Samenvatting Voedingsleer

-
134 Flashcards en notities
0 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Dit is de samenvatting van het boek "Voedingsleer". De auteur(s) van het boek is/zijn nvt. Deze samenvatting is geschreven door studenten die effectief studeren met de studietool van Study Smart With Chris.

Samenvatting - Voedingsleer

  • 1 Koolhydraten

  • Wat zijn snelle koolhydraten?

    Deze veroorzaken een snelle stijging van het bloedglucose gehalte, bijvoorbeeld: glucose

  • Wat zijn langzame koolhydraten

    Deze veroorzaken een minder snelle stijging van het bloedglucose gehalte, bijvoorbeeld: fructose, sacharose.

  • Wat is een ander woord voor enkelvoudige koolhydraten?

    Monosachariden

  • De monosachariden die in voeding voorkomen zijn hexosen; ze bevatten 6 C-atomen.

    De structuurformule is: C6H12O6

    Deze kunnen niet in kleinere koolhydraten worden gesplitst. 

    Ze zijn goed oplosbaar in water en worden daardoor makkelijker geabsorbeerd.

  • Welke 3 monosachariden zijn er?

    1. Glucose
    2. Fructose
    3. Galactose
  • Wat is een andere benaming voor glucose?

    Druivensuiker

  • Wat is een andere benaming voor fructose?

    Vruchtensuiker

  • Waar komt glucose in voor?

    1. Fruit. Met name druiven en honing.
    2. Bloed
  • Waar komt fructose in voor?

    Vruchten en honing

  • Hoe zoet is glucose?

    Minder zoet dan sacharose.

  • Hoe zoet is fructose?

    De zoetkracht is bijna 2 keer zo groot als van sacharose.

  • Waar bestaat galactose uit?

    Het is een bouwsteen van het tweevoudige koolhydraat lactose (melksuiker)

  • Wat is lactose?

    Melksuiker.

  • Wat is de structuurformule van monosachariden?

    C6H12O6

  • Hoeveel atomen bevat monosachariden?

    6 C-atomen

  • Wat zijn disachariden?

    Tweevoudige koolhydraten

  • Waar zijn disachariden uit opgebouwd?

    Twee enkelvoudige koolhydraten

  • Wat is de structuurformule van disachariden?

    C12H22O11 + H2O

  • Wat is 2C6H12O6?

    C12H22O11 + H2O

  • Welke 3 enkelvoudige koolhydraten zijn er?

    1. Sacharose
    2. Lactose
    3. Maltose
  • Disachariden zijn goed oplosbaar in water.

  • Wat is een andere benaming voor sacharose?

    Biet- of rietsuiker

  • Waar is sacharose uit opgebouwd?

    1 molecuul glucose

    1 molecuul fructose

  • Sacharose is de suiker voor huishoudelijk gebruik.

  • Wat is een andere benaming voor lactose?

    Melksuiker

  • Waar is lactose uit opgebouwd?

    1 molecuul glucose

    1 molecuul galactose

  • Waar komt lactose in voor?

    In melk

  • Hoe zoet smaakt lactose?

    Weinig zoet.

  • Wat is een ander woord voor maltose?

    Moutsuiker.

  • Waar is maltose uit opgebouwd?

    2 moleculen glucose

  • Waar ontstaat maltose uit?

    Zetmeel en kiemende zaden.

  • Waar komt maltose in voor?

    Bier

  • Wat zijn polysachariden?

    Meervoudige koolhydraten

  • Polysachariden zijn opgebouwd uit een groot aantal enkelvoudige koolhydraten. De meesten zijn onoplosbaar in water.

  • Welke 3 polysachariden zijn er?

    1. Zetmeel
    2. Glycogeen (dierlijk zetmeel)
    3. Voedingsvezels (dietary fibers)

     

  • Welke suikeralcoholen zijn er mbt polysachariden?

    Sorbitol, xylitol.

  • Waar is zetmeel uit opgebouwd?

    Glucosemoleculen.

  • Waar komt zetmeel in voor?

    Als reserve-energie in knollen, zaden en wortels.

    Omdat zetmeel onoplosbaar is kan het worden gestapeld.

  • Waar is glycogeen uit opgebouwd?

    Glucose

  • Glycogeen vormt in het dierlijke en menselijke organisme de koolhydraatreserve. Doordat het onoplosbaar in water is, kan het ook worden gestapeld. De lever en spiercellen zijn in staat glycogeen te stapelen.

  • Waar zijn voedingsvezels uit opgebouwd?

    1. Cellulose
    2. Hemi-cellulose
    3. Houtstof / lignine
    4. Insuline
    5. Oligofructose
  • Voedingsvezels zijn onverteerbare polysachariden die niet door spijsverteringsenzymen kunnen worden afgebroken, maar soms wel gedeeltelijk door bacterien in de colon. 

    • Cellulose, hemi-cellulose en houtstof lignine zijn opnoplosbaar en komen in de celwanden van plantaardig voedsel voor.

     

    • Daarnaast zijn er pectines en guargom; deze zijn oplosbaar, visceus en gelvormend. Insuline wordt ook tot de voedingsvezels gerekend; deze bestaat uit 40 fructosemoleculen die zodanig gestructureerd zijn dat ze niet door de spijsverteringsenzymen kunnen worden afgebroken. Hiertoe behoort ook de oligofructose met 1 molecuul glucose en 20 moleculen fructose.

     

    • Daarnaast wordt ook resisten zetmeel genoemd; afbraakproducten van zetmeel die niet verteerd kunnen worden (in o.a. spaghetti, peulvruchten, brood en aardappelen).

     

    • Tot slot heb je ook nog de suikeralcoholen, bijvoorbeeld sorbitol en xylitol. Deze worden slecht geabsorbeerd. In de dikke darm worden ze gedeeltelijk aangetast door de darmbacterien. Ze komen als zoetstof voor in de voeding.
  • Waar is insuline uit opgebouwd?

    1 glucosemolecuul 

    40 fructose moleculen

  • Waar is oligofructose uit opgebouwd?

    1 glucose molecuul

    20 fructose moleculen

  • Wat is relatieve zoetkracht?

    Bij het weergeven van de relatieve zoetkracht van zoetstoffen wordt de stof sacharose als de norm gebruikt.Deze heeft het getal 1. Alle andere zoetstoffen worden vergeleken met de zoetwaarde 1 van suiker (Sacharose). De zoete smaak kan dus hoger of lager zijn dan 1.

  • Welke soorten koolhydraten bezitten zoetkracht?

    Glucose: minder zoet dan sacharose

    Fructose: twee keer zo zoet als sacharose

    Sacharose

  • Hoe worden koolhydraten in het lichaam opgeslagen?

    Ze worden omgezet in glucose. Glucose kan worden omgezet in glycogeen en zo in het lichaam worden opgeslagen.

  • Van de koolhydraten zijn alleen de enkelvoudige moleculen absorbeerbaar.

    Poly- en disachariden moeten eerste worden afgebroken tot monosachariden. Dit gebeurt met behulp van bepaalde spijsverteringsenzymen.

  • Vertering van de koolhydraten begint in de mondholte. Het speeksel bevat a-amylase dat in staat is gaar zetmeel te splitsen:

    de  a-glycosidische verbindingen tussen de glucosemoleculen kunnen verbroken worden en het zetmeel wordt gedeeltelijk afgebroken tot maltosemoleculen. 

    In de mond wordt maar een klein beetje verteerd aangezien het voedsel niet lang in de mond blijft.

    De speekselamylase wordt in de maag spoedig onwerkzaam door het zure maagsap. De vertering van de koolhydraten vindt dan ook hoofdzakelijk plaats in de dunne darm.

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.