Samenvatting Samenvatting literatuur en arresten ISR

-
218 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Samenvatting literatuur en arresten ISR

  • 1.1 HFD Kronenberg & De Wilde

  • De staat heeft een monopolie op straffen.
    Het recht in eigen handen nemen (eigenrichting) is in Nederland verboden.
  • Er zijn twee soorten dagvaardingen:
    1. Strafrechtelijke dagvaarding
    2. Civielrechtelijke dagvaarding
  • Wat is een strafrechtelijke dagvaarding?
    Dagvaardingen worden verstuurd door de OvJ om een verdachte terecht te laten staan voor de strafrechter. Burgers kunnen elkaar niet dagvaarden voor gepleegde strafbare feiten.
  • Wat is een civielrechtelijke dagvaarding?
    Dagvaardingen worden verstuurd van de ene burger naar de andere burger (door een advocaat) om zo de kwestie voor te leggen aan een onafhankelijke burgerlijke rechter die een bindende beslissing neemt. Burgers kunnen elkaar hier wel dagvaarden.
  • Verder kan het strafrecht worden onderverdeeld in:
    1. Het commune strafrecht
    2. Het bijzondere strafrecht
  • Wat is het commune strafrecht?
    Het strafrecht dat in de wetboeken is opgenomen. Dus Sr en Sv.
  • Wat is het bijzondere strafrecht?
    Het strafrecht dat in andere wetten (bijzondere strafwetten) is opgenomen. Zoals de opiumwet, wet wapens en munitie en wegenverkeerswet.
  • Twee voornamelijke doelen van straffen:
    1. Vergelding
    2. Preventie
  • Welke twee soorten preventie zijn er?
    1. Speciale preventie
    2. Generale preventie
  • Het strafrecht kan worden onderverdeeld in drie delen:
    1. Materieel strafrecht
    2. Formeel strafrecht
    3. Sanctie strafrecht
  • Wetten in formele zin;
    Wet die tot stand is gekomen in samenwerking tussen de regering en de Staten-Generaal samen.
  • Wet in materiële zin:
    Een wet die de algemene regels bevat die burgers binden, de manier van totstandkoming hierbij is niet van belang.
  • De opbouw van het Wetboek van Strafrecht:
    1. Boek 1
      • Regelt de algmene leerstukken van het materieel strafrecht
    2. Boek II en III 
      • Bevatten uitsluitend strafbepalingen
      • Boek II: misdrijven
      • Boek III: overtredingen
  • De opbouw van het Wetboek van Strafvordering:
    Bestaat uit zes boeken, voor ons als studenten de eerste drie van belang:

    1. Boek I: Algmenee bepalingen
      • Regelt de belangrijkste bevoegdheden tijdens het opsporingsonderzoek
    2. Boek II: Strafvordering in eersten aanleg
      • regelt de vervolgingsbeslissing van de OVJ en dehele procedure voor de berechting van een verdachte door de rehctbank
    3. Boek III;
      • bevat uitsluitend rechtsmiddelen
  • Wat wordt verstaan onder eerste aanleg?
    De eerste keer dat een verdachte door een gerecht wordt berecht met een bepaald strafbaar feit.
  • Wat zijn besluiten die supranationaal rechtelijk van aard zijn?
    Regels die een internationale organisatie oplegt waar de lidstaten van die organisatie zich aan moeten houden. Ook uitspraken van Europees hof vd Rechten van de Mens behoren tot het supranationaal recht. (bindend voor NL).
  • 1.3.1 7.3.1

  • Wat is een arrondissement?
    Het rechtsgebied van een rechtbank
  • Wat is een ressort?
    Een groter rechtsgebied, gerechtshoven zijn verbonden aan een ressort.
  • Wat is een parket?
    Ieder arrosidement heeft een eigen bureau van het OM. Dit wordt het parket genoemd.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

HR Bumperklever
Casus;
  • Verdachte heeft zonder aanvaardbare aanleiding zeer hard geremd toen A op een tweebansweg dicht achter hem reed
  • Beiden reden meer dan 100 km/u
  • A moest remmen en uitwijken voor verdachte --. Tegen boom en dood


Hof: 
Willens en wetens heeft de verdachte de aanmerkelijke kans aanvaard dat A verongelukte door zijn onverhoedse en tegen A gerichte remmanoeuvre.

Rechtsvraag;
Is er bij hard en onverhoeds remmen sprake van opzet op de dood van de persoon die dicht achter de verdachte reed? 

HR;
  • Oordeel van hof onbegrijpelijk
    • uit bewijsmiddelen kan niet volgen dat de verdachte opzet op de dood van A had
    • Verdachte heeft zelf ook levensgevaar opgelopen
      • naar algemene ervaringsregels is het niet waarschijnlijk dat de verdachte de kans om zelf te verongelukken op de koop heeft gelopen
  • Conclusie; 
    • Verdachte heeft hard en onverhoeds geremd, terwijl hij zich ervan bewust was dat hij en A zich meer dan 110 km/u o pzeer korte afstand van elkaar begaven op een tweebaansweg waarlangs bomen stonden
    • Verdachte remde met het doel A ernstig in gevaar te brengen
  • Verdachte heeft derhalve willens en wetens zich blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat  A zou verongelukken
  • De voorwaardelijke opzet was derhalve op de dood van A gericht. 
HR Schieten in de Kroeg
Casus;
  • Verdachte heeft onenigheid in de kreog met een persoon en besluit op deze persoon te schieten met een wapen
  • Omstanders proberen het wapen af te pakken, maar de verdachte weet zijn hand los te rukken en er wordt nog een schot afgevuurd
  • Verdachte wordt veroordeeld voor tweemaal poging tot doodslag
  • Verdachte meent echt dat tweede chot per ongeluk werd afgevuurd en er geen sprake kon zijn van tweede poging


Rechtsvraag;
Is het gerechtvaardigd de verdachte voor tweemaal poging tot doodslag te voordelen, of valt het tweede schot onder opzet?

HR:
Doordat er een aanmerkelijke kans was dat het wapen opnieuw zou vuren is er sprake van voorwaardelijke opzet
-> sluit zich aan bij uitsprak hof (tweemaal poging tot doodslag)
HR Porsche
Casus
  • Verdachte op verkeerde weghelft gereden
  • Gevolg; aanrijding -->  Vijf personen overleden
  • Uit bewijsmiddelen is bovendien gebleken dat verdachte ook hoge snelheid heeft gereden, tweemaal door rood, gevaarlijke inhaalmanoeures en alcohol


Rechtsvraag;
Kan het willens en wetens aanvaarden van een aanmerklijke kans op de dood van een tegenligger door het gevaarlijk deelnemen aan het verkeerd door de verdachte ook worden aangenomen indien de verdachte zelf aanmerkeijk levensgevaar heeft gelopen voor deze gedragingen?


Hof: 
Verdachte heeft zich willen sen wetens blootgesteld aan de aanmerkeijke kans, dat andere verkeersdeelnemers ten gevolge van zijn handelswijze van het leven zouden worden beroofd, zodat de voorwaardelijke opzet betrekking had op levensberoving

HR vernietigt de bestreden uitspraak;
  • De aanmerkleijke kans kan worden aangenomen op grond van verklaringen van de verdachte en op gornd van bijzondere omstandigheden van het geval
  • in het geval dat uit de bwijsmiddelen volgt dat de verdachte door zijn handelswijze ook zelf aanmerklijk levensgevaar heeft gelopen, kan het naar ervarignsregels niet warschijnlijk geacht worden dat de verdachte de aanmerkelijke kans van een frontale botsing met een tegemoetkomende auto heeft aanvaard en zijn eigen dood derhalve op de koop toeneemt. 
HR Verpleegster
Casus
Tidjens een operatie gaf een verpleegster een flesje met de verkeerde vloeistof aan een andere verpleegster. Deze verpleegster vulde de injectienaald met deze vloeistof en gaf deze aan de chirurg. De chirurg spoot de injectie in bij de patiënte, waardoor zij na enige uren overleed.
  • De verpleegste die de verkeerde vloeistof aangaf, werd vervolg voor dood door schuld. 

Rechtsvraag;
Was er in casu sprake van dood door schuld?

Rechtbank
Veroordeelde verpleegster voor dood door schuld   

  • Rechtbank; Verpleegster had in een mindere of meerdere mate van grove onoplettendheid gehandeld
  • Vp: Menselijke fout; kan worden veroorzaakt door overwerktheid, minder vertrouwede omgeving etc
  • Rb: verworpen, verpleegster ernstige fout begaan en was haar taak om de betekenis van het flesje te kennen


Gerechtshof --> zelfde oordeel Rechtbank

HR
  • Sloot zich ook aan bij oordeel rechtbnak
  • De vier cassatiemiddelen van de verpleegster faalden dus
  • Gekeken naar haar opleiding, de aard van de werkzaamheden die zij moest uitvoeren, het vetrouwen dat in haar moest worden gesteld en omtrent het ontbreken van controle van de andere zuster en de chiug, kon door de HR worden afgeleid dat zij tekort was geschoten in haar plicht. 
  • Uit haar handelswijze blijkt geringe oplettendheid --> schuldig door art. 307 Sr dood door schuld


HR; 
Op sommige personen rust een bijzondere zorgplicht;  'Garantenstellung'. Dit komt bijv. Door het beroep dat zij uitoefenen, waardoor zij een bepaalde verantwoordelijkheid hebben.' --> Hierdoor werd zij streng benaderd Dit is dan ook de rechtsregel
De grens tussen bewuste culpa en voorwaardelijke opzet;
  • Bij voorwaardelike opzet is er namelijk geen kans op een aanvaarde risico-kans, maar is het gevolg al door de dader op de koop toegenomen
    • Anders gezegd; bij bewuste culpa is de dader zich beuwt van het gevaar, maar vertrouwt (lichtvaardig) op een goede uitkomst
    • Bij voorwaardelijke opzet is deze gedachte op een kans op een goede uitkomst niet aanwezig bij de dader
  • De grens hiertussen kan vooral getrokken worden door te kijken naar de gedachten van de dader, maar kan ook gevonden worden in de manier van handelen van de dader. 
  • Verschil kan worden gezocht in het aanvaarden van een bepaald risico door de dader
    • Als het risico voor lief genomen is, is er sprake van voorwaardelijke opzet
    • Is dit niet het geval en is er wel (te makelijk/lichtvaardig) gedacht over dit risico, dan is er sprake van bewuste culpa
Wat is een bijzondere vorm van bewuste culpa?
Roekeloosheid. Hiervan is sprake als een of meerdere gedragingen van de dader aangewzen kunnen worden die erop duiden dat door hem welbewust onaanvaardbare risico's zijn genomen.
Wat is bewuste culpa?
Bij bewuste culpa besefte de dader zich wel wat het gevaar van zijn onvoorzichtig handelen was, maar ging hij uit van een goede afloop.
Wat is onbewuste culpa?
Bij onbewuste culpa is sprake van het niet-beseffen van het gevaarlijk (onvoorzichtig) handelen van de dader, terwijl de dader dit wel had moeten beseffen.
Culpa is dus een;
Verwijtbare aanmerkelijke onvoorzichtigheid

  • Het i aanmerkelijk als er door de gedraging een aanmerkelijk risico word gecreëerd. Het is verwijtbaar als er geen geldig excuus voor zijn onvoorzichtigheid is en als de verdachte anders had kunnen handelen.   
Wat zijn geobjectiveerde delictsbestanddelen?
Als het woordt opzettelijk voorkomt in een ander woord.
Bijv; 'wetende dat', met het oogmerk etc. 
Of zit er ingeblikt in (mishandeling)