Samenvatting Syllabus

-
177 Flashcards en notities
0 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - Syllabus

  • 1 Functie van het zenuwstelsel

  • Wat is een belangrijke eigenschap van een geisoleerde cel?
    Om als eenheid zelfstandig te kunnen bestaan.
  • Wat hebben deze cellen nodig om in te kunnen leven? Wat is de reden hiervoor?
    Water, omdat ze voor voortbestaan stoffen moeten uitwisselen met de omgeving. Dit gaat dmv diffusie en dus moeten stoffen opgelost zijn.
  • Wat is het nadeel van het water om een cel?
    Cel wordt kwetsbaar voor veranderingen in omgeving. Zoals lichtintensiteit, concentraties stoffen en temperatuur.
  • Waardoor zijn meercelligen minder afhankelijk van de omgeving?
    Dit komt door de bufferzone tussen uitwendig milieu en de cellen
  • Wat wordt gezien als inwendig milieu?
    De bufferzone(het laagje vocht) tussen cellen en uitwendig milieu.
  • Wat is het verschil tussen een kolonie eencelligen en een meercellig organisme?
    De cellen van een meercellig organisme zjin gedifferentieerd en gespecialiseerd er is dus verschil in bouw en functie. Hierdoor kunnen hogere organismen bestaan.
  • Wat is het voordeel van specialisatie van cellen?
    Hierdoor is homeostase mogelijk wat essentieel is om variaties van concentraties in stoffen tegen te gaan. Omdat deze cellen in contact staan met inwendig milieu en de hoeveelheid vocht hierin gering is t.o.v. aantal cellen in contact hiermee.
  • Wat zijn vegetatieve verrichtingen?
    Het opruimen/innemen van stoffen via de verschillende stelsels voor behoud van homeostase.
  • Wat zijn animale verrichtingen?
    Het gebruik maken van het sensorische en motorische systeem om zo eten te zoeken maar ook objecten te ontwijken. Dus informatieve uitwisseling tussen individu en omgeving.
  • Waardoor wordt de homeostase bewaakt?
    C zst en hormoonstelsel.
  • Wat zijn motorische of effectorsystemen?
    Die sturen de waarden van bepaalde grootheden binnen het inwendig milieu. Door de activiteiten van organen in het lichaam aan te passen en te combineren.
  • Wat zijn een aantal verschil tussen werking zenuwstelsel en hormoonstelsel?
    Hormoonstelsel vooral betrokken bij langzamere aanpassingen van met name metabole functies.
    Zenuwstelsel vooral betrokken bij snelle aanpassingen zoals met name secretie en spieractiviteit. Deze is ook specifieker dan hormoonstelsel.
  • Waarin kan het vegatatieve deel van het zenuwstelsel worden onderverdeeld?
    Parasympathisch- anabole processen stimuleren, katabole afremmen. Is dus trofotroop(voedingbevorderend)

    Orthosympathisch deel- Doet tegengestelde en is dus ergotroop(arbeidbevorderend).
  • Waar zitten vegetatieve sensoren en effectoren?
    Sensoren met name in vegetatieve organen en effectoren zijn de gladde spieren(Bijvoorbeeld spijsverteringstelsel, bloedvaten), spierweefsel hart en endocriene en exocriene klieren.
  • Waar zitten sensoren en effectoren van animale stelsel?
    Sensoren met name in speciale zintuigen, huid, spieren, pezen en gewrichten.
    Effectoren zijn dwarsgestreepte spieren.

  • Wat is de definitie van tegenkoppeling?
    Zorgt dat in een dynamisch evenwicht dreigende afwijkingen van de norm gedeeltelijk worden afgeweerd.
  • 2 HC 4

  • Hoe komt liquor uit de bloedvaten?
    Actief transport natriumionen door wanden. Positief geladen natrium neemt negatief geladen chloor mee. Door verandering kristalloid osmotische druk wordt ook vocht meegenomen. Andere moleculen blijven hier door achter.
  • Hoe wordt liquor afgevoerd?
    4de ventrikel->subarachnoidale ruimte-> illi arachnoidales(uitstulpingen van het arachnoidale vlies die door dura mater heensteken) eindigt in sinus sagittalis superior(veneus bloedvat) in epidurale ruimte tussen twee hemisferen.

    Villi werken als een soort ventielen->druk te hoog=open
  • Hoe komen neuronen aan energie? En waarom?
    Aerobe verbranding van glucose, anaeroob zou te kort deze hoeveelheid energie kunnen leveren
  • Waarom is het voor de hersenen van belang dat er voortdurend verversing is van extracellulaire vloeistof?
    Tijdens een actiepotentiaal stromen natrium en calcium ionen de cel in en stromen kalium en chloorionen de cel uit. Voor herstel hiervan is actief transmembraantransport belangrijk.
  • Wat is de belangrijkste aanvoerweg voor bloed naar de hersenen?
    Aorta-A.brachiocephalica-a. carotis communis-a. carotis interna
  • Linker en rechter a. carotis interna verzorgen samen zo'n 80% van bloedtoevoer.
  • Wat vormt elke A. carotis interna?
    A. cerebri media en een a. cerebri anterior
  • Hoe zijn de a. cerberi anterior van de linker en rechter a. carotis interna verbonden?
    A. communicans anterior
  • Wat is de tweede belangrijke aanvoerweg voor bloed naar de hersenen?
    aorta-a. subclavia- a. vertebralis.
  • Hoe komen de linker en rechter vertebralis de schedel binnen? Waar komen ze samen?
    Via het foramen magnum(achterhoofdsgat), a. basilaris die verloopt ventraal langs de hersenstam.
  • Wat doet de a. basilaris en wat vormt deze?
    Voorziet hersenstam van bloed en vormt een linker en rechter a. cerebri posterior
  • Hoe zijn de linker en rechter a. cerebri posterior verbonden de a. cerebri media?
    A. communicans posterior.
  • Hoe heet deze cirkel en waar bevinden artieren zich?
    Cirkel van Willis en zitten in de subarachnoidale ruimte.
  • Wat is de belangrijkste oorzaak van blijvende neurologische uitvalverschijnselen?
    Doorbloedingsstoornissen van het central zenuwstelsel
  • Wat valt er onder doorbloedingsstoornissen?
    Cerebrovasculair accident(CVA/stroke) beter bekend als beroerte.
  • Hoevaak gaat het om een ischemische stoornis(slechte doorbloeding) en hoevaak op bloeding?
    80/20
  • Waar hangen uitvalverschijnselen vanaf?
    Welke arterie afgesloten wordt en hoe snel
  • Wanneer is er kans op uitvalverschijnselen?
    Embolie of thrombus of luchtbel. Dan ontstaan acute verstoring van cerebrale circulatie
  • Waarom hoeft de afsluiting van een eindarterie niet altijd uitvalsverschijnselen te geven?
    Omdat het er ook buiten de cirkel van willis anastomosen(verbindingen) zijn. Ook lopen er collateralen via de arterien die de hersenvliezen van bloed voorzien. Dit zijn nieuwe bloedvaten die verbindingen tot stand brengen die er normaal niet zijn.
  • Waar kan afsluiting van de a. carotis interna aanleiding tot zijn?
    Functieuitval van de gehele ipsilaterale hemisfeer. Waarbij uitvalverschijnselen natuurlijk contralateraal zijn.
  • Wat kan afsluiting a. cerebri media of a. cerebri anterior voor gevolg hebben?
    Sensibiliteitsstoornissen en motorische uitval(krachtsvermindering, parese, krachtsverlies, paralyse), contralateraal
  • Waar kan je uitval verwachten als de a. cerebri anterior of a. cerebri media is aangedaan.
    Been voor Anterior
    arm, gezicht(meestal ook spraakstoornissen)
  • Wat gebeurt er bij circulatiestoornissen in het gebied van de a. basilaris?
    In het ernstigste geval functiestoornissen van de gehele hersenstam, van beiden occipitale lobben en van het cerebellum.
  • Wat krijg je bij afsluiting a. cerebri posterior?
    Gezichtsvelduitval door functiestoornis van de occipitale kwabben.
  • Wat is een TIA
    Transient ischemic attack, een embolus wat kort vast zit maar vervolgens doorschiet met korte neurologische uitval.
  • Hoe kan je verloop van bloedvaten in kaart brengen?
    Cerebrale angiografie, flexibele catheter in via a. femoralis. Contravloeistof die op rontgen na enkele seconden zichtbaar is.
  • Waarom kunnen meeste zenuwcellen niet meer worden vervangen?
    Omdat men na de geboorte niet meer in staat is tot celdeling.
  • Wat is de inhoud van de schedelholte?
    Ongeveer 1600 mL
  • Waar gaat de hersenstam over in het ruggemerg?
    Foramen magnum, er is puur een verandering van naam niet van structuur
  • Bescherming van de ruggewervels gebeurt door de arci vertebrales(wervelbogen). Deze vormen allen de canalis vertebralis(wervelkanaal). Hiertussen is geen bescherming maar nog wel enigzins door dura mater.
  • Hoe verlaten spinale zenuwen het wervel kanaal en waar treden deze in uit?
    Foramina intervertebralia en treden uit in duraalzak.
  • Wat kan er gebeuren bij schedelfracturen? 
    Directe beschadiging hersenweefsel. Als hierbij dura mater en arachnoidea mater scheuren kan liquor uit oor of neus druppelen.
  • Wanneer kan het ruggemerg beschadigen
    Bij wervelfracturen en verschuiving van wervels ten opzichte van elkaar.
  • Behalve indringende voorwerpen hoe kunnen zenuwcellen nog meer beschadigen?
    Versnelling van het zenuwstelsel.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is een tuning curve?
Laat de maximale gevoeligheid zien van een receptor,de minimale stimulus intensiteit waarbij de receptor geactiveerd wordt. Bij andere waardes moet de stimulus intensiteit flink verhoogd worden om door die receptor waargenomen te kunnen worden.
Niet alles gaat via labeled line codes hoe kan een bredere receptor informatie over een modaliteit doorgeven?
Verschillend patronen van vuren-> pattern code
Wat zijn labeled line codes?
Modaliteit specifieke lijnen van communicatie tussen periferie en CZS. info over 1 modaliteit
Wat is receptor specificiteit?
Meeste receptoren zijn maximaal gevoelig voor 1 stimulus energie.
Waar zit de merkel receptor?
In de huid gevoelig voor indeuken, is een langzaam aanpassende mechanoreceptor.
Wat is een voorbeeld van een snel aanpassende mechanoreceptor?
Pacinian corpuscle in subcutaan weefsel.
Wanneer reageert een snel aanpassende receptor? en langzame?
Eind en begin van een stimulus, continue gedurende de stimulus met afnemende fq
Op welke twee manieren wordt stimulus intensiteit gecodeert?
Individuele afferente vezels zorgen voor meer actiepotentialen
Meer vezels worden geactiveerd.
Wat is een populatie code?
Sterkere stimulus activeert een groter aantal receptoren, dus intensiteit van een stimulus activeert ook een groter aantal responderende receptor populatie. Deze activiteit wordt een populatie code genoemd.
Hoe heet de nette ordening die representatief is van de ordening in de periferie?
Somatotopie
Retinotopy
Tonotopie