Samenvatting Van het concern

-
ISBN-10 9013061826 ISBN-13 9789013061826
359 Flashcards en notities
6 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Van het concern". De auteur(s) van het boek is/zijn S M Bartman, A F M Dorresteijn. Het ISBN van dit boek is 9789013061826 of 9013061826. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Van het concern

  • 1.1 Concernbegrip en concernrecht

  • - 'Onderneming' in de zin van organisatorisch verband is gericht op duurzame deelneming aan het economisch rechtsverkeer.

    - 'Concern' als economisch verschijnsel: een eenheid, waarin rechtspersonen en/of personenvennootschappen onder centrale leiding organisatorisch zijn verbonden, gericht op duurzame deelneming aan het economisch verkeer. Deze definitie valt voor een groot deel samen met die van "groep" ex art. 2:24b BW. 

    - 'Concernrecht': onderdeel van het ondernemingsrecht dat betrekking heeft op het concern in zijn interne en externe belangen. In NL kan men niet spreken van een systematisch concernrecht omdat het niet als zodanig op een plaats in de wet is samengebracht, maar men treft wel op vele plaatsen in Boek 2 BW wettelijke bepalingen waar rekening wordt gehouden met het concernverschijnsel.

    - 'Concernbelang': het belang van het concern dat onder bepaalde omstandigheden zwaarder kan wegen dat het belang van een individuele dochter.

    - 'Intern concernrecht': verhoudingen tussen groepsmaatschappijen onderling.

    - 'Extern concernrecht': verhoudingen tussen concernmaatschappijen en derden.

    Er is sprake van een spanningsveld tussen juridisch en economische werkelijkheid, omdat concern vaker internationaal en grensoverschrijdend te werk gaan.

    Instructierecht van de moeder (algemene vergadering dochter bv) in de statuten van de dochter (art. 2:239 lid 4 BW).
  • Concernrecht is niet "groepsrecht" in de zin van art. 6:166 lid 1 BW; het concernrecht heeft betrekking op de problematiek van verbonden ondernemingen en de term "groep" ex art. 6:166 BW heeft een geheel andere betekenis. Het is tevens ruimer dan het concernrecht dat het zich uitstrekt tot alle vormen van verbondenheid tussen rechtspersonen buiten de commerciële sfeer (zoals netwerk van stichtingen en verenigingen op terreinen binnen de collectieve sector zoals onderwijs, gezondheidszorg, etc.). Het accent binnen het concernrecht ligt op de nv/bv.
  • In de praktijk richt het bestuur van de dochter zich vaak naar de wil van de belangrijkst aandeelhouder (= moeder). De discrepantie tussen juridisch concept en economische werkelijkheid levert een spanningsveld op, veroorzaakt doordat vanuit de rechtsorde een zelfstandig economisch belang van elke vennootschap wordt verondersteld, terwijl in de praktijk van strategiebepaling/bedrijfsvoering het concernbelang vaak doorslaggevend is.

    Het concernbelang wordt erkend en mag, zij het niet op voorhand maar wel onder omstandigheden (zie HR Juno) zwaarder wegen dan het belang van een individuele dochter.
  • 1.2 De juridische duiding van het concern

  • De organisatorische verbondenheid van een concern duidt op het hebben van een centrale leiding. De deelname aan het economisch verkeer kan plaatsvinden in vele verschillende markten en branches.
  • De ontwikkeling van het concern in het recht ziet op:
    • het interne concernrecht (= verhouding tussen groepsmaatschappijen onderling) en
    • het externe concernrecht (= verhouding tussen groepsmaatschappijen en derden zoals minderheidsaandeelhouders en crediteuren van een dochter).  
  • Wat wordt er bedoeld met "enterprise liability"?
    Enterprise liability is Amerikaanse doctrine welke pleit voor aansprakelijkheid van de moeder voor schade door onrechtmatig handelen van haar dochters. Zo'n aansprakelijkheid kan verhinderen dat het concern haar productiekosten externaliseert (bijv. in de vorm van milieuvervuiling).
  • Internationale regelgeving/richtlijnen mbt multinationals:
    OESO-richtlijnen (= aanbevelingen van de gezamenlijke regeringen van de lidstaten aan multinationale ondernemingen, die beginsel en normen voor goed gedrag bevatten; is echter niet rechtens afdwingbaar);
    - UN Guiding Principles on Business and Human Rights (verantwoordelijkheid van ondernemingen tav het beschermen van mensenrechten).

    --> Ook omtrent dit punt is het aan wet- en regelgevers om tevens rekening te houden met de werkelijkheid van het concern (en niet alleen de venootschap).   

    Art. 2:391 BW: uitwerking van art. 20 Richtlijn Jaarrekening, welke ook in de Nederlandse Corporate Governance Code over naleving waarvan in het bestuursverslag melding moet worden gemaakt. Beursgenoteerde vennootschappen hebben de verplichting om als onderdeel van de CG-verklaring informatie te verschaffen over de 'interne controle- en beheersystemen van de vennootschap, ivm het proces van de financiële verslaggeving'. Deze code schrijft een 'in control-verklaring' voor over de interne beheersings- en controlesystemen.
  • Benoem twee veranderingen die de wetgever met de herziening van het bv-recht in 2012 mbt concernverhoudingen heeft ingevoerd en hoe dit zowel een verbetering voor moeder- als dochtermaatschappijen met zich heeft gebracht.
    1. De wetgever heeft het mogelijk gemaakt om een concreet en gedetailleerd instructierecht van de moeder (= av van de dochter bv) in de statuten van de dochter op te nemen (239 lid 4); hiermee is het dus mogelijk om de gezagsverhouding tussen moeder en dochter ook juridisch vast te leggen. Bij de afwezigheid van zo'n statutaire instructiebevoegdheid zou tot zekere versterking van de bestuursautonomie van de dochter kunnen leiden (in de ogen van de rechter) terwijl de aanwezigheid ervan die bestuursautonomie in beginsel verzwakt. 

    2.     Toekenning van een goedkeuringsrecht aan bestuur van de dochter bij voorgenomen winstuitkeringen. Een dividendbesluit van de AV heeft immers geen gevolgen indien het bestuur daar niet expliciet mee instemt (216 lid 2 BW) --> versterking zelfstandige positie dochter tegenover de moeder.
  • 1.3 Het concern als ondernemingsvorm
    Elementen van een concern/groep ex art. 2:24b BW:
    • centrale leiding;
    • organisatorisch verbonden;
    • deelneming aan economisch verkeer. 
  • Waar kan de aard van de centrale leiding door worden beïnvloed?
    1. Of sprake is van een groot concern dat opereert binnen verschillende markten/branches of een concern van beperkte omvang dat binnen een duidelijk afgebakende marktsector. Bij een groot concern kan de leiding alleen betrekking hebben op de grote, strategische lijnen van concernpolitiek en de financiering daarvan. Decentralisatie is dan onvermijdelijk. Bij kleinere concerns kan sprake zijn van een veel strengere vorm van centrale leiding (maar dit hoeft niet altijd zo te zijn). 

    2. De financiële weerstand en marktpositie van een dochter;

    3. Vestigingsplaats van dochter tov de moeder;

    4. De tijd gedurende welke de dochter tot het concern behoort.
  • "Het" concern en "de" moeder-dochterrelatie bestaan niet: de bestuurlijke invloed die door de concernleiding op de dochters wordt uitgeoefend en de mate waarin sprake is van gecentraliseerde planning/controle, verschillen van geval tot geval.
  • "In control-verklaring": Nederlandse CG-code eist dat het bestuur zorg moet dragen voor adequate interne risicobeheersings- en controlesystemen en over de werking ervan verslag te doen. De code stelt het bestuur van de beursgenoteerde holding verantwoordelijk voor 'het beheersen van de risico's verbonden aan de ondernemingsactiviteiten en voor de financiering van de vennootschap' (Principe II.1).

    Motieven voor het oprichten van NV's en BV's zijn overwegend van fiscale aard.
  • Wat is de meest extreme variant tegenover de beursgenoteerde multinational?
    De meest extreme variant tegenover de beursgenoteerde multinational is het eenpersoonsconcern, waarbij het bezit van alle aandelen (rechtstreeks of middellijk) en het bestuur van alle vennootschappen (rechtstreeks of middellijk) in een en dezelfde natuurlijke persoon zijn verenigd. Ook dit is een concern, maar hier is er slechts 1 ondernemingsbelang.
  • Wat wordt bedoeld met "brievenbusvennootschappen"?
    Indien geen andere motieven zijn dan een gunstig fiscaal klimaat als verbondenheid met de Nederlandse economie, spreekt men van brievenbusvennootschappen.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.