.
Aanpassingsvermogen
Belangrijk wat je ziet aan de klant kunt vertalen naar een oplossing. Speel op bepaalde situaties in door de training hierop aan te passen
Analyseren
Toon interesse en vraag door. Onthoud relevantie informatie. Misschien worstelt jouw sporter met iets waar je hem mee kunt helpen. Geen adviezen geven als je ergens geen verstand van hebt. Houd de motivatie, drijfveren en kans van slagen in de gaten.
Luisteren naar wat je leerling te zeggen heeft
Hoe noemen ze: inlevingsvermogen, goed kunnen verplaatsen in een ander.Toon interesse in de situatie waar de sporter zich verkeert buiten de trainingen met jou. Dit schept een band omdat de sporter zich begrepen voelt!
Empathie
Welke type zijn dit?:-motivator - motiveren en enthousiasmeren van de leerling-luisterend oor - je bent een soort psycholoog - help je leerling bij onzekerheid of laag zelfbeeld-analist - geef de ruiter vertrouwen, kennis en inzicht over hun eigen controle en uitvoering-leraar - benader je leerling ook als leerling en leg ze nieuwe oefeningen stapsgewijs uit. Observeer en stuur bij-criticus - geef een kritisch en professioneel oog aan degenen die al verder zijn. Je wordt een expert voor de puntjes op de i-COACH - alle rollen komen hier samen - ontwikkel je eigen methodiek en sta daarachter - dat gaat je onderscheiden en mensen komen hiervoor bij je terug!
Rollen van een trainer / coach
Tijdens intake wederzijdse verwachtingen aan elkaar (trainer en klant) aangevenRol die klant van je verwacht moet bij jou als trainer passen
Rolbepaling
Jouw visie en doelstellingen moeten passen bij die van je klant
Match or no match
Waar houden we hier rekening mee?-wat te eten voor en na het sporten?-eiwitinname voor herstel en spieropbouw - mn krachtsporters-koolhydraten om het glycogeen gehalte in de spieren op peil te houden of te verhogen - mn duursporters 
Voeding en sport
Welke doelstelling hebben we hier?-verantwoorde keuzes-niet teveel verzadigd vet-kcal rijke maar gezonde producten eten
Doelstelling aankomen