Samenvatting zintuigen, hersenen en beweging 1

-
1720 Flashcards en notities
18 Studenten
  • Deze samenvatting

  • +380.000 andere samenvattingen

  • Een unieke studietool

  • Een oefentool voor deze samenvatting

  • Studiecoaching met filmpjes

Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.

PREMIUM samenvattingen zijn gecontroleerd op kwaliteit en speciaal geselecteerd om je leerdoelen nog sneller te kunnen bereiken!

Samenvatting - zintuigen, hersenen en beweging 1

  • 1 week 1

  • Uit welke 3 onderdelen bestaat de hersenstam (van boven naar beneden)?
    1. Mesencephalon
    2. Pons
    3. Medulla oblongata
  • Wat zijn de drie meningen (hersenvliezen) (van buiten naar binnen)?
    1. Dura mater
    2. Arachnoidea
    3. Pia mater
  • De dura mater: uit welke vliezen bestaat deze? Wat zijn de ruimtes tussen deze vliezen?
    1. Endostaal blad --> tegen de schedel
    2. Meningeaal blad --> tegen de arachnoid

    Bladen gefuseerd, maar af en toe een ruimte tussen: veneuze sinus. 
  • Tussen welke meningen zitten veneuze sinussen?
    Wat is de functie van veneuze sinussen?
    Tussen het endostale blad en het meningeale blad van de dura mater.
    Functie: drainage oppervlakkige en diepe venen
  • Welke arterie zorgt voor de bloedvoorziening van de dura mater? Waar komt deze de hersenen 'binnen'?
    De arterie meningea. 
    Komt binnen bij de slaap (= een zwakke plek)
  • Het veneuze sinussysteem bestaat uit een achter- en een voorsysteem. Noem de 6 sinussen van het achter systeem, de 2 sinussen van het voorste systeem en 2 sinussen die achter en voor met elkaar verbinden.
    Het achtersysteem:
    1. Sinus sagitallis superior
    2. Sinus sagitallis inferior
    3. Sinus rectus (tussen sup en inf)
    4. Confluens sinuum (tussen sinus recta, sinus sag sup & sinus transversus)
    5. Sinus transversus
    6. Sinus sigmoideus 

    Het voorsysteem:
    1. Sinus cavernosus
    2. Sinus sphenoparietalis

    Verbinding tussen achter en voor:
    1. Sinus petrosus superior
    2. Sinus petrosus inferior
  • Welke 3 sinussen komen samen in de 'confluens sinuum'?
    1. Sinus sagitallis superior
    2. Sinus rectus
    3. Sinus transversus
  • Via welke sinus die uitmondt in welke ader verlaat het bloed de hersenen?
    Via de sinus sigmoideum die uitmondt in de v. jugulares (halsvenen)
  • Met welke sinus staan de venen van het oog in contact?
    Sinus cavernosus
  • Tegen welke structuur ligt de sinus cavernosus?
    Tegen het turkse zadel (sella Turcica)
  • Door een ruptuur van welke vaten ontstaan deze bloedingen?
    - Epidurale bloeding
    - Subdurale bloeding
    - Epidurale bloeding --> ontstaat door een ruptuur van a. meningea --> bloeedophoping boven het dura blad
    - Subdurale bloeding --> onstaat door een ruptuur van ankervenen --> bloedophoping in de veneuze sinussen --> tussen de durabladen
  • Wat zijn ankervenen
    Oppervlakkige venen die in de veneuze sinus draineren
  • In welke ruimte zit de liquor cerebrospinalis?
    Subarachnoidale ruimte
  • Het ventrikelsysteem: welke ventrikels zijn er en welke foramen zitten ertussen?
    1&2 = laterale ventrikels
    3 = 3e ventrikel
    4 = 4e ventrikel

    Tussen laterale en 3e ventrikel: foramen interventriculaire
    Tussen 3e en 4e ventrikel: aquaductus cerebri
    Tussen 4e ventrikel en subararachnoidale ruimte hersenen:
    1. Foramen van Luscka = lateraal
    2. Foramen van Magendi = mediaal
  • Waar vindt liquorproductie plaats?
    In de plexus choroideus: in alle ventrikels
  • Het arteriële systeem van de hersenen bestaat uit een voor- en achtersysteem. 
    Van welke arterie stamt het voorsysteem af?
    Van welke artier stamt het achtersysteem af?
    Voorsysteem= a. carotis interna
    Achtersysteem = a. vertebralis
  • 3 corticale rakken van het arteriële hersensysteem en hoe ze ongeveer lopen:
    1. a. cerebri anterior: hanenkam --> midden van de hersenen
    2. a. cerebri media --> grootste gebied, zijkanten
    3. a. cerebri posterior --> achter en onderzijde
  • Na gastrulatie: een 3 lagige kiemschijf: welke lagen en waar zijn ze uit ontstaan?
    1. Ectoderm = epiblast
    2. Mesoderm = gemigreerde cellen door de primitief streep
    3. Endoderm = hypoblast
  • Wat is neurulatie? 
    Door welke structuur wordt neurulatie in gang gezet?
    Dat ectoderm zich ontwikkeld in neuro ectoderm.
    Neurulatie wordt in gang gezet door het onderliggend axiaal mesoderm: de chorda dorsalis 
  • Wat is de functie van de chorda dorsalis?
    Het induceren van bovenliggend ectoderm om zich te ontwikkelen tot neuraal weefsel
  • Waardoor kromt de neurale plaat tot een neurale buis?\
    Waar begint de vorming van de buis
    Doordat het paraxiale mesoderm zo snel groeit fuseren de laterale zijden van het neurale weefsel
    Begin: in de halsregio. Alles erboven = hersenen, alles eronder = ruggenmerg
  • Waarin ontwikkeld het paraxiale mesoderm zicht?
    Somieten
  • Wat zijn neurale lijstcellen?
    Noem voorbeelden waarin neurale lijstcellen zich kunnen ontwikkelen?
    Neurale lijstcellen zijn neuroectodermcellen die aan de uiteindes van het neuro ectoderm lagen en bij de fusie weg gemigreerd zijn. 

    - Perifere gliacellen
    - Gliacellen 
    - Zachte hersenvliezen
    - Septum van het hart
    - Gehoorbeentjes
    - Melanocyten
  • Somieten kunnen zich differentiëren in 3 opties:
    1. Dermatomen
    2. Sclerotomen
    3. Myotomen
  • Wat zijn dermatomen?
    Waarop zijn dermatomen gebaseerd?
    Huidgebieden die door een spinale zenuw uit hetzelfde niveau worden geënerveerd. 
    Deze indeling is gebaseerd op de segmentatie van de somieten
  • Waarom zijn de myotomen minder duidelijk dan de dermatomen?
    Omdat spieren vaak uit meerdere somieten zijn ontstaan, dus geen duidelijke segmentale begrenzing
  • Wat ontstaat er uit sclerotomen?
    Ventraal en dorsaal?
    Uit sclerotomen ontstaan wervels.
    Dorsaal = wervelboog
    Ventraal = wervellichaam
  • Wat is er mis bij een spina bifida?
    Welke vormen van spina bifida bestaan er?
    Van de 'open' vorm bestaan 3 vormen van uitstulpingen:
    Bij spina bifida is het wervellichaam wel gevormd, maar mist de dorsale wervelboog. 

    1. Spina bifida occulta = gesloten. 1 of 2 wervelbogen niet gevormd. Plukje haar

    2. Spina bifida aperta = open. 3 vormen van uitstulpingen:
    I: meningocele = uitstulping van de meningen (vliezen)
    II: meningomyelocele = uitstulping van de vliezen + ruggenmerg
    III: myeloschisis = buis niet gesloten = open buis zonder vliezen
  • Wat is een hydrocephalus?
    Waarom gaat een hydrocephalus vaak gepaard met een spina bifida?
    Waterhoofd. 
    Bij een spina bifida missen er wervels, waardoor het cerebellum in het achterhoofdsgat zakt (chiari malformatie) en hierdoor het liquor in de hersenen het ventrikelsysteem niet goed kan verlaten --> ophoping van liquor in de hersenen
  • Wat is een chiari malformatie?
    Cerebellum naar onder gezakt in het achterhoofdsgat
  • Wat is anencefalie?
    Neurale buis defect ter hoogte van de hersenen --> hersenen zijn niet gevormd
  • Wat zijn de eerste 3 blaasjes waaruit de hersenen zullen ontstaan?
    Welke 5 blaasjes worden daarna gevormd?
    1. Procephalon
    - Telencephalon
    - Diencephalon
    2. Mesencephalon
    3. Rhombencephalon
    - Metencephalon
    - Myelencephalon

    Dus, de 5: 
    1. Telecephalon
    2. Diencephalon
    3. Mesencephalon
    4. Metencephalon
    5. Myelencephalon
  • Uit welke van de eerste 5 hersenblaasjes ontstaan de cerebrale hemisferen?
    Telencephalon
  • 3 krommingen van de neurale buis en waar ze ongeveer zitten:
    1. Flexura cranialis
    ter hoogte van het mesencephalon
    2. Flexura cervicalis
    ter hoogte van de overgang van hersenen in ruggenmerg
    3. Flexura pontis
    tussen metencephalon en myelencephalon (onder cranialis, boven cervicalis)
  • Uit/in welk hersenblaasje ontstaan de volgende onderdelen van het ventrikelsysteem:
    - laterale ventrikels:
    - 3e ventrikel:
    - 4e ventrikel:
    - aquaductus cerebri:
    - laterale ventrikels: telencephalon
    - 3e ventrikel: diencephalon
    - 4e ventrikel: rhombencephalon
    - aquaductus cerebri: mesencephalon
  • Wat is holoprosencephalie?
    Het hebben van niet 2, maar 1 hemisfeer door incomplete klieving van het prosencephalon
  • Welk deel van de neuronen liggen in de :
    - grijze stof:
    - witte stof:
    -Grijs: cellichamen
    -Wit: celuitlopers
  • Vanaf welk organisme is er een neocortex?
    Reptielen
  • Wat zijn de 3 belangrijkste structuren van het diencephalon en wat zijn hun globale functies:
    - Thalamus = integratiecentrum. Alle informatie die naar de cerebrale hemisferen wil moet hier eerst langs
    - Hypothalamus = 2 functies:
    1. Stuurt autonome zenuwstelsel aan
    2. Stuurt endocriene zenuwstelsel aan
    - Epithalamus = corpus pinaele (pijnappelklier) = melatonine aanmaak = dag/nacht-ritme
  • Uit welk hersenblaasje ontstaat de oogbeker?
    Welke 2 structuren ontstaan er uit de oogbeker?
    Waaruit wordt de lens gevormd?
    De oogbeker ontstaat uit het diencephalon
    Uit de oogbeker ontstaan:
    1. de retina
    2. de nervus opticus (steel van de beker)
    De lens wordt gevormd uit het ectoderm wat boven de oogbeker ligt
  • Waarom hebben MS patiënten ook oogproblemen?
    De retina en de n. opticus zijn deel van het centraal zenuwstelsel (ontstaan uit een uitstulping van het diencephalon) en bij MS wordt het centraal zenuwstelsel aangedaan --> dus ook delen van het oog
  • Hypofyse: 2 structuren:
    Waaruit ontwikkelen deze structuren?
    Hoe worden deze structuren ook wel genoemd?
    1. Neurohypofyse = uit diencephalon = lobus posterior
    2. Adenohypofyse = uit ectoderm mondholte = ectoderm stomodeum
  • Uit welke van de 5 hersenblaasjes ontwikkelen zich de structuren van de hersenstam?
    1. Mesencephalon --> uit het mesencephalon
    2. Pons --> uit het metencephalon
    3. Medulla oblongata --> uit het myelencephalon
  • Welke 2 structuren ontwikkelen zich uit het metencephalon?
    1. pons
    2. cerebellum
  • Dorsale hoorn = 
    Ventrale hoorn =
    Dorsale hoorn = afferent, sensibele input
    Ventrale hoorn = efferent, motorische output
  • Waarom liggen in de hersenstam de sensibele en motorische zenuwen anders dan in het ruggenmerg? en hoe liggen ze?
    Sensibel = lateraal
    Motorisch = mediaal
    Dit komt door de flexura pontis
  • 3 plekken van duplicaturen van de dura mater:
    1. Falx cerebri = tussen de cerebrale hemisferen in
    2. Falx cerebelli = tussen de twee cerebellaire hemisferen in
    3. Tentorium cerebelli = onder de occipitaal kwabben en boven het cerebellum
  • In welke cisterna monden de foramen van Luchka en foramen van Magendie uit?
    Foramen van Luchka = lateraal in de cisterna pontis
    Foramen van Magendie = mediaal in de cisterna magna
  • Uit welke van de 5 hersenblaasjes onstaat het cerebellum?
    Metencephalon (samen met de pons)
  • Waarom is de term 'neurale buis defect' eigenlijk niet juist?
    Omdat er bij de meeste van deze afwijkingen geen defect is in het neurale weefsel, maar in de wervelbogen en schedel
Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting. +380.000 andere samenvattingen. Een unieke studietool. Een oefentool voor deze samenvatting. Studiecoaching met filmpjes.

Laatst toegevoegde flashcards

Waar bestaat het centrale zenuwstelstel uit?

Encepahlon (hersenen)
  1. cerebrale hemisferen
  2. Diencephalon (tussen hersenen)
  3. Mesencephalon (midden hersenen)
  4. Pons (ventraal van het cerebellum)
  5. Medulla (onder de pons)


Myelum (ruggenmerg)
wat zijn voorbeelden van niet-epileptische aanvallen?
  • syncope: verlies van bewustzijn door tekort doorbloeding hersenen. max 10 sec
  • psychogene aanvallen = kan helemaal hetzelfde zijn als epilepsie, maar het patroon van de aanvallen en het beloop kunnen aanwijzingen geven
wat zijn nog overige vormen?
  • febriele convulsie = tonisch-clonische aanval bij het oplopen van lichaamstemperatuur (koortstuip)
  • generalized epilepsy with febrile seizures plus = familiaire epilepsie met febriele convulsies en abcenses, myoklonieen of partiele aanvallen. erfelijke afwijking van de natriumkanalen
  • acute symptomatische aanvallen = insulten die binnen 1 week na acute aandoening voorkomen. aandoening als herseninfarct, bloeding, hypoglycemie, enz.
welke classificatie heb je van epileptische syndromen?
  • benigne kinderepilepsie met centrotemporale pieken: eenvoudig partiele aanvallen, vaak in gelaat
  • syndroom van panayliotopoulos: tot 14 jaar. plotseling opkomende autonome verschijnselen
  • symptomatisch lokalisatie gebonden epilepsiesyndromen: alle vormen van epilepsie die ontstaan zijn na aangeboren of verworven hersenletsel
  • cryptogeen lokalisatie gebonden vormen van epilepsie: focale vorm, waarbij geen onderliggende structurele laesie kan worden aangetoond
welke vormen van een primair gegeneraliseerde aanval heb je ?
  • gegeneraliseerd tonisch-clonisch insult: buiten bewustzijn
  • typische abcenses: vooral bij kinderen, seconden
  • myoklonieen: kortdurende spierschokken ledematen
  • atone aanvallen: plotseling tonusverlies
wat zijn alle verschillende aanvalsvormen van epilepsie?
aanvalsbegin: partiele (focale) en gegeneraliseerde insulten:
  • focaal: in 1 deel hersenhelft, kan uitbreiden
  • gegeneraliseerd: begin niet duidelijk. ontstaat in centrale gebieden hersenen

bewustzijnsverlies: bij een simpele aanval geen bewustzijnsverlies en bij een complexe wel
  • eenvoudige partiele aanval: focale neurologische prikkelingsverschijnselen bij helder bewustzijn
  • complexe partiele aanval: focale prikkelingsverschijnselen met een verlaagd bewustzijn
  • secundair gegeneraliseerde aanval: overgang in gegeneraliseerd tonisch-clonisch insult
  • primair gegeneraliseerde aanval
waarom moet je terughoudend zijn met het voorschrijven van anti-epileptica?
omdat 80% bijwerkingen krijgt, ookal is de recidiefkans na een eerste epileptische aanval 40%
waar zoek je naar bij iemand die mogelijk epilepsie heeft op een EEG?
naar een focaal epileptisch verschijnsel. duurt maar kort, maar op basis daarvan kan je een voorspelling doen. deze piek wordt veroorzaakt door synchronisatie
wat houden de technische beperkingen van een EEG in?
door de schedel kan veel niet, waardoor we een 20x zo kleine amplitude krijgen
waardoor is er iets zichtbaar op een EEG?
doordat de piramideneuronen in de cortex op een bepaalde manier verticaal staan georienteerd met dendriet naar oppervlak loodrecht op de cortex.