Samenvatting tijdvakken en historische contexten 9789006580822

-
ISBN-13 9789006580822
455 Flashcards en notities
11 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "tijdvakken en historische contexten 9789006580822". De auteur(s) van het boek is/zijn Yvonne bouw. Het ISBN van dit boek is 9789006580822. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - tijdvakken en historische contexten 9789006580822

  • 5.1 Renaissance en humanisme

  • Je kunt uitleggen wat de renaissance inhoudt en waardoor deze juist in Italië ontstond.
    1. De renaissance (wedergeboorte) was een nieuwe cultuurstroming die opgang kwam in de middeleeuwen.
    2. De mens stond centraal en de kunst uit de klassieke oudheid werd als voorbeeld gebruikt.
    3. De renaissance ontstond in Italië, omdat hier relatief veel rijke mensen woonden i.v.m. De vroeg op gang gekomen internationale handel.
  • Je kunt uitleggen wat het veranderende mens- en wereldbeeld in de renaissance te maken heeft met de heroriëntatie op de klassieke oudheid.
    1. Net als in de klassieke oudheid ging men, voornamelijk de rijke handelaren en hoge geestelijken, meer in het heden leven.
    2. Tijdens de middeleeuwen was het leven gericht op geloof en het hiernamaals.
  • Je kent de ideeën van enkele humanisten en renaissance kunstenaars en hun bijdrage aan een nieuw mens- en wereldbeeld.
    1. Erasmus was een Nederlandse humanist die kritisch ging kijken naar de vulgaat (een vertaalde versie van de bijbel). Hij vergeleek dit met de oudst overgeleverde Griekse en Latijnse teksten en ontdekte veel vertaalfouten in de vulgaat.
    2. Andere humanisten gingen de mens als biologisch wezen bestuderen.
  • 5.2 Ontdekkers van nieuwe werelden

  • Je kent de economische, politieke en religieuze motieven voor ontdekkingsreizen en kolonisatie.
    • Economisch motief: De handel in Aziatische producten was populair. Het was het beste om zelf de producten op te halen, voor hogere winsten.
    • Politiek motief: Een land met veel koloniën en grond had erg veel aanzien.
    • Religieus motief: De Europeanen wilden graag het christendom verspreiden.
  • Je weet hoe in de 16e eeuw de kolonisatie van Midden-Amerika door de Spanjaarden verliep.
    1. Columbus dacht Indië te bereiken door naar het westen te varen.
    2. Hij kwam aan in de Caraïben.
    3. Conquistadores trokken gewapend het binnenland in en kwamen het gebied van de Azteken binnen.
    4. De conquistadores sloten bondgenootschappen met inheemse stammen die tegen de Azteken waren.
    5. Samen gingen ze in gevecht tegen de vijand.
    6. De Azteken waren met meer, maar de Spanjaarden hadden betere wapens en verdediging.
    7. Ook brachten de Spanjaarden ziekten over die ervoor zorgden dat veel indianen stierven.
  • Je kunt de gevolgen van de ontdekkingsreizen voor de inheemse bevolking van Amerika en voor de Europeanen beschrijven.
    1. Veel Indianen stierven als gevolg van ziekten, geweld of slavernij.
    2. De indianen moesten zich bekeren tot het christendom, terwijl ze dit niet wilden.
    3. Voor Europeanen ontstond er een driehoekshandel tussen Europa, Afrika en Amerika. 
    4. Genua en Venetië liepen veel geld mis, doordat veel handel nu via de Atlantische oceaan ging in plaats van de middellandse zee.
  • Je kunt beschrijven hoe het wereldbeeld van de Europeanen veranderde door de combinatie van ontdekkingsreizen en kolonisatie.
    1. Door de ontdekkingsreizen ontdekte de Europeanen nieuwe gebieden.
    2. Hiermee kon de wereldkaart uitgebreid worden.
    3. Daarnaast ontstond er rassenonderscheid als gevolg van de slavernij.
  • 5.3 De kerkhervorming

  • Je kunt de kritiek van Luther en Calvijn op de kerk beschrijven en verklaren.
    • Luther 
      • Hij bekritiseerde de aflaathandel sterk.
      • Zijn 95 stellingen baseerde hij hier ook vooral op.
      • Ook de luxueuze leefstijl van de hoge geestelijken keurde hij af.
      • Hij was ervan overtuigd dat een gelovige genoeg had aan de bijbel.
    • Calvijn:
      • Hij geloofde dat al voor de geboorte vast stond of iemand ooit in de hemel zou komen.
      • De kerk was dan ook alleen bedoeld om het geloof en de bijbel in begrijpelijke taal uit te leggen.
  • Je kunt beschrijven welke tegenmaatregelen de kerk nam ten aanzien van de hervormers.
    1. Luther kreeg een kerkelijke ban, waarmee hij formeel uit de kerk werd gesloten.
    2. Verschillende vorsten uit her roomse rijk deden mee aan de rijksban.
    3. De inquisitie werd opgericht.
  • Je weet welke gevolgen de kerkhervorming had voor de maatschappelijke en politieke situatie in Europa.
    1. In Frankrijk waren er veel conflicten tussen de katholieken en de Hugenoten, dus werd het Edict van Nantes ondertekend.
    2. Iedere Fransman had nu recht op gewetensvrijheid.
    3. De contrareformatie ontstond, waarin de katholieke kerk hogere eisen stelde aan de priesters.
    4. Wel bleven de katholieken hard tegen de protestanten en werd de inquisitie opgericht.
  • 5.4 De Opstand

  • Je kent de economische, politieke en religieuze oorzaken van de Nederlandse Opstand.
    • Economische oorzaak: De arme mensen werden steeds ontevredener, omdat ze zagen dat de geestelijken steeds rijker werden en zij steeds armer.
    • Politieke oorzaak: Karel V en Filips II wilden absolutisme. Hier kwam verzet van geestelijken en stadsbestuurders tegen, omdat zij hun privileges wilden behouden.
    • Religieuze oorzaak: De felle vervolging van de protestanten zorgde voor veel kritiek en verzet tegen Karel V.
  • Je kunt beschrijven hoe uit de Opstand, de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden ontstond.
    1. Karel V en Filips II waren voor centralisatie van de politiek en tegen het protestantisme.
    2. Het protestantisme bestreden ze met de inquisitie. Dit zorgde voor een hoop onvrede en lijdt in 1566 tot de beelden storm.
    3. Fillips II vraagt de Hertog van Alva om deze opstand met het Spaanse leger te bestrijden.
    4. Wanneer dit Spaanse leger ook Vlaamse steden plundert, komen alle 17 gewesten in opstand tegen Spanje.
    5. De 3 zuiderlijke gewesten zijn door deze opstand wel bang dat ze straks ook protestant worden, dus richten ze de unie van Atrecht op en sluiten zich weer aan bij de Spanjaarden.
    6. Als tegenreactie hierop wordt door de protestanten de Unie van Utrecht opgericht en verlaten volgens Calvijns principe Filips II, omdat hij geen goed leider is.
    7. Ze gaan opzoek naar een nieuwe vorst, maar deze wordt niet gevonden, dus besluiten deze 7 gewesten samen de republiek der Zeven verenigde Nederlanden te worden.
  • Je kunt de gevolgen van de opstand voor de bestuurlijke en religieuze verhoudingen in de republiek beschrijven.
    • Bestuurlijke verhoudingen: De republiek ontstond.
    • Religieuze verhoudingen: Nederland kreeg gewetensvrijheid.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Je kunt uitleggen en verklaren dat veel politici na 2002 de multiculturele samenleving niet langer met veel enthousiasme beschreven.

Vanaf Pim Fortuyn (vermoord in 2002) zijn er politici geweest die kritiek leverden op de multiculturele samenleving. Voor Fortuyn werd dat niet gedaan, men vond dat ongepast. Fortuyn werd doodgeschoten aangezien hij kritiek leverde op de multiculturele samenleving, andere (linkse) politici hadden hem zwart gemaakt. Zijn kritiek ging over allochtonen die: hoge criminaliteitscijfers, schooluitval, ondervertegenwoordigd in hoge scholen en minder vaak werk hadden.
Je kunt benoemen en verklaren welke zorgen en twijfels over de Nederlandse samenleving in de jaren na 2001 bij veel mensen leefden.

De multiculturele samenleving was voor eerdergenoemde zaken. Vanaf de jaren 80 komen er nogsteeds veel Turken en Marrokanen naar Nederland (terwijl er geen gastarbeiders meer hoefden te komen) door gezinshereniging. Er kwamen steeds meer problemen in de multiculturele samenleving.
Toen in 2001 de aanslagen op de Twin Towers plaatsvonden door Islamitische terroristen kwam het onbehagen over de Islam ook aan de oppervlakte. Veel mensen maakten zich zorgen over de Islam in Nederland. Ondertussen raakte het debat over de multiculturele samenleving verhit. Voor- en tegenstanders vochten elkaar de tent uit, zo'n discussie waar je echt niet naar elkaar wilt luisteren heet polarisatie.
Je kunt de invloed van het Verdrag van Schengen en het Verdrag van Maastricht voor de Nederlandse samenleving toelichten.

Verdrag van Schengen: vrij verkeer van goederen en personen binnen de EU. Geen grenzen meer. Hierdoor werd vrijhandel bevorderd en kon je makkelijk naar een ander land op vakantie of daar werken/wonen/studeren.

Verdrag van Maastricht: werd in 1993 getekend. Zorgde voor de oprichting van de EU en voor het instellen van de Euro.
Je kunt met voorbeelden verduidelijken voor welke maatschappelijke veranderingen de digitale revolutie zorgde.

Computers, telefoons, internet. Veel snellere en meer informatie. Communicatie veranderde zeer snel van karakter. Digitale revolutie droeg ook bij aan de globalisering. Iedereen kon dankzij het internet contact hebben met iedereen in de wereld.
Je kunt de verschillende vormen van jongerencultuur uit de jaren 80 en 90 beschrijven en overeenkomsten en verschillen met die van de jaren 50, 60 en 70 benoemen.
  • Punkers: antiautoritair, tegen consumptiemaatschappij. (provo's)
  • Krakers: in de jaren 80 waren er te weinig woningen. Krakers stalen leegstaande panden. De politiek moest ze er vaak met geweld uithalen.
  • Gabbers: hardcore-muziek liefhebbers. Geen politieke voorkeur. (nozems)
Je kunt de veranderende rol van Nederland in de internationale politiek beschrijven en verklaren.

Nederlanders waren in de jaren 80 kritisch op de komst van atoombommen van de NAVO. Nederland wilde graag meer EU. Nederland ging ook aan steeds meer vredesmissies meedoen.
Je kunt voorbeelden noemen van de toenemende individualisering.

De grondwet werd in 1983 aangepast. Er kwam een artikel in dat je niet meer mocht discrimineren en er kwamen sociale grondrechten (die de staat verplichten om een bepaald welvaartsniveau te garanderen). Mensen kunnen zich hierdoor steeds beter zelfstandig redden. Voorbeelden van meer zelfstandige keuzes zijn: gedogen van drugs, euthanasie, homohuwelijk.
Je kunt voor- en nadelen van de globalisering benoemen.

Voordelen: economische groei
Nadelen: meer economische concurrentie door wegvallen van grenzen en bedrijven verplaatsen zich naar andere landen.
Je kunt verklaren waarom de verzorgingsstaat versoberd werd.

Doordat te veel mensen een uitkering kregen moest de verzorgingsstaat worden versoberd. Er werd flink op bezuinigd. Tegelijkertijd werden ook staatsbedrijven geprivatiseerd.
Je kunt uitleggen wat het poldermodel is.

Door de extreme crisis begin jaren 80 (als gevolg van de oliecrisis) waren veel mensen werkloos, daarnaast kregen heel veel mensen geen uitkering. De verzorgingsstaat werd onbetaalbaar. Premier Lubbers (CDA) zocht een oplossing door met iedereen te praten en een compromis te maken, overheid, werknemers, werkgevers. Dit heet het poldermodel, overleggen met iedereen en een oplossing maken dat voor iedereen acceptabel is.