Samenvatting wft schadeverzekeringen voor particulieren

-
125 Flashcards en notities
1 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

Samenvatting - wft schadeverzekeringen voor particulieren

  • 1 Algemene vaardigheden

  • Via welke 2 feiten uit de vragenlijsten leer je je klanten kennen
    Harde feiten ( ratio ) en zachte feiten ( emotie )
  • Uit welke 3 onderdelen bestaat een gesprek?
    Kop, romp en staart
  • Benoem van elk onderdeel uit een gesprek wat er gebeurt?

    Kop: opening van een gesprek, over koetjes en kalfjes, doel, hoe lang het gesprek duurt en de verwachtingen van beide kanten.
    romp: daadwerkelijke reden van het gesprek, veel vragen worden gesteld, doornemen van papieren.
    staart: samenvatting van het gesprek en is er nog een gesprek nodig?
  • Wat is de AVG?
    Dat is de algemene verordening gegevensbescherming. In heel de europese unie geld dezelfde privacywetgeving. Ook wel bekend als de engelse naam: general data protection regulation.
  • Waar bestaat een goed lopend gesprek uit?

    A. Luisteren
    B. Samenvatten
    C. Doorvragen

  • Uit welke 6 stappen kun je een gesprek onderscheiden?

    A. Een goede voorbereiding op het gesprek is het halve werk.
    B. Een duidelijke, open vraag aan het begin van het gesprek brengt het gesprek op gang.
    C. Wees stil als de ander aan het woord is.
    D. Stel meer vragen zolang het voor jou nog niet duidelijk is.
    E. Vat af en toe samen om zo te checken of het voor jou duidelijk is.
    F. Vraag ook af en toe naar de reactie van de ander zo weet je of het inderdaad goed is wat je zegt.
  • Wat zijn de 6 tips bij het goed luisteren in een gesprek?

    A. Wees stil en rustig
    B. Heb een open houding
    C. Laat de klant uitpraten
    D. Jaag de klant niet op
    E. Kijk de klant aan.
    F. Knik of zeg soms hum, zodat de klant weet dat je naar hem of haar luistert.
  • Wat is er nog meer belangrijk in een gesprek?
    Tussendoor ook samen vatten in eigen woorden wat er tot nu toe is besproken. Vooral ook aan het einde. Zo weet jij of je de klant goed begrepen hebt en de klant weet hij/zij goed begrepen is.
  • Welke soorten vragen zijn er die je kan gebruiken met doorvragen?

    A. Open of gesloten vragen
    B. Stelvragen
    C. Kadervragen
    D. Focusvragen
    E. Suggestieve vragen
    F. Retorische vragen
  • Geef voorbeelden van de verschillende soorten vragen.

    A. Met open vragen nodig je de klant uit om zijn verhaal te doen open vragen beginnen de meeste tijd met wie, wat, waar, wanneer en hoe. Bij gesloten vragen kan de klant alleen maar met ja of nee antwoorden.
    B.Deze vraag begint met stel dat. De fantasie wordt opgewekt.
    C. Aan de hand van kadervragen kan je nog preciezere informatie krijgen. De mogelijke antwoorden zijn al in de vraag verwerkt.
    D. Met dit soort vragen laat u de klant nadenken en inleven in een bepaalde situatie.
    E. Suggestieve vraag is een gesloten vraag. Bijvoorbeeld hebt u het warm?
    F. Op een retorische vraag verwacht u geen antwoord.je wilt vanavond zeker geen spruitjes.
  • Noem 3 aandachtspunten van een rapport:

    A. Het doel van het rapport.
    B. Gebruik van vaktermen.
    C. Tutoyeren of niet?

  • Welke 2 soorten software gebruik je het meest om een advies te geven?

    A. Adviessoftware: deze is bedoeld om een adviesrapport te produceren.
    B. Berekeningssoftware: deze software wordt gebruikt om verschillende berekeningen mee te maken. Zoals premieberekeningen en hypotheken
  • Wat wordt er met integriteit bedoelt?
    Wordt ermee bedoelt dat u uw advieswerkzaamheden adequaat en zorgvuldig uitoefent, met inachtneming van uw verantwoordelijkheden en de geldende regels.
  • Welke 3 onderdelen verstaat de wft onder integriteit?

    A. Persoonlijke integriteit van bestuurders/ondernemers en medewerkers.
    B. Organisatorische integriteit van het kantoor ( denkt u aan interne procedures en controles.
    C. Relationele integriteit, dit houdt in dat u als adviseur de klant voldoende dient te kennen en verplicht bent de Wwft na te leven.
  • Noem 3 regels wat integriteit betekent in de praktijk:

    A. U gaat zorgvuldig om met persoonlijke of gevoelige informatie.
    B. Als u een fout hebt gemaakt neemt u zelf contact op met de klant om de schade te beperken.
    C. U geeft aan wanneer er iets va u gevraagd of verwacht wordt dat naar uw oordeel niet integer zou zijn.
  • Noem 4 fraude signalen:

    A. Klant levert in 1 keer een compleet dossier aan en dringt aan op spoed.
    B. Meermalen BKR getoetst in korte tijd.
    C. Op loonstrook staat dat er uitbetaald wordt per kas.
    D. Inkomen komt hoog over in combinatie met leeftijd/opleiding/beroep/werkervaring.
  • Welke punten zijn van belang op moment van een doorverwijzing:

    A. Kennis over welke specialist moet worden ingeschakeld.
    B. Uitleg aan de klant waarom u doorverwijst naar een deskundige.
    C. Controle op hoe het advies van de deskundige aansluit op de situatie van de klant.
    D. Regie houden in het adviesproces.
    E. Opstellen van het advies.
  • Welke gegevens dienen er aanwezig te zijn in een klantprofiel?

    A. Kennis en ervaring
    B. Financiële positie
    C. Risicobereidheid en doelstellingen.
  • Wat doet u als de klant afwijkt van het adviesrapport?
    Nogmaals aangeven hoe je op het advies bent gekomen. Daarnaast checkt u alles wat in het rapport terug komt met de klant. Je laat ook met bijv berekeningen zien wat consequenties zijn wanneer er van het advies afgeweken wordt.
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Wat verstaan we onder diefstal en inbraak:

Inbraak: dit is het doormiddel van geweld verbreken van afsluiten om toegang te krijgen tot de woning.
diefstal: wederrechtelijk toe-eigenen van zaken die aan een ander toebehoren.
Bij welke gebeurtenissen keert de uitgebreide gevarenverzekering uit:

A. Brand, ontploffing, blikseminslag
B. Storm
C. Diefstal ( bij schade door diefstal is op de particuliere inboedelverzekering geen braakschade vereist. Er wordt dan gesproken over blote diefstal )
D. Luchtverkeer
E. Vandalisme
F. Aanrijding en aanvaring
G. Olie onvoorzien gestroomd uit een op een schoorsteen aangesloten verwarmingssysteem met bijbehorende leidingen en tanks.
H. Rook en roet onvoorzien uitgestoten door een op een schoorsteen aangesloten verwarmingsinstallatie.
I. Afpersing en gewelddadige beroving of poging daartoe.
J. Scherven van ruiten en spiegels
K. Omvallen van kranen, heistellingen of bomen op het gebouw waarin de inboedel zich bevindt.
L. Relletjes of opstootjes
M. Water, stoom en neerslag.
Welke kostbare zaken kunnen zich bevinden onder de inboedel:

A. Antiek
B. Schilderijen
C. Kunstvoorwerpen
D. Verzamelingen
E. Sieraden
F. Audiovisuele apparatuur.
Hoe kan onderverzekering voorkomen worden:

A. De indexclausule op te nemen in de polis
B. De verzekerde som vast te stellen met behulp van de inboedelwaardemeter.
C. Uitbreidingen van de inboedel door te geven aan de verzekeringsmaatschappij.
Welke 2 hulpmiddelen heb je voor het vaststellen van de verzekerde bedragen bij een open polis:

A. Inboedelwaardemeter
B. Inboedelinventarisatielijst.
Wat is vaak niet verzekerd bij een inboedelverz:

A. Motorrijtuigen m.u.v. Snorfietsen en bromfietsen.
B. Geld ( m.u.v. Max € 1.000 of € 1.500 ), geldswaardige papieren. ( dit verschilt per verzekeraar )
C. Vaartuigen, caravan en aanhangers.
D. Dieren m.u.v. Huisdieren
Wat is subrogatie?
Als het overeengekomen is tussen verzekeringnemer en verzekeraar, kan de verzekeringsmaatschappij binnen de grenzen van de verzekeringsovereenkomst of de verzekeringswet aan diegene die verantwoordelijk is voor de schade terugbetaling vragen van de uitgaven die door de verzekeringsmaatschappij werd gedaan.
Welke verzekeringsvormen zijn er:

A. Premier-risque: de verzekeraar vergoedt de schade tot de verzekerde som, ook al is de waarde van het verzekerde groter dan de verzekerde som.

B. De open polis: dit is zonder waardeafspraak vooraf. Dit is een polis waarin niet de waarde van het object wordt vermeld maar wel een verzekerde som.
C. Partijentaxatie: beide partijen spreken af dat de verzekerde som gelijk is aan de waarde van het te verzekeren object.
D. Deskundigentaxatie: voor de voortaxatie wordt een deskundige ingeschakeld. in het taxatierapport wordt de werkelijke waarde van het verzekerde object vastgelegd.
E. Rectificatiebepaling: dit heeft betrekking op het corrigeren van een schade-uitkering. Wanneer het verzekerd bedrag tot stand gekomen is op basis van vaste taxatie.
Wat is de juridische definitie van een sommenverzekering?
Een sommenverzekering is de verzekering waarbij het onverschillig is of en hoeverre met de uitkering schade wordt vergoed.
Wat is de juridische definitie van een verzekering?
Verzekering is een overeenkomst waarbij de ene partij, de verzekeraar, zich tegen het genot van premies jegens haar wederpartij, de verzekeringsnemer, verbindt tot het doen van een of meer uitkeringen.