Samenvatting SDA

-
652 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - SDA

  • 1.1 Inleiding en ethiek

  • Wat is wetenschap?
    Een methode om te leren over de realiteit
  • Waarom gebruiken we systematische methodes?
    Omdat mensen belemmerd worden door verstoringen in hun geheugen en hun informatieverwerking en met deze methode kun je meer leren over de realiteit
  • Wat zijn de 5 fases van het systematisch proces van wetenschappelijk onderzoek?
    1. Formuleren van een onderzoeksvraag
    2. Ontwerpen van een studie
    3. Verzamelen van data
    4. Analyseren van data
    5. Rapporteren
  • Wat is er met het systematisch proces van wetenschappelijk onderzoek?
    Dit proces is iteratief (herhalend). Uit het onderzoek kunnen immers weer nieuwe onderzoeksvragen voortkomen. Bovendien worden bij het ontwerp van de studie meestal analyses uitgevoerd die gevolgen kunnen hebben voor het onderzoeksproces, of moet op grond van het ontwerp de onderzoeksvraag bijgesteld worden. Wat vaststaat is dat het verzamelen van data pas kan beginnen als de studie is ontworpen. Op dat moment kan de onderzoeksvraag niet meer aangepast worden
  • Waarom zijn ethiek en integriteit belangrijk in wetenschappelijk onderzoek (in de psychologie in het bijzonder)?
     In de eerste plaats omdat de onderzoeksobjecten meestal mensen zijn, in de tweede plaats omdat het onderzoek gebeurt met publieke middelen (publieksgeld)
  • Wanneer kwam het besef dat het belangrijk was om expliciet aandacht te besteden aan ethiek in onderzoek?
    Dat werd voor het eerst geformaliseerd in 1947
  • Wat werd op basis van het besef dat het belangrijk was om expliciet aandacht te besteden aan ethiek in onderzoek na de formalisatie in 1947 geformuleerd?
    De eerste versie van de Helsinki Declaratie in 1964
  • Hoe worden de onderliggende principes van beide richtlijnen (Het besef dat het belangrijk was om expliciet aandacht te besteden aan ethiek in onderzoek werd voor het eerst geformaliseerd in 1947. Op basis hiervan werd in 1964 de eerste versie van de Helsinki Declaratie geformuleerd) beschouwd?
    Een basis voor ethische besluitvorming bij wetenschappelijk onderzoek.
  • Wat zijn er ingesteld om besluiten te nemen over wetenschappelijk onderzoek?
    Ethische commisies
  • Over wat maken commissies onder ander een afweging?
    De kosten van een studie en letten op de bescherming van de deelnemers
  • Wat beoordeelt een ethische commissie nog meer?
    Of de anonimiteit van de deelnemers is gewaarborgd en of er goed met de data wordt omgegaan tijdens en na het onderzoek
  • Wat is er in Nederland in de Wet Medisch Onderzoek (WMO) geïmplenteerd?
     De principes van de Declaratie van Helsinki
  • Wat bepaalt de WMO?
    Dat onderzoek dat onder de WMO valt niet uitgevoerd mag worden als een Medisch-Ethische Toetsingscommissie (METC) het onderzoek niet eerst heeft getoetst en goedgekeurd
  • Waar valt het meeste psychologische en onderwijswetenschappelijke onderzoek onder?
    Het is een niet medisch-wetenschappelijk onderzoek en valt dus niet onder de WMO
  • Het meeste psychologische en onderwijswetenschappelijke onderzoek is niet medisch-wetenschappelijk en valt dus niet onder de WMO. Wat is hierdoor ontwikkeld?
    Een ethische code voor al het sociale en gedragswetenschappelijke onderzoek in Nederland
  • Door wie word gedragscode op de OU toegepast?
    De commissie Ethische Toetsing Onderzoek (cETO). Al het mens-gebonden onderzoek bij de Open Universiteit wordt door de cETO getoetst.
  • Wat is informed consent?
    Een overeenkomst tussen de onderzoekers en de deelnemers aan een studie. Het is een garantie dat deelnemers volledig vrijwillig meedoen en niets doen dat ze niet willen
  • Wat geven de deelnemer in de informed consent aan? En tot wat is de onderzoeker verplicht?
    - De gelegenheid hebben gehad om de achtergrondinformatie te lezen.
    - De gelegenheid hebben gehad om vragen te stellen.
    - De gelegenheid hebben gehad om over hun deelname na te denken.
    - Begrijpen dat ze op elk moment met het onderzoek kunnen stoppen zonder consequenties en zonder opgave van reden   

    Onderzoeker is verplicht tot volledig anonimiseren van de data
  • Wat moet er worden gedaan, omdat data de primaire uitkomsten zijn van wetenschappelijk onderzoek?
    Onderzoek moet vergezeld gaan van een datamanagement plan
  • Wat wordt in het datamanagement plan onder andere beschreven?
    Hoe data tijdens het onderzoek worden opgeslagen, hoe deze worden geanonimiseerd, wie toegang houden tot de niet-geanonimiseerde (versleutelde) data en hoe deze na afloop van het project langdurig worden opgeslagen. Naast de data zelf beschrijft het datamanagement plan ook hoe met metadata (Deze metadata zijn data over de data, die nodig zijn om een databestand te begrijpen) wordt omgegaan.
  • In de praktijk manifesteert een goed datamanagement plan zich in een werkwijze:
    Door vanaf het begin van een project netjes te werken, nauwkeurig alle acties en besluiten en hun onderbouwing bij te houden, en een duidelijke directorystructuur en bestandsnamen te gebruiken is adequate archivering na afloop heel eenvoudig
  • Onder andere door de Stapel-affaire zijn de psychologische wetenschap en de onderwijswetenschappen zich steeds bewuster geworden van 
    De noodzaak van full disclosure
  • Wat houd full disclosure in?
    Dat volledige openheid wordt gegeven over het onderzoeksproces
  • Hoe zijn wetenschappelijke bevindingen lange tijd gedeeld
    Door deze te rapporteren in artikelen in wetenschappelijke journals
  • Wat is er tegenwoordig met de journals?
    Zijn digitaal beschikbaar. Bovendien zijn meer en meer journals gratis toegankelijk (Open Access).
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

η^2 en ω^2
De aanduiding η^2 of eta squared staat voor proportie verklaarde variantie, die eerder is aangeduid als R^2 . De wortel hiervan geeft de effectgrootte r. Een maat voor de effectgrootte in een populatie is ω^2 of omega squared.
ANOVA
ANOVA (analysis of variance) of variantieanalyse is een analysetechniek om het verband tussen een categorische variabele met meer dan twee mogelijke meetwaarden en een intervalvariabele te analyseren.
ANOVA wordt traditioneel als robuust beschouwd
Men veronderstelt vaak dat het niet uitmaakt dat aannames worden geschonden, zolang F maar accuraat is. Als de grootte van de groepen gelijk is, kan F inderdaad behoorlijk robuust zijn tegen schendingen van de aanname van gelijke varianties.

Maar recent onderzoek toont aan dat verschillen in scheefheid, een gebrekkige normaalverdeling en heteroscedasticiteit op een complexe manier van invloed zijn op power. F kan alleen als robuust beschouwd worden, als naast de grootte, ook de verdelingen van de groepen identiek zijn, wat in de praktijk nooit het geval is. F is in werkelijkheid dus niet robuust. Schendingen van de aanname van onafhankelijkheid zijn ernstig, doordat de kans op type 1-fouten sterk toeneemt. Toch hoeven schendingen van aannames inmiddels geen groot probleem meer te zijn, door het gebruik van Welch’s F of andere correctiemethoden.
De heterogeniteit kan echter gecorrigeerd worden door?
 de F-waarde aan te passen. Zulke correcties zijn mogelijk met de Brown-Forsythe F en met Welch’s F.
Zoals met elk lineair model nemen we aan dat de variantie van de uitkomst stabiel blijft als de predictor wijzigt
Als de groepen verschillen in omvang, kan schending van deze aanname van homogeniteit van variantie ernstige gevolgen hebben. Deze aanname kan worden getoetst met Levene’s test. Als de uitkomst van deze test significant is, zijn de varianties significant verschillend en is er volgens de conventionele benadering reden voor aanpassingen
Bij het vergelijken van gemiddelden met een lineair model, kunnen?
alle mogelijke vormen van bias optreden. We testen op schending van aannames, zoals de aanname van gelijke varianties, op basis van data binnen groepen, niet over de hele steekproef.
De formule voor t (in de t-toets voor onafhankelijke steekproeven, zie pagina 79) en die voor F komen tot op zekere hoogte overeen
 Voor beide geldt dat de formule hoger is als er meer ‘signaal’ is dan ‘ruis’. Dit correspondeert in beide gevallen met extreme waarden van t en F, wat weer correspondeert met lagere p-waarden
Dat we desondanks niet kiezen voor een opzet van meerdere modellen met elk twee te vergelijken gemiddelden, ligt in het feit dat?
elke keer dat een test met dezelfde data wordt gedaan de hoeveelheid type 1-fouten groter wordt. Bij een enkelvoudige test met meer gemiddelden blijft het aantal type 1-fouten beperkt.
De vastgestelde F zegt niets over het?
 effect op de afzonderlijke groepen. Het is een zogenaamde omnibus test. F evalueert alleen of er, over het geheel genomen, verschillen tussen de gemiddelden van de afzonderlijke condities zijn, maar niet welk gemiddelde van welk ander gemiddelde verschilt
Formule F
Bij waarden kleiner dan 1 is er meer onverklaarde dan verklaarde variantie. Doorgaans willen onderzoekers weten of de ratio significant is. Anders gezegd: hoe groot is de kans op een minstens zo grote waarde van F, als de experimentele manipulatie in werkelijkheid geen effect heeft. Op basis van een waarde van F kan ook een p-waarde berekend worden, waarna de significantie bepaald kan worden door vergelijking met de gekozen α