Samenvatting Strafprocesrecht

-
ISBN-10 9038708351 ISBN-13 9789038708355
2306 Flashcards en notities
49 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Strafprocesrecht". De auteur(s) van het boek is/zijn J M van Bemmelen, Th W van Veen. Het ISBN van dit boek is 9789038708355 of 9038708351. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - Strafprocesrecht

  • 1 Inleiding en beginselen

  • De aard en het doel van het strafprocesrecht liggen voor een belangrijk deel in het voorgaande besloten.

  • art. 1 Sv

    muilkorfarrest: APV - honden 65 cm + moeten gemuilkorfd. Man wordt aangehouden, hij moet z’n hond naar het bureau brengen om hem op te laten meten. HR: de APV gaf een wijze van opsporing aan. Mag niet (1 Sv). Waarom mag het niet: verdachte moest via de APV bewijs tegen zichzelf verschaffen. APV onverbindend.

  • Waaruit bestaat het strafprocesrecht?
    Het strafprocesrecht bestaat uit een geheel van regels die betrekking hebben op de toepassing van het strafrecht in een concreet geval.
  • geef een voorbeeld van Jurisprudentierecht

    arrest auditu: (auditieverklaring = verklaring van niet ooggetuige). In Nederland kunnen dit soort getuigenissen -zij het voorzichtig- als wettig bewijsmiddelen dienen. (andere landen vaak niet toegestaan)

  • Wat is het hoofddoel van het strafproces?
    Het hoofddoel van het strafproces is het verzekeren van een juiste toepassing van het abstracte materiële strafrecht.
  • Hoofddoelen strafprocesrecht

    • 1. straffen van de schuldigen
    • 2. voorkomen straffen onschuldigen:
    • - dubio pro reo-beginsel: verdachte krijgt het voordeel van de twijfel
  • Het hoofddoel is tweeledig, welke?
    1. bestraffing van de schuldige;
    2. voorkomen bestraffing van de onschuldige.
  • Bijkomende doelen strafprocesrecht

    - het strafrecht grijpt disproportioneel in in je leven, ook als je vrijgesproken wordt. Daarvandaan:

    1. eerbiediging rechten, vrijheden van de verdachte (vb. zwijgrecht)
    2. procedurele rechtvaardigheid (eerlijk proces)
    3. demonstratiefunctie (openbaarheid van de zittingen: preventie, normbevestiging)
    4. waarheidsvinding
    5. rechtsbescherming
  • Wat houdt het in dubio pro reo-beginsel in?
    De verdachte krijgt het voordeel van de twijfel.
  • Wat is de rule of law

    in een rechtsstaat wordt verhouding burger - overheid beheerst door de wet. Strafprocesrecht is een uitwerking hiervan. doel: rechtsbescherming.

  • Wat wordt bedoelt met dat de rechter onfeilbaar is?
    Als uit nieuwe feiten blijkt dat de rechter heeft gedwaald, kan de veroordeling ongedaan worden gemaakt, ex. art. 457 e.v. Sv (herziening).
  • Wat zijn de nevendoelen?
    1. eerbieding rechten en vrijheid verdachte;
    2. eerbieding rechten en vrijheid anderen;
    3. procedurele rechtvaardigheid;
    4. demonstratiefunctie. 
  • Mag in waarborgen verschil worden gemaakt tussen zware en lichte delicten?
    Ja, waarborgen mogen meegewogen worden van wat er op het spel staat. Bijvoorbeeld bij moord wordt dit berecht door drie rechters en bij een verkeersovertreding komt er een brief op de mat te liggen.
  • Wat wordt er bedoelt met secundaire victimisatie?
    De wijze waarop de zaak door de autoriteiten wordt afgehandeld.
  • Moet in het strafproces gezocht worden naar de waarheid?
    Neen, het gaat in het strafproces uiteindelijk om de vraag of de beslissing verantwoord is, niet of de waarheid is gevonden.
  • Mag de rechter bij een berechting uitgaan van een eerdere vonnis?
    Neen, de rechter dient onbevooroordeeld te zijn.
  • Wat is de achterliggende gedacht van het legaliteitsbeginsel en heeft het een wettelijke grondslag?
    De rechtseenheid te verzekeren en bescherming van de burgerlijke vrijheid, ex art. 1 Sv.
  • 1.1 Aard en doel van het strafproces

  • Wat is wraak/eigenrichting?

    Ongeregelde acties op gepleegde strafbare feiten.

  • strafprocesrecht =

    het geheel van regels die betrekking hebben op de toepassing van het strafrecht in een concreet geval.

  • Wat is het verschil tussen strafprocesrecht en materiële strafrecht?

    Strafprocesrecht: bestaat uit een geheel van regels die betrekking hebben op de toepassing van het strafrecht in een concreet geval.

    Materiële strafrecht: wordt in abstracto bepaald welke de strafbare feiten zijn en met welke straffen zij kunnen worden bestraft.

  • Wat is het tweeledige doel van het strafprocesrecht?
    Verzekeren dat het materiële strafrecht juist wordt toegezegd: de schuldigen straffen en voorkomen dat de onschuldigen worden bestraft.
  • materieel strafrecht =

    welke zijn strafbare feiten en met welke straffen worden zij bestraft

  • Wat is het verschil tussen strafprocesrecht en materiële strafrecht?

    Strafprocesrecht: bestaat uit een geheel van regels die betrekking hebben op de toepassing van het strafrecht in een concreet geval.

    Materiële strafrecht: wordt in abstracto bepaald welke de strafbare feiten zijn en met welke straffen zij kunnen worden bestraft.

  • Noem vier bijkomende doelen van het strafprocesrecht.
    • Eerbiediging van de rechten en vrijheden van de verdachte
    • Eerbiediging van de rechten en vrijheden van andere betrokkenen
    • Procedurele rechtvaardigheid
    • Demonstratiefunctie
  • De kern van ons strafprocesrecht is gericht op de totstandkoming van de rechterlijke beslissing. Het hoofddoel van het strafprocesrecht is het verzekeren van een juiste toepassing van het materiële strafrecht. Dit hoofddoel valt in twee subdoelen uiteen: het straffen van de schuldigen en voorkoming van bestraffing van onschuldigen. Het tweede subdoel weegt zwaarder, dat blijkt uit het feit dat de rechter het feit pas bewezen mag verklaren als hij zelf de overtuiging heeft bekomen dat het feit door de verdachte is begaan (338 Sv) (in dubio pro reo).
  • Om materieel strafrecht te verwezenlijken zijn procedureregels nodig, welke vragen zijn nodig?

    door wie en op welke wijze moet worden vastgesteld dat een burger de strafwet overtreden heeft?

    en wat zijn daarvan de consequenties?

  • Wat wordt in het strafprocesrecht geregeld?
    Er worden bevoegdheden toegekend en de uitoefening daarvan wordt geregeld.
  • Waarom is waarheidsvinding geen direct maar een indirect doel van het strafprocesrecht?
    Omdat het er om draait dat de beslissing verantwoord wordt genomen, en daarvoor is een verantwoorde vaststelling van de feiten nodig. Maar absolute waarheid is geen doel van het strafprocesrecht.
  • waar is de kern van het strafprocesrecht op gericht?

    op de totstandkoming van de rechterlijke beslissing

  • Wat is de kern van ons strafprocesrecht ?
    De totstandkoming van de rechterlijke beslissing.
  • Welke vier argumenten zijn er in te brengen tegen de stelling dat de burger beschermen tegen de bestraffende overheid HET doel van het strafprocesrecht is?
    • Bescherming tegen overheid geldt voor alle publiekrecht, niet specifiek het strafprocesrecht
    • Als dat het enige doel was, had de overheid geen bevoegdheden voor waarheidsvinding nodig
    • Handhaving is een legitiem belang, dat ook een vorm van rechtsbescherming is
    • Het is te eenzijdig: ook slachtoffers bijv. hebben bescherming nodig
  • in het strafprocesrecht worden bevoegdheden toegekend. Welke is daarbij cruciaal?

    De bevoegdheid om te (ver)oordelen. In NL toegekend aan de rechter (soms OvJ, strafbeschikking!)

  • Wat is de hoofddoel van het strafproces?

    Het verzekeren van een juiste toepassing van het abstracte materiële strafrecht.

    Dat doel is tweeledig:

    1. bewerkstelligen dat de schuldigen worden gestraft

    2. voorkoming van bestraffing van onschuldigen; veel strafprocessuele voorzieningen hebben dan ook een waarborgkarakter

  • Noem vier punten om het beschermen van verdachten en slachtoffers tegen elkaar af te wegen.
    • Financiële middelen zijn beperkt: je moet doel en middelen afwegen
    • Hoe zwaarder de straf, hoe groter de waarborgen moeten zijn
    • Hoe ernstiger de vermoede daad, hoe meer bevoegdheden de opspoorders moeten hebben
    • De uitkomst van de afweging moet vanuit alle doelen bezien aanvaardbaar zijn
  • Twee hoofddoelen van het strafproces:

    1. zorgen dat schuldigen volgens de regels vh materiële recht bestraft worden

    2. voorkomen dat onschuldigen bestraft worden (waarborgfunctie)

  • Waarom bergt de tweeledige doelstelling een zekere spanning in zich?
    Het probleem is dat de waarheid lang niet altijd boven water komt.
  • waar zit de spanning tussen de twee hoofddoelen van het strafproces?

    Omdat lang niet altijd zeker is of de schuldige echt schuldig is, of de onschuldige echt onschuldig maar daarin een keuze gemaakt worden: wordt de vermoedelijk schuldige onterecht veroordeeld dan zit deze onterecht vast, wordt de schuldige onterecht vrijgelaten dan krijgt die zijn verdiende straf niet. Wat moet het zwaarste wegen?

  • Wat is het dubio pro reo-beginsel ?

    De verdachte krijgt de voordeel van de twijfel.

    Rechter mag feit alleen bewezen verklaren als hij zelf de overtuiging heeft bekomen dat het feit door verdachte is begaan (art. 338 Sv).

  • wat is het dubio-pro-reo-beginsel dat geldt in ons strafprocesrecht? En in welk artikel is dat vastgelegd?

    De verdachte krijgt het voordeel van de twijfel.

    Art.338 Sv.

  • Wat is herziening?

     

    Als uit nieuwe feiten blijkt dat de rechter heeft gedwaald, kan de veroordeling ongedaan gemaakt worden (art. 457 e.v. Sv).

     

    Wettelijke erkenning dat ons strafproces geen absolute garantie biedt.

     

  • Maar wat als de rechter (oordeelt naar eigen persoonlijke overtuiging immers) niet twijfelt en veroordeelt terwijl dit niet terecht is?

    Dan kan de veroordeling ongedaan gemaakt worden als er nieuwe feiten blijken waaruit zijn dwaling blijkt: art. 457 e.v. Sv.

  • Wat zijn de doelen van het materiële strafrecht?

    a. vergelding

    b. normbevestiging

    c. genereale-  speciale preventie

    d. rechtsherstel

    e. resocialisatie

  • weegschaal twee hoofddoelen strafproces

    worden onschuldigen voldoende beschermd tegen onterechte veroordeling 

    tegenover

    worden burgers voldoende beschermd tegen de misdaad

  • wat zijn doelen van materieel strafrecht?

    Ook wel genoemd: de verder gelegen doelen van het strafproces: vergelding, normbevestiging, generale en speciale preventie, rechtsherstel en resocialisatie.

     

  • wat zijn bijkomende doelen van het strafproces (naast hoofd: veroordeling schuldigen en bescherming onschuldigen)

    1. Eerbiediging van de recht en vrijheden van de verdachte (niet disproportioneel inbreuk maken op de vrijheid vd verdachte, zwijgrecht, waarborgen tegen lichtvaardige vervolging)
    2. Eerbiediging van de rechten en vrijheden van andere betrokkenen (getuigen, onderzoek bij anderen, de bescherming van het slachtoffer (secundaire victimisatie))
    3. Processuele rechtvaardigheid (toekennen van verdedigingsrechten verdachte: moet gehoord worden, mag laatste woord voeren, voor acceptatie van proces door verdachte (a) maar ook door de samenleving (b); evt. ook slachtoffer horen voor acceptatie door slachtoffer (c)
    4. Demonstratiefunctie openbare terechtzitting voor: publieke controle en daardoor waarborg tegen willekeurige bestraffing, generaal preventieve normbevestigende werking; vertrouwen publiek in strafrechtspleging; goede voorbeeld overheid: geeft vertrouwen.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Bronnen
9. Uitleg van regelgeving in uitspraken
- eigen waarneming opnamen buiten ottz 
  (24 sept 2019, met noot Reijntjes)

  klacht: EW die niet bij Notts is gedaan en daar niet ter 
  sprake gebracht voor bewijs gebezigd
  hof: Bewezenverklaring steunt op bewijsmiddel:
  - EW-of moment dat verdachte uithaalt klopt hoofd SO 
    om, na ruzie/geduw na klap, te zien dat verdachte 
    wegloopt, SO met hand naar geraakte wang en  hand 
    blijft daar tijdje 


  centrale vraag: mag EW opname buiten ottz, en zo ja 
  onder welke vw tot bewijs meewerken?



  HR:
  uitleg 340: slechts bewijs, indien verdediging en OM 
  waarnemen kunnen doen en zich daarover uit kunnen 
  laten
  - opname bij dossier voegen 149a
  - dan kan verdediging voor ottz kennisnemen 33
  - niet in dossier op verzoek verdachte 34 of bevel rechter 
    315 voegen  



  Ratio 340:
  - staat niet zonder meer in de weg aan gebruik voor bewijs 
    van EW buiten ottz van opname
  - dan mag EW recht bij bewijs 350 gebruiken als:
  a. Opname tijdens ottz aan de orde is gesteld
      - 301 lid 3: mededeling korte duiding/sv
      - verrassingscriterium: als het gebruik van EW 
        verdediging/Om voor verassing komt te staan, dan 
       moet je dat melden
  b. Verdediging en OM daarvan kennis hebben kunnen 
      nemen 
  c. Ter zitting door verdenking of OM geen bezwaar is 
      gemaakt tegen niet afspelen opname op zitting




Bronnen
7. EU:
- 1 interne markt: bepaalde aspecten moeten hetzelfde 
  worden geregeld, bepaalde elementen verankeren
- aanzetten tot harmonisatie o.m positie slachtoffers in 
  strafzaken en wederzijde toelaatbaarheid bewijs

8. Ongeschreven recht
- in wet neergelegde bvh vaak ruim geformuleerd
- veel regels late bewust ruimte open voor nadere uitleg
- zorgen ervoor dat je dat beperkt moet uitleggen
- kan handelswijze om/openbaar ministerie toetsen aan 
  beginselen goede procesorde

- redelijke en biukje belangenafweging
- prop/sub
- gelijkheidsbeginsel
- vertrouwensbeginsel
(modernisering sv: codificatie beginselen)
Ontwikkelingen
Modernisering Sv:- grote nadruk op contradictoir proces
- in dat proces bepaalt interactie tussen deelnemers de 
  agenda van het strafproces
- met nadruk op mogelijkheid van verdachte zelfde zijn 
   proceshouding te bepalen (van verdachte geacht meer  
   initiatief te nemen)
- dat begint al tijdens voorbereidend onderzoek 

Ontwikkeling:
- komt uit EHRM (de auditu-arrest)



Keerzijde:
- keuzes verdachte kunnen rechtsgevolgen hebben, vooral 
  wanneer verdachte geen rechtsbijstand geniet
- geen rechtsbijstand: rekening houden dat hij implicatie 
  van proceshouding niet altijd kan overzien
- des te eerder rechtsbijstand des te beter gefundeerd de 
  keuze 

Resultaat tot nu toe:
- Boek 6 inwerking getreden op 1 jan. 2020 (tul straffen)
- Boek 7 deels in werking (internationale rechtshulp)
- Boek 1 t/m 6 conceptwetsvoorstellen 
- innovatie wet 1 jan. 2021 (deelonderwerpen 
  experimenteren)
Bronnen strafprocesrecht
1. Gw: 107, sv in geregeld in algemeen wetboek
2. Sv: 1, Legaliteitsbeginsel (witz)
    - nationale wetgever, geen regionale wetgeving
    - terughoudende interpretatie reikwijdte bvh rechter
3. Andere wifz (Opiumwet, WWM)
4. Delegatie op onderdelen niet uitgesloten in Sv
5. Voorschriften die een inbreuk maken op rechten burgers
    ook in andere/lagere regelingen  (Pw)
6. Verdragenrecht (met name EVRM, belang. = 6)
     - Nemo tenetur: x geacht mee te werken aan eigen v
        - uitgangspunt: materiaal wat van de wil van de
          verdachte afhankelijk is  (zwijgrecht)
        - als iemand kennis heeft van een ww moet hij dat
          geven, maar niet verdachte (125k)
          1. Funke/Frankrijk
          2. Saunders/VK
          3. JB/ Zwitserland


     - Equality of arms: beide pp dezelfde middelen ter bes.

       1. Saldus/Turkije
       2. Soytemis/Turkije



     - naast negatieve vpl ook positieve vpl:
       zorgdragen voor effectief rechtsherstel na schending



Gafgen Duitsland:
- G verdacht ontvoeren 2 kinderen
- ontvoerder vraagt losgeld, tas neergezet, G pakt tas en 
  rijdt naar vliegveld, ticket, wilt weg
- aangehouden: in de veronderstelling kinderen leven
- politie vermomd als arts, zegt tegen g ik kan folteren en 
  niemand ziet dat, of met 2 grote negers opgesloten in cel
- methode was effectief, maar kinderen overleden

JB/Zwitserland

- door belastingdienst dwangsom opgelegd voor elke dag
  hij niet opgeeft hoeveel geld hij heeft verdiend als skileraar
- jb: weet ik niet, zwart, x concreet beeld
- verzin maar wat --> afhankelijk van de wil
- in NL: handschrift, vingerafdruk = x schending, niet
  afhankelijk van de wil van de verdachte
Soorten processen
Inquisitoir
- ongelijke procespartijen

- zvm gericht op waarheidsvinding
- verdachte voorwerp onderzoek
- rechter actief

Accusatoir
- procespartijen min of meer gelijkwaardig
- verdachte rechten en bvh
- pp hebben initiatief, ook bij bewijsvoering
- rechter lijdelijk

Nederland
Gematigd accusatie:
- rechter actief
- begint inquisitoir, maar wordt naarmate onderzoek
  vordert steeds meer accusatie
Aard en hoofddoel:
1. Verzekeren juiste toepassing van het materieel sr:
   schuldigen bestraffen en voorkomen dat onschuldigen
   worden gestraft
2. Noodzakelijke schakel tussen strafbaar feit en sanctie
3. In dubio pro reo:  zodra twijfel, verdachte de voordeel van
   de twijfel


K&K
1. Het strafprocesrecht bestaat uit een geheel van regels die 
   betrekking hebben op de toepassing van het strafecht in 
   een concreet geval 
2. In het strafprocesrecht worden bvh toegekend en wordt 
   de uitoefening daarvan geregeld 
3. De kern van ons strafprocesrecht is gericht op de tsk van 
    de rechterlijke beslissing 


Zoektocht naar juridische waarheid, soms falen:
- soms onschuldigen veroordeeld
- soms schuldigen vrijgesproken
- vaak daders niet veroordeeld 
Rechtsmiddelen

Gewone rechtsmiddelen
404
: Hoger Beroep
427: Cassatie
35 EVRM --> Europeeshof

Buitengewone rechtsmiddelen
456: Cassatie in het belang der wet: uitleg vragen aan HR
457: Herziening: innerlijke tegenstrijdigheid, novum,
         schending EVRM

Berechting
Formele vragen: (348)
Rb onderzoekt op grondslag der tel en n.a.v. Ottz
1. Geldigheid dv
    4 functies waaraan dv moeten doen:
    - informatiefunctie
    - persoonsduidingfunctie
    - beschuldigingsfunctie
    - uitnodigingsfunctie

2. bvh tot kennisneming van tll-feit
    - relatieve bvh: welk gerecht
    - absolutie bvh: welke rechter

3. Ontvankelijkheid OVJ
    - verjaring, leeftijd niet bereikt, feit eerder vervolgd,
       al transactie

4. Redenen voor schorsing vervolging
    - verdachte mogelijk niet in staat te begrijpen at tegen
      heb wordt ingebracht



Uitspraak rechtbank (349)
a. Nietigheid db
b. Onbvh
c. Niet-ontvankelijkheid OVJ
d. Schorsing vervolging

Materiële vragen (350)
1. Bewezen dat tll feit dor verdachte is begaan?
(menselijke gedraging)
   - 338:  Rb moet a.d.h.v. Bewijsmiddelen de overtuiging
     krijgen dat de verdachte het tll feit heeft gepleegd
   - 339:  alleen uit wettige bewijsmiddelen
     a. Eigen waarneming rechter
     b. Verklaring verdachte/getuige/deskundige
     c. Schriftelijke bescheiden
     lid 2:  f/o algemene bekendheid behoeven geen bewijs
   - 340 + 344a nader uitgewerkt

2. Welk strafbaar feit bewezenverklaarde volgens wet
    oplevert (delictsomschrijving)
3. Strafbaarheid verdachten, rvg en sug
    (wederrechtelijk en aan schuld te wijten)
4. Welke straf of maatregel passend


Uitspraak (352)
a. Niet bewezen = vrijspraak
b. Bewezen, maar niet aan strafbaar feit of verdachte niet
     strafbaar = ontslag van alle rechtsvervolging (OVAR)

Vonnis (358)






Vervolgingsvraag
167/242: Vervolgingsmonopolie


Vervolgingsvraag: wel of niet seponeren?
- voldoende bewijs? (x technisch sepot)
- voldoende maatschappelijk belang?
- en zo ja, strafbeschikking uitvaardigen of dagvaarden?


Tot vervolging overgaan:
1. Strafbeschikking (257a)
- OVJ kan uitvaardigen: waar <6 jaar gevangenisstraf
  a) taakstraf Max. 180 uur
  b) geldboete
  c) onttrekking a/h verkeer
  d) verplichting tot betaling aan staat
  e) ontzegging bvh tot besturing motorrijtuigen Max 6 m
- opgelegde strafbeschikking + aanvaard = strafblad
- bij transactie niet


2. Dagvaarding (261)
- t laste gelegde feit + tijd + plaats
- wettelijke grondslag
- onder welke omstandigheden s feit is begaan
a. Rechter moet beslissen o.g.v. Dagvaarding
b. Verdediging kan door dagvaarding zien waarop ze hun
     verdediging moeten inrichten


Nadat DV is behandeld gaat rechter over tot behandeling formele/materiële vragen.
Voorbereidend onderzoek
1: formele legaliteitsbeginsel
- betekend in opsporingsfase: wettelijke ingang vereist
- bijv. 27 verdachte
- titel 6: vanaf 126 definities 


27: verdachte
- feiten en omstandigheden
- waaruit redelijke vermoeden van schuld
- aan strafbaar feit voortvloeit 


132: voorbereidend onderzoek
- alle onderzoek voorafgaand aan een terechtzitting


132aopsporingsonderzoek
- belangrijkste element in voorbereid onderzoek
- als er voldoende f/o om te spreken van strafbare feiten en 
  dan onderzoek verricht 
strafvorderlijke beslissingen: kunnen op rechtszaal
  worden genomen, maar ook eerder door OVJ


OVJ:
141opsporingsambtenaar + 
148: taak: bevelbevoegdheid (vervolgen straf feiten)


Bij inzet bevoegdheden: (altijd inbreuk grondrechten)
Rechtmatig gebruik van bvh?
1. Welke bvh? 
2. In welke gevallen?
3. Op welke gronden?
4. Op wiens autoriteit? 
- rechtmatig = inbreuk, Geen schending
- onrechtmatig = schending


Na bvh zijn toegepast en opsporingshandelingen verricht > opsporingsonderzoek ten einde
- met resultaten kan OVJ iets doen --> Vervolgingsvraag  h