Samenvatting Verbintenissenrecht begrepen

-
ISBN-10 908974469X ISBN-13 9789089744692
1180 Flashcards en notities
43 Studenten
  • Deze samenvattingen

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting 1:

  • Verbintenissenrecht begrepen
  • I Timmer, A L A M Paffen
  • 9789089744692 of 908974469X
  • 3e [gew.] dr.

Samenvatting - Verbintenissenrecht begrepen

  • 1 Verbintenissenrecht: plaatsbepaling

  • Omschrijving verbintenis:
    iets wat je volgens het recht verplicht bent om te doen of te laten (=prestatie)
  • Bronnen van verbintenissen:
    • Wet
    • Overeenkomst
  • Prestatie = op geld waardeerbaar
    Niet nakomen -> aansprakelijk voor de gevolgen
  • 1.1 Verbintenissen uit overeenkomst

  • Verbintenissen kunnen ontstaan uit overeenkomst en uit de wet.

     

  • Overeenkomst:
    afspraak tussen twee partijen
  • Verbintenis

    Een juridische (gebruikelijk: vermogensrechtelijke) relatie tussen twee (of meer partijen), waarbij de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare prestatie waarop de andere partij recht heeft
  • Wat is een verbintenis?




    iets wat je volgens het recht verplicht bent om te doen of te laten. Deze verplichting tot een doen of laten noemen we een prestatie. We spreken alleen van verbintenissen als het gaat om een verplichting tot prestaties die ‘geld waard zijn’. De vaste uitdrukking hiervoor is dat de prestatie op geld waardeerbaar moet zijn.





    Bij een verbintenis zijn altijd minimaal twee partijen betrokken. De ene partij heeft recht op iets, waartoe de andere partij verplicht is. Verbintenissen moeten worden nagekomen. Dat wil zeggen dat je volgens het recht niet vrij bent om te bepalen of je wel of niet aan je verbintenis zult voldoen. Kom je de verbintenis niet na, dan ben je aansprakelijk voor de gevolgen.'
  • De 3 voorwaarden voor het ontstaan van een overeenkomst
    Aanbod, aanvaarding en wilsovereenstemming
  • Voor overeenkomst
    • aanbod
    • aanvaarding
    • wilsovereenstemming
  • Hoe komt een overeenkomst tot stand?

    Door een aanbod en een aanvaarding, waaruit blijkt dat de wil van de twee partijen overeenstemt.

  • Overeenkomst

    Een meerzijdige rechtshandeling, waarbij een of meer andere partijen een verbintenis aangaan (art.

    6:213 BW). Overeenkomsten ontstaan door een aanbod en een aanvaarding die op elkaar aansluiten.
    Uit het aanbod en de aanvaarding blijkt dat partijen willen dat er verbintenissen ontstaan. Er moet
    sprake zijn van wilsovereenstemming.
  • Wat is de definitie van het woord verbintenis?




    Een verbintenis is een juridische relatie tussen twee (of meer) partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare prestatie waarop de andere partij recht heeft.
  • Wat zijn rechtssubjecten?
    Dragers van rechten en plichten
  • Bij verbintenissen die uit de wet ontstaan, is de wil niet van belang.

  • Tenietgaan van verbintenis:
    als verbintenis wordt nagekomen
  • Ontstaan van een verbintenis


    Verbintenissen kunnen op twee manieren ontstaan (bronnen van verbintenissen):
    1. Uit de wet
    2. Uit overeenkomst
  • Op welke 2 manieren, die ook wel bronnen worden genoemd, kan een verbintenis ontstaan?
    1) uit de wet
    2) uit een overeenkomst
  • Wat is de prestatie van de verbintenis?
    Het object van de verbintenis. Kan bestaan uit een doen of een nalaten.
  • Als een verbintenis wordt nagekomen, houdt zij op te bestaan.

  • Prestatie =
    object v/d verbintenis
  • object van een verbintenis

    Object van een verbintenis
    Dit is de prestatie van een verbintenisen kan bestaan uit een doen of een nalaten.
  • 1 van de 2 manieren waaruit een verbintenis kan ontstaan is uit een overeenkomst, wat houdt dit in?




    Een overeenkomst is eigenlijk niets anders dan een afspraak tussen twee partijen. Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en een aanvaarding. Uit het aanbod en de aanvaarding moet blijken dat de wil van de twee partijen overeenstemt. Er moet sprake zijn van wilsovereenstemming.
  • Prestatie is het object van de verbintenis.

  • Rechtssubjecten:
    dragers van rechten en plichten
  • Prestatie


    Dit is het object van een verbintenissen kan bestaan uit het leveren van een goed,  betaling van een geldsom, verrichten van een dienst, een nalaten of een combinatie hiervan.
  • Leg uit wat een prestatie inhoudt en noem een voorbeeld hiervan?
    Een prestatie is het volbrengen van een gesteld doel of verplichtingen.

    Voorbeeld:




    'Wanneer je een overeenkomst sluit voor een nieuwe mobiele telefoon plus abonnement, ontstaan er ook verbintenissen. Voor jou ontstaat de verbintenis maandelijks de abonnementskosten te betalen. Voor Telfort, Vodafone of welk telefoonbedrijf je ook hebt uitgekozen ontstaat de verbintenis om jou gebruik te laten maken van hun netwerk, per maand een bepaald aantal belminuten te laten gebruiken, enzovoort. Een dergelijke overeenkomst wordt doorgaans gesloten voor een bepaalde periode, bijvoorbeeld twee jaar. Hierna kan de overeenkomst worden verlengd. Als dat niet gebeurt, en zowel jij als het telefoonbedrijf de verbintenissen volledig zijn nagekomen, gaan de verbintenissen teniet.'
  • Schuldenaar/debiteur:
    partij die prestatie moet verrichten
  • Wat zijn rechtssubjecten?

    De dragers van rechten en plichten.

  • Leg uit wat doen en (na)laten inhoudt en noem een voorbeeld hiervan?
    Een verbintenis kan ook een verplichting inhouden om iets te laten. De prestatie bestaat dan niet uit een doen, maar uit een nalaten. 


    Voorbeeld: Bij arbeidsovereenkomsten wordt regelmatig een zogeheten concurrentiebeding gesloten. Dit houdt in dat je na je dienstverband niet, gedurende een bepaalde periode, bij een concurrerend bedrijf mag gaan werken. Dit nieuwe bedrijf zou dan immers kunnen profiteren van jouw kennis van de bedrijfsgeheimen van je oude werkgever. In dat geval ben je, na beëindiging van je dienstverband, verplicht om iets te laten (er ontstaat een verbintenis om niet in dienst te treden bij de concurrent). Er worden in het arbeidsrecht overigens wel grenzen gesteld aan concurrentiebedingen. Je mogelijkheden als werknemer mogen door een concurrentiebeding niet te veel worden beperkt.
  • tenietgaan van verbintenis
    als verbintenis wordt nagekomen, houdt het op met bestaan.
  • Schuldeiser/crediteur:
    partij die recht op prestatie heeft
  • Een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis noemen we:

    Wanprestatie

  • 1 van de 2 manieren waaruit een verbintenis kan ontstaan is uit de wet, welke 3 termen vallen hieronder?
    1) onrechtmatige daad
    2) rechtmatige daad
    3) overige
  • Verplichtingen om iets te doen kunnen bestaan uit: betaling van een geldsom, levering van een goed, of het verrichten van een dienst, of een combinatie hiervan.

  • Wanprestatie:
    tekortkoming in de nakoming v/e verbintenis
  • Wat is een onrechtmatige daad en noem een voorbeeld?
    inbreuk op een recht en/of doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, tenzij er sprake is van een rechtvaardigingsgrond


    Voorbeeld: Als je per ongeluk met je fiets tegen een auto aan rijdt, waardoor er een kras op de auto ontstaat, ben je volgens het recht verplicht de eigenaar van de auto de schade te betalen die hij door jouw onhandigheid heeft geleden. Er ontstaat voor jou een verbintenis om de schade van de kras te herstellen. De schade zal in dat geval bestaan uit de kosten die de eigenaar moet maken om de auto in oude staat te laten herstellen.
  • Bij verbintenis zijn altijd ten minste 2 partijen betrokken. Door sluiten van één overeenkomst kun je zowel schuldenaar als schuldeiser worden.
    Het verbintenissenrecht regelt wie er aansprakelijk is voor de schade die iemand lijdt door een tekortkoming in de nakoming.
  • Een voorbeeld van een prestatie om iets te laten:

    Concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst.

  • Wat kan je doen tegen een onrechtmatige daad en leg dit uit.




    Voor aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad kun je een WA-verzekering sluiten; een verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid. In bepaalde gevallen ben je hiertoe zelfs wettelijk verplicht. 


    Iedereen die met een gemotoriseerd voertuig aan het verkeer deelneemt, is op grond van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen verplicht een WA-verzekering af te sluiten die de risico's dekt van deelname aan het verkeer. Het afsluiten van een WA-verzekering is overigens weer het sluiten van een overeenkomst tussen jou en de verzekeraar, waaruit voor jou de verbintenis ontstaat om de premie te betalen en voor de verzekeraar om de schade te vergoeden wanneer een bepaald verzekerd risico zich voordoet.
  • De partij die recht heeft op een prestatie, noemt men de schuldeiser (of crediteur).

    De partij die een prestatie moet verrichten noemt men de schuldenaar (of debiteur).

  • Prestaties om iets te doen bestaan uit:
    • betaling v/e geldsom
    • levering v/e goed
    • verrichten v/e dienst
    • of combinatie van bovenstaande
  • Waar bied een WA-verzekering geen dekking voor en waar spreken we dan nog steeds van?




    Een WA-verzekering biedt geen dekking wanneer je expres met je fiets op de auto zou inrijden, of de vaas opzettelijk te pletter zou hebben gegooid. De verzekeraar bepaald, logischerwijs, in de algemene voorwaarden van de verzekeringsovereenkomst die hij met klanten sluit dat hij alleen uitbetaalt als de schade onopzettelijk wordt veroorzaakt.


    We spreken nog steeds van een onrechtmatige daad, al is de ene dan opzettelijk en de andere onopzettelijk. Strafrechtelijk is er wel een verschil, omdat het opzettelijk veroorzaken van schade ( vernielen) ook strafbaar is. Onopzettelijke vernieling is niet strafbaar. Verbintenisrechtelijk gezien maakt eventuele opzet voor de aansprakelijkheid geen verschil.

  • Wat houdt een rechtmatige daad in en welke 3 soorten zijn hiervan?
    feitelijke handeling waar rechtsgevolgen aan verbonden zijn die niet in strijd zijn met het recht


    1) Onverschuldigde betaling
    2) ongerechtvaardigde verrijking
    3) zaakwaarneming
  • 1 van de 3 soorten van een rechtmatige daad is een Onverschuldigde betaling, wat houdt dit in?
    Dit is een van de situaties waarin een verbintenis in staat zonder dat er een overeenkomst voor nodig is. 

    Een voorbeeld van een onverschuldigde betaling is als iemand er ongeluk een bedrag van twee miljard euro op je rekening stort, in dit geval ben je het verplicht terug te storten of je dit nu wilt of niet. Deze persoon heeft jou dit onverschuldigd betaald en de wet bepaalt dat er voor jou een verbintenis ontstaat om dit bedrag terug te geven.

  • 1 van de 3 soorten van een rechtmatige daad is een Ongerechtvaardigde verrijking, wat houdt dit in?
    verrijking ten koste van een ander die tot wettelijke verplichting van schadevergoeding tot het bedrag van de verrijking leidt



    Voorbeeld :In de periode dat de twee miljard euro op je bankrekening heeft gestaan, heb je hierover rente ontvangen. Dit kan als snel enkele tienduizenden euro’s zijn. De rente is niet onverschuldigd betaald, maar heb je van de bank ontvangen. Als je niet per ongeluk die twee miljard had ontvangen dan heb je de rente ook niet gehad. Jij bent door het ontvangen van de rente over het onverschuldigd betaalde bedrag verrijkt. Hiervoor bestond geen goede reden en de verrijking
    is dus ook ongerechtvaardigd. Je moet ook deze rente terug betalen aan de eigenaar van de twee miljard euro.

  • 1 van de 3 soorten van een rechtmatige daad is een Zaakwaarneming, wat houdt dit in?
    verbintenis uit de wet dat inhoudt het willens en wetens en op redelijke grond inlaten met de behartiging van iemand anders belang



    voorbeeld: Stel dat je op vakantie bent en door een storm waait er een tak van een boom tegen je raam waardoor deze breekt. Je huis wordt ten eerste wel een erg makkelijk prooi voor inbrekers en je inboedel raakt beschadigd als het regent. Je buurman ziet dit en repareert dit op zijn kosten. Wanneer je terug komt van vakantie ben je verplicht de buurman te betalen want de verbintenis ontstond uit de wet direct nadat je buurman de kosten maakte, toen jij er niet was.
  • Wat is de definitie van privaatrecht?




    Het privaatrecht ook wel burgerlijk recht of civiel recht genaamd, is het recht dat betrekkingen tussen burgers onderling regelt, alsmede de verhouding van burgers tot hun vermogen.
 Onder burgers wordt verstaan rechtspersonen (bedrijven) of natuurlijke personen (mensen) die dragers van rechten en plichten zijn.

  • Wat is de definitie van publiekrecht?




    Het publiekrecht regelt de betrekkingen tussen de overheid en burgers. Onder het publiekrecht vallen onder meer het strafrecht en het bestuursrecht. 

  • Welke 4 dingen omvat het bestuursrecht onder andere?




    - het socialezekerheidsrecht (de verstrekking van uitkeringen); 

    - het belastingrecht (de heffing van alle verschillende vormen van belasting);
    - het onderwijsrecht (waarin onder andere de financiering van alle vormen van onderwijs wordt geregeld);

    - het milieurecht (denk aan de verstrekking van milieuvergunningen voor bedrijven). Bestuursrecht is dus een verzamelnaam voor alle terreinen waarin de overheid, door middel van het recht, regelend optreedt in het maatschappelijk verkeer.
  • Wat is de definitie van personenrecht?




    Het personenrecht regelt in de eerste plaats wie er in het privaatrecht drager kunnen zijn van rechten en plichten. Het kan worden onderverdeeld in personen- en familierecht en het rechtspersonenrecht. 
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 2:

  • Verbintenissenrecht Begrepen
  • I Timmer
  • 9789462905146
  • 7th

Samenvatting - Verbintenissenrecht Begrepen

  • 1.1 Inleiding

  • Wat is verbintenissenrecht?

    Verbintenissenrecht heeft betrekking op rechtsverhoudingen tussen personen onderling ( ontstaan, inhoud en eindigen van verbintenissen)
  • Hoe ontstaan verbintenissen?

    Verbintenissen ontstaan uit overeenkomst of uit de wet
  • Wat is een verbintenis?

    verbintenis is een vermogensrechtelijke relatie tussen twee of meer partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot iets, waarop de ander recht heeft
  • Wat is privaatrecht
    het recht dat betrekkingen tussen burgers onderling regelt
  • Hoe kun je Privaatrecht onderverdelen
    Vermogensrecht en personen/familierecht
  • Wat is vermogen
    Alles dat een natuurlijk persoon of rechtspersoon bezit en op geld waardeerbaar is
  • Hoe kun je vermogensrecht onderverdelen
    Verbintenissenrecht en goederenrecht
  • Waar heeft verbintenissenrecht betrekking op
    Op de rechtsverhouding tussen personen onderling (ontstaan, inhoud en eindigen van verbintenissen).
  • Hoe ontstaat een verbintenis
    Uit overeenkomst en uit de wet
  • Wat voor karakter heeft het verbintenissenrecht
    Een regelend karakter
  • Wat is een verbintenis
    Een vemogensrechtelijke relatie tussen twee of meerdere partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot iets, waarop de andere recht heeft (crediteur=schuldeiser/debiteur=schuldenaar
  • Wat regelt goederenrecht
    Heeft betrekking op rechtsverhoudingen tussen rechtssubjecten (personen en rechtspersonen) en rechtsobjecten (goederen)
  • Welke toepassing heeft het goederenrecht
    - verkrijging en verlies van goederen
    - bevoegdheden die men kan doen gelden
  • Wat voor karakter heeft het goederenrecht
    Het goederenrecht heeft een dwingend karakter
  • Waar vindt je het vermogensrecht
    In het burgerlijk wetboek, boek 3 t/m 8 van. Gelaagde structuur van algemeen naar bijzonder
  • Wat zijn de beginselen en uitgangspunten van het verbintenissenrecht
    - contractvrijheid
    - Pacta sunt Servanda (latijn voor wals je iets beloofd moet je het nakomen)
    - vormvrijheid (mondeling of schriftelijk, beide rechtsgeldig(
    - onderscheid dwingend en regelend recht
    - redelijkheid en billijkheid (6:2 BW en 6:248 BW)
    - bijzonder gaat boven algemeen
  • Wat is absolute competentie
    Welk soort rechter is bevoegd om een zaak te behandelen
  • Wat is relatieve competentie
    Betreft de vraag waar een zaak behandeld zal worden (geografisch)
  • Welke kenmerken heeft het burgerlijkprocesrecht
    - gelijkwaardige partijen
    - wie eis, bewijst
    - rol van de rechter
  • 1.2 Verbintenissen uit overeenkomst

  • Wat zijn de voorwaarden voor het ontstaan van een overeenkomst?
    Aanbod, aanvaarding en wilsovereenstemming
  • Wat zijn rechtssubjecten?
    Dragers van rechten en plichten
  • Wat is de prestatie?
    Het object van de verbintenis: kan ontstaan uit een doen of nalaten
  • Waaruit kunnen prestaties om iets te doen bestaan?
    Betaling van een geldsom, levering van een goed of verrichten van een dienst, of een combinatie hiervan
  • Wie is de schuldenaar (debiteur)?
    De partij die de prestatie moet verrichten
  • Wie is de schuldeiser (crediteur)?
    De partij die recht heeft op de prestatie
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 3:

  • Verbintenissenrecht begrepen
  • I Timmer
  • 9789089746849 of 9089746846

Samenvatting - Verbintenissenrecht begrepen

  • 1 verbintenissenrecht: plaatsbepaling

  • Op welke twee manieren kunnen verbintenissen ontstaan?

    Uit de wet of uit overeenkomsten

  • Hoe kun je een verbintenis omschrijven?
    Als iets wat je volgens het recht verplicht bent om te doen of te laten.
  • Een verbintenis is een juridische relatie tussen twee of  meer partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare prestatie waarop de andere partij recht heeft

  • De verplichting tot een doen of laten noemen we een presentatie.
  • Een verbintenis kun je omschrijven als: iets dat je volgens het recht verplicht bent om te doen of te laten. Deze verplichtingen tot doen of laten noemen we: prestaties. Het is enkel een verbintenis als het gaat om een verplichting tot prestaties die geld waard zijn.

     

     

  • We spreken alleen van verbintenissen als het gaat om een verplichting tot presentatie die 'geld waard zijn'. De vaste uitdrukking hiervoor is dat de presentatie op geld waardeerbaar moet zijn.
  • Hoe komt een overeenkomst tot stand?

    Door aanbod, aanvaarding en een wilsovereenstemming


  • (Voorlopige) definitie verbintenis
    Een verbintenis is een juridische relatie tussen twee (of meer) partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare presentatie waarop de andere partij recht heeft.
  • Wat is het tenietgaan van een verbintenis?

    Als een verbintenis wordt nagekomen, houdt zij op te bestaan

  • Op welke manieren kunnen verbintenissen ontstaan?
    zij ontstaan uit de wet of uit een overeenkomst
  • Wat zijn rechtssubjecten?

    Dragers van rechten en plichten

  • 1.1 inleiding

  • Wat is een verbintenis?
    een juridische relatie tussen twee of meer partijen, waarbij de ene partij verplicht is tot een op geld waardeerbare prestatie waarop de andere partij recht heeft.

  • Ontstaan van een verbintenis:
    Twee manieren:
    1: uit de wet
    2: uit overeenkomst
  • 1.2 verbintenissen uit overeenkomst

  • Een overeenkomst is eigenlijk niet anders dan een afspraak tussen twee partijen. Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en een aanvaarding,
    Uit het aanbod en de aanvaarding moet blijken dat de wil van de twee partijen overeenstemt. Er moet sprake zijn van wilsovereenstemming. 
  • Voorbeelden overeenkomsten:
    koopovereenkomst: kopen van een drankje, cd of wat dan ook.
    arbeidsovereenkomst: een bijbaantje

  • Bij een overeenkomst is er steeds sprake van een verplichting om iets te doen, te laten of te geven, en een recht op de verplichting.
  • Overeenkomst= een afspraak tussen twee partijen, die tot stand komt na aanbod en aanvaarding. Ook moet er sprake zijn van wilsovereenstemming.
  • Als een verbintenis wordt nagekomen, houdt zij op te bestaan. We noemen dit tenietgaan van een verbintenis.
  • Voorbeeld:
    jij leent geld van de bank, hierdoor ben jij verplicht het geld terug te betalen + rente, en de bank is verplicht jou geld te lenen.
  • De partij die recht heeft op een presentatie is de schuldeiser (of crediteur) en de partij die de presentatie moet verrichten is de schuldenaar (of debiteur).
  • Schuldeiser en schuldenaar:
    Partij die recht heeft op een prestatie: schuldeiser 
    partij die moet verrichten: schuldenaar 
  • Als een presentatie van een verbintenis niet wordt nagekomen, noemen we dit wanprestatie. 
  • Rechtssubjecten: dragers van rechten en plichten
  • Wanprestatie is een tekortkoming in de nakoming van een verbintenis.
  • Tekortkoming in de nakoming:
    Niet (goed) nakomen van de prestatie: wanprestatie
    Wanprestatie= een tekortkoming in de nakoming. 
    Verbintenissenrecht regelt wie er aansprakelijk is voor de schade.
  • Nakoming kan eenvoudige presentatie betreffen en kan in korte tijd worden afgewikkeld. 
  • Nalaten:
    Er kan ook worden afgesproken dat je iets niet doet, denk aan een concurrentiebeding bij een arbeidsovereenkomst.
  • Het arbeidsrecht en het huurrecht kun je zien als afsplitsingen van het verbintenissenrecht.
  • Wat gebeurt er als een aanbod geen essentialia bevat?
    Dan is er geen aanbod, slechts een uitnodiging tot het doen van een aanbod
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Samenvatting 4:

  • Verbintenissenrecht begrepen
  • I Timmer, A L A M Paffen
  • 9789054548713 of 9054548711
  • 2e [gew.] dr.

Samenvatting - Verbintenissenrecht begrepen

  • 1 Verbintenissenrecht: plaatsbepaling

  • Tijdsbepaling, 6:38 e.v.: toekomstige gebeurtenis die zeker zal intreden, tijdstip ligt niet vast, bijv. overlijden.

    Voorwaarde, 6:21 e.v.: toekomstige gebeurtenis waarvan niet zeker is of zij zal intreden. 

  • Onherroepelijk aanbod: een aanbod dat niet herroepen kan worden; een aanbod is onherroepelijk wanneer het een termijn voor de aanvaarding inhoudt of de onherroepelijkheid ervan op andere wijze uit het aanbod volgt, zie art. 6:219 lid 1 BW.

    Herroepelijk aanbod: een aanbod dat herroepen kan worden; herroeping is alleen mogelijk zolang het aanbod nog niet is aanvaard of een mededeling met daarin de aanvaarding is verzonden, zie artikel 6:219 lid 2 BW.

    Herroepen als aanbod ander wel bereikt.

    Intrekken als aanbod ander niet bereikt (art. 3:37 lid 5 BW).

     

    In welke situatie kan een aanbieder een aanvaarding nog weigeren?

    Als het aanbod wordt gedaan met de toevoeging dat het vrijblijvend is. De term vrijblijvend aanbod is een vaste uitdrukking in het handelsverkeer om aan te geven dat een aanvaarding nog kan worden verworpen. De wet noemt het vrijblijvende aanbod in artikel 6:219 lid 2 BW en bepaalt daar dat verwerping van het aanbod wel onverwijld moet geschieden.

  • Het primaat van de wil houdt in dat de wetgever het uitgangspunt hanteert dat zonder wil in beginsel geen rechtshandeling tot stand kan komen. Hierop wordt slechts uitzondering gemaakt door art. 3:35 BW. 

    Met de dubbele grondslag van de rechtshandeling wordt bedoeld dat een rechtshandeling zowel tot stand kan komen via art. 3:33 BW (wil en verklaring stemmen overeen), als via de weg van art. 3:35 BW (wil en verklaring stemmen niet overeen, maar er kan een beroep worden gedaan op gerechtvaardigd vertrouwen). 

  • Bedrog: iemand bewegen tot het verrichten van een rechtshandeling door hem opzettelijk een onjuiste mededeling te doen.

    Dwaling: situatie waarin een overeenkomst onder invloed van verkeerde voorstelling van zaken tot stand komt.

    Verschil bedrog en dwaling:

    Bij bedrog is sprake van opzet. Bij dwaling geldt een onderzoekplicht van dwalende partij o.g.v. verkeersopvattingen.

  • Drie mogelijkheden wanneer een verbintenis opeisbaar is:

    * Als er een tijdstip/datum voor nakoming is bepaald, is de verbintenis vanaf die datum opeisbaar.

    * Terstond, als geen tijdsbepaling is overeengekomen.

    * Indien terstond niet mogelijk is, dan op basis van redelijkheid en billijkheid.

  • Levenscyclus overeenkomst

    - totstandkoming

    aanbod - aanvaarding, wil-verklaring, gerechtvaardigd vertrouwen, vernietigen.

    - uitvoering

    opschorten

    - beëindiging

    ontbinden: schadevergoeding, verzuim

     

    Aansprakelijkheid

    - op grond van wanprestatie

    verzuim

    - op grond van onrechtmatige daad

    - op grond van rechtmatige daad (zaakwaarneming, ongerechtvaardigde verrijking, onverschuldigde betaling).

  • Opschorting

    Algemene opschortingsbevoegdheid art. 6:52 BW

    - Partijen zijn over en weer schuldeiser en schuldenaar

    - Tekortkoming in de nakoming van - opeisbare - verbintenis

    - Voldoende samenhang tussen niet nagekomen en op te schorten verbintenis

    lid 2

    - verbintenissen vloeien over en weer voort uit dezelfde rechtsverhouding, 

    - of, uit zaken die partijen regelmatig met elkaar hebben gedaan.

    (Uitzonderingsbevoegdheid opschorting art. 6:54 BW sub a, b of c)

  • Wat is aanvullend recht en noem het relevante wetsartikel.

    Aanvullend recht is het recht dat geldt als partijen niets hebben afgesproken/geregeld.

    > Welke kwaliteit er geleverd moeten worden, art. 6:28 BW.

    > Of er ineens of in gedeelten nagekomen mag worden, art. 6:29 BW.

    > Of een ander mag nakomen, art. 6:30 BW.

    > Wanneer gepresteerd moet worden, art. 6:38 BW.

     

     

    Stel dat twee partijen in een overeenkomst opnemen dat de verbintenis tenietgaat als een bepaalde gebeurtenis plaatsvindt. Hoe noemen we dit?

    Dat betekent dat de partijen een ontbindende voorwaarde in het contract hebben opgenomen, 6:22 BW.

  • Nakoming van verbintenissen

    Wanneer een verbintenis niet, of niet goed, wordt nagekomen geeft de wet de schuldeiser verschillende mogelijkheden. 

    Hij kan de schuldenaar aanspreken voor eventuele schade die hij lijdt doordat de overeenkomst niet goed wordt nagekomen. Bij een wederkerige overeenkomst is hijzelf, naast schuldeiser, vaak ook nog schuldenaar door de verplichting die hijzelf op zich heeft genomen. Hij kan zijn eigen prestatie dan opschorten.

    Als hij door de tekortkoming in de nakoming geen behoefte meer heeft aan de overeenkomst, kan hij de overeenkomst ontbinden. De gevolgen van de overeenkomst worden dan zo veel mogelijk ongedaan gemaakt.

    Als er na de ontbinding nog schade overblijft, kan hij die nog steeds van de schuldenaar vorderen.

  • Ontbinding op grond van artikel 6:265 BW

    1. Wederkerige overeenkomst

    2. Tekortkoming in de nakoming

    a. enige vorm van niet-nakomen (ondeugdelijke nakoming, te late nakoming, niet-nakoming)

    b. verbintenis is opeisbaar

    3. Tekortkoming moet ontbinding rechtvaardigen

    4. Blijvende of tijdelijke onmogelijkheid van nakoming óf verzuim

     

    Ook wanneer een partij bij een wederkerige overeenkomst deze niet nakomt, wil dit niet automatisch zeggen dat de schuldeiser altijd tot ontbinding over mag gaan. Waar ligt de grens? 

    De tekortkoming moet de ontbinding rechtvaardigen, art. 6:265 lid 1 BW. 

  • Langs welke twee wegen kan het verzuim van schuldenaar intreden? 

    - Verzuim kan ontstaan doordat niet wordt voldaan aan een termijn uit een ingebrekestelling: verzuim met ingebrekestelling, artikel 6:81 jo. 6:82 BW. 

    Uit 6:82 lid 1 BW volgt dat een ingebrekestelling een schriftelijke aanmaning is, waarbij de schuldenaar een redelijke termijn wordt geboden om alsnog na te komen.

    Als de schuldenaar zich vervolgens niet aan deze termijn houdt, treedt het verzuim in en wordt de schuldenaar aansprakelijk voor de schade die de schuldeiser lijdt.

    - Verzuim zonder ingebrekestelling als een van de drie situaties uit art. 6:83 BW is voldaan: verzuim zonder ingebrekestelling, artikel 6:81 jo. 6:83 sub a, b, of c BW. De wet geeft in 6:83 BW enkele situaties waarin geen ingebrekestelling hoeft te worden verstuurd. Dat is onder andere het geval als de overeenkomst een duidelijke termijn kent waarbinnen moet worden nagekomen.

     

    Ingebrekestelling is een schriftelijke mededeling van schuldeiser waarbij schuldenaar wordt aangemaand en nog een redelijke termijn wordt gegeven. Als schuldenaar dan niet binnen die termijn heeft gepresteerd is hij in verzuim. Prestatie moet wel opeisbaar zijn.

  • Artikel 3:296 BW bepaalt dat de rechter de schuldenaar die jegens een ander verplicht is iets te geven, te doen of na te laten, daartoe op verzoek van de schuldeiser zal veroordelen. Schuldeiser kan dus nakoming vorderen o.g.v. 3:296 BW.

     

     

    Artikel 6:74 BW bepaalt dat de schuldenaar bij een tekortkoming in de nakoming aansprakelijk is voor de schade die de schuldeiser lijdt.

  • Art. 6:74 BW

    Instapvoorwaarden:

    - Is er sprake van een overeenkomst? Art. 6:213 of 6:217 BW. 

    - Is de verbintenis opeisbaar?

    1. Tekortkoming in de nakoming

    Ondeugdelijke nakoming, niet-nakoming, te late nakoming

    2. schade > art. 6:95 jo 6:96 BW

    - Vermogensschade

    - Ander nadeel

    3. daardoor (causaal verband) conditio sine qua non. Zou er schade zijn geleden als... Nee, de csqn gaat op en er is dus sprake van causaal verband tussen de tekortkoming en de schade.

    4. toerekening > art. 6:75 BW

    Als een tekortkoming een schuldenaar niet kan worden toegerekend, spreken we van overmacht.

    Als een tekortkoming in de nakoming de schuldenaar kan worden toegerekend, spreken we van een wanprestatie.

    Een tekortkoming in de nakoming kan worden toegerekend als de tekortkoming:

    > schuld (verwijtbaar: opzet, onoplettendheid, wet (art. 6:76, 6:77 BW), rechtshandeling, verkeersopvattingen (voorzienbare, persoonlijke omstandigheden)

    5. blijvend onmogelijk of verzuim > art. 6:81 t/m 6:83 BW.

     

  • In beginsel is de schuldenaar aansprakelijk voor gebreken van zaken die hij bij de uitvoering van een verbintenis gebruikt. Welke nuancering heeft de Hoge Raad op dit beginsel aangebracht in het arrest dat bekend staat onder de naam ‘Vliegtuigvleugel’? 

    De Hoge Raad bepaalde in dit arrest dat “of en in hoeverre er sprake is van aansprakelijkheid afhankelijk is van de aard van de overeenkomst, de verkeersopvattingen en de redelijkheid”. 

     

     

    Vernietigen en ontbinden twee verschillende dingen

    Bij vernietiging is er sprake van een terugwerkende kracht; de overeenkomst heeft dus nooit bestaan. Bij ontbinding is er geen sprake van een terugwerkende kracht > ontstane verbintenissen gaan teniet en er ontstaan nieuwe verbintenissen > ongedaanmakingsverbintenissen.

  • Onderscheid onrechtmatige daad - wanprestatie

    Bij een onrechtmatige daad: de schending van een niet-overeengekomen gedragsnorm. (Er is geen overeenkomst)

    Bij een wanprestatie: de schending van een overeengekomen gedragsnorm. (Er is een overeenkomst)

    In elke situatie dat schade ontstaat bij de uitvoering van een overeenkomst, kies je voor wanprestatie!

    Goed om het verschil te weten is de bewijslast.

    Bij het beoordelen van een casus: is er een overeenkomst, een verbintenis? Ja, dan beroep je je op wanprestatie. Zo niet, is het onrechtmatige daad. 

  • Onrechtmatige daad, art 6:162 BW

    1. Onrechtmatigheid: art. 6:162 lid 2 BW

    a. inbreuk op een recht: subjectief recht (vermogensrechten of persoonlijkheidsrechten) en zuivere rechtsinbreuk (a gaat altijd samen met c)

    b. doen of nalaten strijd met wettelijke plicht 

    c. ongeschreven gedragsnorm

    Geen onrechtmatigheid als sprake is van rechtvaardigingsgrond:

    noodweer, noodtoestand, toestemming benadeelde, ambtelijk bevel

    2. Toerekening: art. 6:162 lid 3 BW

    schuld: verwijtbaar, wet (wanprestatie) bijv. art. 6:165 BW, verkeersopvattingen: onervarenheid 

    3. Schade: art. 6:95 jo. 6:96 BW

    4. Causaliteit

    Zou de schade ook zijn geleden als...

    Er is een verbinding tussen de oorzaak en het gevolg van de gebeurtenis.

    5. Relativiteit art. 6:163 BW

    * geschonden norm

    * strekt wel/niet tot bescherming tegen de schade

    * zoals de benadeelde die heeft geleden

  • Kwalitatieve aansprakelijkheid: vormen van aansprakelijkheid waarbij een (rechts)persoon niet aansprakelijk is voor een zelf gepleegde onrechtmatige gedraging, maar omdat hij een bepaalde hoedanigheid (kwaliteit) bezit, zoals werkgever, ouder, of bezitter van een dier. Vanuit deze hoedanigheid kan iemand aansprakelijk zijn voor de schade die bijvoorbeeld door een werknemer, kind of dier is veroorzaakt.

    Groepsaansprakelijkheid is de hoofdelijke aansprakelijkheid die geldt voor alle personen in een groep, indien zij gezamenlijk schade hebben toegebracht, of door hun gedragingen in groepsverband de kans op het ontstaan van deze schade hebben vergroot.

    Hoofdelijke aansprakelijkheid is de situatie waarin verschillende personen afzonderlijk voor het geheel aansprakelijk kunnen worden gesteld door een schuldeiser.

    Het verschil tussen medeschuld en groepsaansprakelijkheid betreft het al dan niet in vereniging handelen. Bij medeschuld gaat het om een onrechtmatige daad buiten vereniging veroorzaken en bij groepsaansprakelijkheid gaat het om een onrechtmatige daad in vereniging plegen.

    Subrogatie is de, bij verzekering veelvoorkomende, situatie waarin een vordering overgaat op een nieuwe schuldeiser, omdat hij voordat de schuldenaar tot betaling is overgegaan, de vordering aan de oude schuldeiser heeft betaald.

  • Wat houdt de leer van de redelijke toerekening in? 

    Het gaat hierbij om het vaststellen van de omvang van de schade op grond van artikel 6:98 BW en niet het causaal verband wat tussen de schade en gebeurtenis dient te worden vastgesteld bij het vaststellen van de aansprakelijkheid op grond van artikel 6:74 of 6:162 BW. 

  • Ongerechtvaardigde verrijking, art. 6:212 lid 1 BW

    1. Verrijking ene partij

    2. Verarming andere partij

    3. Causaal verband tussen verrijking en verarming andere partij

    4. De verrijking en de verarming zijn ongerechtvaardigd

    5. Schade dient vergoed te worden voor zover redelijk is

    Zaakwaarneming, art. 6:198 jo. 6:200 BW

    Art. 6:198 BW voorwaarden:

    1. zaakwaarneming

    2. willens en wetens (bewust)

    3. op redelijke grond (dat er nog meer schade kan ontstaan)

    4. inlaat met de behartiging van eens anders belang, zonder

    5. de bevoegdheid daartoe aan een rechtshandeling óf

    6. een elders in de wet geregelde rechtsverhouding te ontlenen.

    Verplichtingen belanghebbende, art. 6:200 BW voorwaarden:

    1. Is het belang van belanghebbende naar behoren behartigd? Heeft hij er alles aan gedaan om meer schade te voorkomen?

    2. (Heeft de) zaakwaarnemer

    3. Schade: art. 6:95 jo. 6:96 BW. Zou er schade zijn geleden als...

    4. Is de schade die de zaakwaarnemer lijdt een gevolg van de waarneming (causaal verband)

  • Een termijn is een fatale termijn als de bedoeling van de termijn is dat het verzuim direct intreedt als de termijn wordt overschreden. Het moet dus niet gaan om een streefdatum.

  • Art. 6:170 BW Aansprakelijkheid voor ondergeschikten in voorwaarden:

    Schade aan een derde, fout van een ondergeschikte, vervullen van taak, kans op fout is vergroot door opdracht tot vervullen van deze taak, zeggenschap over de gedraging waarin de fout was gelegen.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat is de prestatie van de verbintenis?
Het object van de verbintenis. Kan bestaan uit een doen of een nalaten.
Wat zijn rechtssubjecten?
Dragers van rechten en plichten
De 3 voorwaarden voor het ontstaan van een overeenkomst
Aanbod, aanvaarding en wilsovereenstemming
Artikel 107(2) en (3) VWEU
Artikel 107(2) en (3) VWEU Wanneer een maatregel onder artikel 107(1) VWEU valt, is deze verboden, tenzij de maatregel op grond van het tweede of het derde lid van deze bepaling verenigbaar is, respectievelijk als verenigbaar kan worden beschouwd met de interne markt. Het verschil tussen het tweede en het derde lid is dat de Commissie ten aanzien van de toepassing van het tweede lid geen discretionaire bevoegdheid heeft en bij de toepassing van het derde lid wel. De aldaar genoemde gronden spreken grotendeels voor zich, waarbij de volgende opmerkingen kunnen worden gemaakt. Op grond van het bepaalde onder artikel 107(3)(c) VWEU heeft de Commissie een veelheid aan beleidsregels doen uitgaan inzake steunmaatregelen die op grond van deze bepaling kunnen worden toegestaan.413 Ten aanzien van een aantal veelvoorkomende steunmaatregelen heeft de Commissie een groepsvrijstelling aangenomen.414
PreussenElektra
Uit PreussenElektra komt naar voren dat lidstaten aan het steunverbod kunnen ontsnappen door het voordeel niet uit te (laten) keren uit een door belastingen gevoed fonds. In die zaak ging het om de wettelijke verplichting voor regionale energiedistributiebedrijven om alle in hun gebied geproduceerde duurzame stroom op te kopen tegen een vast bedrag dat hoger was dan de marktprijs. Ondanks dat deze regeling de duurzame energieproducenten - in de woorden van het Hof - een economisch voordeel oplevert, nu deze hun zonder enig risico hogere winsten verzekert dan het geval zou zijn zonder deze maatregel, komt het Hof tot de conclusie dat er geen sprake is van staatssteun. 402 Nu de Duitse overheid in die zaak de geldkringloop verlegt ten gunste van de groenestroomproducenten zonder er zelf eerst tussen te gaan zitten (door belastingen te
arrest
Dit voordeel moet op de een of andere manier afkomstig zijn van de staat. Daarbij kan het gaan om een voordeel dat direct van de staat afkomstig is (het ministerie of de gemeente die een subsidie uitkeert), maar evengoed vallen daaronder ook voordelen die door middel van derde instanties worden uitgekeerd.399 Blijkens het arrest Stardust Marine moet een voordeel dat door een dergelijke instelling, vaak een publieke onderneming, wordt toegekend, kunnen worden toegerekend aan de staat. Van toerekenbaarheid is niet meteen sprake zodra de publieke onderneming onder staatstoezicht staat.400 Pas wanneer de overheid 'op de een of andere manier' bij de vaststelling van de maatregelen betrokken was, kan deze aan de staat worden toegerekend en levert deze eventueel staatssteun op.
artikel 107(1) VWEU
Net als de andere bepalingen van het mededingingsrecht kan ook artikel 107(1) VWEU worden ontleed in een aantal bestanddelen. Dan ontstaat een verbod van: • steunmaatregelen van de staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, • die de mededinging vervalsen of dreigen te vervalsen, • door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties, • voor zover daardoor het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig wordt beïnvloed.
De relevante geografische markt
Duidelijk geografisch gebied • Homogene concurrentievoorwaarden • United Brands

De relevante geografische markt is het gebied waarbinnen de betrokken ondernemingen een rol spelen in de vraag naar en het aanbod van goederen of diensten, waarbinnen de concurrentievoorwaarden voldoende homogeen zijn en dat van aangrenzende gebieden kan worden onderscheiden doordat daar duidelijk afwijkende concurrentievoorwaarden heersen.


Dit betekent dat de geografische ruimte moet worden bepaald waarbinnen de concurrentievoorwaarden voor het betrokken product voor alle handelaren vergelijkbaar zijn. De noodzaak tot het bepalen van deze geografische ruimte vloeit voort ut het feit dat artikel 102 VWEU slechts van toepassing is wanneer misbruik van machtspositie plaatsvindt binnen de interne markt of een wezenlijk deel daarvan. Wanneer de relevante geografische markt blijkt te bestaan uit de stad Groningen en omgeving, dan is artikel 102 VWEU niet van toepassing: een dergelijk klein gebied levert geen wezenlijk deel van de interne markt op. Wanneer de relevante geografische markt het hele gebied van een niet al te kleine lidstaat omvat, zoals Nederland of België, dan is wél sprake van een wezenlijk deel van de interne markt.386
relevant productmarkt
Kruislingse elasticiteit • Substitueerbaarheid • United Brands

De relevante productmarkt wordt in dit document als volgt gedefinieerd: Een relevante productmarkt omvat alle producten en/of diensten die op grond van hun kenmerken, hun prijzen en het gebruik waarvoor zij zijn bestemd, door de consument als onderling verwisselbaar of substitueerbaar worden beschouwd.

Het vaststellen van de relevante productmarkt betekent met andere woorden dat een onderzoek moet plaatsvinden naar de producten die door de consument wegens hun eigenschappen, hun gebruik en hun prijs als gelijksoortig worden beschouwd. De relevante productmarkt voor een producent van bananen kan zijn de versfruitmarkt, maar ook de bananenmarkt. Als de consument gemakkelijk uitwijkt naar ander vers fruit wanneer de prijs van bananen erg hoog is, dan is sprake van een versfruitmarkt. Als de consument bananen blijft kopen ook al is de prijs van dit fruit aanzienlijk h
Art. 102 VWEU 1.
Art. 102 VWEU 1. Gaat het om één onderneming (of eenheid van ondernemingen?
2. Heeft de onderneming een dominante positie?
3. Is er een misbruik van de machtspositie?
4. Beïnvloedt het de handel tussen lidstaten?